Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 25 april 2018
Mede namens de Minister van Buitenlandse Zaken bieden we uw Kamer een brief aan over
het sluiten van de Libische detentiecentra zoals gevraagd door het lid Jasper van
Dijk tijdens het ordedebat op 29 maart jl. (Handelingen II 2017/18, nr. 67, item 7) Zoals onder meer uiteengezet in het regeerakkoord en de kabinetsbrief van 30 maart
jl.1 over de migratieagenda, streeft het kabinet naar een menswaardig, effectief en integraal
migratiebeleid. De inzet in Libië is onderdeel van deze bredere aanpak.
In uw Kamer is de situatie van vluchtelingen en migranten in Libië en de inzet van
het kabinet en de Europese Unie veelvuldig besproken. Libië bevindt zich in politieke
crisis waardoor centraal en effectief overheidsgezag in heel Libië ontbreekt. Irreguliere
migranten lopen significante risico’s in onveilige gebieden. De omstandigheden voor
vluchtelingen en migranten zijn vaak slecht en de toegang van internationale organisaties
is beperkt. Nederland dringt zowel in bilateraal als in multilateraal verband bij
de Libische autoriteiten aan op het verbeteren van de opvang, het aanpakken van straffeloosheid
en het verkrijgen van toegang voor internationale organisaties tot de detentiecentra
in Libië. Dat heeft de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking
recent nog gedaan tijdens haar bezoek aan Tripoli, net als de Staatssecretaris van
Justitie en Veiligheid in gesprek met de Libische Minister van Buitenlandse Zaken,
dhr. Siyala, op 6 februari jl. te Rome.
Zoals eerder met uw Kamer gedeeld2, zet het kabinet zich samen met de AU, EU en VN in om de situatie in de centra te
verbeteren, waaronder het bevorderen van de toegang tot medische zorg en voedselvoorziening.
Het uiteindelijke doel is deze detentiecentra te sluiten en te komen tot alternatieve
ontvangst- en transit centra. Daar heeft de Hoge Vertegenwoordiger van de Europese
Unie, Frederica Mogherini, ook al eerder voor gepleit. Sinds het bezoek van de Minister
voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking zijn er weer vijf detentiecentra
gesloten. Ook zijn de bouwwerkzaamheden in de open faciliteit van UNHCR in Tripoli
hervat. Het zal nog wel enkele maanden duren voor deze operationeel is. In eerste
instantie zullen er 160 kwetsbare vluchtelingen worden gehuisvest. De capaciteit voor
opvang wordt later uitgebreid tot 1.000 mensen. Vooral kwetsbare vluchtelingen zouden
in het vervolg dan rechtstreeks vanuit het disembarkation point worden overgebracht naar dit nieuwe centrum in plaats van naar een detentiecentrum.
Tegelijkertijd blijft voortgang moeizaam gezien de complexe situatie in het land.
Het sluiten van de centra is onderdeel van deze bredere agenda. Dit gaat samen met
het opschalen van vrijwillige terugkeer, effectieve grensbewaking en het stabiliseren
van Libië. Zo werken Nederland en de EU samen met de Internationale Organisatie voor
Migratie aan de vrijwillige terugkeer van migranten naar het land van herkomst. Dat
werpt vruchten af: steeds meer migranten kiezen ervoor om vrijwillig naar hun thuisland
terug te keren. Sinds de EU-AU top van november 2017 is onder leiding van een gezamenlijke
EU-AU-VN Task Force de inzet significant verhoogd. Door deze gezamenlijke inspanning
op het bevorderen van vrijwillige terugkeer en het evacueren van de meest kwetsbare
vluchtelingen en migranten, hebben sindsdien ruim 15.000 personen deze centra kunnen
verlaten. Dit heeft er ook mede aan bijgedragen dat verschillende detentiecentra die
onder controle staan van de centrale autoriteiten zijn gesloten.
Het is nu zaak om samen met alle partners er voor te zorgen dat de resultaten van
het afgelopen half jaar worden bestendigd en dat hierop wordt voortgebouwd. Het kabinet
zal de hierop gerichte inzet financieel blijven steunen en waar mogelijk wendt het
kabinet ook diplomatieke middelen en contacten aan om er voor te zorgen dat IOM, UNHCR
en andere organisaties hun werk in Libië zo optimaal mogelijk kunnen doen, de situatie
in de centra verbetert en een transformatieproces kan worden ingezet dat uiteindelijk
zal leiden tot sluiting van de detentiecentra. Het kabinet blijft hier samen met internationale
partners bij de Libische autoriteiten op aandringen, waarbij zij aangetekend dat deze
daar in beginsel zelf over beslissen.
Uiteindelijk vereist het voorkomen dat migranten überhaupt de noodzaak voelen om via
Libië de reis naar Europa te wagen met alle risico’s van dien een duurzame oplossing
en de eerder genoemde bredere aanpak. Deze aanpak van – grondoorzaken, informatiecampagnes
en de strijd tegen mensensmokkel en -handel – zijn integraal onderdeel van de Nederlandse
agenda. Daarbij blijft Nederland zich inzetten voor stabilisatie van Libië door o.a.
capaciteitsopbouw van lokale overheden, het bij elkaar brengen van de strijdende partijen
in Libië onder leiding van de VN en het faciliteren van veiligheidsdialogen. Tijdens
het bezoek van de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking aan
Libië is voor alle bovengenoemde zaken in de gesprekken met relevante Libische partners
aandacht gevraagd.
De Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking,
S.A.M. Kaag
De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,
M.G.J. Harbers