8 Wijziging van de Elektriciteitswet 1998

Aan de orde is de behandeling van: 

  • - het wetsvoorstel Wijziging van de Elektriciteitswet 1998 (tijdig realiseren doelstellingen Energieakkoord) ( 34401 ).

De voorzitter:

Ik heet de minister van Economische Zaken van harte welkom in de Eerste Kamer. 

De beraadslaging wordt geopend. 

De heer Dercksen (PVV):

Voorzitter. Enkele weken geleden werd in dit huis een wet voor klokkenluiders aangenomen. Het doel van die wet is enig comfort te bieden aan hen die maatschappelijke misstanden aan de kaak stellen. De PVV heeft, zoals bekend, grote affiniteit met klokkenluiders. Elk lid van onze fractie voelt zich min of meer een klokkenluider, zeker op zo'n inktzwarte dag als vandaag. Ik ben van plan om ook nu weer in dit debat de klok, die velen niet willen horen, te luiden. Ik ben van plan om duurzame misstanden en misverstanden aan te kaarten. Ik sluit niet uit dat, net als de vorige keer, een aantal collega's een aantal zaken zal horen die het eerder nog niet te horen heeft gekregen. Ik moet op zo'n moment toch in de richting van mevrouw Vos kijken. 

Laten we beginnen met het klimaat. Dat is toch het startpunt van het duurzaamheidsvraagstuk. Er waren tijden op aarde met veel meer CO2 in de atmosfeer dan nu terwijl het kouder was en er waren tijden met veel minder CO2 terwijl het veel warmer was. Desalniettemin is CO2 om een of andere reden aangewezen als de grote boosdoener, de enige variabele van het klimaat, terwijl het ook een voedingsbron is voor alles wat groen is. Met enige regelmaat komt dan ook die grafiek voorbij waarin wordt aangegeven dat de hoeveelheid CO2 in de atmosfeer toeneemt. Die laat inderdaad een stijgende lijn zien. Het is wel van belang om eens naar de y-as van die grafiek te kijken. Daarin staat niet alleen dat het 400 deeltjes zijn. Het zijn 400 deeltjes per 1 miljoen deeltjes. Als we dan de natuurlijke CO2 eruit filteren — er zit een heleboel CO2 in onze natuur, zo'n 97% — dan blijft er een aandeel over van 0,0012% door menselijk handelen uitgestoten CO2. De atmosfeer bestaat dus voor 0,0012%, twaalf miljoenste deel, uit door menselijk handelen uitgestoten CO2. 

Ik heb de hoorzittingen in 2013 in de senaat van de Verenigde Staten er nog eens op teruggekeken. Daar is de senaat wel geïnteresseerd in wetenschap. Tal van wetenschappers zeggen dat een dergelijk aandeel van door mensen veroorzaakt CO2 onmogelijk een significante invloed kan hebben op het klimaat. De "hearing" staat op YouTube. Iedereen die een aanvang neemt met het bestuderen van dit dossier kan ik dit verslag van harte aanbevelen. Dat neemt niet weg dat CO2 een broeikasgas is dat voor opwarming zorgt, maar het markeert natuurlijk wel heel nadrukkelijk de vraag of we zo veel miljarden moeten uitgeven aan het twaalfde en dertiende miljoenste deeltje in de atmosfeer. Ik hoor al een klok luiden. 

Aan de ene kant van het debat zitten de sceptici of de realisten die zeggen dat deze CO2-hoeveelheid geen belangrijke invloed kan hebben op het klimaat, dan wel dat het volstrekt onduidelijk is hoe groot die invloed zal zijn. Aan de andere kant zitten de alarmisten die zeggen dat de temperatuur gaat stijgen. Zij hebben er zelfs een rekenmodel van gemaakt. Daar rolt uit dat de invloed van het klimaatakkoord in Parijs op de wereldwijde temperatuur 0,05°C zal zijn in het jaar 2100. Dan stijgt de temperatuur niet met 4,5°C maar met 4,45°C. Als de gevolgen van een mogelijke stijging van de temperatuur zo ernstig zouden zijn, zou het dan niet veel verstandiger zijn om te investeren in klimaatadaptatie, dus het je fysiek voorbereiden op het altijd veranderende klimaat? Als het water stijgt, besteed je dan een euro aan het verhogen van een dijk, voor een aan zekerheid grenzende bescherming, of besteed je een miljoen aan maatregelen waarmee je nul zekerheid op bescherming krijgt en waarvan je alleen maar hoopt dat ze gaan werken? Voor de PVV-fractie is die keuze vrij eenvoudig, ook omdat wij wel willen zien dat wereldwijd wordt doorgegaan met het bouwen van kolencentrales. 

Maar aan welke kant van het debat je ook zit, je kunt de wet alleen steunen als je geheel feitenvrij of misschien wel religieus in de discussie staat. De subsidie-energie die we hier vandaag bespreken, nou ja, die ik hier vandaag bespreek, is volstrekt overbodig. Die werkt zelfs averechts. Iedereen die de website van het Internationaal Energieagentschap bezoekt, weet dat het verbruik van fossiele brandstoffen alleen maar gaat toenemen in de komende decennia. Dat is niet zo gek, als je bedenkt dat er tot 2050 zo'n 2,5 miljard mensen bij komen op aarde, een probleem dat elke windmolendiscussie ruimschoots overstijgt. Die windmolens zullen immers nooit een bijdrage kunnen leveren aan een betaalbare en betrouwbare energievoorziening. Daarnaast dragen ze op geen enkele wijze bij aan minder uitstoot. Sterker nog, als je de gevolgen van het CO2-handelsemissiesysteem erbij optelt — dat zorgt slechts voor een verschuiving van West-Europa naar Oost-Europa — leveren ze simpelweg meer emissie op. Windmolens zijn de placebo's van de energievoorziening: je hebt er niets aan; het is misplaatste suggestie, een illusie. Denemarken en Duitsland, met al hun windmolens, hebben de hoogste stroomprijzen van Europa, terwijl de emissies maar niet willen dalen. Hoort u de klok luiden? 

Aangezien die windmolens niet bijdragen aan meer uitstoot, zijn die arbitraire percentages van 14% en 16% hernieuwbare energie totaal fictief, nep, gefingeerd, verzonnen. Als we de kosten van de fictieve duurzame doelstellingen van 14% en 16% naar laten we zeggen 85% fossielvrij extrapoleren, dan bedragen de kosten 685 miljard. Ik luid hier geen klok maar een heel carillon. 685 miljard is drie keer de rijksbegroting. Als ik de heer Pijlman van D66 in december goed heb begrepen, moeten we dat doen omdat we dan wereldwijd zo lekker mee mogen blijven praten over subsidie-energie. 

De PVV-fractie vraagt met enige regelmaat wat de gevolgen voor het klimaat zijn van al die maatregelen die we hier nemen, ook nu weer. Welke impact hebben de tientallen miljarden die we uitgeven precies op het klimaat? Men weet het niet. Je formuleert dus beleid vanwege de effecten op het klimaat, maar hebt geen idee wat de gevolgen zijn. Men doet maar wat. Welnu, in december heb ik al eens voorgerekend dat de bijdrage van Nederland aan de lagere stijging van de temperatuur maar liefst 0,0026°C is. De minister begrijpt natuurlijk ook wel dat die boodschap niet zo heel gemakkelijk te verkopen is. Dan volgen al snel de gelegenheidsargumenten, in dit geval: maar we willen minder afhankelijk zijn van energieleveranciers uit het buitenland. Maar we hebben net met de Gasunie en de EBN 8,2 miljard geïnvesteerd in de gasrotonde, om er zeker van te zijn dat gas uit het buitenland beschikbaar is als onze gasvoorraad opraakt of niet meer winbaar is vanwege de problemen in Groningen. Hoezo minder afhankelijk? 

De VN hebben het Green Climate Fund opgericht. Daarin moet vanaf 2020 100 miljard dollar per jaar worden gestort. Nederland heeft intussen 10,2 miljard gestort in deze pot, die is betaald — dat is opvallend — door het ministerie voor Ontwikkelingssamenwerking. Geld van arme mensen in rijke landen rolt naar rijke mensen in arme landen. Zo gaat dat al 70 jaar met de ontwikkelingshulp, maar nu onder het mom van "groen". In een onbewaakt ogenblik wil men dat zelfs ook nog wel toegeven. Neem Ottmar Edenhofer, lange tijd medevoorzitter van Working Group III van het IPCC. Hij zei: we redistribute de facto the world's wealth by climate policy. (...) One has to free oneself from the illusion that international climate policy is environmental policy." Met andere woorden, we herverdelen de welvaart over de wereld, en klimaatbeleid heeft niets met milieubeleid te maken. Daar zit geen woord Spaans bij. De man is ook geen klimaatwetenschapper maar econoom. In Nature, een wetenschappelijk blad, heeft hij aangegeven dat hij zich heeft laten beïnvloeden door Karl Marx. I rest my case. 

Dan TenneT, dat nogal ondergesneeuwd raakte in december toen wij het groepsverbod bespraken. In de commissie heb ik aandacht gevraagd voor het gevaar dat de Europese Commissie de subsidie aan TenneT zou kunnen beschouwen als staatssteun. Maar de richtlijnen voor zogenaamd duurzame energie komen uit Brussel. Natuurlijk zal het de Commissie worst wezen of daaraan staatssteun te pas komt. Het Europese project moet voort. Frankrijk heeft zich nog nooit aan de begrotingsregels gehouden. Griekenland voldeed aan geen enkele voorwaarde toen het bij de euro kwam. Datzelfde gold voor Bulgarije en Roemenië bij toetreding tot de EU. De kans dat de Europese Commissie een probleem maakt van deze staatssteun voor de zelfbedachte subsidie-energie is, laten we wel wezen, te verwaarlozen. 

De minister geeft aan dat het grootste gedeelte van het netwerk op zee zal worden aanbesteed door TenneT. Van een totale aanbesteding wil hij echter niet weten, omdat aannemers het risico van het moeten betalen van een schadevergoeding zouden inprijzen, zo schreef hij letterlijk. Daardoor zou de prijs omhooggaan. Maar over welke risico's hebben we het? Voor TenneT is het een spel zonder nieten geworden. Je krijgt subsidie en alleen bij grove nalatigheid mogen de schadevergoedingskosten niet worden doorberekend aan hen die op het netwerk zijn aangesloten. Althans, tot een maximum van 10 miljoen per jaar. In gewoon Nederlands: als TenneT er een puinhoop van maakt, bedraagt zijn risico slechts 10 miljoen per jaar. Dat is een hoop geld, maar in het licht van de totale opdracht is het natuurlijk een schijntje. Ik maak me sterk dat dit voor een aannemer een gedroomd scenario is: een paar jaar een maximaal risico van 10 miljoen bij een miljardenopdracht. Dat zou de aanbestedingsprijs niet opjagen maar juist verlagen. Ik zoek dus, net als in december, nog steeds naar een reden voor het feit dat TenneT wordt aangewezen. Als het grootste gedeelte van het net toch wordt aanbesteed, is de suggestie dat de kostenreductie alleen wordt gerealiseerd omdat TenneT het doet, simpel te weerleggen. Graag een reactie van de minister. 

Daarbij komt nog dat de boetes niet worden meegerekend bij de 40% kostenreductie. Ik verwijs nog maar eens naar Duitsland. Daar was bij windmolenpark BARD 1 de schade 1,8 miljoen per dag. Het duurde een maand of drie voordat alles weer aan de praat was. Dat is dus 162 miljoen. Klaarblijkelijk zijn de collega's die vandaag niet het woord willen voeren even vergeten hoe het fout kan gaan met het aanleggen van infrastructuur. De Noord/Zuidlijn, de Betuwelijn: het liep allemaal totaal uit de hand. Hoe kan de minister dan garanderen dat die 40% kostenreductie wordt gerealiseerd als alle schadevergoedingen moeten worden betaald? En wat als de kosten voor het aanleggen simpelweg veel hoger worden, zoals bij de Betuwelijn? Graag een reactie. In het geval dat TenneT de opdracht krijgt, betekent dit voor de Nederlandse burger overigens dat hij ervoor op mag draaien, dan wel als aandeelhouder van TenneT, dan wel als hij aangesloten is op het netwerk. Of je door de kat of de hond gebeten wordt! 

In de schriftelijke inbreng heeft de PVV herhaaldelijk verwezen naar de Energiewende, de energie-ellende in Duitsland. Een SPD-minister noemde verdere uitbouw van wind op land economisch onzinnig. Een SPD-minister: de wonderen zijn de wereld nog niet uit. Let wel, hij had het over wind op land, die minder subsidie vraagt dan wind op zee. Zelfs een Duitse socialist is ontwaakt uit de boze groene droom, maar onze Nederlandse minister, ooit liberaal, weigert te leren van dit debacle. Waarom is dat? Waarom weigeren wij te leren van het falen van Duitsland? Meer dan een miljoen Duitsers zitten zonder stroom omdat die onbetaalbaar is geworden. De groothandelsprijzen van energie zijn soms erg laag omdat de Duitsers niet weten waar ze met de stroom naartoe moeten als het toevallig even voldoende waait, maar dat betekent niet dat de stroomrekening voor veel Duitsers niet onbetaalbaar is geworden. Waar ligt de grens bij deze minister? Hoeveel Nederlandse huishoudens mogen van de minister zonder stroom komen te zitten, omdat ook voor hen de rekening onbetaalbaar is geworden? Nederlanders mijden intussen de zorg omdat ze het eigen risico niet meer kunnen betalen en straks zitten ze ook nog in het donker. 

In Duitsland varieert het aandeel windenenergie sterk, tussen de 0% en 38% van de elektriciteit. Bij weinig of geen wind moet er dus 100% conventionele energie beschikbaar zijn en bij veel wind moeten windparken worden afgekoppeld omdat het hoogspanningsnet het aanbod niet kan verwerken. En wat er dan op het net komt, moet tegen afbraakprijzen worden verkocht. Soms krijgen grootverbruikers zelfs een vergoeding voor het afnemen van energie tijdens deze pieken. Daar waar Polen en Tsjechië in alle rationaliteit die wisselvallige stroom uit Duitsland blokkeren om hun netten te beschermen, daar gaat TenneT 22 miljard uitgeven om het net aan te passen aan wisselvallige subsidie-energie; over klokkenluiden gesproken. Hoezo 40% kostenreductie? TenneT gaat 22 miljard uitgeven. Daar zouden wij een aantal generaties ouderen een fatsoenlijke oudedag van kunnen geven. Maar, zo schrijft de minister, misschien kunnen we de windenenergie ooit wel opslaan. Daar is geen enkel zicht op en het zou subsidie-energie alleen nog maar onrendabeler maken. 

Dan de werkgelegenheid. Bij herhaling hebben de ondertekenaars van het Energieakkoord verklaard dat het 15.000 banen op zou leveren. 72 miljard uit de samenleving halen, uit de economie trekken, en dan zeggen dat het banen oplevert? Economie mag dan geen exacte wetenschap zijn, je zou hopen dat zij die zeggen dat, als je de lasten verhoogt, dit onder de streep banen oplevert, gevrijwaard zouden worden van bestuurlijke taken. Daar waar Nederlandse belastingeuro's via het windpark Gemini naar Canada rollen, want daar huisvest de investeerder, daar rolt zuurverdiend Nederlands belastinggeld via windpark Luchterduinen van Eneco naar Tokio. Beide parken bestaan uit in Denemarken geproduceerde molens en opgeteld bij de Chinese zonnepanelen hoef je echt niet al te veel lessen economie te hebben gevolgd om de conclusie te kunnen trekken die ook het CPB en vele economen trekken, namelijk dat, als je een graai doet in de portemonnee van de Nederlander, dit de welvaart, de economie en de werkgelegenheid schaadt. In de schriftelijke inbreng heb ik nog eens gewezen op het CPB. Dat heeft er een aantal jaren geleden een mooie notitie over geschreven. Decisio kwam met een rapport over wind voor de kust. Daarin werd bevestigd wat de PVV ook al jaren zegt. Achterin het rapport wordt ergens tussen haakjes gemeld, en dus niet in een samenvatting, dat wind op zee in het buitenland zeven keer meer banen oplevert dan in Nederland, terwijl de Nederlanders de kosten betalen, de opslag op de energiebelasting en de hoge belasting. Ik luid de klok maar weer een keer. 

In de commissie Economische Zaken is ook aandacht gevraagd, even een zijstap, voor de radiotelescoop LOFAR in Drenthe. Ik ben zo vrij om er plenair iets over te vragen. De minister noemde destijds het niet storen van de radiotelescoop door windmolens een randvoorwaarde, dit naar aanleiding van een vraag van collega Flierman. Ik zou die voorwaarde graag nog een keer zien bevestigd, want in de media doen tegenstrijdige geluiden de ronde wat dit betreft. Het gaat niet aan dat echte wetenschap, waar ook miljoenen in zijn geïnvesteerd, de dupe wordt van groene sprookjes. Ik krijg daar graag een reactie van de minister op. 

Dan nog een opmerking over biomassa, ook een belangrijk onderdeel van het Energieakkoord. De PvdA in de Tweede Kamer wil daar intussen van af, niet omdat de uitstoot viezer is dan die van kolen, maar omdat het als bijstook in kolencentrales wordt gebruikt. Daarover zegt de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen nota bene bij herhaling: "Het verbranden van hout in elektriciteitscentrales en van bio-ethanol en biodiesel in auto's lijkt niet of nauwelijks bij te dragen aan besparing van CO2-uitstoot. Daarom zijn ze niet geschikt als middel voor de transitie naar een duurzame energievoorziening." 

Ik heb een aantal klokken geluid. Het zou mogelijk moeten zijn dat de collega's intussen ook zo ongeveer weten waar de klepel hangt. 

De voorzitter:

Dank. Wenst een van de leden in eerste termijn nog het woord? 

Dat is niet het geval. 

Het woord is aan de minister van Economische Zaken. 

Minister Kamp:

Voorzitter. Ik dank de heer Dercksen en zijn collega's voor hun bereidheid om dit wetsvoorstel spoedig te behandelen. Ik stel dat zeer prijs, want dit stelt mij in staat om, als het wetsvoorstel wordt aangenomen, de plannen voor windenergie op land en windenergie op zee zonder verdere vertraging te realiseren en daarmee te bereiken dat we de doelstellingen die we in het Energieakkoord hebben afgesproken, ook tijdig kunnen realiseren. 

Het wetsvoorstel regelt met betrekking tot wind op zee een grondslag voor de aanwijzing van TenneT als netbeheerder voor dat net en het bijpassende reguleringskader. Daarnaast regelen we zekerheid voor de windparkontwikkelaars over aansprakelijkheid voor schade door eventuele vertragingen en storingen. Wij schatten in dat die zich niet zullen voordoen, maar mocht dat wel het geval zijn, dan komen die niet voor rekening van degenen die ze niet kunnen beïnvloeden, namelijk de exploitanten van de windparken. 

Dan wind op land. Er wordt in dit wetsvoorstel geregeld dat er een versnelling komt van de procedure voor de aansluiting van windparken op het elektriciteitsnet, een verbetering van de provinciale coördinatieregeling en een verbetering van de gedoogplicht. Deze onderdelen stonden ook al in het wetsvoorstel Stroom, dat al eerder in deze Kamer is behandeld. Dat wetsvoorstel is tot stand gekomen in een open proces, waarbij veel verschillende organisaties en burgers hun inbreng hebben geleverd, waardoor er een gedragen compromis is ontstaan over het wetsvoorstel. De bepalingen die nu in dit wetsvoorstel staan, komen inhoudelijk een op een overeen met wat er in de wet STROOM staat. Alleen vanwege de andere systematiek van de wet STROOM, vergeleken met de systematiek van de nu geldende wetten, is hier en daar in de formuleringen en in de plaatsing van diverse onderwerpen in de wetsteksten enige wijziging opgetreden. 

De windparken die nu tijdig kunnen worden gerealiseerd, zijn in eerste instantie de windparken op zee voor de kust van Zeeland. Die worden meestal aangeduid als de windparken Borssele. Die kunnen, als het wetsvoorstel tijdig wordt aangenomen, zodanig snel worden gerealiseerd dat ze in 2020 bij kunnen dragen aan onze doelstelling van 14% duurzame energie. 

TenneT is aangewezen als beheerder van het netwerk op zee. Dat is geen grote vondst, omdat TenneT ook al het grote netwerk op land beheert. Het lijkt mij voor de hand te liggen, als je windmolens op zee realiseert, dat je de verbinding tussen die windmolens op zee en het netwerk op land laat realiseren door dezelfde partij die dat op het land ook al doet. Bovendien blijkt uit de stukken dat er sprake is van kostenvoordelen als je TenneT inschakelt; kostenvoordelen door standaardisatie. TenneT is de deskundige op dit gebied. Als TenneT alle windparken kan aansluiten, kan steeds hetzelfde systeem worden gebruikt. Dat levert kostenvoordelen op. Bij inkoop en onderhoud kunnen er schaalvoordelen worden gerealiseerd. Er kunnen ook lagere financieringslasten worden gerealiseerd. Een en ander leidt ook tot minder verlies van elektriciteitsproductie bij storingen door redundantie die kan optreden. Er ontstaan ook voordelen door de planologische coördinatie. Het vereenvoudigt het opvangen van netfluctuaties en de balanshandhaving, en het leidt tot integraal netbeheer, kennisbundeling en een overzichtelijke verdeling van taken en verantwoordelijkheden in het elektriciteitssysteem. 

Met dit wetsvoorstel doen wij wat noodzakelijk is om te zorgen voor de transitie naar een duurzame energie die wij in Nederland zijn begonnen en waar internationaal vrijwel overeenstemming over bestaat. In Parijs zijn er tussen 195 landen afspraken over gemaakt. De EU heeft een en ander al in richtlijnen vastgelegd. In het regeerakkoord en ook in het Energieakkoord is het vastgelegd. Het is ook nog eens behandeld in het vonnis van de rechter in de Urgenda-kwestie. Dit wetsvoorstel maakt het mogelijk om de transitie naar duurzame energie snel en op een verantwoorde wijze op gang te krijgen. We zijn er nog lang niet; er moet nog veel meer gebeuren, maar het is belangrijk om deze start nu te maken, op de manier zoals we die bij meerdere gelegenheden al aan de Kamer hebben mogen toelichten en zoals we die nader hebben uitgewerkt in het wetsvoorstel dat nu aan de orde is. 

De heer Dercksen heeft tientallen keren gesproken over klokkenluiden en klokkenluiders. Ik begrijp dat hij het over zichzelf had. Ik begrijp ook dat zijn hele fractie uit klokkenluiders bestaat. Ik heb de indruk dat hij misschien, hoewel ik dat betwijfel, de klok heeft horen luiden maar in elk geval niet weet waar de klepel hangt. Ik kan althans geen chocola maken van zijn verhaal. Dat verhaal komt erop neer dat CO2 geen probleem is, dat de grafieken een vertekend beeld geven, dat Nederland niet geïnteresseerd is in wetenschap, in tegenstelling tot de Senaat van de Verenigde Staten die dat wel zou zijn, en dat klimaatsceptici in zijn ogen hetzelfde zijn als realisten die van mening zijn dat CO2 geen invloed heeft op het klimaat. Hij citeert het IEA alsof dat een medestander van hem zou zijn, terwijl dit internationale energieagentschap juist aangeeft dat het hoogstnoodzakelijk is om de transitie naar duurzame energie in te zetten, zoals ook door ons wordt gedaan. Hij concludeert dat we maar wat doen: er wordt ontwikkelingshulp gegeven onder het mom van groen, TenneT zou behandeld moeten worden als een aannemer en TenneT zou er sowieso een puinhoop van maken op kosten van de Nederlandse burgers. 

Mevrouw de voorzitter, wat moet ik hier nu allemaal mee? Ik heb hier een serieus wetsvoorstel aan de Kamer gedaan en ik wil daar ook graag een serieuze toelichting op geven. Ik heb dat mogen doen in mijn toelichting bij het wetsvoorstel en ik heb dat geprobeerd in mijn antwoorden op de schriftelijke vragen van de heer Dercksen. Ik meen dat hij in zijn inbreng nu geen nieuwe gezichtspunten naar voren heeft gebracht. 

De heer Dercksen (PVV):

Nee, maar ik wilde een aantal zaken wel nog een keer voor het voetlicht brengen. Ik kan alvast aankondigen dat ik dat elke keer ga doen als dit soort wetsvoorstellen langskomen. 

Ik heb een aantal dingen wel gezegd en een aantal dingen niet. Ik heb niet gezegd dat TenneT er op voorhand een puinhoop van zal maken. Ik heb alleen gezegd dat als je dit soort grote infrastructurele maatregelen treft, er natuurlijk ook een kans is dat het misgaat. Als ik uw antwoord op mijn vragen lees, wordt dat risico volledig bij de belastingbetaler neergelegd; als aanhouder van TenneT dan wel via de belastingen. Mijn vraag is dus hoe u dit huis, maar ook de overkant, gaat vertellen dat de 40% kostenreductie die u nastreeft, ook wordt gehaald. We weten dat pas over een paar jaar. U bent dan weg. Hoe kunt u nu garanderen dat dit zo is? 

Daarnaast wordt, als ik de tweede vraag tegelijkertijd mag stellen, een groot deel van het werk op zee door TenneT aanbesteed. Wij hebben er geen problemen mee dat TenneT de beheerder van het netwerk wordt. We vinden dat prima. TenneT is in staatshanden — belangrijke infrastructuur hoort ook in staatshanden te liggen — maar dat wil niet zeggen dat je het daar moet leggen en het wil ook niet zeggen dat je de beste prijs krijgt als je het door TenneT laat aanleggen. Dat zijn mijn vragen op dit moment. 

De voorzitter:

Wilt u de volgende keer uw vragen via de voorzitter stellen, mijnheer Dercksen? 

Minister Kamp:

Niet alleen nam de heer Dercksen het woord "puinhoop" met betrekking tot TenneT in de mond; in zijn ogen maakt iedereen er een puinhoop van, of het nu in Duitsland, in Nederland of in Frankrijk is. Dat maakt allemaal niet uit: iedereen maakt er een puinhoop van in de ogen van klokkenluider Dercksen. Dat is geen realistische voorstelling van zaken. Het wordt zelfs zodanig geformuleerd dat het niet erg zinvol is dat ik daar inhoudelijk op inga. De leveringszekerheid van elektriciteit is op dit moment 99,97%. Voortdurend wordt bewaakt dat de kosten voor de burgers betaalbaar blijven, ongeacht de wijze waarop de burger die prijs moet betalen, via de belasting of via de elektriciteitsrekening. Behoudens een enkele uitzondering wordt er geprobeerd om wat te doen aan de CO2-uitstoot, op de manier waarop daarover internationale afspraken zijn gemaakt. Nederland levert daaraan een loyale bijdrage en doet wat noodzakelijk is. Er moet een grote overgang worden gemaakt van fossiel naar duurzaam en dat is niet gemakkelijk. Daarvoor is een plan uitgezet tussen nu en het jaar 2050. Daarover zijn politieke en maatschappelijke afspraken gemaakt. We doen op dit moment wat noodzakelijk is. De kwalificaties die de heer Dercksen daaraan koppelt, zijn dan ook volstrekt misplaatst. Ik heb daar geen ander woord voor. 

Dan kom ik op wat de heer Dercksen zegt met betrekking tot TenneT. Hoe kan ik garanderen dat TenneT een kostenreductie realiseert? We hebben met betrekking tot de kosten van het net op zee op verschillende momenten, vanuit verschillende invalshoeken, uitgebreid informatie aan de Eerste Kamer en dus ook aan de heer Dercksen gegeven. We hebben aangegeven waardoor die kostenreductie wordt veroorzaakt. We hebben aangegeven hoe dat zich omslaat in aantallen euro's. We hebben aangegeven hoe dat zich omslaat in bedragen die betaald moeten worden per kilowattuur. Op alle mogelijke manieren is dat aangegeven. Als wij TenneT inschakelen, kunnen we een grote kostenreductie realiseren, met de argumenten die ik net nog even kort heb genoemd. Het is natuurlijk logisch dat TenneT het werk dat op zee moet gebeuren aanbesteedt. TenneT is een 100% staatsdeelneming die netwerken beheert, maar het is geen bedrijf dat dit net zelf op zee kan realiseren. Je hebt bedrijven die dat doen: bedrijven die onderdelen leveren voor de elektriciteitsstations die op zee worden gemaakt en bedrijven die de kabelverbindingen leveren. Dat wordt natuurlijk aanbesteed, zoals dat moet en zoals dat ook in de Aanbestedingswet staat. TenneT is heel goed in staat om dat te doen en heeft dat al veel op land, maar ook op zee, gedaan en weet dan precies op welke wijze dat voor de windparken voor de Nederlandse kust moet worden gedaan. Naar mijn overtuiging en naar de overtuiging van het bedrijf zelf is het daar zeer goed toe in staat. Ik heb nog geen enkel argument gehoord van de heer Dercksen waarom TenneT daartoe niet in staat zou zijn, anders dan het oproepen van twijfel en het geven van diskwalificaties. Argumenten waarom dat bedrijf dat niet zou kunnen, heb ik niet gehoord. 

De heer Dercksen (PVV):

Ik heb helemaal geen kwalificatie gegeven aan Tennet. U mag mij best de maat nemen over dingen die ik zeg, maar u kunt mij niet de maat nemen over dingen die ik niet zeg. Ik heb gezegd dat als TenneT in gebreke blijft en een schadevergoeding moet betalen omdat het niet op tijd is of omdat er storingen zijn, de rekening niet bij TenneT komt. Ja, voor maximaal 10 miljoen per jaar, maar dat is een schijntje op een opdracht van miljarden. Dat heb ik gezegd. U moet mij dus niet de maat nemen over dingen die ik niet heb gezegd. TenneT zal het best kunnen, maar de vraag is alleen of ze dat economisch het meest voordelig doen, als het een pakket voorwaarden is dat ook voor de markt heel aantrekkelijk zou zijn. Tot slot heb ik ook niet gezegd dat ze er in Duitsland een puinhoop van hebben gemaakt. Ik heb een SPD-minister geciteerd die zegt dat het onzinnig is om door te gaan met windenergie en ik heb aangegeven dat een miljoen Duitsers zonder stroom zit. Dat u dat kwalificeert als een puinhoop, zie ik als een compliment, maar zeg dan niet dat het van mij komt. Ik produceer hier de feiten. 

Minister Kamp:

Het hele betoog van de heer Dercksen hing van suggesties en diskwalificaties aan elkaar. Als hij zich dat niet kan voorstellen, is het nalezen van zijn tekst voor hem meer dan verduidelijkend, zo schat ik in. Het is volkomen zinloos om iets waar wij met z'n allen met volle overtuiging mee bezig zijn omdat wij denken dat het noodzakelijk is — het maken van de overgang van fossiele energie naar duurzame energie — waarvoor we in Nederland een groot maatschappelijk draagvlak hebben, wat in Europa is afgesproken en wat in de wereld is afgesproken, voortdurend als negatief te kwalificeren. Daar schiet je helemaal niets mee op. Wat wel zou kunnen, is dat de heer Dercksen met argumenten komt op grond waarvan dingen heroverwogen kunnen worden. Ik heb van zijn kant echter geen argumenten gehoord die daartoe uitnodigen. 

Het lag volstrekt voor de hand om TenneT aan te wijzen. Het is ook vanzelfsprekend dat TenneT dat moet aanbesteden. TenneT is heel goed in staat om dat te doen en heeft dat ook al bewezen. We hebben daar bovendien de Aanbestedingswet voor. We hebben een gids Proportionaliteit waarin staat aangegeven hoe dat allemaal meer in detail moet gebeuren. Het probleem dat de heer Dercksen daar schetst, is mij volstrekt onhelder. Ik kan er met betrekking tot TenneT echt niets anders van maken dan wat ik er nu in zijn richting van heb gemaakt. 

De voorzitter:

Mijnheer Dercksen? 

De heer Dercksen (PVV):

Nee. 

Minister Kamp:

Dan kom ik tot de stelling van de heer Dercksen dat 10 miljoen voor rekening van TenneT komt en de rest voor rekening van de belastingbetaler of de betaler van de elektriciteitsrekening. Maar meneer Dercksen zal toch, hoop ik, begrijpen dat de rekening altijd voor rekening van de betaler van de elektriciteitsrekening komt. Op dit moment leveren we fossiele energie, waarvan de kosten worden betaald door de elektriciteitsafnemer of door de belastingbetaler. Als wij overgaan op duurzame energie is dat niet anders. Mensen hebben behoefte aan energie. Wij organiseren met elkaar dat allerlei vormen van energie worden geleverd. De kosten daarvan worden betaald door de afnemers. Voor zover een deel van de kosten wordt gedragen door de overheid, gebeurt dat uiteindelijk door de belastingbetalers. Dat is nog nooit anders geweest en dat zal ook niet veranderen. 

De heer Dercksen (PVV):

Dat was de kern van mijn vraag over aanbesteding. Ik kan me herinneren dat bij de A15 twee aannemers bijna over de kop gingen, omdat we een aanbestedingstraject hadden ingezet waarbij de risico's bij de aannemers lagen. Nu huurt u TenneT in, als ik het zo plat mag zeggen en zegt u: of je nou schadevergoeding moet betalen, of je het nou goed of slecht aanlegt, het risico van TenneT is beperkt tot 10 miljoen per jaar. Dat was mijn vraag, met name in combinatie met uw kostenreductieplan van 40%. U geeft een open-eindopdracht aan TenneT, waarin u alle vertrouwen hebt. Dat mag u hebben. We zullen het zien, want met infrastructuur gaat het helaas in Nederland wel vaker mis. Ik wijs op het risico dat het uit de hand zou kunnen lopen en dat het risico dan niet bij de aannemer ligt, maar bij TenneT, en dat zijn wij. 

Minister Kamp:

Ik huur TenneT niet in. Ik laat gewoon degene die het elektriciteitsnet op land beheert, ook de aansluiting verzorgen tussen de windmolens op zee en het elektriciteitsnet op land. Dat is volkomen logisch, want als ik dat niet zou doen en ik zou daarvoor via een aanbesteding een derde de gelegenheid geven, waarna ik voor ieder windpark apart zou aanbesteden en daarvoor een derde zou inschakelen, dan loop ik risico's. Wie zijn die derden, hebben die voldoende expertise in huis, gaat TenneT niet beweren: wat aangeleverd wordt door die derde is niet goed? Of zegt die derde: het ligt bij TenneT? Je kunt je voorstellen wat er allemaal mis kan gaan. Wij proberen op dit moment dit soort dingen te voorkomen. We laten gewoon de normale netbeheerder ook die aansluitingen regelen. De kosten daarvan zijn veel lager, zoals ik bij veel gelegenheden tegen u heb gezegd. Ik heb de redenen daarvoor in het begin van mijn termijn opgesomd. 

Ik denk dat wat we doen volstrekt voor de hand liggend en logisch is. Verder hebben we goede voorzieningen getroffen om dat soepel te laten verlopen. Het kan zijn dat, als er bij TenneT vertraging ontstaat, de exploitanten van de windparken met de kosten daarvan worden opgezadeld. Degenen die moeten inschrijven op de tenders gaan dan denken: we lopen een risico, hoe groot dat is weten we niet, maar laten we dat risico maar inschatten en in rekening brengen bij onze inschrijving. De belastingbetaler moet dan gaan betalen voor een risico dat wordt ingeschat door iemand die aan een tender meedoet. Dat risico zal zich waarschijnlijk niet voordoen. Dat leidt dus alleen maar tot hogere kosten, waarvoor helemaal niemand wat koopt. We laten die aansluiting uitvoeren door degene met de meeste deskundigheid, dus TenneT. Dat laten we doen in een tijdsbestek dat volgens TenneT ambitieus, maar realiseerbaar is. En we zorgen ervoor dat het risico bij TenneT blijft liggen, zodat aannemers geen hoge bedragen voor risico-inschatting in rekening hoeven te brengen. De elektriciteitsafnemers en belastingbetalers worden deze extra kosten dus bespaard. Zo zouden we het moeten doen en zo kunnen we het met steun van de Kamer gaan doen. 

De heer Dercksen vroeg mij, te bevestigen dat er geen storing door de windmolens richting LOFAR optreedt. Daarover is discussie gaande. In eerste instantie is door de directie van LOFAR aangegeven dat zij dacht dat dat niet het geval zou zijn. Voor zover dat wel het geval was, zouden die risico's met mitigerende maatregelen kunnen worden opgevangen. Later is de directie op grond van onderzoek dat elders is gedaan, tot andere inzichten gekomen. Dat andere onderzoek hebben wij nu weer van een second opinion laten voorzien. Bovendien kijkt een van mijn diensten daar zelf ook naar. Vervolgens zullen we daarover met LOFAR en ASTRON gaan spreken. We zullen dan zien welke conclusies daaruit getrokken moeten worden. Door ASTRON zal naar mijn inschatting een zienswijze worden ingediend op de stukken die ik nu ter inzage heb gelegd met betrekking tot het windpark De Drentse Monden en Oostermoer. Bij de behandeling van die zienswijze zal ik op deze kwestie nader ingaan. 

De heer Dercksen (PVV):

Ik heb gevraagd of u de toezegging die u in deze Kamer hebt gedaan naar aanleiding van een vraag van de heer Flierman dat het een randvoorwaarde is dat LOFAR niet zal worden gestoord in zijn activiteiten, kunt bevestigen. U hebt daar wat mij betreft geen direct antwoord op gegeven. Ik zou zo'n antwoord heel erg waarderen, temeer omdat die toezegging al eens is gedaan. 

Minister Kamp:

Ik heb gezegd wat ik daarover kan zeggen. Het standpunt dat ik heb ingenomen, nam ik in op grond van de stellingname van de directie van ASTRON. Als daarover nadere inzichten zijn, wil ik daar graag naar kijken. Als er sprake is van storing zal ik bezien of die met mitigerende maatregelen is op te vangen. Afhankelijk daarvan zal ik tot conclusies kunnen komen. Ik zit nu in dat proces, zodat ik daar verder niet op vooruit wil lopen. 

Het is weinig verwonderlijk dat ook wat biomassa betreft de heer Dercksen tot de conclusie komt dat dit niet bijdraagt aan CO2-reductie. Volgens hem draagt helemaal niets daaraan bij. Voor zover iets wel bijdraagt aan CO2-reductie is het onzin, want CO2 hoeft helemaal niet gereduceerd te worden. Dat is zo'n beetje zijn redenering. Ik denk dat biomassa wel bijdraagt aan CO2-reductie. Als er iets groeit, wordt de CO2 uit de lucht gebonden. Als je dat vervolgens benut, komt er weer CO2 vrij en dan heb je een kringloop. Daarom wordt biomassa aangemerkt als onderdeel van duurzame energie. Internationaal wordt het als zodanig aangemerkt. Wij hebben in Nederland voor de beoordeling van de duurzaamheid van biomassa de strengste criteria van de wereld gemaakt. We hebben daar een uniek controlesysteem op gezet, dat nog verder wordt verbeterd. Ook met betrekking tot biomassa doen we wat noodzakelijk is om ervoor te zorgen dat én biomassa én wind op zee én wind op land kunnen bijdragen aan de hoogst noodzakelijke transitie van fossiele energie naar duurzame energie, waar de overheid met volle overtuiging mee bezig is en die we willen realiseren op een zodanige wijze dat energie in de toekomst duurzaam, leveringszeker en betaalbaar is. 

De heer Dercksen (PVV):

De minister heeft mij hoog, want nu suggereert hij dat dat mijn uitspraak was, terwijl ik tot twee keer toe heb verteld dat het een uitspraak is van de KNAW. Misschien heb ik daar zelf wel een idee bij. Als ik dat twee keer herhaal, is dat misschien ook wel zo, maar het is niet mijn stelling, maar een van de wetenschap. Ik ken het verhaal dat CO2 die vrijkomt bij verbranding van bomen wordt opgenomen door nieuwe bomen, maar daar denkt de wetenschap, de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen en dus niet René Dercksen, heel anders over. 

Minister Kamp:

Mijnheer Dercksen probeert zichzelf nog enige autoriteit te geven door een beroep te doen op het IEA en de KNAW. Hij suggereert daarmee dat zijn betoog wetenschappelijk onderbouwd zou zijn en door de wetenschap gesteund zou worden. Dat is natuurlijk allerminst het geval. Die afspraken tussen 195 landen in Parijs zijn gemaakt op basis van jarenlange wetenschappelijke studies onder de vlag van de VN, waarbij iedereen elkaar heeft becommentarieerd en elkaar heeft proberen te overtuigen. Uiteindelijk zijn daar conclusies uit getrokken. Niet alleen door Nederland, niet alleen door Europa, maar door 195 landen. Op basis van die afspraken en op basis van Europese afspraken doen wij ook in Nederland wat noodzakelijk is. 

De heer Dercksen (PVV):

Tot slot nog even over al die landen die het allemaal met elkaar eens zijn. Ik heb hier een interview van de heer Samsom in het blaadje van Milieudefensie. Hij zegt daarin: over het hele fabeltje van CO2-doelen en kolencentrales moeten we elkaar maar eens de waarheid vertellen. Als je drie kolencentrales in Nederland zet en niet in Duitsland, dan is het effect nul. Ik ken de heer Samsom niet als een rationeel mens op dit thema, maar wat hij hier zei is wat wij nu zeggen. Wereldwijd zijn er 1.500 kolencentrales in aanbouw of in de planning. Wat voor zin heeft het dan om er hier miljarden in te steken om een enkele te sluiten? Dat zei de heer Samsom in 2009 en dat is wat de PVV in 2016 nog steeds zegt. 

Minister Kamp:

De heer Dercksen heeft in zijn betoog gericht tegen duurzame energie, tegen pogingen om onverantwoorde klimaatwijzigingen te voorkomen eerst steun gezocht bij het Internationaal Energieagentschap, daarna bij de Koninklijke Nederlandse Akademie voor Wetenschappen en nu bij de heer Samsom. Wat hij doet, is selectief hier en daar iets weghalen en proberen daar zijn betoog op te funderen. Wat mij betreft is die poging mislukt. Met zijn allen weten we natuurlijk dat er in de wereld een heleboel kolencentrales in aanbouw zijn en dat als gevolg daarvan ook het CO2-emissieprobleem eerder groter dan kleiner wordt. Dat is ook de reden dat al die landen bij elkaar zijn gekomen in Parijs en gezegd hebben dat het zo niet langer kan. Wij moeten ervoor zorgen dat we die beweging keren, dat we niet meer CO2 uitstoten maar veel minder. Daar zijn allerlei maatregelen voor nodig. Dat zal er ook toe leiden dat in de toekomst veel meer energie wordt opgewekt op een duurzame manier en veel minder met fossiele energie. Van die fossiele-energiedragers zijn kolen de meest schadelijke voor het milieu. Daarom zal de aandacht zich er ook wereldwijd op concentreren om de omslag te realiseren die wereldwijd noodzakelijk is voor de toekomst. 

De voorzitter:

Ik heb zojuist begrepen van de heer Dercksen dat hij geen behoefte meer heeft aan een tweede termijn. Ook de minister heeft dus geen tweede termijn. 

De beraadslaging wordt gesloten. 

De voorzitter:

Wenst één van de leden stemming over het wetsvoorstel? Dat is het geval. Ik stel voor, direct over het wetsvoorstel te stemmen, maar niet dan nadat ik de stemmingsbel heb geluid. Iedereen moet er wel van op de hoogte zijn dat er gestemd gaat worden. 

Daartoe wordt besloten. 

Naar boven