Vragen van de leden Groothuizen en Sjoerdsma (beiden D66) aan de Minister van Buitenlandse
Zaken over de strijd tegen corruptie in Oekraïne. (ingezonden 17 mei 2018).
Antwoord van Minister Blok (Buitenlandse Zaken) (ontvangen 15 juni 2018).
Vraag 1
Bent u bekend met het artikel «NABU’s future uncertain amid Kholodnytsky scandal»?1
Vraag 2
Hoe kijkt u aan tegen het gegeven dat het Oekraïense anti-corruptie bureau NABU, in
opdracht van de Procureur-Generaal, de heer Lutsenko, afluisterapparatuur heeft geplaatst
in het kantoor van het hoofd van de Oekraïense anti-corruptie aanklager (SAPO)?
Antwoord 2
Het nationale Oekraïense anti-corruptie bureau (NABU) beschikte over aanwijzingen
dat de speciale anti-corruptie aanklager (SAPO) mogelijk betrokken zou zijn bij het
illegaal delen van vertrouwelijke informatie. In overleg met de Procureur Generaal
is om die reden afluisterapparatuur geïnstalleerd in het kantoor van SAPO. Ik beschik
niet over voldoende informatie om een oordeel te vellen over deze maatregel.
Vraag 3
Hoe beoordeelt u deze ontwikkelingen in het licht van de voortdurende druk op de Oekraïense
anti-corruptie instellingen? Welke risico’s ziet u? Deelt u de mening dat deze situatie
de samenwerking tussen NABU en SAPO kan schaden?
Antwoord 3
De Oekraïense anti-corruptie instellingen zijn onvoldoende onafhankelijk en functioneren
mede daarom beneden verwachting. Het nationale anti-corruptie bureau NABU is hierop
een positieve uitzondering. De uitdaging is vooral dat de door NABU voorgelegde corruptiezaken
ook door rechtbanken in behandeling worden genomen. Juist daarom benadrukt de internationale
gemeenschap, waaronder Nederland, het belang van het zo spoedig mogelijk instellen
van een speciaal hooggerechtshof voor anti-corruptie.
Vraag 4
Herinnert u zich uw antwoorden van 30 januari 2018 op Kamervragen van de leden Groothuizen
en Sjoerdsma?2
Vraag 5 en 6
Op welke manier heeft u bovengenoemde ontwikkelingen aan de orde gesteld in uw bilaterale
contacten met Oekraïne?
Op welke manier heeft u bovengenoemde ontwikkelingen in multilateraal verband aan
de orde gesteld?
Antwoord 5 en 6
Nederland benadrukt via bilaterale, Europese en multilaterale kanalen het belang van
versterking van corruptiebestrijding in Oekraïne en blijft dit doen. Zo heb ik tijdens
de RBZ op 19 maart jl. en in een gesprek met de Oekraïense Minister van Buitenlandse
Zaken Klimkin, voorafgaand aan de RBZ, het belang benadrukt van voortgang met (anti-corruptie)
hervormingen in Oekraïne (Kamerstuk 21 501-02, nr. 1851).
Vraag 7
Welke stappen gaat u ondernemen om schade aan Oekraïense anticorruptie-instellingen
te voorkomen? In hoeverre betrekt u deze ontwikkelingen bij de gesprekken over het
voorstel van de Europese Commissie voor het toekennen van Macro Financiële Assistentie
aan Oekraïne?
Antwoord 7
Het is in eerste instantie aan de Oekraïense regering zelf om schade aan de anti-corruptie
instellingen te voorkomen.
In gesprekken over het vierde EU-Macro Financiële Assistentieprogramma zet Nederland
in op scherpe voorwaarden op het gebied van rechtsstatelijkheid en anti-corruptie.
Dit wordt breed gesteund door andere lidstaten.
Verder blijft mijn inzet zoals in de beantwoording van uw eerdere vragen uiteen is
gezet (Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2017–2018, nr. 2048)
Vraag 8
Herinnert u zich uw steun voor een onafhankelijk anticorruptie rechtbank in Oekraïne?
Kunt u aangeven wat de actuele stand van zaken is met betrekking tot de oprichting
van een dergelijke rechtbank? In hoeverre betrekt u deze ontwikkelingen bij de gesprekken
over het voorstel van de Europese Commissie voor het toekennen van Macro Financiële
Assistentie aan Oekraïne?
Antwoord 8
Ja, zie Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2016–2017, nr. 2481.
1 maart jl. is het wetsvoorstel voor een speciaal hooggerechtshof voor anti-corruptie
door het Oekraïense parlement in eerste lezing aangenomen. Dat voorstel is volgens
de internationale gemeenschap niet conform de aanbevelingen van de Venetië Commissie.
Dat betekent dat het voorstel voor stemming in tweede lezing door het parlement moet
worden geamendeerd. Die stemming is voorzien voor de tweede helft van juni.
Het uitkeren van macro financiële steun vanuit de EU is onder andere gekoppeld aan
voldoende voortgang ten aanzien van het steunprogramma van het Internationaal Monetair
Fonds (IMF). Versterking van anti-corruptie maatregelen is een belangrijke conditionaliteit
onder het lopende programma vanuit het IMF.
Momenteel vinden er gesprekken plaats over de afronding van de vierde voortgangsrapportage
onder het IMF-programma. De belangrijkste voorwaarde voor het afronden daarvan is
het wetsvoorstel rondom het speciaal hooggerechtshof voor anti-corruptie.
X Noot
2Aanhangsel bij de Handelingen, vergaderjaar 2017–2018, nr. 2048