Vragen van de leden Leijten en Jasper vanDijk (beiden SP) aan de Ministers van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport, van Defensie en voor Wonen en Rijksdienst over een op non-actief
gestelde topambtenaar die toch bij de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) aan de slag
ging (ingezonden 15 januari 2015).
Antwoord van Minister Schippers (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) mede namens de
Minister van Defensie en de Minister voor Wonen en Rijksdienst (ontvangen 2 maart
2015). Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2014–2015, nr. 1236.
Vraag 1 en 2
Kunt u uitleggen hoe het is gebeurd dat een op het Ministerie van Defensie geschorste
topambtenaar bij een ander onderdeel van de Rijksdienst aan het werk kon gaan?1
Kunt u uitleggen hoe het komt dat de ambtenaar volgens de NZa «goede referenties»
had, terwijl hij bij het Ministerie van Defensie op non-actief was gesteld vanwege
medeverantwoordelijkheid voor een serie grote automatiseringsproblemen die de continuïteit
van bedrijfsvoering in gevaar bracht?
Antwoord 1 en 2
De betrokken medewerker is niet geschorst noch op non-actief gesteld en is dat ook
nooit geweest. Zoals u weet is vorig jaar gebleken dat er bij de IT-organisaties van
Defensie een aantal grote veranderingen nodig was. De Minister van Defensie heeft
u daarover geïnformeerd (Tweede Kamer, vergaderjaar 2013–2014, 31 125, nr. 34/ Tweede Kamer, vergaderjaar 2013–2014, 31 125, nr. 41). In overleg met het topmanagement van de IV/ICT-uitvoeringsorganisaties is geconcludeerd
dat het verstandig is die veranderingen door een nieuw team te laten uitvoeren. Op
dat moment heeft betrokken medewerker zijn functie in onderling overleg ter beschikking
gesteld. Zijn kwaliteiten als IT-vakman zijn op geen enkel moment onderwerp van discussie
geweest.
Vraag 3
Vindt u het verstandig dat iemand die werkzaam is bij een onderdeel van een ministerie
waar een onderzoek loopt naar mogelijke fraude en malversaties bij de aanbesteding
van ICT-opdrachten bij een ander onderdeel van de Rijksdienst aan de slag gaat met
hetzelfde onderwerp?
Antwoord 3
In zijn algemeenheid vind ik het verstandig dat medewerkers die hun functie verlaten,
zo snel mogelijk weer aan de slag gaan. De Minister van Defensie heeft een onderzoek
ingesteld en wacht de uitkomsten daarvan af.
Vraag 4
Hoe is de op non-actief gestelde topambtenaar bij de NZa terecht gekomen? Is deze
«aangeboden», en zo ja door wie?
Antwoord 4
De desbetreffende ambtenaar is op verzoek van de interim--voorzitter van de NZa tot
15 januari jl. bij de NZa gedetacheerd geweest.
Vraag 5
Is de betreffende topambtenaar nog geschorst bij het Ministerie van Defensie, of werkt
hij inmiddels elders binnen de Rijksdienst?
Antwoord 5
De betrokken medeweker is niet geschorst en is dat ook nooit geweest, zie mijn antwoord
op vragen 1 en 2.
Vraag 6
Wat is binnen de Rijksdienst de gebruikelijke gang van zaken rondom op non-actief
gestelde (top)ambtenaren, en is die hier gevolgd?
Antwoord 6
Ik wil benadrukken dat er in dit geval geen sprake is van een ambtenaar die op non-actief
is of wordt gesteld. In overleg met het bevoegd gezag heeft de medewerker besloten
om zijn functie ter beschikking te stellen. In zo’n geval wordt bezien waar de medewerker
zo snel mogelijk weer ingezet kan worden. Dat kunnen tijdelijke werkzaamheden of projecten
zijn.
Vraag 7
Hoe vaak wordt er met (top)ambtenaren in de Rijksdienst «geschoven» als zij niet of
niet goed functioneren? Kunt u de Kamer een overzicht verstrekken?
Antwoord 7
Als een medewerker niet goed functioneert, is het aan het bevoegd gezag om passende
maatregelen te nemen. Dat kan onder meer betekenen dat in overleg wordt gekeken naar
een passende functie of passende andere werkzaamheden binnen of buiten de rijksdienst.
De mobiliteit binnen de rijksdienst is groot, ook onder ambtenaren die goed functioneren.
Omdat er geen informatie wordt bijgehouden wat de achterliggende redenen zijn van
een overstap naar een nieuwe functie, kan ik u geen overzicht verstrekken.
Vraag 8
Is het niet logisch een ambtenaar voor de gehele Rijksdienst te schorsen als hij of
zij ergens in de Rijksdienst niet of niet goed functioneert? Kunt u uw antwoord toelichten?
Antwoord 8
Schorsing is in dit geval niet aan de orde. Zie verder antwoord vraag 7.
Vraag 9
Kan het zijn dat de NZa om een «wederdienst» is gevraagd om een geschorste ambtenaar
werk te geven, omdat de oud-voorzitter – die zijn functie onder zware maatschappelijke
en politieke druk neerlegde – elders in de Rijksdienst te werk is gesteld?
Antwoord 9
Nee, dat is niet het geval.
Vraag 10
Erkent u dat deze gang van zaken de schijn wekt dat falende, of misschien zelfs frauderende
(top)ambtenaren, de hand boven het hoofd wordt gehouden? Wat gaat u er aan doen om
dit beeld te doorbreken? Kunt u uw antwoord toelichten?
Antwoord 10
Nee. Ik begrijp dat door onvolledige berichtgeving in de media een negatief beeld
kan ontstaan over deze kwestie. Voor de volledigheid verwijs ik opnieuw naar de brieven
die de Minister van Defensie over de gang van zaken heeft gestuurd (Tweede Kamer,
vergaderjaar 2013–2014, 31 125, nr. 34/ Tweede Kamer, vergaderjaar 2013–2014, 31 125, nr. 41). Daarin is de juiste gang van zaken weergegeven.