Tractatenblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriekDatum totstandkoming
Ministerie van Buitenlandse ZakenTractatenblad 2013, 233Verdrag

24 (2013) Nr. 2

A. TITEL

Protocol nr. 15 tot wijziging van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden;

Straatsburg, 24 juni 2013

B. TEKST

De Engelse en Franse tekst van het Protocol zijn geplaatst in Trb. 2013, 130.

C. VERTALING


Protocol nr. 15 tot wijziging van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden

Preambule

De lidstaten van de Raad van Europa en de andere Hoge Verdragsluitende Partijen bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, ondertekend te Rome op 4 november 1950 (hierna te noemen „het Verdrag”), die dit Protocol hebben ondertekend,

Gelet op de verklaring die is aangenomen tijdens de conferentie op hoog niveau over de toekomst van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, die op 19 en 20 april 2012 plaatsvond in Brighton, alsmede de verklaringen aangenomen tijdens de conferentie in Interlaken op 18 en 19 februari 2010 respectievelijk de conferentie in İzmir op 26 en 27 april 2011;

Gelet op opinie nr. 283 (2013) aangenomen door de Parlementaire Vergadering van de Raad van Europa op 26 april 2013;

Overwegende de noodzaak te waarborgen dat het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (hierna te noemen „het Hof”) zijn vooraanstaande rol bij de bescherming van de mensenrechten in Europa kan blijven spelen;

Zijn het volgende overeengekomen:

Artikel 1

Aan het einde van de preambule bij het Verdrag wordt een nieuwe overweging toegevoegd, die luidt als volgt:

„Bevestigend dat de Hoge Verdragsluitende Partijen, in overeenstemming met het beginsel van subsidiariteit, de primaire verantwoordelijkheid hebben de rechten en vrijheden die in dit Verdrag en de Protocollen daarbij zijn omschreven te waarborgen en dat zij daarbij over een beoordelingsmarge beschikken, die onderworpen is aan het toezicht door het Europees Hof voor de Rechten van de Mens zoals opgericht in dit Verdrag,”.

Artikel 2

1. In artikel 21 van het Verdrag wordt een nieuw tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt:

„Kandidaten dienen jonger te zijn dan 65 jaar op de datum waarop de Parlementaire Vergadering om de ontvangst van de lijst van drie kandidaten heeft verzocht, in aansluiting op artikel 22.”

2. Het tweede en derde lid van artikel 21 van het Verdrag worden respectievelijk het derde en vierde lid van artikel 21.

3. Het tweede lid van artikel 23 van het Verdrag wordt geschrapt. Het derde en vierde lid van artikel 23 van het Verdrag worden respectievelijk het tweede en derde lid van artikel 23.

Artikel 3

In artikel 30 van het Verdrag worden de woorden „, tenzij één van de betrokken partijen daartegen bezwaar maakt” geschrapt.

Artikel 4

In artikel 35, eerste lid, van het Verdrag worden de woorden „binnen een termijn van zes maanden” vervangen door de woorden „binnen een termijn van vier maanden”.

Artikel 5

In artikel 35, derde lid, onderdeel b, van het Verdrag worden de woorden „en mits op deze grond geen zaken worden afgewezen die niet naar behoren zijn behandeld door een nationaal gerecht” geschrapt.

SLOT- EN OVERGANGSBEPALINGEN

Artikel 6
  • 1. Dit Protocol staat open voor ondertekening door de Hoge Verdragsluitende Partijen bij het Verdrag, die hun instemming erdoor te worden gebonden tot uitdrukking kunnen brengen door:

    • a. ondertekening zonder voorbehoud van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring; of

    • b. ondertekening onder voorbehoud van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring, gevolgd door bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring.

  • 2. De akten van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring worden nedergelegd bij de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa.

Artikel 7

Dit Protocol treedt in werking op de eerste dag van de maand die volgt op het verstrijken van een tijdvak van drie maanden na de datum waarop alle Hoge Verdragsluitende Partijen bij het Verdrag in overeenstemming met de bepalingen van artikel 6 hun instemming door het Protocol te worden gebonden tot uitdrukking hebben gebracht.

Artikel 8
  • 1. De bij artikel 2 van dit Protocol doorgevoerde wijzigingen zijn uitsluitend van toepassing op kandidaten op lijsten die door de Hoge Verdragsluitende Partijen op grond van artikel 22 van het Verdrag bij de Parlementaire Vergadering zijn ingediend na de inwerkingtreding van dit Protocol.

  • 2. De bij artikel 3 van dit Protocol doorgevoerde wijziging is niet van toepassing op een aanhangige zaak waarbij een van de partijen, voorafgaand aan de datum van inwerkingtreding van dit Protocol, bezwaar heeft gemaakt tegen een voorstel van een Kamer van het Hof om afstand te doen van rechtsmacht ten gunste van de Grote Kamer.

  • 3. Artikel 4 van dit Protocol treedt in werking na het verstrijken van een tijdvak van zes maanden na de datum van inwerkingtreding van dit Protocol. Artikel 4 van dit Protocol is niet van toepassing op verzoekschriften ten aanzien waarvan de definitieve beslissing in de zin van artikel 35, eerste lid, van dit Verdrag is genomen vóór de datum van inwerkingtreding van artikel 4 van dit Protocol.

  • 4. Alle andere bepalingen van dit Protocol zijn van toepassing vanaf de datum van inwerkingtreding ervan, in overeenstemming met de bepalingen van artikel 7.

Artikel 9

De Secretaris-Generaal van de Raad van Europa stelt de lidstaten van de Raad van Europa en de andere Hoge Verdragsluitende Partijen bij dit Verdrag in kennis van:

  • a. alle ondertekeningen;

  • b. de nederlegging van iedere akte van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring;

  • c. de datum van inwerkingtreding van dit Protocol in overeenstemming met artikel 7; en

  • d. iedere andere handeling, kennisgeving of mededeling met betrekking tot dit Protocol.

TEN BLIJKE WAARVAN de ondergetekenden, daartoe naar behoren gemachtigd, dit Protocol hebben ondertekend.

GEDAAN te Straatsburg op 24 juni 2013, in de Engelse en de Franse taal, waarbij beide teksten gelijkelijk authentiek zijn, in een enkel exemplaar, dat zal worden nedergelegd in het archief van de Raad van Europa. De Secretaris-Generaal van de Raad van Europa doet een gewaarmerkt afschrift toekomen aan iedere lidstaat van de Raad van Europa en aan de andere Hoge Verdragsluitende Partijen bij het Verdrag.


D. PARLEMENT

Zie Trb. 2013, 130.

E. PARTIJGEGEVENS

Zie Trb. 2013, 130.

Partij

Ondertekening

Ratificatie

Type*

In werking

Opzegging

Buiten werking

Andorra

24-06-13

         

Armenië

24-06-13

         

België

07-10-13

         

Bulgarije

05-11-13

         

Cyprus

24-06-13

         

Denemarken

24-06-13

         

Duitsland

24-06-13

         

Estland

22-10-13

         

Finland

24-06-13

         

Frankrijk

24-06-13

         

Ierland

 

24-06-13

O

     

IJsland

09-07-13

         

Italië

24-06-13

         

Liechtenstein

24-06-13

         

Luxemburg

24-06-13

         

Nederlanden, het Koninkrijk der

22-10-13

         

– Nederland:

           

 – in Europa

 

 

   

 – Bonaire

 

 

   

 – Sint Eustatius

 

 

   

 – Saba

 

 

   

– Aruba

 

 

   

– Curaçao

 

 

   

– Sint Maarten

 

 

   

Noorwegen

24-06-13

         

Oostenrijk

25-06-13

         

Portugal

24-06-13

         

Roemenië

24-06-13

         

San Marino

24-06-13

06-11-2013

R

     

Slovenië

24-06-13

         

Slowakije

24-06-13

         

Spanje

24-06-13

         

Tsjechië

05-11-13

         

Turkije

13-09-13

         

Verenigd Koninkrijk

24-06-13

         

Zweden

25-06-13

         

* O=Ondertekening zonder voorbehoud of vereiste van ratificatie, R=Bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of kennisgeving, T=Toetreding, VG=Voortgezette gebondenheid, NB=Niet bekend

G. INWERKINGTREDING

Zie Trb. 2013, 130.

J. VERWIJZINGEN

Zie Trb. 2013, 130.

Uitgegeven de twintigste november 2013.

De Minister van Buitenlandse Zaken, F.C.G.M. TIMMERMANS