Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek | Datum ondertekening |
|---|---|---|---|---|
| Ministerie van Klimaat en Groene Groei | Staatscourant 2026, 3359 | ander besluit van algemene strekking |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek | Datum ondertekening |
|---|---|---|---|---|
| Ministerie van Klimaat en Groene Groei | Staatscourant 2026, 3359 | ander besluit van algemene strekking |
De Minister van Klimaat en Groene Groei,
Gelet op artikel 3 van de Kaderwet EZ-, LVVN- en KGG-subsidies en de artikelen 2, derde lid, 4, derde lid, 5, eerste lid, 8, derde lid, 9, tweede lid, en 24, tweede lid, van de Subsidieregeling coöperatieve energieopwekking;
Besluit:
In dit besluit wordt verstaan onder:
elektriciteit die op het elektriciteitsnet wordt ingevoed;
aantal vollasturen waarbij de verwachte jaarlijkse energieproductie voor een gegeven combinatie van een locatie en een productie-installatie die gebruik maakt van windenergie, is bepaald met een waarschijnlijkheid van 50%;
elektriciteit die op een installatie wordt ingevoed;
Subsidieregeling coöperatieve energieopwekking.
Het subsidieplafond voor het verlenen van subsidie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit op grond van artikel 2, derde lid, van de regeling, die wordt aangevraagd in de periode van 2 maart 2026, 09:00 uur, tot 1 oktober 2026, 17:00 uur, wordt vastgesteld op € 78.000.000.
1. Als categorieën productie-installaties waarvoor op grond van artikel 2, derde lid, van de regeling een aanvraag tot subsidieverlening kan worden ingediend, worden aangewezen:
a. productie-installaties voor de productie van hernieuwbare elektriciteit uit zonne-energie uitsluitend met een of meer fotovoltaïsche zonnepanelen, die zijn aangesloten op het elektriciteitsnet met een kleinverbruikersaansluiting, met een totaal nominaal vermogen van ten minste 15 kWp en ten hoogste 100 kWp;
b. productie-installaties voor de productie van hernieuwbare elektriciteit uit zonne-energie uitsluitend met een of meer fotovoltaïsche zonnepanelen, die zijn aangesloten op het elektriciteitsnet met een kleinverbruikersaansluiting, waarbij de zonnepanelen op of aan een gebouw zijn aangebracht en waarbij het dak van een bestaand gebouw constructief wordt aangepast of een draagconstructie wordt toegepast die het dak ontlast en waarbij deze constructieve dakaanpassing of draagconstructie noodzakelijk is voor de realisatie van de productie-installatie, dan wel bij het gebruik van het dak van een bestaand gebouw gebruik wordt gemaakt van een productie-installatie met een maximaal gewicht van 10 kilogram per vierkante meter met zonnepanelen bedekt dakoppervlak, met een totaal nominaal vermogen van ten minste 15 kWp en ten hoogste 100 kWp;
c. productie-installaties voor de productie van hernieuwbare elektriciteit uit zonne-energie uitsluitend met een of meer fotovoltaïsche zonnepanelen, die zijn aangesloten op het elektriciteitsnet met een grootverbruikersaansluiting, met een totaal nominaal vermogen van ten minste 15 kWp tot 1 MWp;
d. productie-installaties voor de productie van hernieuwbare elektriciteit uit zonne-energie uitsluitend met een of meer fotovoltaïsche zonnepanelen, die zijn aangesloten op het elektriciteitsnet met een grootverbruikersaansluiting, waarbij de zonnepanelen op of aan een gebouw zijn aangebracht en waarbij het dak van een bestaand gebouw constructief wordt aangepast of een draagconstructie wordt toegepast die het dak ontlast en waarbij deze constructieve dakaanpassing of draagconstructie noodzakelijk is voor de realisatie van de productie-installatie, dan wel bij het gebruik van het dak van een bestaand gebouw gebruik wordt gemaakt van een productie-installatie met een maximaal gewicht van 10 kilogram per vierkante meter met zonnepanelen bedekt dakoppervlak, met een totaal nominaal vermogen van ten minste 15 kWp tot 1 MWp;
e. productie-installaties voor de productie van hernieuwbare elektriciteit uit zonne-energie uitsluitend met een of meer fotovoltaïsche zonnepanelen die zijn aangesloten op het elektriciteitsnet met een grootverbruikersaansluiting, waarbij de zonnepanelen op of aan een gebouw zijn aangebracht, met een totaal nominaal vermogen van ten minste 1 MWp en ten hoogste 6 MWp;
f. productie-installaties voor de productie van hernieuwbare elektriciteit uit zonne-energie uitsluitend met een of meer fotovoltaïsche zonnepanelen die zijn aangesloten op het elektriciteitsnet met een grootverbruikersaansluiting, waarbij de zonnepanelen op of aan een gebouw zijn aangebracht en waarbij het dak van een bestaand gebouw constructief wordt aangepast of een draagconstructie wordt toegepast die het dak ontlast en waarbij deze constructieve dakaanpassing of draagconstructie noodzakelijk is voor de realisatie van de productie-installatie, dan wel bij het gebruik van het dak van een bestaand gebouw gebruik wordt gemaakt van een productie-installatie met een maximaal gewicht van 10 kilogram per vierkante meter met zonnepanelen bedekt dakoppervlak, met een totaal nominaal vermogen van ten minste 1 MWp en ten hoogste 6 MWp;
g. productie-installaties voor de productie van hernieuwbare elektriciteit uit zonne-energie uitsluitend met een of meer fotovoltaïsche zonnepanelen die zijn aangesloten op het elektriciteitsnet met een grootverbruikersaansluiting, waarbij de zonnepanelen niet op of aan een gebouw zijn aangebracht maar op land staan, die natuurinclusief worden gerealiseerd, met een totaal nominaal vermogen van ten minste 1 MWp en ten hoogste 6 MWp;
h. productie-installaties voor de productie van hernieuwbare elektriciteit uit zonne-energie uitsluitend met een of meer fotovoltaïsche zonnepanelen die zijn aangesloten op het elektriciteitsnet met een grootverbruikersaansluiting, waarbij de zonnepanelen op water drijven, met een totaal nominaal vermogen van ten minste 1 MWp en ten hoogste 6 MWp;
i. productie-installaties voor de productie van hernieuwbare elektriciteit uit windenergie met een of meer windturbines, die zijn aangesloten op het elektriciteitsnet met een kleinverbruikersaansluiting, met een totaal nominaal vermogen van ten minste 15 kW en ten hoogste 100 kW;
j. productie-installaties voor de productie van hernieuwbare elektriciteit uit windenergie met een of meer windturbines, die zijn aangesloten op het elektriciteitsnet met een grootverbruikersaansluiting, met een totaal nominaal vermogen van ten minste 15 kW en ten hoogste 1 MW, en die worden gerealiseerd op een locatie die overeenkomstig de lijst van gemeenten volgens de gemeentelijke indeling op 1 januari 2026, bedoeld in de bijlage, een windsnelheid heeft van:
1°. ≥ 8,0 m/s;
2°. ≥ 7,5 m/s en < 8,0 m/s;
3°. ≥ 7,0 m/s en < 7,5 m/s;
4°. ≥ 6,75 m/s en < 7,0 m/s; of
5°. < 6,75 m/s;
k. productie-installaties voor de productie van hernieuwbare elektriciteit uit windenergie met een of meer windturbines, die zijn aangesloten op het elektriciteitsnet met een grootverbruikersaansluiting, met een totaal nominaal vermogen van meer dan 1 MW en ten hoogste 6 MW, en die worden gerealiseerd op een locatie die overeenkomstig de lijst van gemeenten volgens de gemeentelijke indeling op 1 januari 2026, bedoeld in de bijlage, een windsnelheid heeft van:
1°. ≥ 8,0 m/s;
2°. ≥ 7,5 m/s en < 8,0 m/s;
3°. ≥ 7,0 m/s en < 7,5 m/s;
4°. ≥ 6,75 m/s en < 7,0 m/s; of
5°. < 6,75 m/s;
2. Het additioneel gecontracteerde terugleververmogen voor een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit uit zonne-energie uitsluitend met een of meer fotovoltaïsche zonnepanelen, die zijn aangesloten op het elektriciteitsnet met een grootverbruikersaansluiting als bedoeld in het eerste lid, onderdelen c, d, e, f, g en h, bedraagt maximaal 50% van het piekvermogen van de zonnepanelen.
De uiterste periodes voor het in gebruik nemen van een productie-installatie op grond van artikel 24, tweede lid, van de regeling, worden vastgesteld op:
a. voor een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit uit zonne-energie als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdelen a, b, c en d: twee jaar na de datum van de beschikking tot subsidieverlening;
b. voor een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit uit zonne-energie als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel e en f: drie jaar na de datum van de beschikking tot subsidieverlening;
c. voor een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit uit zonne-energie als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdelen g en h: vier jaar na de datum van de beschikking tot subsidieverlening;
d. voor een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit uit windenergie als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdelen i en j: drie jaar na de datum van de beschikking tot subsidieverlening;
e. voor een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit uit windenergie als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel k: vier jaar na de datum van de beschikking tot subsidieverlening.
Voor een categorie productie-installaties als bedoeld in de eerste en tweede kolom van onderstaande tabel wordt:
a. het basisbedrag, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de regeling, vastgesteld op het bedrag dat is opgenomen in de derde kolom van onderstaande tabel;
b. het maximum aantal vollasturen, bedoeld in artikel 4, derde lid, van de regeling, vastgesteld op het aantal dat is opgenomen in de vierde kolom van onderstaande tabel;
c. de basiselektriciteitsprijs, bedoeld in artikel 8, derde lid, van de regeling, vastgesteld op het bedrag dat is opgenomen in de vijfde kolom van onderstaande tabel;
d. het voorlopige correctiebedrag, bedoeld in artikel 9, tweede lid, van de regeling, voor 2026 vastgesteld op het bedrag dat is opgenomen in de zesde kolom van onderstaande tabel.
|
1 |
2 |
3 |
4 |
5 |
6 |
|---|---|---|---|---|---|
|
Artikel besluit |
Omschrijving categorie |
Basisbedrag in euro/kWh |
Maximum aantal vollasturen |
Basiselektriciteitsprijs in euro/kWh |
Voorlopig correctie bedrag 2026 (incl. GvO in euro/kWh |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel a |
Zonne-energie, kleinverbruikers-aansluiting, ≥ 15 kWp en ≤ 100 kWp |
0,149 |
900 |
0,035 |
Netlevering: 0,070 |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel b |
Zonne-energie, kleinverbruikers-aansluiting, gebouwgebonden met l dakaanpassing of lichtgewicht panelen, ≥ 15 kWp en ≤ 100 kWp |
0,155 |
900 |
0,035 |
Netlevering: 0,070 |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel c |
Zonne-energie, grootverbruikers-aansluiting, ≥ 15 kWp en < 1 MWp |
0,140 |
730 |
0,047 |
Netlevering: 0,075 |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel c |
Zonne-energie, grootverbruikers-aansluiting, ≥ 15 kWp en < 1 MWp |
0,140 |
730 |
0,107 |
Niet-netlevering: 0,132 |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel d |
Zonne-energie, grootverbruikers-aansluiting, gebouwgebonden met dakaanpassing of lichtgewicht panelen, ≥ 15 kWp en < 1 MWp |
0,147 |
730 |
0,047 |
Netlevering: 0,075 |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel d |
Zonne-energie, grootverbruikers-aansluiting, gebouwgebonden met dakaanpassing of lichtgewicht panelen, ≥ 15 kWp en < 1 MWp |
0,147 |
730 |
0,107 |
Niet-netlevering: 0,132 |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel e |
Zonne-energie, grootverbruikers-aansluiting, gebouwgebonden, ≥ 1 MWp en ≤ 6 MWp |
0,111 |
730 |
0,047 |
Netlevering: 0,075 |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel e |
Zonne-energie, grootverbruikers-aansluiting, gebouwgebonden, ≥ 1 MWp en ≤ 6 MWp |
0,111 |
730 |
0,086 |
Niet-netlevering: 0,111 |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel f |
Zonne-energie, grootverbruikers-aansluiting, gebouwgebonden met dakaanpassing of lichtgewicht panelen, ≥ 1 MWp en ≤ 6 MWp |
0,116 |
730 |
0,047 |
Netlevering: 0,075 |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel f |
Zonne-energie, grootverbruikers-aansluiting, gebouwgebonden met dakaanpassing of lichtgewicht panelen, ≥ 1 MWp en ≤ 6 MWp |
0,116 |
730 |
0,086 |
Niet-netlevering: 0,111 |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel g |
Zonne-energie, grootverbruikers-aansluiting, grondgebonden, natuurinclusief, ≥ 1 MWp en ≤ 6 MWp |
0,106 |
740 |
0,047 |
Netlevering: 0,075 |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel g |
Zonne-energie, grootverbruikers-aansluiting, grondgebonden, natuurinclusief, ≥ 1 MWp en ≤ 6 MWp |
0,106 |
740 |
0,086 |
Niet-netlevering: 0,111 |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel h |
Zonne-energie, grootverbruikers-aansluiting, drijvend op water ≥ 1 MWp en ≤ 6 MWp |
0,114 |
740 |
0,047 |
Netlevering: 0,075 |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel h |
Zonne-energie, grootverbruikers-aansluiting, drijvend op water ≥ 1 MWp en ≤ 6 MWp |
0,114 |
740 |
0,086 |
Niet-netlevering: 0,111 |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel i |
Windenergie, kleinverbruikers-aansluiting, ≥ 15 kW en ≤ 100 KW |
0,157 |
netto P50-waarde vollasturen |
0,038 |
Netlevering: 0,082 |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel j, subonderdeel °1 |
Windenergie, grootverbruikers-aansluiting, ≥ 15 kW en ≤ 1 MW, ≥ 8,0 m/s |
0,146 |
netto P50-waarde vollasturen |
0,038 |
Netlevering: 0,082 |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel j, subonderdeel °2 |
Windenergie, grootverbruikers-aansluiting, ≥ 15 kW en ≤ 1 MW, ≥ 7,5 m/s en < 8,0 m/s |
0,157 |
netto P50-waarde vollasturen |
0,038 |
Netlevering: 0,082 |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel j, subonderdeel °3 |
Windenergie, grootverbruikers-aansluiting, ≥ 15 kW en ≤ 1 MW, ≥ 7,0 m/s en < 7,5 m/s |
0,157 |
netto P50-waarde vollasturen |
0,038 |
Netlevering: 0,082 |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel j, subonderdeel °4 |
Windenergie, grootverbruikers-aansluiting, ≥ 15 kW en ≤ 1 MW, ≥ 6,75 m/s en < 7,0 m/s |
0,157 |
netto P50-waarde vollasturen |
0,038 |
Netlevering: 0,082 |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel j, subonderdeel °5 |
Windenergie, grootverbruikers-aansluiting, ≥ 15 kW en ≤ 1 MW, < 6,75 m/s |
0,157 |
netto P50-waarde vollasturen |
0,038 |
Netlevering: 0,082 |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel k, subonderdeel °1 |
Windenergie, grootverbruikers-aansluiting, > 1 MW en ≤ 6 MW, ≥ 8,0 m/s |
0,069 |
netto P50-waarde vollasturen |
0,038 |
Netlevering: 0,082 |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel k, subonderdeel °2 |
Windenergie, grootverbruikers-aansluiting, > 1 MW en ≤ 6 MW, ≥ 7,5 m/s en < 8,0 m/s |
0,076 |
netto P50-waarde vollasturen |
0,038 |
Netlevering: 0,082 |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel k, subonderdeel °3 |
Windenergie, grootverbruikers-aansluiting, > 1 MW en ≤ 6 MW, ≥ 7,0 m/s en < 7,5 m/s |
0,082 |
netto P50-waarde vollasturen |
0,038 |
Netlevering: 0,082 |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel k, subonderdeel °4 |
Windenergie, grootverbruikers-aansluiting, > 1 MW en ≤ 6 MW, ≥ 6,75 m/s en < 7,0 m/s |
0,088 |
netto P50-waarde vollasturen |
0,038 |
Netlevering: 0,082 |
|
Artikel 3, eerste lid, onderdeel k, subonderdeel °5 |
Windenergie, grootverbruikers-aansluiting, > 1 MW en ≤ 6 MW, < 6,75 m/s |
0,094 |
netto P50-waarde vollasturen |
0,038 |
Netlevering: 0,082 |
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
’s-Gravenhage, 30 januari 2026
Minister van Klimaat en Groene Groei, S.Th.M. Hermans
|
Gemeentenaam |
Provincie |
Windcategorie |
|---|---|---|
|
Ameland |
Friesland |
≥ 8,0 m/s |
|
Bergen (NH.) |
Noord-Holland |
≥ 8,0 m/s |
|
Den Helder |
Noord-Holland |
≥ 8,0 m/s |
|
Harlingen |
Friesland |
≥ 8,0 m/s |
|
Het Hogeland |
Groningen |
≥ 8,0 m/s |
|
Hollands Kroon |
Noord-Holland |
≥ 8,0 m/s |
|
Noardeast-Fryslân |
Friesland |
≥ 8,0 m/s |
|
Rotterdam Maasvlakte (wijk 23, buurt 8) |
Zuid-Holland |
≥ 8,0 m/s |
|
Schagen |
Noord-Holland |
≥ 8,0 m/s |
|
Schiermonnikoog |
Friesland |
≥ 8,0 m/s |
|
Súdwest-Fryslân |
Friesland |
≥ 8,0 m/s |
|
Terschelling |
Friesland |
≥ 8,0 m/s |
|
Texel |
Noord-Holland |
≥ 8,0 m/s |
|
Vlieland |
Friesland |
≥ 8,0 m/s |
|
Waadhoeke |
Friesland |
≥ 8,0 m/s |
|
Zandvoort |
Noord-Holland |
≥ 8,0 m/s |
|
Achtkarspelen |
Friesland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Alkmaar |
Noord-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Beverwijk |
Noord-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Bloemendaal |
Noord-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Castricum |
Noord-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Dantumadiel |
Friesland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
De Fryske Marren |
Friesland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Dijk en Waard |
Noord-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Drechterland |
Noord-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Edam-Volendam |
Noord-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Eemsdelta |
Groningen |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Enkhuizen |
Noord-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Goeree-Overflakkee |
Zuid-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Heemskerk |
Noord-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Heerenveen |
Friesland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Heiloo |
Noord-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Hillegom |
Zuid-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Hoorn |
Noord-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Katwijk |
Zuid-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Koggenland |
Noord-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Leeuwarden |
Friesland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Lisse |
Zuid-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Medemblik |
Noord-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Noord-Beveland |
Zeeland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Noordoostpolder |
Flevoland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Noordwijk |
Zuid-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Oldambt |
Groningen |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Opmeer |
Noord-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Opsterland |
Friesland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Purmerend |
Noord-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Schouwen-Duiveland |
Zeeland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Smallingerland |
Friesland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Stede Broec |
Noord-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Tytsjerksteradiel |
Friesland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Uitgeest |
Noord-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Urk |
Flevoland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Veere |
Zeeland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Velsen |
Noord-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Wassenaar |
Zuid-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Westerkwartier |
Groningen |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Westland |
Zuid-Holland |
≥ 7,5 en < 8,0 m/s |
|
Aa en Hunze |
Drenthe |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Aalsmeer |
Noord-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Aalten |
Gelderland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Almere |
Flevoland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Alphen aan den Rijn |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Altena |
Noord-Brabant |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Amstelveen |
Noord-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Amsterdam |
Noord-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Assen |
Drenthe |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Bodegraven-Reeuwijk |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Borger-Odoorn |
Drenthe |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Borsele |
Zeeland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Coevorden |
Drenthe |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Culemborg |
Gelderland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Dalfsen |
Overijssel |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
De Ronde Venen |
Utrecht |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
De Wolden |
Drenthe |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Delft |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Diemen |
Noord-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Dronten |
Flevoland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Emmen |
Drenthe |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Goes |
Zeeland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Gouda |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Groningen |
Groningen |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Haarlem |
Noord-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Haarlemmermeer |
Noord-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Hardenberg |
Overijssel |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Hardinxveld-Giessendam |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Heemstede |
Noord-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Hoeksche Waard |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Hoogeveen |
Drenthe |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Hulst |
Zeeland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
IJsselstein |
Utrecht |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Kaag en Braassem |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Kampen |
Overijssel |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Kapelle |
Zeeland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Krimpenerwaard |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Landsmeer |
Noord-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Lansingerland |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Leiden |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Leiderdorp |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Leidschendam-Voorburg |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Lelystad |
Flevoland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Lopik |
Utrecht |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Maassluis |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Meppel |
Drenthe |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Middelburg |
Zeeland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Midden-Delfland |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Midden-Drenthe |
Drenthe |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Midden-Groningen |
Groningen |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Moerdijk |
Noord-Brabant |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Molenlanden |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Montfoort |
Utrecht |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Nieuwkoop |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Nissewaard |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Noordenveld |
Drenthe |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Oegstgeest |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Oost Gelre |
Gelderland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Ooststellingwerf |
Friesland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Oostzaan |
Noord-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Ouder-Amstel |
Noord-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Oudewater |
Utrecht |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Pekela |
Groningen |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Pijnacker-Nootdorp |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Reimerswaal |
Zeeland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Rijswijk |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Rotterdam-West (wijk 17, wijk 23 excl. buurt 8, en wijk 27) |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
's-Gravenhage |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Sluis |
Zeeland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Stadskanaal |
Groningen |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Staphorst |
Overijssel |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Steenbergen |
Noord-Brabant |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Steenwijkerland |
Overijssel |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Stichtse Vecht |
Utrecht |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Terneuzen |
Zeeland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Teylingen |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Tholen |
Zeeland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Tynaarlo |
Drenthe |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Uithoorn |
Noord-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Veendam |
Groningen |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Vijfheerenlanden |
Utrecht |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Vlissingen |
Zeeland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Voorne aan Zee |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Voorschoten |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Waddinxveen |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Waterland |
Noord-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
West Betuwe |
Gelderland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Westerveld |
Drenthe |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Westerwolde |
Groningen |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Weststellingwerf |
Friesland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Woerden |
Utrecht |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Wormerland |
Noord-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Zaanstad |
Noord-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Zaltbommel |
Gelderland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Zoetermeer |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Zoeterwoude |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Zuidplas |
Zuid-Holland |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Zwartewaterland |
Overijssel |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Zwolle |
Overijssel |
≥ 7,0 en < 7,5 m/s |
|
Alblasserdam |
Zuid-Holland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Albrandswaard |
Zuid-Holland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Barendrecht |
Zuid-Holland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Bergen op Zoom |
Noord-Brabant |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Berkelland |
Gelderland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Beuningen |
Gelderland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Bunnik |
Utrecht |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Bunschoten |
Utrecht |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Buren |
Gelderland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Capelle aan den IJssel |
Zuid-Holland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Dordrecht |
Zuid-Holland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Drimmelen |
Noord-Brabant |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Druten |
Gelderland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Duiven |
Gelderland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Etten-Leur |
Noord-Brabant |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Geertruidenberg |
Noord-Brabant |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Gooise Meren |
Noord-Holland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Gorinchem |
Zuid-Holland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Haaksbergen |
Overijssel |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Halderberge |
Noord-Brabant |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Hattem |
Gelderland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Hellendoorn |
Overijssel |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Hendrik-Ido-Ambacht |
Zuid-Holland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Houten |
Utrecht |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Krimpen aan den IJssel |
Zuid-Holland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Lingewaard |
Gelderland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Maasdriel |
Gelderland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Neder-Betuwe |
Gelderland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Nieuwegein |
Utrecht |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Nijkerk |
Gelderland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Oldebroek |
Gelderland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Olst-Wijhe |
Overijssel |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Ommen |
Overijssel |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Oss |
Noord-Brabant |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Oude IJsselstreek |
Gelderland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Overbetuwe |
Gelderland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Papendrecht |
Zuid-Holland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Raalte |
Overijssel |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Ridderkerk |
Zuid-Holland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Roosendaal |
Noord-Brabant |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Rotterdam (excl. wijk 17, wijk 23 en wijk 27) |
Zuid-Holland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Schiedam |
Zuid-Holland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Simpelveld |
Limburg |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Sliedrecht |
Zuid-Holland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Tiel |
Gelderland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Tubbergen |
Overijssel |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Twenterand |
Overijssel |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Utrecht |
Utrecht |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Vlaardingen |
Zuid-Holland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Waalwijk |
Noord-Brabant |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
West Maas en Waal |
Gelderland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Wijchen |
Gelderland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Wijdemeren |
Noord-Holland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Wijk bij Duurstede |
Utrecht |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Winterswijk |
Gelderland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Zeewolde |
Flevoland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Zevenaar |
Gelderland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Zundert |
Noord-Brabant |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Zwijndrecht |
Zuid-Holland |
≥ 6,75 en < 7,0 m/s |
|
Almelo |
Overijssel |
< 6,75 m/s |
|
Alphen-Chaam |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Amersfoort |
Utrecht |
< 6,75 m/s |
|
Apeldoorn |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Arnhem |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Asten |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Baarle-Nassau |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Baarn |
Utrecht |
< 6,75 m/s |
|
Barneveld |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Beek |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Beekdaelen |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Beesel |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Berg en Dal |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Bergeijk |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Bergen (L.) |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Bernheze |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Best |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Bladel |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Blaricum |
Noord-Holland |
< 6,75 m/s |
|
Boekel |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Borne |
Overijssel |
< 6,75 m/s |
|
Boxtel |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Breda |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Bronckhorst |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Brummen |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Brunssum |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Cranendonck |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
De Bilt |
Utrecht |
< 6,75 m/s |
|
Deurne |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Deventer |
Overijssel |
< 6,75 m/s |
|
Dinkelland |
Overijssel |
< 6,75 m/s |
|
Doesburg |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Doetinchem |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Dongen |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Echt-Susteren |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Ede |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Eemnes |
Utrecht |
< 6,75 m/s |
|
Eersel |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Eijsden-Margraten |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Eindhoven |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Elburg |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Enschede |
Overijssel |
< 6,75 m/s |
|
Epe |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Ermelo |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Geldrop-Mierlo |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Gemert-Bakel |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Gennep |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Gilze en Rijen |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Goirle |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Gulpen-Wittem |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Harderwijk |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Heerde |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Heerlen |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Heeze-Leende |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Helmond |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Hengelo |
Overijssel |
< 6,75 m/s |
|
Heumen |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Heusden |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Hilvarenbeek |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Hilversum |
Noord-Holland |
< 6,75 m/s |
|
Hof van Twente |
Overijssel |
< 6,75 m/s |
|
Horst aan de Maas |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Huizen |
Noord-Holland |
< 6,75 m/s |
|
Kerkrade |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Laarbeek |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Land van Cuijk |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Landgraaf |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Laren |
Noord-Holland |
< 6,75 m/s |
|
Leudal |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Leusden |
Utrecht |
< 6,75 m/s |
|
Lochem |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Loon op Zand |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Losser |
Overijssel |
< 6,75 m/s |
|
Maasgouw |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Maashorst |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Maastricht |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Meerssen |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Meierijstad |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Montferland |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Mook en Middelaar |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Nederweert |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Nijmegen |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Nuenen, Gerwen en Nederwetten |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Nunspeet |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Oirschot |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Oisterwijk |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Oldenzaal |
Overijssel |
< 6,75 m/s |
|
Oosterhout |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Peel en Maas |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Putten |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Renkum |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Renswoude |
Utrecht |
< 6,75 m/s |
|
Reusel-De Mierden |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Rheden |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Rhenen |
Utrecht |
< 6,75 m/s |
|
Rijssen-Holten |
Overijssel |
< 6,75 m/s |
|
Roerdalen |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Roermond |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Rozendaal |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Rucphen |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Scherpenzeel |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
's-Hertogenbosch |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Sint-Michielsgestel |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Sittard-Geleen |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Soest |
Utrecht |
< 6,75 m/s |
|
Someren |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Son en Breugel |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Stein |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Tilburg |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Utrechtse Heuvelrug |
Utrecht |
< 6,75 m/s |
|
Vaals |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Valkenburg aan de Geul |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Valkenswaard |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Veenendaal |
Utrecht |
< 6,75 m/s |
|
Veldhoven |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Venlo |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Venray |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Voerendaal |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Voorst |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Vught |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Waalre |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Wageningen |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Weert |
Limburg |
< 6,75 m/s |
|
Westervoort |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
|
Wierden |
Overijssel |
< 6,75 m/s |
|
Woensdrecht |
Noord-Brabant |
< 6,75 m/s |
|
Woudenberg |
Utrecht |
< 6,75 m/s |
|
Zeist |
Utrecht |
< 6,75 m/s |
|
Zutphen |
Gelderland |
< 6,75 m/s |
Met dit besluit (hierna: openstellingsbesluit 2026) wordt het mogelijk gemaakt om in 2026 subsidie aan te vragen op basis van de Subsidieregeling coöperatieve energieopwekking (hierna: SCE). De SCE heeft sinds 2021 jaarlijks openstellingsronden gehad. Met het openstellingsbesluit 2026 wordt de SCE voor de zesde keer opengesteld.
In samenhang met het openstellingsbesluit 2026 is de SCE op enkele punten gewijzigd, welke wijzigingen erop gericht zijn de SCE beter te laten aansluiten bij de praktijk. De wijzigingsregeling van de SCE treedt gelijktijdig met onderhavig openstellingsbesluit in werking.
Het openstellingsbesluit wordt hierna verder toegelicht.
Aanvragen kunnen worden ingediend voor vormen van opwekken van hernieuwbare elektriciteit, te weten zon-PV en wind op land. Dit zijn technologieën die regelmatig gerealiseerd worden door de doelgroep van de SCE, te weten coöperaties en verenigingen van eigenaars (hierna: VvE’s), om elektriciteit te produceren.
Productie-installaties kunnen middels twee soorten aansluitingen op het elektriciteitsnet worden aangesloten, namelijk met een aansluiting met een totale maximale doorlaatwaarde van 3*80A of minder (kleinverbruikersaansluiting als bedoeld in artikel 1 van de SCE, hierna: kva) en met een aansluiting met een totale maximale doorlaatwaarde van meer dan 3*80A (grootverbruikersaansluiting als bedoeld in artikel 1 van de SCE, hierna: gva). Dit onderscheid is gemaakt omdat er op grond van de SCE verschillende regels gelden voor eigen gebruik achter de meter bij klein- en grootverbruikersaansluitingen. Dit wordt nader toegelicht in paragraaf 2.5.1 van de toelichting bij de SCE, zoals deze op 3 maart 2021 is gepubliceerd (Stcrt. 2021, 11080).
Ten opzichte van de openstelling van de SCE in 2025 zijn met het openstellingsbesluit nieuwe categorieën toegevoegd voor zon-PV op zwakke daken, op zowel kva als gva.
Daarnaast is de categorie voor kleinschalige zon-PV op gva verruimd, van 15 kWp tot 500 kWp naar 15 kWp tot 1 MWp. Om die reden zijn ook de categorieën voor grootschalige zon-PV op gva aangepast: die beginnen bij 1 MWp en gaan tot en met 6 MWp. De categorie voor grootschalige zon-PV gva op veld is vanaf 2026 alleen nog natuurinclusief te realiseren. Er wordt niet langer een categorie opengesteld voor waterkracht vanwege een gebrek aan concrete projectplannen.
De windsnelheden per gemeente zijn opgenomen in de bijlage bij artikel 3, eerste lid, onderdelen j en k. Ten opzichte van 2025 zijn er geen aparte categorieën meer voor windsnelheden tussen de 8,0 m/s en 8,5 m/s en windsnelheden van minstens 8,5 m/s. Voor deze windsnelheden is er nu één windcategorie ≥ 8,0 m/s.
Het maximum aantal vollasturen per categorie productie-installaties is in beginsel het aantal dat het PBL heeft gehanteerd bij het advies voor de vaststelling van het basisbedrag per categorie productie-installaties. Voor de categorieën productie-installaties die gebruik maken van windenergie wordt in de uiteindelijke beschikking tot subsidieverlening echter de zogenoemde netto P50-waarde vollasturen aangehouden als maximum aantal vollasturen. De netto P50-waarde vollasturen blijkt uit de windenergie-opbrengstberekening, die bij een aanvraag voor subsidie voor windenergie moet worden toegevoegd als onderdeel van de haalbaarheidsstudie.
Voor productie-installaties met een vermogen van meer dan 100 kW moet de windenergie-opbrengstberekening een aantal gegevens bevatten, waaronder de berekening van de P50-waarde voor de netto elektriciteitsproductie op jaarbasis voor de betreffende productie-installatie (artikel 20, tweede lid, onderdeel d, van de SCE). De windenergie-opbrengstberekening moet worden opgesteld door een organisatie met expertise op het gebied van windenergie-opbrengstberekeningen. Bij de windenergie-opbrengstberekening moet voor de windturbinelocatie de windsnelheid worden berekend, waarbij de lokale windgegevens voor de windturbinelocatie worden gehanteerd over een aaneengesloten periode van ten minste tien jaar (artikel 20, derde en vierde lid, van de SCE). Uit de berekeningen volgt de netto P50-waarde vollasturen voor de betreffende productie-installatie. Voor windmolens met een vermogen tot en met 100 kW is het niet nodig om dergelijke berekeningen uit te voeren. Het meesturen van een windenergie-opbrengstberekening van de leverancier van de windmolen volstaat. De P50-waarde vollasturen die daaruit volgt is in die gevallen bepalend voor het maximum aantal vollasturen.
In 2026 is een openstellingsbudget beschikbaar van € 78 miljoen.
Voor het openstellingsbesluit, in samenhang met de parallelle wijzigingsregeling van de SCE, is gekeken naar de regeldruk voor subsidieaanvragers.
In 2026 wordt een toename verwacht van het aantal aanvragen ten opzichte van 2025, maar een afname ten opzichte van het aantal aanvragen dat in 2025 werd verwacht. In 2025 werden 500 aanvragen verwacht, maar zijn 135 aanvragen beschikt, met een totale budgetclaim van ruim 24 miljoen euro (bij een openstellingsbudget van 100 miljoen euro). In 2026 bedraagt het openstellingsbudget 78 miljoen euro. Door enkele wijzigingen die leiden tot een verhoging van het basisbedrag en het loslaten van beperkingen op eigen verbruik voor kleinverbruikers worden in 2026 meer aanvragen verwacht. Er wordt echter geen budgetuitputting verwacht. Voor de berekening van de regeldruk wordt uitgegaan van 200 aanvragen in 2026.
Bij het berekenen van de regeldruk van de SCE in 2026 wordt de regeldruk die is berekend voor de SCE van 2025 als basis genomen. Op basis van de meest recente versie van het Handboek Meting Regeldrukkosten wordt een uurtarief van 17 euro aangenomen. In 2025 is per abuis rekening gehouden met een uurtarief van 18 euro.
Eenmalige regeldrukkosten voor alle subsidieaanvragers
Voorafgaand aan de openstelling van 2025 werd uitgegaan van een aantal aanvragen van 500 en een eenmalige tijdsbesteding van vier uur voor het doen van een SCE-aanvraag (het aanleveren van algemene informatie en het aanleveren van een haalbaarheidsstudie). Bij een uurtarief van 18 euro resulteerde dit in regeldrukkosten van 36.000 euro. In 2026 wordt uitgegaan van 200 aanvragen en een uurtarief van 17 euro. Dit resulteert in een inschatting van de eenmalige regeldrukkosten van 13.600 euro.
Eenmalig voor een deel van de subsidieaanvragers
Voorafgaand aan de openstelling van 2025 werd op basis van 500 aanvragen, een uurtarief van 18 euro en een eenmalige tijdsbesteding van vier uur uitgegaan van eenmalige regeldrukkosten van 29.104 euro. Dit zijn de regeldrukkosten voor het doen van een SCE-aanvraag (het aanleveren van algemene informatie en het aanleveren van een haalbaarheidsstudie).
Nieuw in de openstellingsronde van 2026 is dat het mogelijk is subsidie aan te vragen voor zon-pv op zwakke daken. Hierbij wordt een dakconstructieverklaring vereist. Deze werd al vereist voor alle projecten die aanvragen in de categorie voor grootschalige zon-PV op dak (1 tot en met 6 MWp), maar is dan ook vereist voor projecten in de categorie tot 1 MWp. Ingeschat wordt dat zo’n 10% van de projecten (20 projecten) hierdoor extra regeldrukkosten moeten maken. Het gaat om 120 extra minuten ten opzichte van de ‘eigen verklaring geschiktheid dak’ die aanvragers aan moeten leveren als ze zon op dak tot 1 MW aanvragen. De extra regeldrukkosten die hieruit voortvloeien bedragen 680 euro.
Dit leidt tot een totaal aan eenmalige regeldrukkosten van 13.600 + 680 = 14.280 euro.
Structureel
De toename van structurele administratieve lasten voor subsidieontvangers als gevolg van de nieuwe beschikkingen in de openstellingsronde van 2025 is als volgt. Het gaat hierbij om de verplichting voor coöperaties om de minister jaarlijks op de hoogte te stellen van mutaties in de ledenlijst (naam- en adresgegevens van het nieuwe lid). Dit kost één uur per jaar en deze verplichting rust op ongeveer 75% van de subsidieontvangers. Voor de openstellingsronde in 2026 komt dit bij een uurtarief van 17 euro en 200 beschikkingen met een looptijd van 16 jaar (15 jaar plus een jaar banking) neer op totale structurele regeldrukkosten van 40.800 euro. Voor de inschatting van de regeldrukkosten wordt ervan uitgegaan dat het bankingjaar volledig wordt benut, waardoor het een ruime inschatting betreft.
In de SCE is sinds 2025 een mogelijkheid toegevoegd om de banking na de looptijd van de beschikking uit te breiden met een jaar. Hierdoor is het mogelijk dat de subsidielooptijd wordt verlengd tot maximaal 17 jaar. Deze verlenging geldt alleen voor aanvragen voor zon-pv op een grootverbruikersaansluiting. Naar inschatting betreft het 45% van de aanvragen. De extra regeldruk die hieruit volgt voor dit deel van de aanvragers is 1.530 euro. Voor de inschatting van de regeldrukkosten wordt ervan uitgegaan dat het extra jaar banking volledig wordt benut, wat mogelijk niet realistisch is, waardoor het een ruime inschatting betreft.
De totale structurele regeldruk betreft daarmee 42.330 euro.
Totale regeldruk voor subsidieaanvragers SCE
In totaal bedragen de administratieve lasten 14.280 + 42.330 = 56.610 euro. Het openstellingsbudget in de SCE-ronde van 2026 is 78 miljoen euro. De regeldrukkosten maken 0,07% van het openstellingsbudget uit.
Midden- en kleinbedrijf (MKB)
Het openstellingsbesluit, in samenhang met de SCE, inclusief de wijzigingen daarvan, leidt niet tot substantiële regeldruk voor het MKB en ook niet tot substantiële wijzigingen in de werkprocessen voor het MKB. Daarom is geen MKB-toets uitgevoerd. Voor een individuele MKB-er die deelnemend lid wordt van een coöperatie of die lid is van een VVE is er, net als voor particuliere deelnemende leden aan een coöperatie of voor particuliere VVE-leden, geen sprake van regeldruk.
Het ontwerp van het openstellingsbesluit en de ontwerpwijzigingsregeling van de SCE zijn op 15 december 2025 voor advies voorgelegd aan het Adviescollege Toetsing Regeldruk (ATR). ATR heeft het dossier niet geselecteerd voor een formeel advies, omdat het geen omvangrijke gevolgen voor de regeldruk heeft.
Dit besluit is gemeld aan de Europese Commissie ter voldoening aan artikel 5, eerste lid, van Richtlijn 2015/1535 van het Europees parlement en de Raad van 9 september 2015 betreffende een informatieprocedure op het gebied van technische voorschriften en regels betreffende de diensten van de informatiemaatschappij (codificatie) (PbEU 2015, L 241). Het gaat hier om technische specificaties of andere eisen die verbonden zijn met fiscale of financiële maatregelen. Hiervoor geldt op grond van artikel 7, vierde lid, van de Richtlijn 2015/1335 geen standstill-termijn.
Het openstellingsbesluit treedt in werking met ingang van 1 maart 2026. Hiermee wordt afgeweken van de vaste verandermomenten en de minimuminvoeringstermijn, bedoeld in aanwijzing 4.17, van de Aanwijzingen voor de regelgeving. Dit kan in dit geval worden gerechtvaardigd, omdat de doelgroep op deze wijze de mogelijkheid wordt geboden al snel (vanaf maart 2026) subsidieaanvragen in te dienen en bovendien baat heeft bij een lange openstellingsperiode. De afwijking is dus in het voordeel van potentiële aanvragers. Zo kunnen voorstellen die al klaarliggen snel worden ingediend. Tegelijkertijd blijft er voldoende tijd over voor indieners die na inwerkingtreding van het openstellingsbesluit tijd nodig hebben om hun aanvraag voor te bereiden, omdat tot 1 oktober 2026 subsidieaanvragen kunnen worden ingediend.
De Minister van Klimaat en Groene Groei, S.Th.M. Hermans
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2026-3359.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.