Regeling van de Minister van Economische Zaken en Klimaat van 17 juni 2026, nr. WJZ/106841260, tot wijziging van de Regeling openstelling EZ-, LVVN- en KGG-subsidies 2026 in verband met het openstellen van de subsidiemodules Vroegefasefinanciering en haalbaarheidsstudie, Seed capital technostarters en Eurostarsprojecten

De Minister van Economische Zaken en Klimaat,

Gelet op artikel 16 van het Kaderbesluit nationale EZK- en LNV-subsidies;

Besluit:

ARTIKEL I

De tabel behorende bij artikel 1 van de Regeling openstelling EZ-, LVVN- en KGG-subsidies 2026 wordt als volgt gewijzigd:

1. Aan titel 3.7: Eurostarsprojecten wordt de volgende rij toegevoegd:

 

3.7.2

 

Innovatie (internationaal)

30-06-2026 t/m 28-07-2026

€ 10.506.133

2. Aan titel 3.10: Seed capital technostarters wordt de volgende rij toegevoegd:

 

3.10.2

Startersfondsen

Dual-use tender

03-08-2026 t/m 30-10-2026

€ 11.300.000

3. In de rij met titel 3.16: Vroegefasefinanciering en haalbaarheidsstudie en de artikelen 3.16.2 en 3.16.7 wordt ‘€ 2.250.000’ vervangen door ‘€ 3.000.000’.

4. Aan titel 3.16: Vroegefasefinanciering en haalbaarheidsstudie wordt de volgende rij toegevoegd:

 

3.16.12

Academische innovatieve starter, hbo-innovatieve starter en TO2-innovatieve starter

 

01-07-2026 t/m 01-09-2026

€ 4.950.000

ARTIKEL II

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

's-Gravenhage, 17 juni 2026

De Minister van Economische Zaken en Klimaat, H.G. Herbert

TOELICHTING

1. Doel en aanleiding

Vroegefasefinanciering en haalbaarheidsstudie

Met de subsidiemodule Vroegefasefinanciering en haalbaarheidsstudie (hierna: VFF), opgenomen in titel 3.16 van de Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies (hierna: RNES), kunnen ondernemers een risicodragende geldlening tot € 450.000 afsluiten om de stap van onderzoek (of idee of concept) naar een commercieel product (of proces of dienst) dat geschikt is voor de markt, te onderzoeken. Ook kunnen regionale financiers een subsidie in de vorm van een geldlening aanvragen voor het verstrekken van geldleningen aan MKB-ondernemers of innovatieve starters ten behoeve van de financiering van vernieuwings- of vroegefasetrajecten.

Sinds enige jaren voert de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek, domein Toegepaste en Technische Wetenschappen (hierna: NWO-TTW) namens de Minister van Economische Zaken en Klimaat een deel van de VFF-subsidieregeling uit. De uitvoering van NWO-TTW past in het programma Take-off, waarbij zowel haalbaarheidsstudies (fase 1) als vroegefasetrajecten (fase 2) zijn opgenomen. Het subsidieplafond van de Vroegefasefinanciering (fase 2) bedraagt € 4.950.000 voor het uitgeven van leningen tussen 1 juli 2026 en 1 september 2026.

Daarnaast wordt het subsidieplafond voor het landelijke RVO-luik voor MKB-ondernemers of innovatieve starters verhoogd van € 2,25 miljoen naar € 3 miljoen, om te zorgen dat startups uit regio’s waar momenteel geen actief VFF-fonds is voldoende bediend kunnen worden via het landelijke luik van de VFF.

Seed capital technostarters: dual-use technostarter

Eind 2025 lanceerden het Ministerie van Defensie en het Ministerie van Economische Zaken een tender (de dual-use technostarter tender) voor de vroege fase bij start-ups om belangrijke initiatieven vanuit de industrie kansrijker te maken. Deze tender werd mogelijk gemaakt door een wijziging van de subsidiemodule Seed capital technostarters die in titel 3.10 van de RNES is opgenomen (Stcrt. 2025, 41979). Specifiek voor deze seed-fase bleek namelijk uit recent onderzoek dat er aanbod voor seed-kapitaal bestond, maar dat er voor defensiebedrijven nog significante resterende behoefte was voor financiering voor alle ontwikkelingsfasen, en dat er nog weinig durfkapitaalfondsen waren die zich (mede) richten op de Defensiemarkt. Om dit te adresseren werd van 1 januari 2026 tot en met 31 maart 2026 de module Seed capital technostarters opengesteld specifiek voor dual-use technostarters met een subsidieplafond van € 24 mln. Na 31 maart 2026 resteerde een bedrag van € 11,3 mln. Met deze wijzigingsregeling wordt de subsidiemodule Seed capital technostarters, specifiek voor dual-use technostarters, voor dit bedrag opengesteld voor de periode van 3 augustus tot en met 30 oktober 2026.

Eurostarsprojecten

Eurostars is een programma van het EUREKA netwerk en de Europese Commissie. EUREKA is een intergouvernementeel netwerk van 46 landen en de Europese Unie. De belangrijkste ambitie van EUREKA is het bevorderen van de concurrentiekracht van het MKB en de industrie door technologische R&D samenwerking en innovatie. Eurostars is een internationaal programma dat zich richt op het ondersteunen van internationale R&D-samenwerkingsprojecten door vooral het MKB en is tevens een generiek instrument dat openstaat voor R&D-samenwerkingsprojecten uit alle sectoren.

Met de onderhavige openstelling van de subsidiemodule Eurostarsprojecten wordt het mogelijk gemaakt dat Nederlandse partijen deel kunnen nemen aan Eurostarsprojecten in de tweede helft van het jaar 2027. De subsidiemodule Eurostarsprojecten wordt opengesteld van dinsdag 30 juni 2026 tot en met dinsdag 28 juli 2026. Het subsidieplafond is vastgesteld op € 10.506.133.

De in deze wijzigingsregeling opgenomen openstellingen en wijziging van een subsidieplafond vinden plaats door wijziging van de Regeling openstelling EZ-, LVVN- en KGG-subsidies 2026.

2. Staatssteun

De in deze wijzigingsregeling opgenomen openstellingen en wijziging van een subsidieplafond hebben geen inhoudelijke gevolgen voor de betreffende subsidiemodules en daarmee ook geen gevolgen voor staatssteun.

3. Regeldruk

De openstelling van deze subsidiemodule leidt niet tot een toe- of afname van de regeldruk bij de gebruikers van deze subsidiemodule.

4. Vaste verandermomenten

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. Met de bekendmaking en inwerkingtreding van deze regeling wordt afgeweken van de systematiek van de vaste verandermomenten, inhoudende dat ministeriële regelingen met ingang van de eerste dag van elk kwartaal in werking treden en minimaal twee maanden voordien worden bekendgemaakt. Dat kan in dit geval worden gerechtvaardigd omdat de doelgroep gebaat is bij spoedige inwerkingtreding van deze regeling.

De Minister van Economische Zaken en Klimaat, H.G. Herbert

Naar boven