Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur | Staatscourant 2026, 19891 | algemeen verbindend voorschrift (ministeriële regeling) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur | Staatscourant 2026, 19891 | algemeen verbindend voorschrift (ministeriële regeling) |
De Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur,
Gelet op de artikelen 5, 10, eerste en tweede lid, en 14, derde lid, onderdeel b, van het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007;
Besluit:
De Landbouwkwaliteitsregeling 2007 wordt als volgt gewijzigd:
A
Het opschrift van Hoofdstuk 3 komt te luiden:
B
Na artikel 14 worden in hoofdstuk 3 drie artikelen ingevoegd, luidende:
De voorschriften voor het in de handel brengen of uitvoeren van hop en hopproducten van de gedelegeerde verordening hop en hopproducten en de uitvoeringsverordening hop en hopproducten, bedoeld in artikel 5 van het Landbouwkwaliteitsbesluit, zijn de artikelen 4 tot en met 8 van de gedelegeerde verordening hop en hopproducten en de artikelen 2, eerste lid, tweede lid, derde volzin, derde lid, vierde lid en zevende lid, 3 tot en met 6, 8, eerste lid en derde lid, 9, eerste lid, tweede lid en derde lid, tweede volzin, van de uitvoeringsverordening hop en hopproducten.
De Stichting KCB is belast met:
a. het uitvoeren van controles in overeenstemming met artikel 77, tweede lid, van verordening (EU) 1308/2013 en de artikelen 7, 8 en 11 en bijlage IV van de uitvoeringsverordening hop en hopproducten;
b. het afgeven van certificaten als bedoeld in artikel 77, tweede en derde lid, van verordening (EU) nr. 1308/2013;
c. het erkennen van de bevoegde certificeringscentra, bedoeld in artikel 11, eerste lid, van de uitvoeringsverordening hop en hopproducten, en de intrekking van die erkenning, bedoeld in artikel 12, eerste lid, van de uitvoeringsverordening hop en hopproducten;
d. het registreren van de informatie en de documenten, bedoeld in de artikelen 9, eerste lid, en 13 van de uitvoeringsverordening hop en hopproducten, en artikel 6, eerste en tweede lid, van de gedelegeerde verordening hop en hopproducten;
e. het doen van meldingen als bedoeld in artikel 14, van de uitvoeringsverordening hop en hopproducten;
f. in het geval van mogelijk frauduleuze of bedrieglijke praktijken, het ondernemen van gepaste acties overeenkomstig verordening (EU) 2017/625;
g. overige taken die noodzakelijk zijn voor een goede uitvoering van de gedelegeerde verordening hop en hopproducten en de uitvoeringsverordening hop en hopproducten.
Onder adequate voorzieningen als bedoeld in artikel 11, eerste lid, van de uitvoeringsverordening hop en hopproducten waarover certificeringscentra moeten beschikken, voor zover zij de beoordeling op minimumeisen, bedoeld in bijlage I van de gedelegeerde verordening hop en hopproducten, zelf uitvoeren, wordt verstaan:
a. de apparatuur genoemd in bijlage IV, deel B, onderdeel 1, of een voorziening genoemd in bijlage IV, deel B, onderdeel 2, van de uitvoeringsverordening hop en hopproducten;
b. de voorzieningen genoemd in bijlage IV, deel C, onderdelen 1 en 2, van de uitvoeringsverordening hop en hopproducten.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
's-Gravenhage, 3 juni 2026
De Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, S.P.A. Erkens
In het Besluit van 19 maart 2026, houdende wijziging van het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 inzake de certificering van hop en hopproducten en het aanwijzen van een bevoegde autoriteit voor die certificering1 is uitvoering gegeven aan de certificeringsverplichting voor hop en hopproducten zoals bedoeld in artikel 10, eerste lid, van de uitvoeringsverordening (EU) 2024/601 (hierna: uitvoeringsverordening hop en hopproducten).2 In artikel 5 van het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 (hierna: het besluit) is het verbod opgenomen om hop en hopproducten in de handel te brengen of uit te voeren indien niet is voldaan aan de eisen omtrent certificering. De stichting Kwaliteits-Controle-Bureau (hierna: KCB) is in artikel 14 van het besluit aangewezen als certificeringsinstantie en controle-instelling. Met onderhavige regeling worden nadere regels opgenomen ter uitvoering en handhaving van de certificering van hop en hopproducten. Het betreffen voorschriften ten aanzien van de certificering van hop en hopproducten, de uitvoerings-en controletaken waarmee het KCB is belast en een omschrijving van adequate voorzieningen die certificeringscentra moeten hebben.
In de bijlage bij deze toelichting is een transponeringstabel opgenomen.
Hop en hopproducten worden in Nederland door telers verbouwd en vervaardigd voor zowel hobbymatig gebruik alsook voor commerciële handel voor met name bierbrouwerijen. Om deze producten in de handel te kunnen brengen is een kwaliteitsbeleid met minimumvereisten van toepassing gebaseerd op de artikelen 75 en 77 van verordening (EU) 1308/20133, de uitvoeringsverordening hop en hopproducten en de gedelegeerde verordening (EU) 2024/602 (hierna: de gedelegeerde verordening hop en hopproducten).4 Het betreft onder meer de afgifte van certificaten.
Artikel 5 van het besluit schrijft voor dat hop en hopproducten slechts in de handel kunnen worden gebracht of uitgevoerd indien voldaan is aan voorwaarden daartoe, waaronder voorschriften uit de uitvoeringsverordening- en gedelegeerde verordening hop en hopproducten die bij ministeriële regeling worden aangewezen. Het gaat onder meer om voorschriften met betrekking tot de certificering, de aanwezigheid van certificaten bij de hop en hopproducten en de markering en verzegeling van de verpakkingen.
Het kwaliteitsbeleid is niet van toepassing op alle gevallen waarin hop wordt geproduceerd of in de handel wordt gebracht. De gedelegeerde verordening hop en hopproducten wijst in artikel 5 een aantal gevallen aan waarbij het niet is vereist dat de hop wordt gecertificeerd. Het gaat voornamelijk om hop dat wordt geteeld op land dat eigendom is van een brouwerij of die op contractbasis voor een brouwerij is geteeld en wordt verwerkt. In de overwegingen bij de gedelegeerde verordening hop en hopproducten staat dat de vrijstellingen zijn opgenomen omdat brouwerijen veel aandacht besteden aan de kwaliteit van de bij het brouwerijproces gebruikte hop en hierbij de kwaliteitsbeoordeling zelf in de hand hebben. Een aanvullende verplichte officiële certificering zou geen toegevoegde waarden hebben en tot extra kosten en onnodige administratieve lasten leiden. Wel moeten de betreffende brouwerijen jaarlijks een oogstaangifte doorgeven aan de certificeringsinstantie en moet bij de eventuele verwerking van deze hop de certificeringsinstantie vooraf worden geïnformeerd (artikel 6 van de gedelegeerde verordening hop en hopproducten), om te waarborgen dat de betrokken producten uitsluitend bestemd zijn voor gebruik door de betrokken brouwerij. Het KCB richt daartoe een IT-registratiesysteem in, waarin brouwerijen deze informatie kunnen doorgegeven. Daarmee kan het KCB als certificeringsinstantie enig toezicht garanderen dat deze hop niet in de handel wordt gebracht.
Tot slot bestaat er ook een uitzondering voor het verkopen van hop en hopproducten aan particulieren wanneer het is bedoeld voor eigen gebruik (met een maximum van 5kg voor hopbellen). Ook over deze vrijstellingen staat in de overwegingen bij de gedelegeerde verordening hop en hopproducten dat ze zijn opgenomen om onnodige administratieve lasten en regeldruk te voorkomen.
De uitvoeringsverordening hop en hopproducten (artikel 10, eerste lid) voorziet in de mogelijkheid dat het KCB als certificeringsinstantie private certificeringscentra erkent. Een certificeringscentrum wordt in dat geval door het KCB gemachtigd om hop en hopproducten zelfstandig te certificeren. Op dit moment bestaan nog geen certificeringscentra in Nederland en zijn deze vooralsnog niet voorzien. Gezien de beperkte omvang van de hopsector in Nederland, is wel de mogelijkheid daartoe opgenomen in deze regeling mocht dit, via een ingroeimodel van de sector, opportuun zijn in de toekomst. Het KCB houdt in dat geval toezicht op de certificeringscentra om te beoordelen dat zij voldoende toegerust zijn om de taken met betrekking tot analyses adequaat uit te voeren, zoals de beschikbaarheid van voorzieningen voor het nemen van monsters, apparatuur voor analysetaken zoals weegschaal, droogstoof en zeven en het vervullen van statische en registratietaken. Hierbij wordt aangesloten bij de voorzieningen die zijn voorgeschreven bij de methodes voor de verificatie van de minimumkwaliteitscriteria door de bevoegde certificeringsinstantie zelf.
De regels voortkomende uit deze specifieke regeling levert geen nieuwe regeldruk op naast hetgeen al voortkomt uit de verplichting tot certificering in het in de inleiding aangehaalde wijzigingsbesluit.
Adviescollege toetsing regeldruk
De regeling is ter advisering voorgelegd aan het ATR. De regeldruk is voldoende in kaart gebracht, ATR heeft het dossier niet geselecteerd voor een formeel advies omdat het geen significante gevolgen voorziet voor de regeldruk.
Voor de uitvoering van de regelgeving is praktijkinformatie opgehaald in onze buurlanden België en Duitsland. Hiermee kon worden gekomen tot een passende, en proportionele certificeringsprocedure voor Nederland, waarin bij de uitvoering van de certificering proportioneel en risicogericht te werk wordt gegaan. De aard van de taken en werkzaamheden voor Stichting KCB als Nederlands certificerende instantie zijn in kaart gebracht, de benodigde administratie/registratie, werkprocessen en mogelijke kosten daarmee samen hangen. Dit is in afspraken tussen LVVN en KCB vastgelegd.
Voor de uitvoering van de certificeringsprocedure is intensief samen gewerkt met Stichting KCB en tevens overleg gevoerd met telers en vertegenwoordigers uit de Nederlands hopsector. Daartoe zijn tweemaal bijeenkomsten georganiseerd met telers/verwerkers die potentieel interesse hebben in de certificering van hop en hopproducten en is een studiebezoek gebracht aan een Nederlandse hopteler en -verwerker om inzichten vanuit de praktijk op te doen. Voorts heeft KCB als certificerende instantie nader geconsulteerd met telers/verwerkers om de certificeringswerkzaamheden en bijbehorende IT-systemen zo goed mogelijk aan te laten sluiten bij de uitvoeringspraktijk van de teelt, oogst en verwerking van hop.
Er is van internetconsultatie afgezien omdat er gesprekken plaatsgevonden hebben met de sector en internetconsultatie optioneel is bij implementatie van EU-regelgeving. Internetconsultatie zou hier niet in betekende mate kunnen leiden tot aanpassing van de regeling.
Deze regeling treedt in werking op 1 juli 2026, tegelijkertijd met het Besluit van 19 maart 2026, houdende wijziging van het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 inzake de certificering van hop en hopproducten en het aanwijzen van een bevoegde autoriteit voor die certificering5. Hierbij wordt afgeweken van het beleid met betrekking tot de minimuminvoeringstermijnen. Dit is gerechtvaardigd omdat de wijzigingen beperkt zijn tot zuivere uitvoering van Europese verordeningen. Daarmee is een uitzondering op de systematiek van vaste verandermomenten gerechtvaardigd ingevolge aanwijzing 4.17, vijfde lid, onderdeel d, van de Aanwijzingen voor de regelgeving.
In dit onderdeel wordt het opschrift van het hoofdstuk aangepast. Voorheen stonden in hoofdstuk 3 bepalingen over het in de handel brengen van vlees van pluimvee. Deze bepalingen zijn in 2012 verplaatst naar de Regeling dierlijke producten. Het vrijgevallen hoofdstuk wordt in gebruik genomen voor de handelsnormen hop en hopproducten.
In artikel 15 wordt een opsomming gegeven van de artikelen waarin de voorwaarden staan waaronder hop en hopproducten in de handel gebracht mogen worden of worden uitgevoerd op grond van artikel 5 van het besluit. Het gaat onder meer om voorschriften met betrekking tot de wijze van certificering, de inhoud van de certificaten bij de hop en hopproducten en de markering en verzegeling van de verpakkingen. Ook zijn er bijzondere bepalingen voor brouwerijen en bepalingen die zien op het opdelen en mengen van partijen hop en hopproducten.
In artikel 15 is ook artikel 5 van de gedelegeerde verordening hop en hopproducten opgenomen. Indien een teler of verwerker aan de voorwaarden van dat artikel voldoet dan geldt op basis van de gedelegeerde verordening hop en hopproducten de certificeringsplicht uit artikel 4 van die gedelegeerde verordening niet. Het gaat om hop dat op contractbasis is geteeld voor een brouwerij of op land is geteeld dat eigendom is van de brouwerij. Als hopproducten onder contract voor rekening van een brouwerij zijn verwerkt en ook door die brouwerij worden gebruikt, kan eveneens een beroep gedaan worden op de vrijstelling. Tenslotte geldt een vrijstelling voor hop en hopproducten bestemd voor de verkoop aan particulieren voor eigen gebruik in kleine verpakkingen van niet meer dan 5 kg voor hopbellen, hopmeel en hopkorrels, en van niet meer dan 1 kg voor hopextract of geïsomeriseerde hopproducten. Op de verpakking moet een beschrijving van het product en het gewicht ervan zijn vermeld.
De specifieke artikelen uit de gedelegeerde verordening- en de uitvoeringsverordening hop en hopproducten die onder artikel 5 van het besluit vallen, zijn opgenomen in deze regeling omdat in geval van een wijziging van de gedelegeerde verordening- of de uitvoeringsverordening hop en hopproducten, niet het besluit gewijzigd hoeft te worden, maar alleen de regeling. Nu de Nederlandse wetgever minder ruimte heeft voor het maken van keuzes van beleidsinhoudelijke aard gelet op het feit dat er sprake is van implementatie van Europese regelgeving, is het gepast dat de specifieke artikelen in een ministeriële regeling worden genoemd.
Artikel 16 omschrijft de taken waarmee het KCB is belast. Het betreft een uitwerking van artikel 14, derde lid, onderdeel b, van het besluit. In de eerste plaats is het KCB belast met de controles of de niet-bereide hop voldoet aan de voor het in de handel brengen gestelde minimumeisen en de controle van erkende certificeringscentra. Vervolgens is het KCB ook belast met het afgeven van certificaten waarbij de inhoud van de certificaten in overeenstemming is met artikel 4 van de uitvoeringsverordening hop en hopproducten. Onderdelen van het certificaat voor hopbellen zijn onder andere de beschrijving van het product, het productiegebied, het ras en het oogstjaar. De certificaten voor hopproducten bevatten ook nog de plaats en datum van verwerking.
Daarnaast is het KCB belast met het erkennen van bevoegde certificeringscentra en het intrekken van die erkenning bij misstanden (artikelen 11, eerste lid en 12, tweede lid, van de uitvoeringsverordening hop en hopproducten). Van misstanden is sprake als aan het certificeringscentrum kan worden toegerekend dat bij de bereiding van hopproducten niet-toegestane stoffen zijn gebruikt of dat de gebruikte stoffen niet overeenkomen met de certificaten (artikel 12, eerste lid, tweede volzin, van de uitvoeringsverordening hop en hopproducten). Het kan ook gaan om het niet voldoen aan de verplichtingen met betrekking tot de meldingsplichten (artikel 13 van de uitvoeringsverordening hop en hopproducten).
Vervolgens is het KCB belast met het registreren van informatie en documenten uit de verordeningen. Hopverwerkende bedrijven moeten de certificeringsinstantie alle informatie verstrekken over de technische opzet van de verwerkingsinstallaties en de maatregelen die genomen zijn om te voldoen aan de minimumkwaliteitseisen voor hop en hopproducten (artikel 9, eerste lid, van de uitvoeringsverordening hop en hop producten). Indien er in de toekomst erkende certificeringscentra komen, moet het KCB de door het certificeringscentra afgegeven certificaten registreren (artikel 13 van de uitvoeringsverordening hop en hopproducten). Daarnaast moet het KCB de informatie registeren die brouwerijen aan hen verstrekken. Het gaat om de oogstaangiften en de informatie met betrekking tot de verwerking van de hop (artikel 6, eerste en tweede lid, van de gedelegeerde verordening hop en hopproducten).
Tevens is het KCB belast met de meldingen die jaarlijks aan de Europese Commissie verstrekt moeten worden (artikel 14, van de uitvoeringsverordening hop en hopproducten). Het gaat om de lijst van productiegebieden voor hop in Nederland, de gegevens van de bevoegde certificeringsinstantie (KCB) en een lijst en code van de erkende certificeringscentra.
Ook moet het KCB bij mogelijke frauduleuze of bedrieglijke praktijken gepaste acties ondernemen. De verordening (EU) 2017/625 die de kaders biedt voor officiële controles op processen in de levensmiddelenketen, is in beginsel niet van toepassing op de officiële controles op de naleving van de handelsnormen hop en hopproducten (artikel 1, vierde lid, onderdeel a van die verordening). De uitzondering op dat beginsel is als er bij de controles blijkt dat er mogelijke frauduleuze of bedrieglijke praktijken worden vastgesteld, dan is de verordening (EU) 2017/625 wel van toepassing. Wanneer daar sprake van is dan moeten er gepaste acties worden ondernomen die staan beschreven in artikel 138 van die verordening.
Ten slotte is het KCB belast met alle overige werkzaamheden die noodzakelijk zijn voor een goede uitvoering van de gedelegeerde verordening- en de uitvoeringsverordening hop en hopproducten.
In artikel 16a wordt omschreven wat onder adequate voorzieningen wordt verstaan. Zoals hierboven omschreven bij de toelichting op het nieuwe artikel 16, kan het KCB certificeringscentra erkennen. Het KCB moet op grond van artikel 11, eerste lid, van de uitvoeringsverordening hop en hopproducten erop toezien dat de certificeringscentra beschikken over adequate voorzieningen voor het nemen van monsters en om de nodige analytische taken, statistische taken en registratietaken uit te voeren. In de gedelegeerde verordening- en de uitvoeringsverordening hop en hopproducten wordt niet gespecificeerd wat wordt verstaan onder adequate voorzieningen, daarom wordt die invulling gegeven in artikel 16a van deze regeling. Voor de uitleg van adequate voorzieningen wordt aangesloten bij de voorzieningen die zijn voorgeschreven bij de methodes voor de verificatie van de minimumkwaliteitscriteria door de bevoegde certificeringsinstantie (artikel 7, eerste en tweede lid, van de uitvoeringsverordening hop en hopproducten). Voor de methodes om vochtgehaltes te berekenen worden in de uitvoeringsverordening twee opties gegeven met verschillende benodigde apparatuur, die opties worden overgenomen in artikel 16a, onderdeel a. Voor het vaststellen van het gehalte aan vreemde bestanddelen geeft de verordening een specifieke handelwijze met benodigde materialen. Die voorzieningen worden overgenomen in artikel 16a, onderdeel b.
De Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, S.P.A. Erkens
|
Bepaling EU-regelgeving |
Bepaling in implementatie regelgeving of bestaande regelgeving |
Omschrijving beleidsruimte |
Toelichting op de invulling van de beleidsruimte |
|---|---|---|---|
|
Verordening 1308/2013 |
|||
|
Artikel 77, eerste lid (certificering hop) |
Artikel 5 Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 |
||
|
Artikel 77, tweede lid (certificering hop) |
Artikel 5 Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 |
||
|
Artikel 77, derde lid (certificering hop) |
Artikel 17, onderdeel b, Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 77, vierde lid (certificering hop) |
Artikel 5 Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 |
||
|
Artikel 77, vijfde lid (certificering hop) |
Behoeft uit de aard van deze bepaling geen implementatie |
||
|
Verordening 2024/601 |
|||
|
Artikel 1 (verwijzing definities) |
Behoeft uit de aard van deze bepaling geen implementatie |
||
|
Artikel 2, eerste lid (certificeringsprocedure) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 2, tweede lid (certificeringsprocedure) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 2, derde lid (certificeringsprocedure) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 2, vierde lid (certificeringsprocedure) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 2, vijfde lid (certificeringsprocedure) |
Artikel 11 Landbouwkwaliteitswet en de artikelen 26a tot en met 26c van de Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 2, zesde lid (certificeringsprocedure) |
Behoeft uit de aard van deze bepaling geen implementatie |
||
|
Artikel 2, zevende lid (certificeringsprocedure) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 3, eerste lid (markering en verzegeling) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 3, tweede lid (markering en verzegeling) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 3, derde lid (markering en verzegeling) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 4, eerste lid (certificaat) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 4, tweede lid (certificaat) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 4, derde lid (certificaat) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 4, vierde lid (certificaat) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 4, vijfde lid (certificaat) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 4, zesde lid (certificaat) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 5, eerste lid (gemeenschappelijke certificeringseisen) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 5, tweede lid (gemeenschappelijke certificeringseisen) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 5, derde lid (gemeenschappelijke certificeringseisen) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 6, eerste lid (niet-bereide hop) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 6, tweede lid (niet-bereide hop) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 6, derde lid (niet-bereide hop) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 7, eerste lid (niet-bereide hop) |
Behoeft uit de aard van deze bepaling geen implementatie |
||
|
Artikel 7, tweede lid (niet-bereide hop) |
Behoeft uit de aard van deze bepaling geen implementatie |
||
|
Artikel 7, derde lid (niet-bereide hop) |
Behoeft uit de aard van deze bepaling geen implementatie |
||
|
Artikel 8, eerste lid (waarborgen tijdens productie) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling |
||
|
Artikel 8, tweede lid (waarborgen tijdens productie) |
Behoeft uit de aard van deze bepaling geen implementatie |
||
|
Artikel 8, derde lid (waarborgen tijdens productie) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 9, eerste lid (informatie en registratie) |
Artikelen 15 en 16, onderdeel d, Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 9, tweede lid (informatie en registratie) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 9, derde lid (informatie en registratie) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 10, eerste lid (certificeringsinstantie) |
Artikel 14, derde lid, Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 |
||
|
Artikel 10, tweede lid (certificeringsinstantie) |
Behoeft uit de aard van deze bepaling geen implementatie |
||
|
Artikel 11, eerste lid (certificeringscentra) |
Artikelen 16, onderdeel c, en 16a Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 11, tweede lid (certificeringscentra) |
Behoeft uit de aard van deze bepaling geen implementatie |
||
|
Artikel 12, eerste lid (intrekking erkenning) |
Artikel 16, onderdeel c, Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 12, tweede lid (intrekking erkenning) |
Behoeft uit de aard van deze bepaling geen implementatie |
||
|
Artikel 13 (meldingen) |
Artikel 16, onderdeel d, Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 14, eerste lid (meldingen aan Commissie) |
Behoeft uit de aard van deze bepaling geen implementatie |
||
|
Artikel 14, tweede lid (meldingen aan Commissie) |
Behoeft uit de aard van deze bepaling geen implementatie |
||
|
Artikel 14, derde lid (meldingen aan Commissie) |
Behoeft uit de aard van deze bepaling geen implementatie |
||
|
Artikel 15 (publicatie lijsten) |
Behoeft uit de aard van deze bepaling geen implementatie |
||
|
Artikel 16 (inwerkingtreding) |
Behoeft uit de aard van deze bepaling geen implementatie |
||
|
Bijlage I (hoort bij artikel 3) |
Artikel 16 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Bijlage II (hoort bij artikel 4) |
Artikel 16 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Bijlage III (hoort bij artikel 4) |
Artikel 16 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Bijlage IV (hoort bij artikel 7) |
Behoeft uit de aard van deze bepaling geen implementatie |
||
|
Verordening 2024/602 |
|||
|
Artikel 1 (onderwerp) |
Behoeft uit de aard van deze bepaling geen implementatie |
||
|
Artikel 2 (toepassingsgebied) |
Behoeft uit de aard van deze bepaling geen implementatie |
||
|
Artikel 3 (definities) |
Artikel 1 Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 |
||
|
Artikel 4 (in de handel brengen) |
Artikel 5 Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 en artikel 16 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 5 (vrijstellingen) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 6, eerste lid (brouwerijen) |
Artikelen 16 en 16a, onderdeel e, Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 6, tweede lid (brouwerijen) |
Artikelen 16 en 16a, onderdeel e, Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 6, derde lid (brouwerijen) |
Artikel 16 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 6, vierde lid (brouwerijen) |
Artikel 16 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 7, eerste lid (opdeling partijen hop) |
Artikel 16 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 7, tweede lid (opdeling van partijen) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 8, eerste lid (mengen van partijen) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 8, tweede lid (mengen van partijen) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 8, derde lid (mengen van partijen) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Artikel 9 (intrekking oude regelgeving) |
Behoeft uit de aard van deze bepaling geen implementatie |
||
|
Artikel 10 (inwerkingtreding) |
Behoeft uit de aard van deze bepaling geen implementatie |
||
|
Bijlage I (minimumeisen hopbellen, hoort bij artikel 8) |
Artikel 15 Landbouwkwaliteitsregeling 2007 |
||
|
Bijlage II (concordantietabel) |
Behoeft uit de aard van deze bepaling geen implementatie |
||
Uitvoeringsverordening (EU) 2024/601 van de Commissie van 14 december 2023 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen voor Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de certificering van hop en hopproducten en daarmee samenhangende controles.
Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 tot vaststelling van een gemeenschappelijke ordening van de markten voor landbouwproducten en tot intrekking van de Verordeningen (EEG) nr. 922/72, (EEG) nr. 234/79, (EG) nr. 1037/2001 en (EG) nr. 1234/2007 van de Raad (PbEU 2013, L 347).
Gedelegeerde verordening (EU) 2024/602 van de commissie van 14 december 2023 tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de handelsnormen in de hopsector, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1850/2006 van de Commissie.
Uitvoeringsverordening (EU) 2024/601 van de Commissie van 14 december 2023 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen voor Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de certificering van hop en hopproducten en daarmee samenhangende controles.
Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 tot vaststelling van een gemeenschappelijke ordening van de markten voor landbouwproducten en tot intrekking van de Verordeningen (EEG) nr. 922/72, (EEG) nr. 234/79, (EG) nr. 1037/2001 en (EG) nr. 1234/2007 van de Raad (PbEU 2013, L 347).
Gedelegeerde verordening (EU) 2024/602 van de commissie van 14 december 2023 tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de handelsnormen in de hopsector, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1850/2006 van de Commissie.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2026-19891.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.