Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Autoriteit Consument en Markt | Staatscourant 2025, 41829 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Autoriteit Consument en Markt | Staatscourant 2025, 41829 | beleidsregel |
De Autoriteit Consument en Markt,
Gelet op de artikel 3.121, eerste lid, van de Energiewet en artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht,
Besluit:
In deze richtsnoeren wordt verstaan onder:
de Autoriteit Consument en Markt, genoemd in artikel 2, eerste lid, van de Instellingwet Autoriteit Consument en Markt;
de door ACM goedgekeurde methoden of voorwaarden op grond van artikel 3.121, eerste lid, van de Energiewet;
een voorstel voor of aanvulling of wijziging van methoden of voorwaarden van de gezamenlijke systeembeheerders als bedoeld in artikel 3:120, eerste lid, van de Energiewet.
1. Naar het oordeel van ACM bevat een codevoorstel voldoende informatie om in behandeling genomen te worden, indien uit het codevoorstel gemotiveerd en afdoende blijkt:
a. op welke wijze het codevoorstel rekening houdt met belangen genoemd in artikel 3.121, eerste lid, van de Energiewet,
b. met welke representatieve organisaties overleg heeft plaatsgevonden over het codevoorstel,
c. welke representatieve organisaties op het codevoorstel hebben gereageerd,
d. wat de inhoud is van de onder c bedoelde reacties en op welke onderdelen van de code deze reacties betrekking hebben,
e. welke gevolgtrekkingen verbonden zijn aan de reacties die de representatieve organisaties naar voren hebben gebracht en welke overwegingen tot deze gevolgtrekkingen hebben geleid. Indien geen gevolgtrekkingen worden verbonden aan een reactie van een representatieve organisatie, wordt dit in het codevoorstel gemotiveerd,
f. welke onderdelen van de code met het codevoorstel worden gewijzigd,
g. wat de aanleiding is van de indiening van het codevoorstel en wat de redenen zijn die het voorstel noodzakelijk maken. Hieronder valt tevens een volledige beschrijving van de eventuele voorgeschiedenis die heeft geleid tot het voorstel,
h. wat de doelstellingen zijn die met het codevoorstel worden nagestreefd en op welke wijze het codevoorstel bijdraagt aan het verwezenlijken van die doelstellingen,
i. welke alternatieven mogelijk zijn en welke afweging is gemaakt bij de keuze tussen de alternatieven,
j. welke effecten het codevoorstel heeft voor afnemers, systeembeheerders en andere belanghebbenden,
k. of, en zo ja welke samenhang bestaat met andere (voorstellen voor) codes en Europese netcodes.
2. Indien ACM van oordeel is dat het codevoorstel onvoldoende informatie bevat, genoemd in het eerste lid, kan zij op grond van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht besluiten een codevoorstel niet in behandeling te nemen. Het besluit tot het niet behandelen van een codevoorstel gebeurt niet voordat de indiener van het codevoorstel de gelegenheid heeft gehad het codevoorstel binnen een door ACM gestelde termijn aan te vullen.
Dit besluit wordt aangehaald als: ACM beleidsregel indiening codevoorstel voor gas en elektriciteit.
De Richtsnoeren Indiening codevoorstel (Staatscourant 2014, 28360) wordt ingetrokken.
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Den Haag, 27 november 2025
De Autoriteit Consument en Markt, M.R. Leijten bestuurslid
Deze beleidsregel is een technische omzetting van de beleidsregel ‘Richtsnoeren Indiening codevoorstel’ die gebaseerd waren op de Gaswet en de Elektriciteitswet. Deze wetten zijn op 1 januari 2026 vervangen door de Energiewet. Deze beleidsregel is inhoudelijk niet gewijzigd ten opzichte van zijn voorganger. Alleen is hij aangepast aan de terminologie van de Energiewet. Tevens is de mogelijkheid om een zienswijze op te vragen bij de NEDU vervallen, nu de Energiewet deze geen rol meer geeft in het besluitvormingsproces van de codes.
Met deze beleidsregels wordt beoogd om heldere kwaliteitseisen te stellen aan voorstellen voor of wijziging van tariefstructuren en voorwaarden (hierna: codes). Dit acht de Autoriteit Consument en Markt (hierna: ACM) wenselijk gezien het bijzondere karakter van codes. Netbeheerders en marktpartijen dienen zich te houden aan de codes. Tegen de goedkeuring en wijziging van codes door ACM kunnen belanghebbenden bezwaar en beroep instellen.
Gebleken is dat het proces van totstandkoming van de codes, door de complexiteit van de materie en de veelal aanwezige belangentegenstellingen, af en toe een langdurig en moeizaam proces is. Met een hogere kwaliteit en breder gedragen codevoorstellen is de verwachting dat dit proces kan worden verkort en minder vaak zal leiden tot juridische procedures. Dit zal leiden tot meer rechtszekerheid en duidelijkheid voor de partijen op de energiemarkt.
De gezamenlijke netbeheerders voeren overleg met representatieve organisaties van partijen op de energiemarkt over het codevoorstel. Ten behoeve van een goede besluitvorming is het van belang dat eventueel bestaande belangentegenstellingen met betrekking tot een codevoorstel duidelijk uit dit voorstel blijken. In het codevoorstel dient derhalve te worden aangegeven welke reacties door de representatieve organisaties naar voren zijn gebracht en welke gevolgtrekkingen de gezamenlijke netbeheerders aan deze reacties hebben verbonden. Daarnaast worden er meer eisen gesteld aan de motivering van de codevoorstellen, zodat ACM beter in staat is de codevoorstellen te beoordelen, voordat deze worden vastgesteld.
Het codevoorstel is een aanvraag als bedoeld in artikel 1:3, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht. ACM acht een codevoorstel afdoende om in behandeling te kunnen nemen, indien de gezamenlijke netbeheerders in het codevoorstel de informatie hebben verschaft die is opgenomen in het eerste lid van dit artikel, zodat ACM een zorgvuldige en afgewogen beslissing kan nemen op het codevoorstel.
In artikel 2, eerste lid, onder c, d en e, van deze beleidsregel wordt gesproken over ‘reacties. In de Gaswet en energiewet werd gesproken over zienswijzen. Dit kon echter tot verwarring leiden met het begrip ‘zienswijzen’ als bedoeld in artikel 3:15 van de Algemene wet bestuursrecht. In de Energiewet wordt bij codes niet gesproken over ‘zienswijzen’ en daarom gebruikt de ACM voortaan de term ‘reacties’. Hiermee wordt echter hetzelfde bedoeld.
In artikel 2, eerste lid, onder d en f, wordt gesproken over ‘onderdelen’ van de codes. Hiermee is bedoeld dat zo specifiek mogelijk moet worden aangeven welke code, paragraaf en artikel het betreft.
ACM toetst of de codevoorstellen voldoen aan de laatste versie van de Aanwijzingen voor de regelgeving (Regeling van de Minister-President, Minister van Algemene Zaken van 20 juni 2024, nr. 3815813, houdende vaststelling van de twaalfde wijziging van de Aanwijzingen voor de regelgeving, hierna: de Aanwijzingen). Hoewel de Aanwijzingen betrekking hebben op regelingen die onder ministeriële verantwoordelijkheid tot stand komen, acht ACM het van belang om bij het beoordelen van codevoorstellen rekening te houden met de Aanwijzingen. ACM is een zelfstandig bestuursorgaan en uit de toelichting bij de Aanwijzingen volgt dat dergelijke bestuursorganen die regelingen opstellen rekening houden met de Aanwijzingen. Hierbij wordt vooral gedacht aan hoofdstuk 2 en hoofdstuk 3 van de Aanwijzingen. Zo wordt in hoofdstuk 2 beschreven welke stappen worden gezet voordat tot het treffen van een regeling besloten wordt en moet een regel zo zijn geformuleerd dat deze handhaafbaar is. In hoofdstuk 3 zijn aanwijzingen opgenomen met betrekking tot de vormgeving van een regeling. Hieruit blijkt onder meer dat in een codewijzigingsvoorstel bepalingen zo beknopt mogelijk geformuleerd worden (Aanwijzing 3.1) en dat woorden waarvan de betekenis te weinig bepaald of onduidelijk is, niet worden gebruikt (Aanwijzing 3.3). Ook is bepaald dat hetzelfde begrip niet met verschillende termen wordt aangeduid en dezelfde term niet voor verschillende begrippen wordt gebruikt (Aanwijzing 3.7). Verder dat voor meeteenheden de wettelijk vastgestelde aanduidingen worden gebruikt en termen die een te weinig bepaalde of een van het spraakgebruik afwijkende betekenis hebben, worden gedefinieerd. Ook wordt in hoofdstuk 3 aandacht besteed aan de indeling van een regeling. Zo wordt een lid niet verdeeld in alinea’s (Aanwijzing 3.58).
Indien ACM van oordeel is dat bijvoorbeeld een bepaling uit een codevoorstel onduidelijk is geformuleerd (Aanwijzing 3.3), kan dit strijdigheid opleveren met een of meerdere belangen genoemd in artikel 3.121, eerste lid, van de Energiewet. Zo kan bijvoorbeeld een onduidelijk geformuleerde bepaling in strijd zijn met het belang van de bevordering van het doelmatig handelen van onder meer netgebruikers, als bedoeld in artikel 3.121, eerste lid, onderdeel d, van de Energiewet. ACM zal in een dergelijk geval een wijzigingsopdracht geven, waarmee het codevoorstel moet worden aangepast en de strijdigheid wordt opgeheven.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2025-41829.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.