De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
Gelet op de artikelen 10:3 en 10:4 van de Algemene wet bestuursrecht;
Besluit:
Artikel 1. Mandaatverlening
Aan de inspecteur-generaal van het onderwijs wordt mandaat verleend om besluiten te
nemen als bedoeld in:
-
a. artikel 6a.1.3 van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
-
b. artikel 6a.2.1, derde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
-
c. artikel 6.2.2, vierde en vijfde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs BES;
en
-
d. artikel 6.2.2a, derde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs BES.
Artikel 2. Ondermandatering
Artikel 11 van het Organisatie- en mandaatbesluit OCW 2008 is op het in artikel 1
bedoelde mandaat van overeenkomstige toepassing. Voorts wordt aan de inspecteur-generaal
van het onderwijs mandaat verleend te beslissen op een tegen een besluit als bedoeld
in artikel 1 ingediend bezwaarschrift, overeenkomstig het bepaalde in artikel 7, vierde
lid, aanhef en onder f, van het Organisatie- en mandaatbesluit OCW 2008.
Artikel 3. Inwerkingtreding
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de
Staatscourant waarin het wordt geplaatst.
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
R.H. Dijkgraaf
TOELICHTING
Uit artikel 3, tweede lid, onderdeel d, van de Wet op het onderwijstoezicht (hierna:
Wot) volgt dat de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap de Inspectie van het
Onderwijs (hierna: inspectie) mandaat kan verlenen om de in de WEB genoemde ontnemings-
en waarschuwingsbesluiten ten aanzien van beroepsopleidingen te nemen. Per abuis is
deze mogelijkheid er niet voor de in de WEB genoemde ontnemings- en waarschuwingsbesluiten
ten aanzien van de opleidingen educatie. Het is de bedoeling deze omissie te herstellen
met het Wetsvoorstel verbetering aansluiting beroepsonderwijs-arbeidsmarkt.1
Het is echter wenselijk dat de inspectie ook voorafgaand aan de inwerkingtreding van
genoemd wetsvoorstel waarschuwingen ten aanzien van opleidingen educatie kan geven.
Daarom wordt met dit besluit mandaat aan de inspecteur-generaal van het onderwijs
verstrekt om waarschuwingsbesluiten te nemen als bedoeld in de artikelen 6a.1.3 en
6a.2.1, derde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs alsmede de artikelen 6.2.2,
vierde en vijfde lid, en 6.2.2a, derde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs
BES. Tevens wordt de inspecteur-generaal van het onderwijs in staat gesteld om binnen
de inspectie ondermandaat te verlenen.
Ten aanzien van het nemen van besluiten bij de behandeling van bezwaarschriften is
het verlenen van ondermandaat eveneens toegestaan, met dien verstande dat daarbij
artikel 10:3, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht uiteraard in acht dient
te worden genomen.
Ontnemingsbesluiten ten aanzien van opleidingen educatie blijven voorbehouden aan
de Minister zelf en zijn dus niet opgenomen in dit mandaatbesluit. In genoemd wetsvoorstel
zal de mogelijkheid tot het mandateren van deze ontnemingsbesluiten aan de inspectie
wel worden opgenomen, zodat daar in de toekomst desgewenst gebruik van kan worden
gemaakt.
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
R.H. Dijkgraaf