Wijzigingsbesluit dividendbelasting, vermindering, (gedeeltelijke) vrijstelling en teruggaaf van dividendbelasting

Directoraat-generaal Belastingdienst/Corporate Dienst Vaktechniek

Besluit van 18 september 2023, nr. 2023-20339

De Staatssecretaris van Financiën heeft het volgende besloten.

Dit besluit wijzigt het besluit van 22 februari 2018, nr. 2018-20130, Stcrt. 2018, 17300. De wijziging betreft de actualisering van onderdelen 3.2 en 3.3 en bijlage 1 en opname van een nieuwe bijlage 2. Deze onderdelen bevatten de bijzondere regeling waarbij gemachtigden een gebundelde indiening kunnen doen van meerdere verzoeken om teruggaaf van dividendbelasting.

ARTIKEL I

Het besluit van 22 februari 2018, nr. 2018-20130, Stcrt. 2018, 17300, wordt als volgt gewijzigd:

A

Het opschrift komt te luiden:

Dit besluit bevat de regelingen inzake de vermindering, (gedeeltelijke) vrijstelling en teruggaaf van dividendbelasting. Dit besluit werd gewijzigd bij besluit van 18 september 2023, nr. 2023-20339. De wijziging betrof de actualisering van de bijzondere regeling waarbij gemachtigden een gebundelde indiening kunnen doen van meerdere verzoeken om teruggaaf van dividendbelasting.

B

Aan paragraaf 1 wordt een alinea toegevoegd, luidende:

Dit besluit werd gewijzigd bij besluit van 18 september 2023, nr. 2023-20339, Stcrt. 2023, 26401. De wijziging betrof de actualisering van onderdelen 3.2 en 3.3 en bijlage 1 en opname van een nieuwe bijlage 2. Deze onderdelen bevatten de bijzondere regeling waarbij gemachtigden een gebundelde indiening kunnen doen van meerdere verzoeken om teruggaaf van dividendbelasting.

C

Paragraaf 1.1 komt te luiden:

1.1 Gebruikte begrippen en afkortingen

AWR:

Algemene wet inzake rijksbelastingen.

Betaalkantoor:

Degene bij wie de opbrengst betaalbaar is gesteld, het administratiekantoor dat de opbrengst doorbetaalt aan certificaathouders, en degene tot wiens beroep het kopen of innen van dividendbewijzen gewoonlijk behoort. Hieronder vallen ook dienstverleners die voornoemde activiteiten faciliteren.

Gebundelde indiening:

Gebundelde indiening van meerdere verzoeken door gemachtigde namens gerechtigde(n).

Gerechtigde:

Gerechtigde en tegelijkertijd ook uiteindelijk gerechtigde tot de opbrengst waarop een verzoek om teruggaaf van dividendbelasting volgens paragraaf 3 van dit besluit ziet.

Hybride lening:

Geldlening als bedoeld in artikel 10, eerste lid, onderdeel d, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969.

Inhoudingsplichtige:

De vennootschap die de opbrengst verschuldigd is.

Uitvoeringsvoorschriften VS:

Nederlandse uitvoeringsvoorschriften belastingverdrag Nederland – Verenigde Staten van Amerika 1992.

Universele uitvoeringsvoorschriften:

Universele Nederlandse uitvoeringsvoorschriften 2015 inzake belastingverdragen, uitgezonderd het belastingverdrag met de Verenigde Staten van Amerika, en de Belastingregeling Nederland Curaçao.

Verzoek:

Verzoek om teruggaaf van dividendbelasting op basis van:

  • Universele Nederlandse uitvoeringsvoorschriften 2015 inzake belastingverdragen, uitgezonderd het belastingverdrag met de Verenigde Staten van Amerika, en de Belastingregeling Nederland Curaçao,

  • Nederlandse uitvoeringsvoorschriften belastingverdrag Nederland – Verenigde Staten van Amerika 1992, of

  • Artikel 10 van de Wet op de dividendbelasting 1965.

Wet DB:

Wet op de dividendbelasting 1965.

D

Paragraaf 3.2 komt te luiden:

3.2 Bijzondere regeling

Gemachtigden die namens gerechtigden jaarlijks aanzienlijke hoeveelheden verzoeken doen om teruggaaf van dividendbelasting op basis van de universele uitvoeringsvoorschriften of uitvoeringsvoorschriften VS kunnen deze verzoeken onder de volgende voorwaarden gebundeld indienen. Een van de voorwaarden is dat de Belastingdienst en de gemachtigde een overeenkomst sluiten. Bijlage 1 bevat deze overeenkomst. Bijlage 2 bevat vragen en antwoorden ter verduidelijking van de overeenkomst en de voorwaarden.

Voorwaarden

Voor deze regeling gelden de volgende voorwaarden:

  • a. De Belastingdienst en de gemachtigde sluiten een overeenkomst conform bijlage 1 van dit besluit, waarbij de inspecteur de overeenkomst alleen sluit als gemachtigde aan alle voorwaarden voldoet. De inspecteur kan de gemachtigde verzoeken voor het sluiten van de overeenkomst een toelichting te verstrekken op het voldoen aan de voorwaarden.

  • b. Gemachtigde i) staat geregistreerd als gebruiker van de Aansluit Suite Digipoort (Logius) en voldoet aan de aansluitvoorwaarden, ii) staat geregistreerd in het Overheidsidentificatienummer (OIN) – register of geeft de Belastingdienst toestemming haar daarin te registreren en iii) is in het bezit van een PKI-certificaat van één van de gecertificeerde Certification Service Providers.

  • c. Gemachtigde meldt zich als deelnemer aan bij de Belastingdienst en wijst een contactpersoon aan ten behoeve van de communicatie met de Belastingdienst over de regeling.

  • d. Gemachtigde stemt in met de toepassing van artikel 64 AWR op de uitvoering van de regeling, treedt in de plaats van de gerechtigde met betrekking tot alle rechten en verplichtingen die hij heeft inzake het verzoek om teruggaaf van dividendbelasting en de betaling van de belasting en levert voldoende betalingsgarantie voor gevallen van redres die hierbij kunnen optreden.

  • e. Gemachtigde dient een verzoek in namens de gerechtigde.

  • f. Gerechtigde(n) hebben aanspraak op vermindering van dividendbelasting ingevolge het van toepassing zijnde verdrag tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen (en naar het vermogen), (met Protocol). Hieronder wordt mede verstaan regelingen tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen die Nederland heeft getroffen voor een land of openbaar lichaam binnen het Koninkrijk alsmede het Besluit voorkoming dubbele belasting Nederland en Taiwan.

  • g. Gemachtigde draagt tijdig zorg voor rechtsgeldige opdrachten tot vertegenwoordiging van de gerechtigde en draagt ook de verantwoordelijkheid voor de communicatie met de gerechtigde. De opdracht tot vertegenwoordiging omvat: i) instemming van de gerechtigde met de toepassing van artikel 64 AWR op de uitvoering van de regeling tenzij dit binnen de context van de desbetreffende dienstverlening niet mogelijk is ii) toestemming van de gerechtigde voor de vastlegging van persoonsgegevens voor de uitvoering van de regeling en iii) instemming van de gerechtigde met het integreren van:

    • het verzoek van de gerechtigde in één gebundelde indiening met overige verzoeken;

    • de beschikking op het verzoek van gerechtigde in één beschikking met overige verzoeken; en

    • de betaling aan gerechtigde in één totaaluitbetaling met overige verzoeken aan de gemachtigde.

    Als het voor gemachtigde praktisch onmogelijk is om een opdracht tot vertegenwoordiging te verkrijgen die voldoet aan alle genoemde elementen dan kan van deze voorwaarde g op verzoek en na toestemming worden afgeweken.

    Gemachtigde richt het verzoek aan Kennis- en Expertisecentrum Buitenland, Team Buitenlandse Investeerders 2 – Dividend.

  • h. Gemachtigde of gerechtigde is in het bezit van een gedagtekende en ondertekende verklaring van de fiscale autoriteiten over de woonplaats (woonplaatsverklaring) van de gerechtigde tot de opbrengst. Een woonplaatsverklaring mag niet ouder zijn dan 2 jaar voorafgaand aan het jaar waarin het dividend ter beschikking is gesteld.

  • i. Indien een verzoek om teruggaaf is gebaseerd op de Uitvoeringsvoorschriften VS, geldt dat gemachtigde of gerechtigde in zijn administratie beschikt over een geldig en ingevuld formulier IB 95 USA of formulier IB 96 USA. Beide inclusief geldig certificaat form. 6166.

  • j. Indien een verzoek om teruggaaf niet is gebaseerd op de Uitvoeringsvoorschriften VS, geldt dat gemachtigde of gerechtigde in het bezit is van één van de volgende twee verklaringen van de gerechtigde:

    • Ik verklaar dat ik de gerechtigde en tegelijkertijd ook uiteindelijk gerechtigde ben tot de opbrengst waarop het verzoek ziet en dat de opbrengst niet door middel van een dividendvervangende betaling of een andere tegenprestatie geheel of gedeeltelijk ten goede is gekomen of ten goede komt aan een ander die: 1) een geringer recht (of geen recht) heeft op verrekening, teruggaaf of vermindering dan ikzelf en 2) zijn oorspronkelijke aandelenpositie na dividenddatum op directe of indirecte wijze blijft behouden. (Verwezen wordt naar artikel 4, zevende lid, Wet DB).

    • I certify that I am entitled and also beneficially entitled to the income relating to the application and that this is not a situation whereby another person benefitted or benefits (wholly or partly) from the income by way of a dividend-substituting payment or another quid pro quo, while that other person: 1) has a lesser right (or no right) to deduction, refund or reduction than I have and 2) maintains directly or indirectly its original shareholding position after the date the dividend was payable or paid. (See article 4, paragraph 7, Dutch Dividend Tax Act of 1965).

    Omwille van een praktische uitvoering van de regeling hoeft de verklaring niet te worden opgemaakt en dus niet in de administratie te zijn opgenomen bij verzoeken kleiner dan € 10.000. Deze tegemoetkoming geldt niet voor verzoeken die onder dit grensbedrag worden gebracht met als doel of een van de hoofddoelen het ontgaan van de verplichting over deze verklaringen te beschikken.

    Als het voor gemachtigde praktisch onmogelijk is om een verklaring te verkrijgen die exact overeenkomt met de in deze voorwaarde genoemde verklaring, dan kan van deze voorwaarde j op verzoek en na toestemming worden afgeweken. Gemachtigde richt het verzoek aan Kennis- en Expertisecentrum Buitenland, Team Buitenlandse Investeerders 2 – Dividend.

  • k. Een gebundelde indiening voldoet aan de bericht- en gegevensspecificaties die door de Belastingdienst in de Community Software Ontwikkeling beschikbaar zijn gesteld.

  • l. Een gebundelde indiening bevat ten minste 25 individuele verzoeken.

  • m. De voorschriften van artikel 52 AWR zijn van toepassing op de bewijsstukken die ten grondslag liggen aan een verzoek.

  • n. Gemachtigde neemt geen verzoeken op in een gebundelde indiening die zien op aandelen gehouden via een effectenrekening die niet op naam staat van de gerechtigde (indirect belang) tot de opbrengst van die aandelen.

  • o. De gemachtigde brengt de Belastingdienst meteen op de hoogte van omissies waar gemachtigde bekend mee is (geworden) die kunnen leiden tot een te hoge teruggaaf. In dat geval zal gemachtigde ook de maatregel(en) communiceren die dit gevolg in de toekomst voorkomen.

  • p. Als naar aanleiding van een verzoek dat onderdeel is van een gebundelde indiening ten onrechte of tot een te hoog bedrag teruggaaf van dividendbelasting is verleend, brengt gemachtigde de Belastingdienst hiervan meteen op de hoogte.

  • q. Gemachtigde geeft toestemming om naheffingsaanslag(en) en bijkomende beschikkingen op grond van deze overeengekomen regeling en in zoverre met toepassing van artikel 64 AWR aan hem op te leggen. De bepalingen van artikel 20 AWR zijn van (overeenkomstige) toepassing.

  • r. Gemachtigde stelt betaling van deze naheffingsaanslag niet afhankelijk van de mogelijkheid tot verhaal op een gerechtigde.

  • s. Gemachtigde neemt in zijn organisatie maatregelen die borgen dat:

    • een gebundelde indiening enkel verzoeken bevat die voldoen aan de voorwaarden;

    • het aantal afwijzingen en correcties van in een gebundelde aanvraag opgenomen verzoeken tot een minimum wordt beperkt; en

    • de informatie, bewijsstukken en documenten die nodig zijn voor de onderbouwing en beoordeling van alle verzoeken beschikbaar zijn.

  • t. Gemachtigde brengt de Belastingdienst van belangrijke wijzigingen in zijn administratieve organisatie en interne controle alsmede de geautomatiseerde ondersteuning met betrekking tot het aanbieden en verwerken van verzoeken meteen op de hoogte.

  • u. Gemachtigde borgt in haar bedrijfsvoering en administratieve organisatie en interne beheersing dat zij voldoet aan alle voorwaarden uit dit besluit en de relevante wetsartikelen en geeft op verzoek inzicht in zijn bedrijfsvoering en administratieve organisatie en interne beheersing alsmede in de geautomatiseerde ondersteuning met betrekking tot het aanbieden en verwerken van verzoeken.

  • v. De in deze regeling bedoelde verklaringen, verzoeken, gegevens en mededelingen worden duidelijk, stellig en zonder voorbehoud worden gedaan en verstrekt.

E

Paragraaf 3.3 komt te luiden:

3.3. Gebundelde indiening van meerdere verzoeken om teruggaaf van dividendbelasting door gemachtigden namens de gerechtigden op basis van artikel 10 van de Wet DB

Ik keur goed dat de Belastingdienst/Kennis- en Expertisecentrum Buitenland de onder paragraaf 3.2 geschetste bijzondere regeling van overeenkomstige toepassing doet zijn op de verzoeken om teruggaaf van dividendbelasting door gemachtigden namens de gerechtigden op basis van artikel 10 van de Wet DB.

F

Bijlage 1 komt te luiden:

Bijlage 1. Overeenkomst als bedoeld in paragraaf 3.2 van het besluit van 22 februari 2018, nr. 2018-20130, zoals laatstelijk gewijzigd bij besluit van 18 september 2023, nr. 2023-20339

Overeenkomst voor gebundelde indiening van meerdere verzoeken om teruggaaf van dividendbelasting door gemachtigden

De Belastingdienst/Kennis- en Expertisecentrum Buitenland hierbij vertegenwoordigd door [naam behandelaar], hierna te noemen “de Belastingdienst” en [naam gemachtigde] hierna te noemen “de gemachtigde”, komen het volgende overeen.

1. Definities
Besluit:

Besluit Dividendbelasting, vermindering, (gedeeltelijke) vrijstelling en teruggaaf van dividendbelasting van 22 februari 2018, nr. 2018-20130, zoals laatstelijk gewijzigd bij besluit van 18 september 2023, nr. 2023-20339.

Gebundelde indiening:

Gebundelde indiening van meerdere verzoeken door gemachtigde namens gerechtigde(n).

Gerechtigde:

Gerechtigde en tegelijkertijd ook uiteindelijk gerechtigde tot de opbrengst waarop een verzoek om teruggaaf van dividendbelasting volgens paragraaf 3 van het Besluit ziet.

Regeling:

Bijzondere regeling zoals opgenomen onder paragraaf 3.2 van het Besluit.

Verzoek:

Verzoek om teruggaaf van dividendbelasting op basis van:

  • Universele Nederlandse uitvoeringsvoorschriften 2015 inzake belastingverdragen, uitgezonderd het belastingverdrag met de Verenigde Staten van Amerika, en de Belastingregeling Nederland Curaçao,

  • Nederlandse uitvoeringsvoorschriften belastingverdrag Nederland – Verenigde Staten van Amerika 1992, of

  • Artikel 10 van de Wet op de dividendbelasting 1965.

2. Algemeen en geldigheidsduur
  • Het besluit maakt onder de voorwaarden opgenomen in paragraaf 3.2 van het Besluit een regeling mogelijk, waarbij gemachtigden een gebundelde indiening kunnen doen van meerdere verzoeken om teruggaaf van dividendbelasting.

  • De voorwaarden maken een integraal onderdeel uit van deze overeenkomst. Bijlage 1 bevat een kopie van deze voorwaarden.

  • Gemachtigde mag de regeling toepassen van [dag] [maand] [jaar] tot [5 jaar na ingangsdatum].

3. Controle vooraf
  • De Belastingdienst controleert een gebundelde indiening bij ontvangst automatisch op een aantal elementen, zoals de aansluiting van de aangeleverde gegevens over de gerechtigde en het dividend bij de gegevens zoals die bekend zijn bij de Belastingdienst.

  • Deze controle kan leiden tot afwijzing en correctie van 1 of meer onderliggende verzoeken.

  • De Belastingdienst informeert de gemachtigde per verzoek welke correcties en afwijzingen ze heeft doorgevoerd.

4. Beslissing en betaling
  • Op een gebundelde indiening beslist de Belastingdienst bij voor bezwaar vatbare beschikking gericht aan en afgegeven op naam van de gemachtigde.

  • De Belastingdienst maakt het totaalbedrag van de beschikking binnen drie weken over op het door de gemachtigde bij tekenen van de overeenkomst aangegeven bankrekeningnummer.

  • Wijzigen van het bankrekeningnummer vindt op door de Belastingdienst voorgeschreven wijze plaats.

  • De gerechtigde ontvangt op verzoek een afschrift van zijn individuele beschikking.

5. Controle achteraf
  • De Belastingdienst kan na beslissing één of meerdere controles instellen.

  • De Belastingdienst kondigt de hiervoor genoemde controles vooraf schriftelijk aan, bespreekt de bevindingen met gemachtigde en legt deze vast.

6. Weigering, uitsluiting en naheffing
  • De Belastingdienst kan deelname aan de regeling weigeren als een gerechtigde volgens de Belastingdienst (mogelijk) geen aanspraak kan maken op teruggaaf van Nederlandse dividendbelasting.

  • Als bij een gemachtigde onjuistheden of onregelmatigheden ten aanzien van de uitvoering van de regeling worden geconstateerd kan de Belastingdienst deze gemachtigde, zo nodig met onmiddellijke ingang, van deelname aan de regeling uitsluiten.

  • De belastingdienst kan in geval van onjuistheden de naheffing aan de gerechtigde opleggen. Op grond van de regeling en in zoverre met toepassing van artikel 64 Algemene wet inzake rijksbelastingen kan de naheffing ook worden opgelegd aan gemachtigde.

  • Als de Belastingdienst bij een controle onjuistheden in bepaalde individuele verzoeken constateert geldt als uitgangspunt dat de naheffingsaanslag zal worden opgelegd aan de gerechtigde.

  • De Belastingdienst kan van dit uitgangspunt gemotiveerd afwijken en de naheffingsaanslag (mede) op grond van artikel 64 Algemene wet inzake rijksbelastingen aan de gemachtigde opleggen.

7. OIN register en overige Informatie

Ondertekening

Gemachtigde

Belastingdienst

   

[Naam]

[Naam]

   

[Functie]

[Functie]

   

[Plaats]

[Plaats]

   

[Datum]

[Datum]

Bijlage 1 van overeenkomst voor gebundelde indiening van meerdere verzoeken om teruggaaf van dividendbelasting door gemachtigden

Voor de regeling als bedoeld in paragraaf 3.2 van het besluit van 22 februari 2018, nr. 2018-20130, zoals laatstelijk gewijzigd bij besluit van 18 september 2023, nr. 2023-20339, gelden de volgende voorwaarden:

  • a. De Belastingdienst en de gemachtigde sluiten een overeenkomst conform bijlage 1 van dit besluit, waarbij de inspecteur de overeenkomst alleen sluit als gemachtigde aan alle voorwaarden voldoet. De inspecteur kan de gemachtigde verzoeken voor het sluiten van de overeenkomst een toelichting te verstrekken op het voldoen aan de voorwaarden.

  • b. Gemachtigde i) staat geregistreerd als gebruiker van de Aansluit Suite Digipoort (Logius) en voldoet aan de aansluitvoorwaarden, ii) staat geregistreerd in het Overheidsidentificatienummer (OIN) – register of geeft de Belastingdienst toestemming haar daarin te registreren en iii) is in het bezit van een PKI-certificaat van één van de gecertificeerde Certification Service Providers.

  • c. Gemachtigde meldt zich als deelnemer aan bij de Belastingdienst en wijst een contactpersoon aan ten behoeve van de communicatie met de Belastingdienst over de regeling.

  • d. Gemachtigde stemt in met de toepassing van artikel 64 AWR op de uitvoering van de regeling, treedt in de plaats van de gerechtigde met betrekking tot alle rechten en verplichtingen die hij heeft inzake het verzoek om teruggaaf van dividendbelasting en de betaling van de belasting en levert voldoende betalingsgarantie voor gevallen van redres die hierbij kunnen optreden.

  • e. Gemachtigde dient een verzoek in namens de gerechtigde.

  • f. Gerechtigde(n) hebben aanspraak op vermindering van dividendbelasting ingevolge het van toepassing zijnde verdrag tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen (en naar het vermogen), (met Protocol). Hieronder wordt mede verstaan regelingen tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen die Nederland heeft getroffen voor een land of openbaar lichaam binnen het Koninkrijk alsmede het Besluit voorkoming dubbele belasting Nederland en Taiwan.

  • g. Gemachtigde draagt tijdig zorg voor rechtsgeldige opdrachten tot vertegenwoordiging van de gerechtigde en draagt ook de verantwoordelijkheid voor de communicatie met de gerechtigde. De opdracht tot vertegenwoordiging omvat: i) instemming van de gerechtigde met de toepassing van artikel 64 AWR op de uitvoering van de regeling tenzij dit binnen de context van de desbetreffende dienstverlening niet mogelijk is ii) toestemming van de gerechtigde voor de vastlegging van persoonsgegevens voor de uitvoering van de regeling en iii) instemming van de gerechtigde met het integreren van:

    • het verzoek van de gerechtigde in één gebundelde indiening met overige verzoeken;

    • de beschikking op het verzoek van gerechtigde in één beschikking met overige verzoeken; en

    • de betaling aan gerechtigde in één totaaluitbetaling met overige verzoeken aan de gemachtigde.

    Als het voor gemachtigde praktisch onmogelijk is om een opdracht tot vertegenwoordiging te verkrijgen die voldoet aan alle genoemde elementen dan kan van deze voorwaarde g op verzoek en na toestemming worden afgeweken.

    Gemachtigde richt het verzoek aan Kennis- en Expertisecentrum Buitenland, Team Buitenlandse Investeerders 2 – Dividend.

  • h. Gemachtigde of gerechtigde is in het bezit van een gedagtekende en ondertekende verklaring van de fiscale autoriteiten over de woonplaats (woonplaatsverklaring) van de gerechtigde tot de opbrengst. Een woonplaatsverklaring mag niet ouder zijn dan 2 jaar voorafgaand aan het jaar waarin het dividend ter beschikking is gesteld.

  • i. Indien een verzoek om teruggaaf is gebaseerd op de Uitvoeringsvoorschriften VS, geldt dat gemachtigde of gerechtigde in zijn administratie beschikt over een geldig en ingevuld formulier IB 95 USA of formulier IB 96 USA. Beide inclusief geldig certificaat form. 6166.

  • j. Indien een verzoek om teruggaaf niet is gebaseerd op de Uitvoeringsvoorschriften VS, geldt dat gemachtigde of gerechtigde in het bezit is van één van de volgende twee verklaringen van de gerechtigde:

    • Ik verklaar dat ik de gerechtigde en tegelijkertijd ook uiteindelijk gerechtigde ben tot de opbrengst waarop het verzoek ziet en dat de opbrengst niet door middel van een dividendvervangende betaling of een andere tegenprestatie geheel of gedeeltelijk ten goede is gekomen of ten goede komt aan een ander die: 1) een geringer recht (of geen recht) heeft op verrekening, teruggaaf of vermindering dan ikzelf en 2) zijn oorspronkelijke aandelenpositie na dividenddatum op directe of indirecte wijze blijft behouden. (Verwezen wordt naar artikel 4, zevende lid, Wet DB).

    • I certify that I am entitled and also beneficially entitled to the income relating to the application and that this is not a situation whereby another person benefitted or benefits (wholly or partly) from the income by way of a dividend-substituting payment or another quid pro quo, while that other person: 1) has a lesser right (or no right) to deduction, refund or reduction than I have and 2) maintains directly or indirectly its original shareholding position after the date the dividend was payable or paid. (See article 4, paragraph 7, Dutch Dividend Tax Act of 1965).

    Omwille van een praktische uitvoering van de regeling hoeft de verklaring niet te worden opgemaakt en dus niet in de administratie te zijn opgenomen bij verzoeken kleiner dan € 10.000. Deze tegemoetkoming geldt niet voor verzoeken die onder dit grensbedrag worden gebracht met als doel of een van de hoofddoelen het ontgaan van de verplichting over deze verklaringen te beschikken.

    Als het voor gemachtigde praktisch onmogelijk is om een verklaring te verkrijgen die voldoet aan alle genoemde elementen dan kan van deze voorwaarde j op verzoek en na toestemming worden afgeweken.

    Gemachtigde richt het verzoek aan Kennis- en Expertisecentrum Buitenland, Team Buitenlandse Investeerders 2 – Dividend.

  • k. Een gebundelde indiening voldoet aan de bericht- en gegevensspecificaties die door de Belastingdienst in de Community Software Ontwikkeling beschikbaar zijn gesteld.

  • l. Een gebundelde indiening bevat ten minste 25 individuele verzoeken.

  • m. De voorschriften van artikel 52 AWR zijn van toepassing op de bewijsstukken die ten grondslag liggen aan een verzoek.

  • n. Gemachtigde neemt geen verzoeken op in een gebundelde indiening die zien op aandelen gehouden via een effectenrekening die niet op naam staat van de gerechtigde (indirect belang) tot de opbrengst van die aandelen.

  • o. De gemachtigde brengt de Belastingdienst meteen op de hoogte van omissies waar gemachtigde bekend mee is (geworden) die kunnen leiden tot een te hoge teruggaaf. In dat geval zal gemachtigde ook de maatregel(en) communiceren die dit gevolg in de toekomst voorkomen.

  • p. Als naar aanleiding van een verzoek dat onderdeel is van een gebundelde indiening ten onrechte of tot een te hoog bedrag teruggaaf van dividendbelasting is verleend, brengt gemachtigde de Belastingdienst hiervan meteen op de hoogte.

  • q. Gemachtigde geeft toestemming om naheffingsaanslag(en) en bijkomende beschikkingen op grond van deze overeengekomen regeling en in zoverre met toepassing van artikel 64 AWR aan hem op te leggen. De bepalingen van artikel 20 AWR zijn van (overeenkomstige) toepassing.

  • r. Gemachtigde stelt betaling van deze naheffingsaanslag niet afhankelijk van de mogelijkheid tot verhaal op een gerechtigde.

  • s. Gemachtigde neemt in zijn organisatie maatregelen die borgen dat:

    • een gebundelde indiening enkel verzoeken bevat die voldoen aan de voorwaarden;

    • het aantal afwijzingen en correcties van in een gebundelde aanvraag opgenomen verzoeken tot een minimum wordt beperkt; en

    • de informatie, bewijsstukken en documenten die nodig zijn voor de onderbouwing en beoordeling van alle verzoeken beschikbaar zijn.

  • t. Gemachtigde brengt de Belastingdienst van belangrijke wijzigingen in zijn administratieve organisatie en interne controle alsmede de geautomatiseerde ondersteuning met betrekking tot het aanbieden en verwerken van verzoeken meteen op de hoogte.

  • u. Gemachtigde borgt in haar bedrijfsvoering en administratieve organisatie en interne beheersing dat zij voldoet aan alle voorwaarden uit dit besluit en de relevante wetsartikelen en geeft op verzoek inzicht in zijn bedrijfsvoering en administratieve organisatie en interne beheersing alsmede in de geautomatiseerde ondersteuning met betrekking tot het aanbieden en verwerken van verzoeken.

  • v. De in deze regeling bedoelde verklaringen, verzoeken, gegevens en mededelingen worden duidelijk, stellig en zonder voorbehoud worden gedaan en verstrekt.

G

Na Bijlage 1 wordt een nieuwe bijlage ingevoegd, luidende:

Bijlage 2. Vragen en antwoorden als bedoeld in paragraaf 3.2 van het besluit van 22 februari 2018, nr. 2018-20130, zoals laatstelijk gewijzigd bij besluit van 18 september 2023, nr. 2023-20339

Vragen en antwoorden over de voorwaarden, waaronder de overeenkomst, voor de bijzondere regeling van paragraaf 3.2 van het besluit van 22 februari 2018, nr. 2018-20130, zoals laatstelijk gewijzigd bij besluit van 18 september 2023, nr. 2023-20339

Vragen en antwoorden over de voorwaarden g en j

Vraag 1

Kan de gemachtigde de documenten die zij gebruikt voor de uitvoering van de voorwaarden g en j vooraf ter goedkeuring voorleggen aan de Belastingdienst?

Antwoord 1

Gemachtigde kan de documenten die zij gebruikt voor de uitvoering van de voorwaarden g en j vooraf ter goedkeuring voorleggen aan de Belastingdienst. Dit is verplicht als niet aan alle elementen van de voorwaarden wordt voldaan.

Vragen en antwoorden over voorwaarde m

Vraag 2

Volgt uit voorwaarde m dat de bewaartermijn zeven jaar is? En zo ja, gaat de zevenjaarstermijn dan lopen vanaf het moment van betaling van de dividendbelasting?

Antwoord 2

Uit voorwaarde m volgt dat de bewaartermijn zeven jaar is. Voorwaarde m verwijst naar artikel 52 AWR. In het vierde lid van dit artikel is een bewaartermijn van zeven jaar opgenomen.

De zevenjaarstermijn voor het bewaren van gegevens gaat voor de gemachtigde lopen vanaf het moment dat gegevens hun belang voor de bedrijfsvoering van de gemachtigde hebben verloren. Voor bewijsstukken die ten grondslag liggen aan een teruggaafverzoek gaat de zevenjaarstermijn daarom op zijn vroegst in vanaf het moment van verkrijgen van de teruggaaf.

Vragen en antwoorden over voorwaarde n

Vraag 3

Wordt met een ‘indirect belang’ genoemd in voorwaarde n ook het geval bedoeld waarbij girale effecten worden gehouden via een keten van bewaarinstellingen en de effectenrekening op niveau van een tussenliggende bewaarinstelling op naam staat van de volgende bewaarinstelling in de keten?

Antwoord 3

Nee. Of er een indirect belang is in de zin van voorwaarde n dient voor girale effecten te worden beoordeeld op het laagste niveau van de keten van bewaarinstellingen. Als op het laagste niveau van de keten van bewaarinstellingen de betreffende effectenrekening niet op naam staat van degene voor wie het teruggaafverzoek wordt ingediend kan het betreffende teruggaafverzoek niet worden ingediend via de bijzondere regeling.

Vragen en antwoorden over de overeenkomst onderdeel 2

Vraag 4

Is het juist dat de overeenkomst iedere 5 jaar moet worden vernieuwd, en zo ja, vanaf welk moment gaat de vijfjaarstermijn in?

Antwoord 4

Het is juist dat de overeenkomst iedere vijf jaar dient te worden vernieuwd. De termijn gaat in vanaf het moment dat beide partijen de overeenkomst hebben getekend.

Vragen en antwoorden over de overeenkomst onderdelen 3 en 4

Vraag 5

Op welke wijze wordt de gemachtigde geïnformeerd indien naar aanleiding van de controle vooraf één of meer onderliggende verzoeken zijn afgewezen of gecorrigeerd?

Antwoord 5

De gemachtigde krijgt bij iedere uitgevoerde correctie direct informatie over de door de Belastingdienst uitgevoerde correctie via een zogenaamd XBRL bestand. In het XBRL bestand staat welke afwijzingen en correcties hebben plaatsgevonden. Naast het XBRL bericht dat de gemachtigde direct digitaal ontvangt wordt aan de gemachtigde ook per brief een voor bezwaar vatbare beschikking gestuurd.

Het beschikkingsnummer en de dagtekening van de beschikking staan ook al vermeld in het XBRL bestand dat de gemachtigde direct ontvangt als er een wijziging of correctie door de Belastingdienst is uitgevoerd. Indien de gemachtigde het niet eens is met de in het XBRL opgenomen afwijzing(en) of correctie(s) kan door of namens de betreffende gerechtigde binnen 6 weken ná dagtekening van de beschikking bezwaar worden ingesteld tegen de betreffende afwijzing of correctie. Dit bezwaar kan worden gericht aan Kennis- en Expertisecentrum Buitenland, Team Buitenlandse Investeerders 2 – Dividend.

Vraag 6

Kan de gemachtigde bezwaar instellen (namens de gerechtigde) als op basis van het XBRL bestand niet duidelijk is op welke grond er 1 of meer onderliggende verzoeken zijn afgewezen of gecorrigeerd?

Antwoord 6

Ook in geval uit het XBRL bestand niet duidelijk valt op te maken op welke grond er 1 of meer onderliggende verzoeken zijn afgewezen of gecorrigeerd kan door of namens de betreffende gerechtigde, zo nodig ter behoud van rechten, bezwaar worden ingesteld tegen de afwijzing of correctie. Dit bezwaar kan worden gericht aan Kennis- en Expertisecentrum Buitenland, Team Buitenlandse Investeerders 2 – Dividend.

Vragen en antwoorden over de overeenkomst onderdeel 5

Vraag 7

Ziet de mogelijkheid van het instellen van controles achteraf door de Belastingdienst alleen op steekproefsgewijze (jaarlijkse) controle van de in een bepaald jaar ingediende verzoeken, of kan de controle ook zien op vragen van de Belastingdienst naar aanleiding van specifieke onderliggende verzoeken?

Antwoord 7

De in onderdeel 5 bedoelde controle achteraf ziet niet op de eventuele vragen die door de Belastingdienst kunnen worden gesteld in het kader van een controle vooraf bedoeld in onderdeel 3. De in onderdeel 3 bedoelde controle vindt plaats voorafgaande aan de voor bezwaar vatbare beslissing op de teruggaafverzoeken. De in onderdeel 5 bedoelde controle achteraf ziet alleen op de teruggaafverzoeken waarop al bij voor bezwaar vatbare beschikking is beslist. De controle achteraf kan een steekproefsgewijze controle van alle in een jaar ingediende verzoeken betreffen, maar kan ook een controle van één of meer verzoeken betreffen over meerdere jaren. In de in onderdeel 5 bedoelde aankondiging voorafgaand aan een controle wordt door de Belastingdienst gespecificeerd waarop de controle ziet en op welke elementen wordt gecontroleerd. Voor het instellen van de controle gelden de reguliere naheffingstermijnen.

Vragen en antwoorden over de overeenkomst onderdeel 6

Vraag 8

In onderdeel 6 van de overeenkomst staat:

  • ‘– De Belastingdienst kan deelname aan de regeling weigeren als een gerechtigde volgens de Belastingdienst (mogelijk) geen aanspraak kan maken op teruggaaf van Nederlandse dividendbelasting.

  • Als bij een gemachtigde onjuistheden of onregelmatigheden ten aanzien van de uitvoering van de regeling worden geconstateerd kan de Belastingdienst deze gemachtigde, zo nodig met onmiddellijke ingang, van deelname aan de regeling uitsluiten.’

Wat wordt hier bedoeld met het ‘weigeren’ (eerste gedachtestreepje) en ‘uitsluiten’ (tweede gedachtestreepje) van deelname aan de regeling en wat is het verschil?

Antwoord 8

Met weigeren van deelname als bedoeld in het eerste gedachtestreepje wordt het volgende bedoeld: Als een gerechtigde volgens de Belastingdienst (mogelijk) geen aanspraak kan maken op teruggaaf van Nederlandse dividendbelasting mag gemachtigde niet langer verzoeken namens die specifieke gerechtigde via de bijzondere regeling indienen. De gemachtigde kan nog wel verzoeken indienen voor andere gerechtigden via de regeling. Het weigeren van deelname van een specifieke gerechtigde aan de regeling beperkt de gemachtigde niet om namens deze gerechtigde (reguliere) teruggaafverzoeken buiten de regeling om in te dienen.

Bij een uitsluiting van deelname aan de regeling als bedoeld in het tweede gedachtestreepje wordt de gemachtigde zelf uitgesloten van de regeling en kan dan voor geen enkele gerechtigde een verzoek indienen via de bijzondere regeling. Voor de volledigheid wordt opgemerkt dat de gemachtigde dan nog wel (reguliere) teruggaafverzoeken buiten de regeling om kan indienen.

Vraag 9

Hoe wordt de beslissing tot weigeren aan de regeling in onderdeel 6 eerste gedachtestreepje dan wel uitsluiten van deelname aan de regeling in onderdeel 6 tweede gedachtestreepje genomen en bekend gemaakt?

Antwoord 9

Voor beide situaties geldt: De beslissing wordt schriftelijk bekend gemaakt in de vorm van een niet voor bezwaar vatbare beschikking. Op het nemen van deze beslissing zijn de wettelijke voorschriften voor het voorbereiden en nemen van een besluit (hoofdstuk 3 van de Algemene wet bestuursrecht: zorgvuldige voorbereiding, detournement de pouvoir en evenredigheidsbeginsel) alsmede de algemene beginselen van behoorlijk bestuur van toepassing. Voor de uitsluiting van deelname aan de regeling in onderdeel 6 tweede gedachtestreepje geldt aanvullend dat de overeenkomst wordt opgezegd.

ARTIKEL II

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

Dit besluit zal in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag, 18 september 2023

De Staatssecretaris van Financiën, namens deze, H.G. Roodbeen Hoofddirecteur Fiscale en Juridische zaken

Naar boven