Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriekDatum ondertekening
Ministerie van FinanciënStaatscourant 2021, 5742Besluiten van algemene strekking

Regeling van de Staatssecretaris van Financiën van 1 februari 2021 tot wijziging van de drempelvrijstelling voor regelingen voor vervroegde uittreding

1 februari 2021

Nr. 2021-0000010205

Directoraat-Generaal voor Fiscale Zaken, Directie Directe Belastingen

De Staatssecretaris van Financiën,

Gelet op artikel VII van de Wet bedrag ineens, RVU en verlofsparen in samenhang met artikel 32ba, achtste lid, van de Wet op de loonbelasting 1964;

Besluit:

ARTIKEL I

In de Wet op de loonbelasting 1964 wordt in artikel 32ba, zevende lid, ‘€ 1.767’ vervangen door ‘€ 1.847’.

ARTIKEL II

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2021.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Financiën, J.A. Vijlbrief

TOELICHTING

Ingevolge de Wet bedrag ineens, RVU en verlofsparen is met terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2021 in artikel 32ba, zevende lid, van de Wet op de loonbelasting 1964 (Wet LB 1964) een drempelvrijstelling voor regelingen voor vervroegde uittreding opgenomen. De onderhavige regeling geeft uitvoering aan artikel VII van de Wet bedrag ineens, RVU en verlofsparen op grond waarvan het eveneens met terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2021 in artikel 32ba, achtste lid, van de Wet LB 1964 opgenomen indexeringsvoorschrift van overeenkomstige toepassing is op de datum van inwerkingtreding van de Wet bedrag ineens, RVU en verlofsparen. Daarbij wordt het in artikel 32ba, zevende lid, Wet LB 1964 opgenomen bedrag met terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2021 vervangen door het bedrag van het overeenkomstig het achtste lid van die bepaling gebruteerde netto-ouderdomspensioen per maand, bedoeld in artikel 9, vijfde lid, onderdeel a, van de Algemene Ouderdomswet.

Uitvoeringsgevolgen

De onderhavige regeling is door de Belastingdienst beoordeeld met de uitvoeringstoets. De dienaangaande eerder opgestelde uitvoeringstoets bij de bijstellingsregeling directe belastingen 20211 is onverkort van kracht.

De Staatssecretaris van Financiën, J.A. Vijlbrief