Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriekDatum ondertekening
Ministerie van Economische Zaken en KlimaatStaatscourant 2021, 13824Besluiten van algemene strekking

Regeling van de Minister van Economische Zaken en Klimaat van 9 maart 2021, nr. WJZ/ 21008798, houdende wijziging van de Uitvoeringsregeling energie-investeringsaftrek 2001 in verband met het herstel van enkele gebreken in de Energielijst 2021

De Minister van Economische Zaken en Klimaat,

Gelet op artikel 3.42 van de Wet inkomstenbelasting 2001;

Besluit:

ARTIKEL I

In de bijlage behorende bij artikel 2 van de Uitvoeringsregeling energie-investeringsaftrek 2001 wordt in artikel 1, onderdeel A. Investeringen ten behoeve van energiebesparing in of bij bedrijfsgebouwen, investering 4.2.C. vervangen door:

4.2.C.

  • 1. LED-verlichtingssysteem voor verlichting in of bij bedrijfsgebouwen, en bestaande uit: LED-verlichtingsarmaturen met een geïntegreerde, niet uitwisselbare LED-lichtbron, die voldoen aan de levensduurcriteria L90B50 of beter.

  • 2. Hierbij geldt dat:

    • de opgegeven criteria gelden bij 50.000 uur en tq=25 °C en gemeten dienen te zijn conform LM-80 protocol, TM21 en NEN-EN-IEC 62722-2-1: 2016 of gelijkwaardige normen/protocollen;

    • metingen op grond van LM-80-08, TM21 en NEN-EN-IEC 62722-2-1:2016 of gelijkwaardige protocollen, verricht dienen te worden door geaccrediteerde instellingen, waarbij elektrische- en fotometrische metingen specifiek in de accreditatie-scope van betreffende instelling dienen te zijn opgenomen;

    • het maximum investeringsbedrag dat voor energie-investeringsaftrek in aanmerking komt € 1.000 per armatuur bedraagt; en

    • uitwisselbare LED-lichtbronnen, zoals LED-buizen, en specifiek voor noodverlichting bestemde noodverlichtingsarmaturen uitgesloten zijn van energie-investeringsaftrek.

ARTIKEL II

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage, 9 maart 2021

De Minister van Economische Zaken en Klimaat, B. van ‘t Wout

TOELICHTING

1. Doel en aanleiding

De bijlage behorende bij artikel 2 van de Uitvoeringsregeling energie-investeringsaftrek 2001 is per 1 januari 2021 gewijzigd door actualisatie van diezelfde bijlage waarin de subsidiabele investeringen zijn opgenomen. Deze bijlage wordt ook wel aangeduid als ‘Energielijst’. Deze wijziging herstelt enkele onvolkomenheden in de Energielijst.

2. Inhoud van de wijziging

In artikel 1, onderdeel A. Investeringen ten behoeve van energiebesparing in of bij bedrijfsgebouwen, van de Energielijst zijn in investering 4.2.C enkele technische verbeteringen doorgevoerd.

3. Notificatie

De ontwerpregeling is op 18 februari 2021 onder notificatienummer 2021/0104/NL voorgelegd aan de Europese Commissie ingevolge Richtlijn 98/34/EG van het Europees parlement en de Raad van de Europese Unie van 22 juni 1998 betreffende de informatieprocedure op het gebied van normen en technische voorschriften en regels betreffende de diensten van de informatiemaatschappij (PbEG 1998, L 204), zoals gewijzigd bij Richtlijn 98/48/EG van het Europees parlement en de Raad van de Europese Unie van 20 juli 1998 (PbEG 1998, L 217). De Europese Commissie heeft medegedeeld dat de kennisgeving betrekking heeft op technische specificaties of andere eisen die verbonden zijn met fiscale of financiële maatregelen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder f, tweede alinea, punt iii, van Richtlijn (EU) 2015/1535. Voor deze kennisgeving geldt geen status-quoperiode (artikel 7, lid 4, van Richtlijn (EU) 2015/1535).

4. Regeldruk

De wijzigingsregeling ziet op een herstel van enkele onvolkomenheden in de eerder geactualiseerde Energielijst. Bij de regeling van 7 december 2020, waarmee de actualisatie van de Energielijst heeft plaatsgevonden, is in de toelichting opgenomen dat uit die regeling geen wijziging in de regeldruk voor bedrijven volgt en dat de regeling ook niet leidt tot extra uitvoeringslasten bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland1. De wijziging van onderhavige regeling leidt niet tot additionele regeldruk ten opzichte van de beschrijving van de regeldruk bij de actualisatie van de Energielijst.

5. Inwerkingtreding

Deze regeling heeft het karakter van een technisch herstel van onvolkomenheden. Het is wenselijk dat de lijst zo snel mogelijk correct is. Daarom wordt afgeweken van de vaste verandermomenten en treedt deze wijziging in werking met ingang van de dag na publicatie van onderhavige regeling in de Staatscourant.

De Minister van Economische Zaken en Klimaat, B. van ‘t Wout