Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
Rechtbank GelderlandStaatscourant 2021, 10576Interne regelingen

Bestuursreglement rechtbank Gelderland

Besluit van 24 februari 2021

Artikel 1. Zittingsplaatsen en bestuurszetel

De rechtbank Gelderland houdt zitting in Apeldoorn, Arnhem, Nijmegen en Zutphen.

De bestuurszetel is gevestigd in Arnhem.

Het adres van de zittingsplaatsen is te vinden in het zaaksverdelingsreglement en op www.rechtspraak.nl.

Artikel 2. Openingstijden griffies

De griffies van de rechtbank zijn geopend van maandag tot en met vrijdag van 8.30 tot 17.00 uur.

Artikel 3. Organisatiestructuur

De rechtbank bestaat uit de volgende organisatorische eenheden:

  • a. het bestuur;

de juridische clusters:

  • b. het cluster bestuursrecht;

  • c. het cluster familie- en jeugdrecht;

  • d. het cluster kanton en handelsrecht;

  • e. het cluster strafrecht;

  • f. het cluster toezicht;

  • g. het cluster bedrijfsvoering.

Het bestuur stelt teams in binnen de clusters. De teamindeling is te raadplegen via www.rechtspraak.nl.

Artikel 4. Indeling in kamers en vaststellen van de bezetting

  • 1. Het bestuur stelt jaarlijks per 1 januari een overzicht vast waarin is bepaald welke categorieën zaken elk van de juridische clusters zal behandelen. Het schema wordt gepubliceerd op www.rechtspraak.nl.

  • 2. Het bestuur stelt jaarlijks per 1 januari, en zo nodig tussentijds, de bezetting van de clusters vast. De clusters bepalen de bezetting van de teams en vormen daaruit enkel- en meervoudige kamers. De rechtbank kent enkelvoudige en meervoudige kamers voor de behandeling van zaken als bedoeld in de artikelen 47 tot en met 53 en 55 van de Wet op de rechterlijke organisatie. Degenen die deel uitmaken van een cluster dat is belast met de behandeling van zaken als bedoeld in de artikelen 47 tot en met 53 en 55 van de Wet op de rechterlijke organisatie, zijn aangewezen als lid van de enkelvoudige en meervoudige kamers, bedoeld in die artikelen. Daarnaast kan een teamvoorzitter op invalbasis rechters uit een ander cluster of een andere rechtbank laten deelnemen aan een kamer als bedoeld in die artikelen, met inbegrip van de president en het rechterlijk bestuurslid. Met hun inzet zijn zij aangewezen in de zin van die artikelen.

  • 3. Het bestuur verwerkt tussentijdse wijzigingen in het overzicht, bedoeld in het eerste lid, binnen een maand na de wijziging in het schema.

  • 4. Het bestuur kan clusters in afwijking van de gepubliceerde indeling incidenteel of tijdelijk belasten met de behandeling van een zaak of zaken uit een ander cluster, als het bestuur dit als gevolg van bezettingsproblemen, om opleidingsredenen, vanwege bijzondere kennis, of om enige andere reden noodzakelijk en/of nuttig vindt. Het bestuur kan zijn bevoegdheid mandateren aan het managementteam van het betrokken cluster.

Artikel 5. Toedeling van zaken

  • 1. Zaken worden toegedeeld volgens de door het bestuur vastgestelde zaakstoedelingsregelingen per rechtsgebied, die als bijlagen aan dit bestuursreglement zijn toegevoegd. Deze zaakstoedelingsregelingen volgen de uitgangspunten, principes en beginselen van de Code Zaakstoedeling van de Rechtspraak.

  • 2. Namens het bestuur worden in de clusters en/of teams van de rechtbank roosters gemaakt, waarin rechters worden ingedeeld afhankelijk van de omvang van hun aanstelling en de werkbelasting die met de behandeling van de onderscheiden categorieën zaken en zittingen is gemoeid.

Artikel 6. Bevordering van juridische kwaliteit en uniforme rechtstoepassing

Het bestuur bevordert de juridische kwaliteit en de uniforme rechtstoepassing in de rechtbank. Daartoe

  • stelt het jaarlijks een kwaliteitsplan vast en ziet het toe op de uitvoering daarvan.

  • voert het periodiek – ten minste tweemaal per jaar – overleg met de kwaliteitscoördinatoren die het in elk van de juridische clusters heeft aangewezen.

  • voert het periodiek – ten minste eenmaal per jaar – overleg met de gerechtsvergadering.

Artikel 7. Externe gerichtheid en externe contacten

  • 1. Het bestuur richt een voorziening in voor externe oriëntatie en advies, onder de benaming van Raad van Advies.

  • 2. Het bestuur overlegt periodiek – en steeds ten minste tweemaal per jaar – met in ieder geval de navolgende externe overlegpartners:

    • a. de Hoofdofficier van Justitie van het arrondissementsparket Oost-Nederland;

    • b. de Deken van de Orde van Advocaten in het arrondissement Gelderland.

  • 3. Het bestuur besteedt in het jaarverslag op basis van artikel 35, eerste lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie aandacht aan:

    • a. de wijze waarop het bestuur bij de beleidsvorming en de beleidsuitvoering acht heeft geslagen op hetgeen leeft in de maatschappij;

    • b. de wijze waarop het bestuur bij de beleidsvorming en de beleidsuitvoering acht heeft geslagen op hetgeen de Raad van Advies heeft opgemerkt en geadviseerd.

Artikel 8. Intrekking reglement van 29 mei 2019

Dit reglement komt in de plaats van de door het bestuur van de rechtbank Gelderland op 29 mei 2019 vastgestelde reglement, dat is gepubliceerd in de Staatscourant op 13 juni 2019 (Staatscourant 2019, 32123).

Dit reglement is vastgesteld op 24 februari 2021, na verkregen instemming van de Raad voor de rechtspraak, en treedt in werking op 1 april 2021.

Namens het bestuur van de rechtbank Gelderland, M. Blaisse, president

ZAAKSTOEDELINGSREGELING BESTUURSRECHT RECHTBANK GELDERLAND

Algemeen

  • 1. Deze regeling ziet op de toedeling van bestuursrechtzaken in de rechtbank Gelderland.

  • 2. In deze regeling wordt onder rechters tevens rechters-plaatsvervangers verstaan. Wat in deze regeling ten aanzien van een rechter wordt bepaald, geldt mutatis mutandis voor een (zittings)combinatie van rechters.

Onderscheid in en toedeling van zaken

  • 3. Binnen de rechtbank Gelderland is het team bestuursrecht belast met de behandeling van zaken in het bestuursrecht.

    Voor specifieke aandachtsgebieden kunnen binnen dit team kleinere werkeenheden worden ingericht.

    Zaken die onder een bepaald aandachtsgebied vallen, worden aan het team / de werkeenheid dat deze zaken behandelt toegedeeld. Zaken die niet onder een bepaald aandachtsgebied vallen, worden evenredig over het team of de desbetreffende werkeenheid verdeeld.

  • 4. Onverminderd het bepaalde in artikel 9 vindt de toedeling van zaken aan rechters die deel uitmaken van de hiervoor in artikel 3 genoemde teams plaats door of namens de teamvoorzitter onder eindverantwoordelijkheid van het bestuur van de rechtbank. Rechters kunnen werkzaam zijn in meer dan één team.

  • 5. Bij de toedeling van zaken wordt rekening gehouden met de beschikbaarheid, de belastbaarheid, de ervaring en de deskundigheid van de rechters in relatie tot de zwaarte van de zaak.

  • 6. De zaken worden door of namens de teamvoorzitter verdeeld in (categorieën van) zaken die geen toedeling op maat en zaken die wel toedeling op maat vergen.

Zaken die geen toedeling op maat vergen

  • 7. Zaken die geen toedeling op maat vergen, worden aselect al dan niet via een geautomatiseerd systeem aan de rechters toegedeeld door plaatsing van de zaak op een vooraf opgesteld zittingsrooster van rechters.

Zaken die toedeling op maat vergen

  • 8. De volgende zaken vergen toedeling op maat:

    • sociale voorzieningen

    • sociale verzekeringen

    • bijstand

    • ambtenaren

    • studiefinanciering

    • varia (inclusief toeslagen)

    • omgevingsrecht

    • bewaringszaken

    • (overige) vreemdelingenzaken

    • lokale belastingen

    • rijksbelastingen

    Binnen de zaakstroom worden de zaken in beginsel aselect toegedeeld.

    In algemene zin vergen de volgende zaken ook toedeling op maat:

    • (potentieel) geruchtmakende zaken

    • megazaken of zaken van bovengemiddelde zwaarte

    • team- of rechtsgebied-overstijgende zaken

    • clusters van zaken

    • vervolgzaken, daarmee worden zaken bedoeld tussen dezelfde partijen waarin samenhangende feiten of belangen aan de orde zijn

    • specialistische zaken

    • opleidingszaken, dit zijn zaken die door bijvoorbeeld rechters in opleiding worden behandeld en specifiek daartoe worden geselecteerd

    • spoedeisende zaken.

    Indien zaken op maat toegedeeld dienen te worden aan een combinatie van rechters uit meerdere rechtbanken, vindt toedeling aan die rechters plaats overeenkomstig de zaakstoedelingsregeling van de rechtbank die relatief competent is met betrekking tot de toe te delen zaak.

  • 9. Zaken die toedeling op maat vergen, worden door of namens de teamvoorzitter rechtstreeks aan de rechters toegedeeld. Daarbij kan, naast de in artikel 5 genoemde criteria, rekening worden gehouden met:

    • senioriteit

    • evenwichtige samenstelling van de combinatie

    • ervaring met (media)druk.

    De teamvoorzitter deelt, zonder voorafgaande instemming van een andere teamvoorzitter, geen zaken aan zichzelf toe.

  • 10. Elke rechter wordt geacht elke zaak van gemiddelde zaakzwaarte binnen het (deel)rechtsgebied waarin hij/zij werkzaam is te kunnen behandelen. Voor rechters in opleiding, raadsheren in opleiding en rechters die nog maar kort binnen het betrokken rechts- of aandachtsgebied werkzaam zijn, kan een specifiek pakket van zaken worden samengesteld.

Het roosteren en plannen van zaken

  • 11. Zaken die gereed zijn voor behandeling ter zitting worden voor zittingen geagendeerd op basis van het principe ‘first in, first out’.

  • 12. Het volgende kan aanleiding zijn om af te wijken van het principe ‘first in, first out’:

    • het clusteren van zaken

    • het voegen van zaken

    • samenhangende zaken

    • de verhinderdata van partijen

    • als een maatschappelijk belang (zoals spoedeisendheid of schending van de redelijke termijn) meebrengt dat de zaak bij voorrang moet worden behandeld

    • prioritering van zaaksstromen

    • doelmatigheidsoverwegingen.

Zaak volgt rechter

  • 13. Een zaak volgt in geval van aanhouding in beginsel de rechter aan wie de zaak is toegedeeld. Indien een zaak meervoudig wordt behandeld, volgt de zaak in ieder geval één van de leden van de zittingscombinatie, bij voorkeur de zaaksvoorzitter. De beslissing wordt genomen door de rechter die de laatste (meervoudige) mondelinge behandeling heeft gedaan. Is dat om welke reden dan ook niet (meer) mogelijk, dan wordt dit onder opgave van reden(en) en de beoogde uitspraakdatum aan partijen medegedeeld, en dan kunnen partijen vragen om een nieuwe mondelinge behandeling.

  • 14. Uitzonderingen op het principe ‘zaak volgt rechter’ zijn:

    • indien een rechter nog geen inhoudelijke beslissing heeft genomen of alleen een omkeerbare onderzoekshandeling heeft verricht in de zaak.

    • bij samenhangende zaken en vervolgzaken kan het in sommige gevallen de voorkeur hebben dat een andere rechter de samenhangende of de vervolgzaak behandelt.

    • indien een zaak naar een meervoudige kamer of naar een andere rechter wordt verwezen.

    • indien een verschonings- of wrakingsverzoek is toegewezen.

    • bij ontstentenis van een rechter, bijvoorbeeld wegens roulatie, langdurige afwezigheid, ziekte of bij defungeren.

Bekendmaking

  • 15. Uiterlijk 2 werkdagen voor de zitting wordt de naam van de rechter die de zaak behandelt bekend gemaakt. In spoedzaken gebeurt dit zo snel als mogelijk. De bekendmaking vindt per brief dan wel op elektronische wijze plaats. Vanaf deze bekendmaking is in beginsel géén rechterswisseling mogelijk, anders dan na een toegewezen formeel verschonings- of wrakingsverzoek.

  • 16. Een zwaarwegende reden kan, in afwijking van artikel 15, aanleiding zijn voor een rechterswisseling, mits met instemming van de desbetreffende rechter, alsmede met instemming van de teamvoorzitter. De wisseling wordt onder vermelding van de reden(en) uiterlijk op de zitting aan partijen medegedeeld.

    Onder de ‘zwaarwegende reden’ vallen (niet limitatief, maar wel indicatief):

    • i. ziekte;

    • ii. onverwachte afwezigheid om plotseling opgekomen omstandigheden (waaronder calamiteitenverlof, overlijden in naaste kring, ernstige verkeershinder e.d.);

    • iii. de rechter moet invallen in een andere zaak waarin de oorspronkelijk aangewezen rechter verhinderd is als gevolg van omstandigheden als bedoeld onder i. en ii.

  • 17. Bij een rechterswisseling als bedoeld in de artikelen 15 en 16 vindt de toedeling van de zaak aan een andere rechter plaats met toepassing van de artikelen 5 en/of 9.

Verschoning

  • 18. Voor alle zaken geldt dat een rechter zelf zal nagaan of zijn/haar (voormalige) hoofd- en nevenfuncties of de Leidraad Nevenfuncties en onpartijdigheid aanleiding geven om een zaak niet te behandelen. Indien een rechter bij een toegedeelde zaak volgens wettelijke bepalingen gehouden is een verschoningsverzoek in te dienen, kan de rechter zich niet meer informeel terugtrekken, maar volgt een verschoningsprocedure.

  • 19. Indien de rechter tot de conclusie komt dat hij of zij de zaak niet kan behandelen, maar zijn of haar bemoeienis nog niet verplicht tot het indienen van een verschoningsverzoek, kan de rechter besluiten zich terug te trekken van de behandeling van de zaak. In dat geval meldt de rechter dit zo spoedig mogelijk aan de teamvoorzitter. De teamvoorzitter zal de zaak, met inachtneming van het voorgaande, aan een andere rechter toedelen, tenzij hij of zij meent dat de rechter geen goede reden heeft voor terugtreding of dat alsnog een verschoningsverzoek moet worden ingediend.

Slotbepalingen

  • 20. Eerdere zaakstoedelingsregelingen komen te vervallen met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze zaakstoedelingsregeling.

  • 21. Deze zaakstoedelingsregeling treedt in werking op 1 april 2021.

Vastgesteld door het bestuur van de rechtbank Gelderland op 25 februari 2021.

ZAAKSTOEDELINGSREGELING FAMILIE- EN JEUGDRECHT RECHTBANK GELDERLAND

Algemeen

  • 1. Deze regeling ziet op de toedeling van familie- en jeugdzaken in de rechtbank Gelderland, met inbegrip van jeugdstrafzaken.

  • 2. In deze regeling wordt onder rechters tevens rechters-plaatsvervangers verstaan. Wat in deze regeling ten aanzien van een rechter wordt bepaald, geldt mutatis mutandis voor een (zittings)combinatie van rechters.

Onderscheid in en toedeling van zaken

  • 3. Binnen de rechtbank Gelderland is het team familie- en jeugdrecht belast met de behandeling van familie- en jeugdzaken.

    Voor specifieke aandachtsgebieden kunnen binnen het team kleinere werkeenheden worden ingericht.

  • 4. Onverminderd het bepaalde in artikel 9 vindt de toedeling van zaken aan rechters die deel uitmaken van het hiervoor in artikel 3 genoemde team plaats door of namens de teamvoorzitter onder eindverantwoordelijkheid van het bestuur van de rechtbank. Rechters kunnen werkzaam zijn in meer dan één team.

  • 5. Bij de toedeling van zaken wordt rekening gehouden met de beschikbaarheid, de belastbaarheid, de ervaring en de deskundigheid van de rechters in relatie tot de zwaarte van de zaak.

  • 6. De zaken worden door of namens de teamvoorzitter verdeeld in (categorieën van) zaken die geen toedeling op maat en zaken die wel toedeling op maat vergen.

Zaken die geen toedeling op maat vergen

  • 7. Zaken die geen toedeling op maat vergen, worden aselect al dan niet via een geautomatiseerd systeem als volgt aan de rechters toegedeeld:

    • verstekken, refertes, meldbriefbeschikkingen, kindbrieven, gemeenschappelijke verzoeken echtscheiding en overige familie- en jeugdzaken waarin geen behandeling op zitting wordt bepaald worden rechtstreeks aan een rechter toegedeeld.

    • spoedzaken worden rechtstreeks op basis van beschikbaarheid aan een rechter toegedeeld.

    • overige zaken: door plaatsing van de zaak op een vooraf opgesteld zittingsrooster van rechters.

Zaken die toedeling op maat vergen

  • 8. In algemene zin vergen de volgende zaken ook toedeling op maat:

    • (potentieel) geruchtmakende zaken

    • megazaken of zaken van bovengemiddelde zwaarte

    • team- of rechtsgebied-overstijgende zaken

    • clusters van zaken

    • samenhangende dan wel vervolgzaken daarmee worden zaken bedoeld tussen dezelfde partijen waarin samenhangende feiten of belangen aan de orde zijn

    • zaken waarin het uitgangspunt ‘één gezin, één rechter’ van toepassing is.

    Indien zaken op maat toegedeeld dienen te worden aan een combinatie van rechters uit meerdere rechtbanken, vindt toedeling aan die rechters plaats overeenkomstig de zaakstoedelingsregeling van de rechtbank die relatief competent is met betrekking tot de toe te delen zaak.

  • 9. Zaken die toedeling op maat vergen, worden door of namens de teamvoorzitter rechtstreeks aan de rechters toegedeeld. Daarbij kan, naast de in artikel 5 genoemde criteria, rekening worden gehouden met:

    • senioriteit

    • evenwichtige samenstelling van de combinatie

    • ervaring met (media)druk.

    De teamvoorzitter deelt, zonder voorafgaande instemming van een andere teamvoorzitter, geen zaken aan zichzelf toe.

  • 10. Elke rechter wordt geacht elke zaak van gemiddelde zaakzwaarte binnen het (deel)rechtsgebied waarin hij/zij werkzaam is te kunnen behandelen. Voor rechters in opleiding, raadsheren in opleiding en rechters die nog maar kort binnen het betrokken rechts- of aandachtsgebied werkzaam zijn, kan een specifiek pakket van zaken worden samengesteld.

Het roosteren en plannen van zaken

  • 11. Zaken die gereed zijn voor behandeling ter zitting worden voor zittingen geagendeerd op basis van het principe ‘first in, first out’.

  • 12. Het volgende kan aanleiding zijn om af te wijken van het principe ‘first in, first out’:

    • het clusteren van zaken

    • het voegen van zaken

    • samenhangende zaken

    • de verhinderdata van partijen

    • als een maatschappelijk belang (zoals spoedeisendheid of schending van de redelijke termijn) meebrengt dat de zaak bij voorrang moet worden behandeld

    • doelmatigheidsoverwegingen

    • regievoering.

Zaak volgt rechter

  • 13. Een zaak volgt in geval van aanhouding in beginsel de rechter aan wie de zaak is toegedeeld. Indien een zaak meervoudig wordt behandeld, volgt de zaak in ieder geval één van de leden van de zittingscombinatie, bij voorkeur de zaaksvoorzitter. De beslissing wordt genomen door de rechter die de laatste (meervoudige) mondelinge behandeling heeft gedaan. Is dat om welke reden dan ook niet (meer) mogelijk, dan wordt dit onder opgave van reden(en) en de beoogde uitspraakdatum aan partijen medegedeeld, en dan kunnen partijen vragen om een nieuwe mondelinge behandeling.

  • 14. Uitzonderingen op het principe ‘zaak volgt rechter’ zijn:

    • indien een rechter nog geen inhoudelijke beslissing heeft genomen of alleen een omkeerbare onderzoekshandeling heeft verricht in de zaak.

    • bij samenhangende zaken en vervolgzaken kan er aanleiding zijn dat een andere rechter de samenhangende of de vervolgzaak behandelt.

    • indien een zaak van of naar een meervoudige kamer of naar een andere rechter wordt verwezen.

    • indien een verschonings- of wrakingsverzoek is toegewezen.

    • bij ontstentenis van een rechter, bijvoorbeeld wegens roulatie, langdurige afwezigheid, ziekte of bij defungeren.

    • indien een zaak niet binnen een redelijke termijn door dezelfde rechter (op zitting) kan worden behandeld.

Bekendmaking

  • 15. Uiterlijk 2 werkdagen voor de zitting, wordt de naam van de rechter die de zaak behandelt, bekend gemaakt. In spoedeisende zaken gebeurt dit zo snel als mogelijk. De bekendmaking vindt per brief dan wel op elektronische wijze plaats. Vanaf deze bekendmaking is in beginsel géén rechterswisseling mogelijk, anders dan na een toegewezen formeel verschonings- of wrakingsverzoek.

  • 16. Een zwaarwegende reden kan, in afwijking van artikel 15, aanleiding zijn voor een rechterswisseling, mits met instemming van de desbetreffende rechter, alsmede met instemming van de teamvoorzitter. De wisseling wordt onder vermelding van de reden(en) uiterlijk op de zitting aan partijen medegedeeld. Onder de ‘zwaarwegende reden’ vallen (niet limitatief, maar wel indicatief):

    • i. ziekte;

    • ii. onverwachte afwezigheid om plotseling opgekomen omstandigheden (waaronder calamiteitenverlof, overlijden in naaste kring, ernstige verkeershinder e.d.);

    • iii. de rechter moet invallen in een andere zaak waarin de oorspronkelijk aangewezen rechter verhinderd is als gevolg van omstandigheden als bedoeld onder i. en ii.

  • 17. Bij een rechterswisseling als bedoeld in de artikelen 15 en 16 vindt de toedeling van de zaak aan een andere rechter plaats met toepassing van de artikelen 5 en/of 9.

Verschoning

  • 18. Voor alle zaken geldt dat een rechter zelf zal nagaan of zijn/haar (voormalige) hoofd- en nevenfuncties of de Leidraad Nevenfuncties en onpartijdigheid aanleiding geven om een zaak niet te behandelen. Indien een rechter bij een toegedeelde zaak volgens wettelijke bepalingen gehouden is een verschoningsverzoek in te dienen, kan de rechter zich niet meer informeel terugtrekken, maar volgt een verschoningsprocedure.

  • 19. Indien de rechter tot de conclusie komt dat hij of zij de zaak niet kan behandelen, maar zijn of haar bemoeienis nog niet verplicht tot het indienen van een verschoningsverzoek, kan de rechter besluiten zich terug te trekken van de behandeling van de zaak. In dat geval meldt de rechter dit zo spoedig mogelijk aan de teamvoorzitter. De teamvoorzitter zal de zaak, met inachtneming van het voorgaande, aan een andere rechter toedelen, tenzij hij of zij meent dat de rechter geen goede reden heeft voor terugtreding of dat alsnog een verschoningsverzoek moet worden ingediend.

Slotbepalingen

  • 20. Eerdere zaakstoedelingsregelingen komen te vervallen met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze zaakstoedelingsregeling.

  • 21. Deze zaakstoedelingsregeling treedt in werking op 1 april 2021.

Vastgesteld door het bestuur van de rechtbank Gelderland op 24 februari 2021.

ZAAKSTOEDELINGSREGELING KANTON EN HANDELSRECHT RECHTBANK GELDERLAND

Algemeen

  • 1. Deze regeling ziet op de toedeling van kanton- en handelszaken, inclusief erfrechtzaken, in de rechtbank Gelderland.

  • 2. In deze regeling wordt onder rechters tevens rechters-plaatsvervangers verstaan. Wat in deze regeling ten aanzien van een rechter wordt bepaald, geldt mutatis mutandis voor een (zittings)combinatie van rechters.

Onderscheid in en toedeling van zaken

  • 3. Binnen de rechtbank Gelderland is het team kanton en handelsrecht belast met de behandeling van kanton- en handelszaken.

    Voor specifieke aandachtsgebieden kunnen binnen het team kleinere werkeenheden worden ingericht.

  • 4. Onverminderd het bepaalde in artikel 9 vindt de toedeling van zaken aan rechters die deel uitmaken van de hiervoor in artikel 3 genoemde teams plaats door of namens de teamvoorzitter onder eindverantwoordelijkheid van het bestuur van de rechtbank. Rechters kunnen werkzaam zijn in meer dan één team.

  • 5. Bij de toedeling van zaken wordt rekening gehouden met de beschikbaarheid, de belastbaarheid, de ervaring en de deskundigheid van de rechters in relatie tot de zwaarte van de zaak.

  • 6. De zaken worden door of namens de teamvoorzitter verdeeld in (categorieën van) zaken die geen toedeling op maat en zaken die wel toedeling op maat vergen.

Zaken die geen toedeling op maat vergen

  • 7. Zaken die geen toedeling op maat vergen, worden aselect als volgt aan de rechters toegedeeld:

    • via een geautomatiseerd systeem of,

    • verdeling op basis van beschikbaarheid of,

    • door plaatsing van de zaak op een vooraf opgesteld zittingsrooster van rechters.

Zaken die toedeling op maat vergen

  • 8. De volgende zaken vergen toedeling op maat:

    • aanbestedings- en mededingingsrecht

    • complexe arbeidszaken (o.a. complexe CAO, pensioenrecht, arbeidsongevallen)

    • beslag- en executierecht

    • bouwrecht

    • erfrecht

    • huurrecht (complex, o.a. huur bedrijfsruimte, huurkoop, lease)

    • intellectuele eigendomsrecht (IE)

    • onteigening en ruilverkaveling

    • ontslag statutair bestuurder met arbeidsovereenkomst

    • overgang onderneming

    • pachtzaken

    • personenschade (inclusief arbeidsongevallen, letselschade en deelgeschillen)

    • verzekeringsrecht (m.n. zorgverzekeringswet)

    • vervoersrecht

    • VVE-zaken.

    Indien zaken op maat toegedeeld dienen te worden aan een combinatie van rechters uit meerdere rechtbanken, vindt toedeling aan die rechters plaats overeenkomstig de zaakstoedelingsregeling van de rechtbank die relatief competent is met betrekking tot de toe te delen zaak.

    In algemene zin vergen de volgende zaken ook toedeling op maat:

    • (potentieel) geruchtmakende zaken

    • megazaken of zaken van bovengemiddelde zwaarte

    • meervoudige-kamerzaken

    • team- of rechtsgebied-overstijgende zaken

    • clusters van zaken

    • vervolgzaken, daarmee worden zaken bedoeld tussen dezelfde partijen waarin samenhangende feiten of belangen aan de orde zijn

    • incidenten die voor de toedeling van de zaak zijn aangebracht.

  • 9. Zaken die toedeling op maat vergen, worden door of namens de teamvoorzitter rechtstreeks aan de rechters toegedeeld. Daarbij kan, naast de in artikel 5 genoemde criteria, rekening worden gehouden met:

    • senioriteit

    • evenwichtige samenstelling van de combinatie

    • ervaring met (media)druk

    • zittingslocatie.

    De teamvoorzitter deelt, zonder voorafgaande instemming van een andere teamvoorzitter, geen zaken aan zichzelf toe.

  • 10. Elke rechter wordt geacht elke zaak van gemiddelde zaakzwaarte binnen het (deel)rechtsgebied waarin hij/zij werkzaam is te kunnen behandelen. Voor rechters, rechters-plaatsvervangers, raadsheren in opleiding en rechters die nog maar kort binnen het betrokken rechts- of aandachtsgebied werkzaam zijn, kan een specifiek pakket van zaken worden samengesteld.

Het roosteren en plannen van zaken

  • 11. Zaken die gereed zijn voor behandeling ter zitting worden voor zittingen geagendeerd op basis van het principe ‘first in, first out’.

  • 12. Het volgende kan aanleiding zijn om af te wijken van het principe ‘first in, first out’:

    • het clusteren van zaken

    • het voegen van zaken

    • samenhangende zaken

    • de verhinderdata van partijen

    • als een maatschappelijk belang (zoals spoedeisendheid of schending van de redelijke termijn) meebrengt dat de zaak bij voorrang moet worden behandeld

    • doelmatigheidsoverwegingen.

Zaak volgt rechter

  • 13. Een zaak volgt in geval van aanhouding in beginsel de rechter aan wie de zaak is toegedeeld. Indien een zaak meervoudig wordt behandeld, volgt de zaak in ieder geval één van de leden van de zittingscombinatie, bij voorkeur de zaaksvoorzitter. De beslissing wordt genomen door de rechter(s) die de laatste (meervoudige) mondelinge behandeling heeft/hebben gedaan. Is dat om welke reden dan ook niet (meer) mogelijk dan wordt dit onder opgave van reden(en) en de beoogde uitspraakdatum aan partijen medegedeeld en dan kunnen partijen vragen om een nieuwe mondelinge behandeling.

  • 14. Uitzonderingen op het principe ‘zaak volgt rechter’ zijn:

    • indien een rechter nog geen inhoudelijke beslissing heeft genomen of alleen een omkeerbare onderzoekshandeling heeft verricht in de zaak.

    • bij samenhangende zaken en vervolgzaken kan het in sommige gevallen de voorkeur hebben dat een andere rechter de samenhangende of de vervolgzaak behandelt.

    • indien een zaak naar een meervoudige kamer of naar een andere rechter wordt verwezen.

    • indien een verschonings- of wrakingsverzoek is toegewezen.

    • bij ontstentenis van een rechter, bijvoorbeeld wegens roulatie, langdurige afwezigheid, ziekte of bij defungeren.

Bekendmaking

  • 15. Uiterlijk 2 werkdagen voor de zitting wordt in kanton- en handelszaken de naam van de rechter die de zaak behandelt bekend gemaakt. In spoedeisende zaken gebeurt dit zo snel als mogelijk. De bekendmaking gebeurt per brief dan wel op elektronische wijze. Vanaf deze bekendmaking is in beginsel géén rechterswisseling mogelijk, anders dan na een toegewezen formeel verschonings- of wrakingsverzoek.

  • 16. Een zwaarwegende reden kan, in afwijking van artikel 15, aanleiding zijn voor een rechterswisseling, mits met instemming van de desbetreffende rechter, alsmede met instemming van de teamvoorzitter. De wisseling wordt onder vermelding van de reden(en) uiterlijk op de zitting aan partijen medegedeeld.

    Onder de ‘zwaarwegende reden’ vallen (niet limitatief, maar wel indicatief):

    • i. ziekte;

    • ii. onverwachte afwezigheid om plotseling opgekomen omstandigheden (waaronder calamiteitenverlof, overlijden in naaste kring, ernstige verkeershinder e.d.);

    • iii. de rechter moet invallen in een andere zaak waarin de oorspronkelijk aangewezen rechter verhinderd is als gevolg van omstandigheden als bedoeld onder i. en ii.

  • 17. Bij een rechterswisseling als bedoeld in de artikelen 15 en 16 vindt de toedeling van de zaak aan een andere rechter plaats met toepassing van de artikelen 5 en/of 9.

Verschoning

  • 18. Voor alle zaken geldt dat een rechter zelf zal nagaan of zijn/haar (voormalige) hoofd- en nevenfuncties of de Leidraad Nevenfuncties en onpartijdigheid aanleiding geven om een zaak niet te behandelen. Indien een rechter bij een toegedeelde zaak volgens wettelijke bepalingen gehouden is een verschoningsverzoek in te dienen, kan de rechter zich niet meer informeel terugtrekken, maar volgt een verschoningsprocedure.

  • 19. Indien de rechter tot de conclusie komt dat hij of zij de zaak niet kan behandelen, maar zijn of haar bemoeienis nog niet verplicht tot het indienen van een verschoningsverzoek, kan de rechter besluiten zich terug te trekken van de behandeling van de zaak. In dat geval meldt de rechter dit zo spoedig mogelijk aan de teamvoorzitter. De teamvoorzitter zal de zaak, met inachtneming van het voorgaande, aan een andere rechter toedelen, tenzij hij of zij meent dat de rechter geen goede reden heeft voor terugtreding of dat alsnog een verschoningsverzoek moet worden ingediend.

Slotbepalingen

  • 20. Eerdere zaakstoedelingsregelingen komen te vervallen met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze zaakstoedelingsregeling.

  • 21. Deze zaakstoedelingsregeling treedt in werking op 1 april 2021.

Vastgesteld door het bestuur van de rechtbank Gelderland op 24 februari 2021.

ZAAKSTOEDELINGSREGELING STRAFRECHT RECHTBANK GELDERLAND (MET INBEGRIP VAN MILITAIRE STRAFZAKEN)

Algemeen

  • 1. Deze regeling ziet op de toedeling van strafzaken, niet zijnde jeugdzaken, met inbegrip van militaire strafzaken, en van Wet-Mulderzaken in de rechtbank Gelderland.

  • 2. In deze regeling worden onder rechters tevens rechters-plaatsvervangers en militaire leden verstaan. Wat in deze regeling ten aanzien van een rechter wordt bepaald, geldt mutatis mutandis voor een (zittings)combinatie van rechters.

Onderscheid in en toedeling van zaken

  • 3. Binnen de rechtbank Gelderland is het team strafrecht belast met de behandeling van strafzaken.

    Voor specifieke aandachtsgebieden kunnen binnen de teams kleinere werkeenheden worden ingericht.

  • 4. Onverminderd het bepaalde in artikel 9, vindt de toedeling van zaken aan rechters die deel uitmaken van de hiervoor in artikel 3 genoemde teams plaats door of namens de teamvoorzitter, onder eindverantwoordelijkheid van het bestuur van de rechtbank. Rechters kunnen werkzaam zijn in meer dan één team.

  • 5. Bij de toedeling van zaken wordt rekening gehouden met de beschikbaarheid, de belastbaarheid, de ervaring en de deskundigheid van de rechters in relatie tot de zwaarte van de zaak.

  • 6. De zaken worden door of namens de teamvoorzitter verdeeld in (categorieën van) zaken die geen toedeling op maat en zaken die wel toedeling op maat vergen.

Zaken die geen toedeling op maat vergen

  • 7. Zaken die geen toedeling op maat vergen, worden door de Verkeerstoren geplaatst op een vooraf opgesteld zittingsrooster van rechters.

Zaken die toedeling op maat vergen

  • 8. De volgende zaken vergen toedeling op maat:

    • militaire strafzaken

    • cybercrime

    • mensenhandel

    • terrorisme (extremisme en radicalisering)

    In algemene zin vergen ook de volgende zaken toedeling op maat:

    • (potentieel) geruchtmakende zaken

    • megazaken of zaken van bovengemiddelde zwaarte

    • team- of rechtsgebied-overstijgende zaken

    • clusters van / themagebonden zaken

    • vervolgzaken (daarmee worden zaken bedoeld binnen één onderzoek).

    Indien zaken op maat toegedeeld dienen te worden aan een combinatie van rechters uit meerdere rechtbanken, vindt toedeling aan die rechters plaats overeenkomstig de zaakstoedelingsregeling van de rechtbank die relatief competent is met betrekking tot de toe te delen zaak.

  • 9. Zaken die toedeling op maat vergen, worden door of namens de teamvoorzitter rechtstreeks aan de rechters toegedeeld. Daarbij kan, naast de in artikel 5 genoemde criteria, rekening worden gehouden met:

    • senioriteit

    • evenwichtige samenstelling van de combinatie

    • ervaring met (media)druk.

    De teamvoorzitter deelt, zonder voorafgaande instemming van een andere teamvoorzitter, geen zaken aan zichzelf toe.

  • 10. Elke rechter wordt geacht elke zaak van gemiddelde zaakzwaarte binnen het (deel)rechtsgebied waarin hij/zij werkzaam is te kunnen behandelen. Voor rechters in opleiding, raadsheren in opleiding en rechters die nog maar kort binnen het betrokken rechts- of aandachtsgebied werkzaam zijn, kan een specifiek pakket van zaken worden samengesteld.

Het roosteren en plannen van zaken

  • 11. Zaken die gereed zijn voor behandeling ter zitting worden voor zittingen geagendeerd op basis van het principe ‘first in, first out’.

  • 12. Het volgende kan aanleiding zijn om af te wijken van het principe ‘first in, first out’:

    • het clusteren van zaken

    • het voegen van zaken

    • samenhangende zaken

    • de verhinderdata van procesdeelnemers

    • als een maatschappelijk belang (zoals spoedeisendheid of schending van de redelijke termijn) meebrengt dat de zaak bij voorrang moet worden behandeld

    • doelmatigheidsoverwegingen.

Zaak volgt rechter

  • 13. Een zaak volgt in geval van aanhouding in beginsel de rechter aan wie de zaak is toegedeeld. Indien een zaak meervoudig wordt behandeld, volgt de zaak in ieder geval één van de leden van de zittingscombinatie, bij voorkeur de zaaksvoorzitter. De beslissing wordt genomen door de rechter die de laatste (meervoudige) mondelinge behandeling heeft gedaan.

  • 14. Uitzonderingen op het principe ‘zaak volgt rechter’ zijn:

    • indien een rechter nog geen inhoudelijke beslissing heeft genomen of alleen een omkeerbare onderzoekshandeling heeft verricht in de zaak.

    • bij samenhangende zaken en vervolgzaken kan het de voorkeur hebben dat een andere rechter de samenhangende of de vervolgzaak behandelt.

    • indien een zaak naar een meervoudige kamer of naar een andere rechter wordt verwezen.

    • indien een verschonings- of wrakingsverzoek is toegewezen.

    • bij ontstentenis van een rechter, bijvoorbeeld wegens roulatie, langdurige afwezigheid, ziekte of bij defungeren.

Bekendmaking

  • 15. Uiterlijk 2 werkdagen voor de zitting wordt de naam van de rechter die de zaak behandelt bekend gemaakt. In spoedeisende zaken gebeurt dit zo snel als mogelijk. De bekendmaking vindt per brief dan wel op elektronische wijze plaats. Vanaf deze bekendmaking is in beginsel géén rechterswisseling mogelijk, anders dan na een toegewezen formeel verschonings- of wrakingsverzoek.

  • 16. Een zwaarwegende reden kan, in afwijking van artikel 15, aanleiding zijn voor een rechterswisseling, mits met instemming van de desbetreffende rechter, alsmede met instemming van de teamvoorzitter. De wisseling wordt onder vermelding van de reden(en) uiterlijk op de zitting aan partijen medegedeeld.

    Onder de ‘zwaarwegende reden’ vallen (niet limitatief, maar wel indicatief):

    • i. ziekte;

    • ii. onverwachte afwezigheid om plotseling opgekomen omstandigheden (waaronder calamiteitenverlof, overlijden in naaste kring, ernstige verkeershinder e.d.);

    • iii. de rechter moet invallen in een andere zaak waarin de oorspronkelijk aangewezen rechter verhinderd is als gevolg van omstandigheden als bedoeld onder i. en ii.

  • 17. Bij een rechterswisseling als bedoeld in de artikelen 15 en 16 vindt de toedeling van de zaak aan een andere rechter plaats met toepassing van de artikelen 5 en/of 9.

Verschoning

  • 18. Voor alle zaken geldt dat een rechter zelf zal nagaan of zijn/haar (voormalige) hoofd- en nevenfuncties of de Leidraad Nevenfuncties en onpartijdigheid aanleiding geven om een zaak niet te behandelen. Indien een rechter bij een toegedeelde zaak volgens wettelijke bepalingen gehouden is een verschoningsverzoek in te dienen, kan de rechter zich niet meer informeel terugtrekken, maar volgt een verschoningsprocedure.

  • 19. Indien de rechter tot de conclusie komt dat hij of zij de zaak niet kan behandelen, maar zijn of haar bemoeienis nog niet verplicht tot het indienen van een verschoningsverzoek, kan de rechter besluiten zich terug te trekken van de behandeling van de zaak. In dat geval meldt de rechter dit zo spoedig mogelijk aan de teamvoorzitter. De teamvoorzitter zal de zaak, met inachtneming van het voorgaande, aan een andere rechter toedelen, tenzij hij of zij meent dat de rechter geen goede reden heeft voor terugtreding of dat alsnog een verschoningsverzoek moet worden ingediend.

Slotbepalingen

  • 20. Eerdere zaakstoedelingsregelingen komen te vervallen met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze zaakstoedelingsregeling.

  • 21. Deze zaakstoedelingsregeling treedt in werking op 1 april 2021.

Vastgesteld door het bestuur van de rechtbank Gelderland op 24 februari 2021.

ZAAKSTOEDELINGSREGELING TOEZICHT RECHTBANK GELDERLAND

Algemeen

  • 1. Deze regeling ziet op de toedeling van faillissementszaken, schuldsaneringszaken, moratoria, dwangakkoorden, voorlopige voorzieningen, de Betalingsuitstelwet en zaken betreffende de Wet Homologatie Onderhands Akkoord (hierna: insolventiezaken) en curatele, bewind en mentorschap zaken (hierna: CBM-zaken) in de rechtbank Gelderland.

  • 2. In deze regeling wordt onder rechters tevens rechters-plaatsvervangers verstaan. Wat in deze regeling ten aanzien van een rechter wordt bepaald, geldt mutatis mutandis voor een (zittings)combinatie van rechters.

Onderscheid in en toedeling van zaken

  • 3. Binnen de rechtbank Gelderland is het team toezicht belast met de behandeling van insolventiezaken en CBM-zaken. Voor specifieke aandachtsgebieden kunnen binnen het team kleinere werkeenheden worden ingericht.

  • 4. Onverminderd het bepaalde in artikel 9 vindt de toedeling van zaken aan rechters die deel uitmaken van het inhoudelijke team toezicht plaats door of namens de teamvoorzitter van dit team onder eindverantwoordelijkheid van het bestuur van de rechtbank. Rechters kunnen werkzaam zijn in meer dan één team.

  • 5. Bij de toedeling van zaken wordt rekening gehouden met de beschikbaarheid, de belastbaarheid, de ervaring en de deskundigheid van de rechters in relatie tot de zwaarte van de zaak.

    Voor insolventiezaken geldt dat de hoedanigheid van rechter-commissaris in een zaak in de weg staat aan vervolgens fungeren als rechter in de rechtbank in diezelfde zaak.

  • 6. De zaken worden door of namens de teamvoorzitter verdeeld in (categorieën van) zaken die geen toedeling op maat en zaken die wel toedeling op maat vergen.

Zaken die geen toedeling op maat vergen

  • 7. Zaken die geen toedeling op maat vergen, worden aselect al dan niet via een geautomatiseerd systeem aan de rechters toegedeeld.

    Voor insolventiezaken geldt:

    • door plaatsing van de zaak op een vooraf opgesteld zittingsrooster van rechters.

    Het betreft de navolgende insolventiezaken:

    • behandeling verzoeken tot faillietverklaring

    • behandeling verzoeken tot toelating WSNP

    • zittingen moratorium, dwangakkoord, voorlopige voorziening

    • (tussentijdse) beëindigingszittingen schuldsanering

    Voor CBM-zaken geldt:

    • zaken die daarvoor op grond van in de rechtbank door de CBM-kantonrechters en de teamvoorzitter van het team toezicht vastgestelde criteria lenen voor toewijzing zonder zitting, worden uitgesproken door de CBM-kantonrechter die op grond van het rooster is aangewezen (hierna de CBM-kantonrechter van dienst). Het gaat om:

      • verzoeken van een instelling waarin de betrokkene verblijft, waarbij er geen familieleden zijn die als belanghebbende moeten worden gehoord en waarin uit de medische stukken blijkt dat betrokkene niet gehoord kan worden als gevolg van medische beperkingen

      • verzoeken van goed functionerende professionele bewindvoerders, mits het verzoek compleet is

      • herhaalde verzoeken tot opheffing van het bewind of ontslag van de bewindvoerder binnen 1 jaar na het vorige verzoek bij ongewijzigde omstandigheden

      • diverse verzoeken om machtiging van de kantonrechter.

      • overige CBM-zaken: door plaatsing van de zaak op een vooraf opgesteld zittingsrooster van kantonrechters die zich met CBM-zaken bezig houden (hierna CBM-kantonrechters).

Zaken die toedeling op maat vergen

  • 8. De volgende zaken vergen toedeling op maat:

    • megazaken of zaken van bovengemiddelde zwaarte

    • specialistische zaken

    • spoedverzoeken

    • team- of rechtsgebied-overstijgende zaken

    • clusters van zaken

    • (potentieel) geruchtmakende zaken

    Voor insolventiezaken geldt bovendien:

    • zaken betrekking hebbend op de Wet Homologatie Onderhands Akkoord

    • vervolgzaken, daarmee worden zaken bedoeld tussen dezelfde partijen waarin samenhangende feiten of belangen aan de orde zijn, bijvoorbeeld in geval van clusters van faillissementen

    • surseances van betaling

    Voor CBM-zaken geldt bovendien:

    • aansprakelijkheidszaken met grote schade

    • ontslag van een professionele bewindvoerder/curator/mentor in alle zaken

    • (potentieel) geruchtmakende zaken

    Indien zaken op maat toegedeeld dienen te worden aan een combinatie van rechters uit meerdere rechtbanken, vindt toedeling aan die rechters plaats overeenkomstig de zaakstoedelingsregeling van de rechtbank die relatief competent is met betrekking tot de toe te delen zaak.

  • 9. Zaken die toedeling op maat vergen, worden door of namens de teamvoorzitter rechtstreeks aan de rechters toegedeeld. Daarbij kan, naast de in artikel 5 genoemde criteria, rekening worden gehouden met:

    • senioriteit

    • evenwichtige samenstelling van de combinatie

    • ervaring met (media)druk

    • specialisme.

    De teamvoorzitter deelt, zonder voorafgaande instemming van een andere teamvoorzitter, geen zaken aan zichzelf toe.

  • 10. Elke rechter wordt geacht elke zaak van gemiddelde zaakzwaarte binnen het (deel)rechtsgebied waarin hij/zij werkzaam is te kunnen behandelen. De professionele standaarden insolventie en CBM worden hierbij gevolgd. Voor rechters in opleiding en rechters die nog maar kort binnen het betrokken rechts- of aandachtsgebied werkzaam zijn, kan een specifiek pakket van zaken worden samengesteld.

Het roosteren en plannen van zaken

  • 11. Zaken die gereed zijn voor behandeling ter zitting worden voor zittingen geagendeerd op basis van het principe ‘first in, first out’.

  • 12. Het volgende kan aanleiding zijn om af te wijken van het principe ‘first in, first out’:

    • het clusteren van zaken

    • het voegen van zaken

    • samenhangende zaken

    • de verhinderdata van partijen

    • doelmatigheidsoverwegingen

    • als een maatschappelijk belang (zoals spoedeisendheid of schending van de redelijke termijn) meebrengt dat de zaak bij voorrang moet worden behandeld

Zaak volgt rechter

  • 13. Een zaak volgt in geval van aanhouding in beginsel de rechter aan wie de zaak is toegedeeld. Indien een zaak meervoudig wordt behandeld, volgt de zaak in ieder geval één van de leden van de zittingscombinatie, bij voorkeur de zaaksvoorzitter. De beslissing wordt genomen door de rechter die de laatste (meervoudige) mondelinge behandeling heeft gedaan. Is dat om welke reden dan ook niet (meer) mogelijk, dan wordt dit onder opgave van reden(en) en de beoogde uitspraakdatum aan partijen medegedeeld, en dan kunnen partijen vragen om een nieuwe mondelinge behandeling.

  • 14. Uitzonderingen op het principe ‘zaak volgt rechter’ zijn:

    • indien een rechter nog geen inhoudelijke beslissing heeft genomen of alleen een omkeerbare onderzoekshandeling heeft verricht in de zaak

    • bij samenhangende zaken en vervolgzaken kan het in sommige gevallen de voorkeur hebben dat een andere rechter de samenhangende of de vervolgzaak behandelt

    • indien een zaak naar een meervoudige kamer of naar een andere rechter wordt verwezen

    • indien een verschonings- of wrakingsverzoek is toegewezen

    • bij ontstentenis van een rechter, bijvoorbeeld wegens roulatie, langdurige afwezigheid, ziekte of bij defungeren

    Voor insolventiezaken geldt bovendien:

    • indien de behandeling van een verzoek tot toelating tot de WSNP, of een verzoek tot faillietverklaring wordt aangehouden op verzoek van één of meer partijen, zolang een rechter nog geen inhoudelijke beslissing heeft genomen of alleen een omkeerbare onderzoekshandeling heeft verricht in de zaak

Bekendmaking

  • 15. Uiterlijk 2 werkdagen voor de zitting wordt de naam van de (CBM-kanton)rechter die de zaak behandelt bekend gemaakt. In spoedeisende zaken gebeurt dit zo snel als mogelijk. De bekendmaking vindt per brief dan wel op elektronische wijze plaats. Vanaf deze bekendmaking is in beginsel géén rechterswisseling mogelijk, anders dan na een toegewezen formeel verschonings- of wrakingsverzoek.

  • 16. Een zwaarwegende reden kan, in afwijking van artikel 15, aanleiding zijn voor een rechterswisseling, mits met instemming van de desbetreffende rechter, alsmede met instemming van de teamvoorzitter. De wisseling wordt onder vermelding van de reden(en) uiterlijk op de zitting aan partijen medegedeeld.

    Onder de ‘zwaarwegende reden’ vallen (niet limitatief, maar wel indicatief):

    • i. ziekte;

    • ii. onverwachte afwezigheid om plotseling opgekomen omstandigheden (waaronder calamiteitenverlof, overlijden in naaste kring, ernstige verkeershinder e.d.);

    • iii. de rechter moet invallen in een andere zaak waarin de oorspronkelijk aangewezen rechter verhinderd is als gevolg van omstandigheden als bedoeld onder i. en ii.

  • 17. Bij een rechterswisseling als bedoeld in de artikelen 15 en 16 vindt de toedeling van de zaak aan een andere rechter plaats met toepassing van de artikelen 5 en/of 9.

Verschoning

  • 18. Voor alle zaken geldt dat een (CBM-kanton)rechter zelf zal nagaan of zijn/haar (voormalige) hoofd- en nevenfuncties of de Leidraad Nevenfuncties en onpartijdigheid aanleiding geven om een zaak niet te behandelen. Indien een (CBM-kanton)rechter bij een toegedeelde zaak volgens wettelijke bepalingen gehouden is een verschoningsverzoek in te dienen, kan de (CBM-kanton)rechter zich niet meer informeel terugtrekken, maar volgt een verschoningsprocedure.

  • 19. Indien de (CBM-kanton)rechter tot de conclusie komt dat hij of zij de zaak niet kan behandelen, maar zijn of haar bemoeienis nog niet verplicht tot het indienen van een verschoningsverzoek, kan de (CBM-kanton)rechter besluiten zich terug te trekken van de behandeling van de zaak. In dat geval meldt de (CBM-kanton)rechter dit zo spoedig mogelijk aan de teamvoorzitter. De teamvoorzitter zal de zaak, met inachtneming van het voorgaande, aan een andere (CBM-kanton)rechter toedelen, tenzij hij of zij meent dat de (CBM-kanton)rechter geen goede reden heeft voor terugtreding of dat alsnog een verschoningsverzoek moet worden ingediend.

Slotbepalingen

  • 20. Eerdere zaakstoedelingsregelingen komen te vervallen met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze zaakstoedelingsregeling.

  • 21. Deze zaakstoedelingsregeling treedt in werking op 1 april 2021.

Vastgesteld door het bestuur van de rechtbank Gelderland op 24 februari 2021.