Besluit van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 23 maart 2020, nr. 23592397, tot wijziging van het Besluit van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 1 november 2019, nr. 17692350, houdende instelling van de Begeleidingscommissie onderzoek toereikendheid, doelmatigheid en kostentoerekening in mbo, hbo en wo (Instellingsbesluit begeleidingscommissie onderzoek toereikendheid, doelmatigheid en kostentoerekening in mbo, hbo en wo)

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;

Gelet op artikel 2 van de Wet vergoedingen adviescolleges en commissies;

Besluit:

ARTIKEL I

Artikel 9 van het besluit van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 1 november 2019, nr. MBO-128937, houdende instelling van de Begeleidingscommissie onderzoek toereikendheid, doelmatigheid en kostentoerekening in mbo, hbo en wo komt te luiden:

De vaste vergoeding per maand van de voorzitter, de andere leden bedraagt de arbeidsduurfactor 0,075 fte, respectievelijk 0,05 fte, van het maximum van schaal 18 van de laatst afgesloten collectieve arbeidsovereenkomst die is gesloten voor de ambtenaren die krachtens een arbeidsovereenkomst met de Staat werkzaam zijn.

ARTIKEL II

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 november 2019.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap I.K. van Engelshoven

TOELICHTING

Artikel 9 van het Instellingsbesluit begeleidingscommissie onderzoek toereikendheid, doelmatigheid en kostentoerekening in mbo, hbo en wo (Staatscourant 2019, 62018) regelt de vergoeding voor de voorzitter en andere leden van de commissie. Uit dit artikel volgt dat de vergoeding effectief ruim € 1.900,– per vergadering zou bedragen. Hier is evident sprake is van een vergissing, wat met bijgaand besluit wordt hersteld, met terugwerkende kracht tot en met 1 november 2019. De wijziging is afgestemd met de voorzitter en andere leden van de commissie. De commissie heeft besloten eenmaal per maand bijeen te komen. Om die reden is gekozen voor een arbeidsduurfactor van 0,05 fte voor de leden (ca. 1 dag per maand) en 0,075 fte (ca. 1,5 dag per maand) voor de voorzitter.

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap I.K. van Engelshoven

Naar boven