TOELICHTING
I. Algemene toelichting
Met deze beleidsregel wordt de Beleidsregel experiment Ruimte in onderwijstijd aangepast.1 In de originele beleidsregel staat van welke wet- en regelgeving kan worden afgeweken
door scholen die deelnemen aan het experiment. Die beleidsregel bepaalt daarmee aan
welke randvoorwaarden en waarborgen de scholen moeten voldoen die willen deelnemen
aan het experiment, hoe zij dit moeten aantonen, wat de looptijd van het experiment
is en onder welke condities het experiment wordt beëindigd.
De hiervoor genoemde originele beleidsregel stelt de deelnemers aan het experiment
ruimte in onderwijstijd op grond van de Experimentenwet onderwijs worden in de gelegenheid
om zelf de regie te voeren op het aantal, de lengte en de planning van vakanties (artikel
15, tweede lid, van de Wet op het primair onderwijs (Wpo)), om zelf te besluiten over
het aantal, de lengte en de planning van eventuele schoolweken korter dan vijf dagen
(artikel 8, negende lid, aanhef, onder b, onder 2°, van de Wpo) en om zelf een beperkt
deel van de onderwijstijd, onder verantwoordelijkheid van het bevoegd gezag en in
samenspraak met het team, door een andere professional te laten invullen (artikel
3, eerste lid, onder b, derde en vierde lid, van de Wpo). Dit geeft scholen de mogelijkheid
om de onderwijstijd anders in te vullen of te organiseren.
Gezien de maatregelen die genomen worden in het kader van het Coronavirus en de weerslag
die het op het onderwijs heeft, is besloten de termijn voor het kunnen indienen van
een aanvraag om mee te kunnen doen aan het experiment Ruimte in onderwijstijd te verschuiven
naar 1 mei 2020 tot en met 31 mei 2020. Daarmee verschuift de uiterlijke datum waarop
de minister een besluit neemt over de aanvragen naar 13 juli 2020. Om voorgaande mogelijk
te maken is deze wijzing van de beleidsregel opgesteld.
De coronacrisis maakt veel onvoorspelbaar en zal nog een zeker een tijd aanhouden.
Het is niet ondenkbaar dat te zijner tijd blijkt dat ook de nieuwe aanvraagperiode
voor scholen te vroeg komt en het aantal van twintig deelnemers niet gehaald wordt.
In dat geval zal een tweede cohort gestart worden per 1 januari 2021. De aanpassing
van de beleidsregel daartoe zal dan volgen.
Voorgaande is de enige wijziging die is gemaakt. Dat wil zeggen dat al de andere informatie
zoals gegeven in het kader van het experiment Ruimte in onderwijstijd en de daarbij
behorende beleidsregel nog geldig is. Denk daarbij in ieder geval maar niet exclusief
aan de informatie over de aan te leveren informatie en experimenteerplan, de voorrangsregels,
het begeleidend onderzoek, de afwijkmogelijkheden en alles rond administratieve lasten
en aanverwanten.
II. Artikelsgewijze toelichting
Artikel I
Dit artikel wijzigt de data waarin een aanvraag voor deelname aan het experiment Ruimte
in onderwijstijd gedaan kan worden van ‘1 april 2020 tot en met 30 april 2020’ naar
‘1 mei 2020 tot en met 31 mei 2020’. Daarmee schuift, naar aanleiding van de situatie
omtrent het Coronavirus, de termijn dat een aanvraag kan worden ingediend een maand
op in het jaar.
Daarnaast wijzigt dit artikel de uiterlijke datum waarop de minister besluit over
de aanvragen tot deelname aan het experiment van ‘12 juni 2020’ naar ‘13 juli 2020’.
Dit in lijn met de verschuiving van de data voor het kunnen doen van een aanvraag.
De inzet is en blijft wel om wanneer mogelijk ver voor 13 juli 2020 te besluiten zodat
de scholen voldoende tijd hebben hun aanvraag ook op hun school in te voeren.
De Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media,
A. Slob