Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en SportStaatscourant 2019, 35496Interne regelingen

Regeling van de Minister voor Medische Zorg van 20 juni 2019, 1536192-191396-VGP, houdende wijziging van de Warenwetregeling tatoeëren en piercen en de Regeling publieke gezondheid in verband met de indexering van tarieven 2019

De Minister voor Medische Zorg,

Gelet op artikel 4, vijfde lid, van het Warenwetbesluit tatoeëren en piercen en artikel 57, derde lid, van de Wet publieke gezondheid;

Besluit:

ARTIKEL I

Artikel 5 van de Warenwetregeling tatoeëren en piercen wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid wordt:

a. in onderdeel a ‘€ 422,32’ vervangen door ‘€ 432,88’;

b. in onderdeel b ‘€ 369,53’ vervangen door ‘€ 378,77’;

c. in onderdeel c ‘€ 211,16’ vervangen door ‘€ 216,44’;

d. in onderdeel d ‘€ 422,32’ vervangen door ‘€ 432,88’;

e. in onderdeel e ‘€ 369,53’ vervangen door ‘€ 378,77’;

f. in onderdeel f ‘€ 527,90’ vervangen door ‘€ 541,10’;

g. in onderdeel g ‘€ 422,32’ vervangen door ‘€ 432,88’; en

h. in onderdeel h ‘€ 158,37’ vervangen door ‘€ 162,33’.

2. In het tweede en derde lid wordt ‘€ 26,40’ telkens vervangen door ‘€ 27,06’.

3. In het vierde lid wordt ‘€ 105,58’ vervangen door ‘€ 108,22’.

ARTIKEL II

Artikel 9 van de Regeling publieke gezondheid wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid wordt:

a. in onderdeel a ‘€ 105,58’ vervangen door ‘€ 108,22’;

b. in onderdeel b ‘€ 158,37’ vervangen door ‘€ 162,33’; en

c. in onderdeel c ‘€ 211,16’ vervangen door ‘ € 216,44’.

2. In het derde lid wordt ‘€ 105,58’ vervangen door ‘€ 108,22’.

3. In het vierde lid wordt ‘€ 26,40’ vervangen door ‘€ 27,06’.

ARTIKEL III

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 juli 2019.

Deze regeling zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister voor Medische Zorg, B.J. Bruins

TOELICHTING

Artikel I

De tarieven voor werkzaamheden in het kader van tatoeëren, piercen en permanente make-up worden in 2019 net als de vorige jaren geïndexeerd. De tarieven zijn oorspronkelijk gebaseerd op het vastgestelde uurtarief van € 87,18 in 2007. Dit tarief is voor 2008 en 2009 geïndexeerd naar aanleiding van de indexatie van de CAO voor de gemeenten en vanaf 2010 jaarlijks geïndexeerd aan de hand van het CBS loonindexcijfer voor de sector overheid over het voorafgaande jaar. Per 1 juli 2019 wordt het tarief geïndexeerd op basis van het CBS loonindexcijfer voor de sector overheid over 2018 van 2,5%. Het nieuwe uurtarief bedraagt € 108,22.

Artikel II

Dit artikel stelt de tarieven vast ten aanzien van sanitaire controle van schepen en het certificaat tot vrijstelling van sanitaire controle van schepen in 2019 en indexeert deze tarieven.

Hierbij geldt dat er een maximaal aantal uren in rekening mag worden gebracht, gerelateerd aan het aantal opvarenden op een schip. Het aantal uren dat in rekening mag worden gebracht bedraagt niet meer dan:

  • 4 uur bij schepen met minder dan 50 opvarenden, anders dan bemanningsleden,

  • 8 uur bij schepen met 50-500 opvarenden, anders dan bemanningsleden,

  • 12 uur bij schepen met 500 en meer opvarenden, anders dan bemanningsleden.

Uitgangspunt voor het tarief is dat de controlewerkzaamheden geschieden door een deskundige in dienst van de gemeentelijke gezondheidsdienst. Gekeken is naar het tarief dat gehanteerd wordt voor de vergunningverlening tatoeage, piercing en permanente make-up. De functie-eisen voor het uitvoeren van onderzoek ter verkrijging van een certificaat tot vrijstelling van sanitaire controle van schepen of een certificaat van sanitaire controle van schepen zijn vergelijkbaar met die voor de werkzaamheden van een ambtenaar op grond van de Warenwetregeling tatoeëren en piercen.

Voor werkzaamheden buiten de gebruikelijke werktijden zijn tarieven vastgesteld van 150% en 200% van het normale uurtarief, wat overeenkomt met de bezoldigingsstructuur die gemeenten doorgaans hanteren.

Het uurtarief voor het uitgeven van Ship Sanitation certificaten wordt jaarlijks geïndexeerd op basis van het door het CBS vastgestelde loonindexcijfer voor de sector overheid.

De Minister voor Medische Zorg, B.J. Bruins