Regeling van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 6 februari 2017, 2016-0000273728, tot wijziging van de Regeling Wfsv i.v.m. de afschaffing van de herbezettingsvoorwaarde

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

Gelet op de artikelen 38f, vijfde lid, 38g, zesde lid, en 122n, tweede en vierde lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen en 2.22, eerste lid, en 2.23, eerste lid, van het Besluit Wfsv;

Besluit:

ARTIKEL I

Artikel 3.34 van de Regeling Wfsv wordt als volgt gewijzigd:

1. In het derde lid, tweede zin, vervalt de zinsnede: met dien verstande dat hierbij de personen die arbeid verrichten in een dienstbetrekking in de zin van artikel 2 van de Wet sociale werkvoorziening niet in aanmerking worden genomen.

2. Het vierde tot en met het negende lid vervallen.

ARTIKEL II

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2017.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag, 6 februari 2017

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J. Klijnsma

TOELICHTING

Algemeen

In de banenafspraak is de herbezettingvoorwaarde opgenomen. Deze houdt in dat vanaf 1 januari 2015 extra gerealiseerde Wsw-detacheringen ten opzichte van de nulmeting alleen meetellen voor de banenafspraak wanneer het vrijgevallen werk wordt herbezet door mensen die aan de slag gaan met een nieuwe voorziening beschut werk, als bedoeld in artikel 10b van de Participatiewet. Deze ‘herbezettingvoorwaarde’ is bedoeld om gemeenten te stimuleren de participatievoorziening beschut werk in te zetten en om te voorkomen dat een verschuiving van een baan in een sociale werkvoorziening naar een detachering buiten de sociale werkvoorziening meetelt als een baan voor de banenafspraak.

De herbezettingvoorwaarde blijkt op een aantal punten negatief uit te pakken. Zo wordt de telsystematiek door werkgevers op onderdelen als complex ervaren. Daarnaast pakt het achterblijven van het realiseren van het aantal beschut werkplekken door gemeenten negatief uit voor werkgevers, doordat met de herbezettingvoorwaarde het aantal mensen met beschut werk wordt afgezet tegen het aantal mensen met een Wsw-detachering. Hierdoor zouden veel van de banen via een extra Wsw-detachering niet meetellen voor de telling van de banenafspraak. Om deze reden heeft de Staatsecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) de herbezettingvoorwaarde in juni 2016 tijdelijk voor het kalenderjaar 2015 opgeschort voor de één-meting van de banenafspraak1. Het besluit over het definitief afschaffen van de herbezettingvoorwaarde zou de Staatssecretaris van SZW nemen, conform haar afspraken met de partners van de Werkkamer, op het moment dat gemeenten wettelijk verplicht worden om beschut werkplekken te realiseren. Een andere afspraak die de Staatssecretaris van SZW met de partners van de Werkkamer heeft gemaakt is dat de afschaffing van de herbezettingsvoorwaarde tegelijk in werking treedt met de inwerkingtreding van de wettelijke verplichting voor gemeenten om beschut werkplekken te realiseren. De wet waarin de wettelijke verplichting om beschut werkplekken te realiseren is opgenomen, is op 1 januari 2017 in werking getreden2. Deze wetswijziging zorgt ervoor dat gemeenten beschut werkplekken beschikbaar moeten stellen. Dat was tot 1 januari 2017 niet het geval. Om deze reden wordt met deze regeling het afschaffen van de herbezettingvoorwaarde definitief en treedt zij met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2017 in werking. Voor werkgevers worden met het afschaffen van deze voorwaarde de metingen voor de banenafspraak hierdoor eenvoudiger, omdat er geen onduidelijkheid is of de banen via Wsw-detachering al dan niet meetellen.

Artikelsgewijs

De afschaffing van de herbezettingvoorwaarde wordt vormgegeven met een wijziging van artikel 3.34 van de Regeling Wfsv. De bepalingen waarin de herbezettingvoorwaarde opgenomen was, zijn vervallen. De afschaffing van de herbezettingvoorwaarde maakt de metingen voor werkgevers eenvoudiger en biedt duidelijkheid over het al dan niet meetellen voor de banenafspraak van de banen via Wsw-detachering. Werkgevers met werknemers via Wsw-detacheringen zijn dan voor het meetellen van die banen niet afhankelijk van het aantal beschut werkplekken dat gemeenten hebben gerealiseerd. Daarbij worden de banen overeenkomstig artikel 3.34, tweede lid, alleen meegeteld bij de inlenende werkgever.

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J. Klijnsma


X Noot
1

Regeling van 23 juni 2016, 2016-0000149107, tot wijziging van Regeling Wfsv inhoudende opschorting van de herbezettingvoorwaarde voor de één-meting (Stcrt. 2016, 33980).

X Noot
2

Wet van 14 december 2016 tot wijziging van Participatiewet en enkele andere wetten in verband met het verplichten van beschut werk en met betrekking tot het quotum van arbeidsbeperkten en het openstellen van de Praktijkroute (Stb. 2016, 519).

Naar boven