Besluit wijziging winningsvergunning L6d, Ministerie van Economische Zaken

Dagtekening 14 februari 2014

DGETM/EM/14013468

Procesverloop:

  • Oranje-Nassau Energie B.V. is houder van de bij beschikking van de Minister van Economische Zaken van 6 maart 2003 met kenmerk ME/EP/UM/03006652 (Staatscourant 2003, nr. 48) verleende winningsvergunning voor een deel van blok L6 (L6d) van het continentaal plat, welk blok is aangegeven op de als bijlage 3 bij de Mijnbouwregeling gevoegde kaart; zoals laatstelijk is gewijzigd bij beschikking van de Minister van Economische Zaken van 25 november 2013 met kenmerk DGETM-EM/13196900;

  • bij brief van 7 januari 2014 heeft de vergunninghouder een aanvraag ingediend om verlenging van de geldigheidsduur van de winningsvergunning voor twaalf jaar, zoals opgenomen in artikel 4 van de winningsvergunning L6d.

Overwegingen:

  • de vergunninghouder vraagt om verlenging van het tijdvak waarvoor de winningsvergunning L6d geldt, waarbij hij aangeeft dat voor de hercompletering van de bestaande put L06-02-S1 eerst de Terschelling putlocatie moet worden afgesloten. De vergunninghouder geeft aan dat door de slechte kwaliteit van het reservoir het aardgas relatief langzaam gewonnen kan worden;

  • op grond van artikel 18, eerste lid, van de Mijnbouwwet kan de Minister van Economische Zaken, onverminderd artikel 32c, van de Mijnbouwwet, een vergunning slechts op aanvraag van de houder wijzigen. Hieraan is voldaan;

  • op grond van artikel 18, tweede lid, van de Mijnbouwwet kan een vergunning niet zodanig worden gewijzigd dat zij komt te gelden voor:

    • a. andere activiteiten of delfstoffen;

    • b. een groter gebied.

      Van dergelijke wijzigingen is geen sprake. Hiermee is voldaan aan artikel 18, tweede lid, van de Mijnbouwwet;

  • ingevolge artikel 18, derde lid, van de Mijnbouwwet wordt een aanvraag om verlenging van het tijdvak waarvoor een vergunning geldt, slechts ingewilligd indien het in de vergunning vastgestelde tijdvak onvoldoende is om de activiteiten, waarvoor de vergunning geldt, te voltooien en deze activiteiten zijn verricht in overeenstemming met de vergunning. Hieraan is voldaan;

  • op basis van de thans beschikbare gegevens kan worden ingestemd met het wijzigen van artikel 4 van de winningsvergunning L6d, waarbij de geldigheidsduur van de winningsvergunning L6d zal eindigen op 18 januari 2026.

Gelet op artikel 18, derde lid, van de Mijnbouwwet.

Besluit:

1. Verlenging geldigheidsduur winningsvergunning L6d

Artikel 4 van de beschikking van de Minister van Economische Zaken van 6 maart 2003 met kenmerk ME/EP/UM/03006652 (Staatscourant 2003, nr. 48) wordt als volgt gewijzigd:

Artikel 4

De vergunning geldt vanaf het tijdstip van inwerkingtreding, nadat zij onherroepelijk is geworden gedurende een tijdvak dat eindigt met ingang van 18 januari 2026.

2. Inwerkingtreding en bekendmaking

Deze beschikking treedt in werking met ingang van de dag na die waarop de beschikking is bekendgemaakt.

Deze beschikking wordt bekendgemaakt door toezending aan de aanvrager. Van deze beschikking wordt mededeling gedaan in de Staatscourant.

De Minister van Economische Zaken, namens deze: J.H. Brouwer MT-lid Directie Energiemarkt

Tegen dit besluit kan degene, wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken, binnen zes weken na de dag, waarop dit besluit is bekendgemaakt, een gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij de Minister van Economische Zaken, directie Wetgeving en Juridische Zaken, Postbus 20401, 2500 EK ‘s-Gravenhage. Dit besluit is bekendgemaakt door publicatie in de Staatscourant.

Naar boven