Wijziging opsporingsvergunning P2

15 april 2010

Nr. ETM/EM/10054503

De Minister van Economische Zaken,

Procesverloop:

  • NickEnergy B.V. (thans Elko Energy B.V.) en Oyster Energy B.V. (thans Elko Exploration B.V.) zijn houder van de bij beschikking van de Minister van Economische Zaken van 21 februari 2008, kenmerk ET/EM/ 8014706 (Staatscourant 28 februari 2008, nr. 42) verleende opsporingsvergunning P2;

  • Bij brieven van 31 januari 2010 en 8 maart 2010 heeft Elko Energy B.V. mede namens Elko Exploration B.V. een aanvraag ingediend tot uitstel van het afronden van het eerste deel van het werkprogramma van de vergunning, zoals opgenomen in de artikelen 3 en 5 van de opsporingsvergunning P2;

Overwegingen:

  • Gebleken is dat de doorlooptijd voor het uitvoeren van het werkprogramma te krap is. Om het werkprogramma goed uit te voeren vraagt de vergunninghouder uitstel aan van de uitvoering van het eerste deel van het werkprogramma voor het afronden van het lopend onderzoek;

  • Gelet op de te verwachten doorlooptijd voor het uitvoeren van dit onderzoek kan met deze aanvraag worden ingestemd.

Gelet op artikel 18 en artikel 22, vijfde lid, van de Mijnbouwwet.

Besluit:

Artikel 1

Artikel 5 van het besluit ET/EM/8014706 wordt gewijzigd als volgt:

Artikel 5

De vergunning geldt vanaf het tijdstip van inwerkingtreding na zij onherroepelijk is geworden gedurende een tijdvak van 6 jaar indien:

  • vóór 1 oktober 2010 na het onherroepelijk worden van de vergunning, tijdig aan de Minister van Economische Zaken schriftelijk gemotiveerd wordt aangegeven waar een eerste onvoorwaardelijke boring zal worden verricht, onder vermelding van tijdstip, plaats, geologische structuur en diepte, waarbij wordt voorgeschreven dat vóór 1 oktober 2011 met die boring is begonnen en de Minister van Economische Zaken terstond na aanvang van deze boring hierover schriftelijk is ingelicht;

  • uiterlijk 4 jaar na het onherroepelijk worden van de vergunning tijdig aan de Minister van Economische Zaken schriftelijk gemotiveerd wordt aangegeven waar tenminste een tweede onvoorwaardelijke boring zal worden verricht, onder vermelding van tijdstip, plaats, geologische structuur en diepte waarbij wordt voorgeschreven dat voor het verstrijken van het vijfde jaar na het onherroepelijk worden van de vergunning met die boring(en) is begonnen en de Minister van Economische Zaken terstond na aanvang van deze boring(en) hierover schriftelijk is ingelicht.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na die waarop dit besluit is bekendgemaakt.

Dit besluit wordt bekendgemaakt door toezending aan de aanvrager. Van dit besluit wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.

De Minister van Economische Zaken,

namens deze:

themacoördinator mijnbouw en mijnbouwklimaat directie Energiemarkt,

P. Jongerius.

Tegen dit besluit kan degene, wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken, binnen 6 weken na de dag, waarop dit besluit is verzonden, een gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij de Minister van Economische Zaken, Directie Wetgeving en Juridische Zaken (ALP: L/204), Postbus 20101, 2500 EC Den Haag. Dit besluit is verzonden op de in de aanhef vermelde datum.

Naar boven