De Minister van Economische Zaken,
Procesverloop
- Elko Energy Inc. (hierna genoemd Elko) en Oyster Energy B.V. (hierna
genoemd Oyster) tezamen (hierna tezamen genoemd de aanvrager) hebben op 23
februari 2007 een aanvraag om een opsporingsvergunning voor koolwaterstoffen
ingevolge artikel 6 van de Mijnbouwwet ingediend voor het blok P2, welk blok
is aangegeven op de als bijlage 3 bij de Mijnbouwregeling gevoegde kaart,
waarvoor op dat moment geen vergunning voor koolwaterstoffen gold.
- Naar aanleiding van de onderhavige aanvraag is in het Publicatieblad
van de Europese Unie van 12 mei 2007, nr. C108, en in de Staatscourant van
24 mei 2007, nr. 97, een uitnodiging geplaatst voor het indienen van concurrerende
aanvragen om een opsporingsvergunning voor het blok P2.
- Binnen de periode van dertien weken na plaatsing van bovenbedoelde
uitnodiging in het Publicatieblad van de Europese Unie is geen concurrerende
aanvraag ontvangen.
- TNO Bouw en Ondergrond, adviesgroep EZ (hierna genoemd TNO) heeft
op verzoek van de Minister van Economische Zaken op 26 oktober 2007 advies
uitgebracht.
- Staatstoezicht op de mijnen (hierna genoemd Sodm) heeft op verzoek
van de Minister van Economische Zaken op 27 augustus 2007 advies uitgebracht.
- Energie Beheer Nederland B.V. (hierna genoemd EBN) heeft op 22
november 2007 op verzoek van de Minister advies uitgebracht.
- De Mijnraad heeft op 20 december 2007 advies uitgebracht (kenmerk
MIJR/7152075) op grond van artikel 105, derde lid, van de Mijnbouwwet.
Gelet op:
De artikelen 6, 7, 9, 11, 12, 15, 17, 22, vijfde en zesde lid, 82 en 105,
derde lid, van de Mijnbouwwet, alsmede artikel 1.3.7 van de Mijnbouwregeling.
Besluit:
Artikel 1
Aan Elko Energy Inc. en Oyster Energy B.V. tezamen (hierna genoemd de
vergunninghouder) wordt een opsporingsvergunning voor koolwaterstoffen verleend.
Artikel 2
De vergunning geldt voor het blok P2 als aangegeven op de kaart die als
bijlage 3 bij de Mijnbouwregeling is gevoegd.
Artikel 3
De vergunninghouder geeft uitvoering aan het werkprogramma dat onderdeel
uitmaakt van de op 23 februari 2007 ingediende aanvraag.
Artikel 4
Elko Energy Inc. wordt aangewezen als de persoon die de feitelijke werkzaamheden
uitvoert of daartoe opdracht verleent.
Artikel 5
De vergunning geldt, vanaf het tijdstip van inwerkingtreding nadat zij
onherroepelijk is geworden, gedurende een tijdvak van 6 jaar, indien:
- binnen 2 jaar na het onherroepelijk worden van de vergunning tijdig
aan de Minister van Economische Zaken schriftelijk gemotiveerd wordt aangegeven
waar een eerste onvoorwaardelijke boring zal worden verricht, onder vermelding
van tijdstip, plaats, geologische structuur en diepte, waarbij wordt voorgeschreven
dat voor het verstrijken van het derde jaar na het onherroepelijk worden van
de vergunning met die boring is begonnen en de Minister van Economische Zaken
terstond na aanvang van deze boring hierover schriftelijk is ingelicht;
- uiterlijk 4 jaar na het onherroepelijk worden van de vergunning
tijdig aan de Minister van Economische Zaken schriftelijk gemotiveerd wordt
aangegeven waar tenminste een tweede onvoorwaardelijke boring zal worden verricht,
onder vermelding van tijdstip, plaats, geologische structuur en diepte, waarbij
wordt voorgeschreven dat voor het verstrijken van het vijfde jaar na het onherroepelijk
worden van de vergunning met die boring(en) is begonnen en de Minister van
Economische Zaken terstond na aanvang van deze boring(en) hierover schriftelijk
is ingelicht.
Artikel 6
Energie Beheer Nederland B.V. wordt aangewezen als de vennootschap als
bedoeld in artikel 82 van de Mijnbouwwet.
Artikel 7
De vergunning treedt in werking met ingang van de dag na die waarop de
beschikking is bekendgemaakt.
Deze beschikking wordt bekendgemaakt door toezending aan de aanvrager.
Van deze beschikking wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.
Tegen dit besluit kan degene wiens belang rechtstreeks bij dit besluit
is betrokken binnen 6 weken na verzending van dit besluit een gemotiveerd
bezwaarschrift indienen bij de Minister van Economische Zaken, Directie Wetgeving
en Juridische Zaken (ALP: L/L204), Postbus 20101, 2500 EC ’s-Gravenhage.
Dit besluit is verzonden op de in de aanhef vermelde datum.