Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Economische Zaken | Staatscourant 2009, 15957 | Vergunningen |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Economische Zaken | Staatscourant 2009, 15957 | Vergunningen |
18 augustus 2009
Nr. ET / 9145102
De Minister van Economische Zaken,
Procesverloop:
– A.P.M. Zuidgeest, M.T.M. Zuidgeest, W.M.J. Zuidgeest, P.E.M. Zuidgeest-van den Berg, Y.C.M. Zuidgeest-van Kester en L.M.M. Zuidgeest-Vijverberg (hierna tezamen genoemd Zuidgeest 1) hebben tezamen binnen de periode van 13 weken na plaatsing van een uitnodiging voor het indienen van concurrerende aanvragen voor het gebied genaamd Westland, in de Staatscourant van 23 februari 2009 (Stcrt. 2009, 36), op 15 april 2009 een concurrerende aanvraag ingediend, ontvangen op 22 april 2009. Deze concurrerende aanvraag betreft het gebied genaamd Honselersdijk 2 en is gelegen in de gemeenten Westland en Den Haag. De oppervlakte van het aangevraagde gebied bedraagt 4,04 km2. De aangevraagde geldigheidsduur van de vergunning is 4 jaar;
– De eerste aanvrager is de gemeente Westland. Deze aanvrager heeft op 17 december 2008 een aanvraag ingediend om een opsporingsvergunning voor aardwarmte, ingevolge artikel 6 van de Mijnbouwwet, in het gebied, genaamd Westland, gelegen in de gemeenten Westland, Rotterdam, Rozenburg, Maassluis, Den Haag en Midden-Delfland. Het door de gemeente Westland aangevraagde gebied heeft een oppervlakte van 103,18 km2. De aangevraagde geldigheidsduur van de vergunning is 5 jaar.
– Binnen de periode van 13 weken na plaatsing van een uitnodiging voor het indienen van concurrerende aanvragen voor het gebied genaamd Westland, in de Staatscourant van 23 februari 2009 (Stcrt. 2009, 36), heeft de Coöperatieve Bloemenveiling FloraHolland U.A. (hierna genoemd FloraHolland) per schrijven van 20 mei 2009, ontvangen op dezelfde datum, een concurrerende aanvraag ingediend. Deze concurrerende aanvraag betreft het gebied Naaldwijk 2. Het gebied Naaldwijk 2 is gelegen in de gemeente Westland. De oppervlakte van het aangevraagde gebied bedraagt 5,59 km2. De aangevraagde geldigheidsduur is 4 jaar;
– TNO Bouw en Ondergrond, adviesgroep EZ (TNO), heeft op verzoek van de Minister van Economische Zaken op 17 juni 2009 advies uitgebracht;
– Staatstoezicht op de mijnen (Sodm) heeft op verzoek van de Minister van Economische Zaken een algemeen advies voor aardwarmte-aanvragen uitgebracht;
– Het College van Gedeputeerde Staten van de provincie Zuid-Holland (GS) is op grond van artikel 16 van de Mijnbouwwet op 29 juni 2009 om advies gevraagd. GS heeft geen advies uitgebracht;
– De Mijnraad heeft op 31 augustus 2009 advies uitgebracht (kenmerk: MIJR/9118286) op grond van artikel 105, derde lid, van de Mijnbouwwet.
Overwegingen:
– Voor het gebied waarvoor de opsporingsvergunning wordt verleend, geldt niet een door een ander gehouden opsporings- of winningsvergunning voor aardwarmte. Hiermee is voldaan aan artikel 7, eerste lid, van de Mijnbouwwet;
– Voor het gebied waarvoor de opsporingsvergunning wordt aangevraagd, geldt niet een door een ander gehouden opslagvergunning. Hiermee is voldaan aan artikel 7, tweede lid, van de Mijnbouwwet;
– De technische en financiële mogelijkheden van aanvragers geven geen aanleiding tot het weigeren van de gevraagde vergunning. Hiermee is voldaan aan artikel 9, eerste lid, onder a, van de Mijnbouwwet;
– De manier waarop aanvragers voornemens zijn de activiteiten, waarvoor de vergunning wordt aangevraagd, te verrichten geeft geen aanleiding de vergunning te weigeren. Hiermee is voldaan aan artikel 9, eerste lid, onder b, van de Mijnbouwwet;
– Aanvragers hebben niet onder een eerdere vergunning bij activiteiten als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de Mijnbouwwet, blijk gegeven van gebrek aan efficiëntie of verantwoordelijkheidszin. Hiermee is voldaan aan artikel 9, eerste lid, onder c, van de Mijnbouwwet;
– Derhalve moet er, gelet op artikel 9, eerste lid, onder d, van de Mijnbouwwet, een keuze worden gemaakt uit de aanvragen, in het belang van het doelmatig opsporen en winnen;
– Sodm adviseert het voorschrift op te nemen om op permanente basis een contactpersoon met de vereiste boortechnische en operationele ervaring beschikbaar te stellen, die in staat is de inspecteurs van Sodm informatie te verstrekken over technische aangelegenheden. Bovendien moet die persoon de bevoegdheid hebben om uitvoering te geven aan instructies van die inspecteurs;
– TNO acht het werkprogramma van aanvragers Zuidgeest 1 en FloraHolland meer adequaat en passend bij de aanvraag dan het werkprogramma van de gemeente Westland. TNO adviseert een opsporingsvergunning voor aardwarmte te verlenen aan Zuidgeest 1 voor het gebied Honselersdijk 2 voor een periode van 4 jaar. TNO acht het werkprogramma passend bij de grootte van het gebied en adequaat, maar adviseert om als voorwaarde op te nemen dat er voor het verstrijken van het tweede jaar een geactualiseerd werkprogramma aan de Minister van Economische Zaken wordt voorgelegd dat een onvoorwaardelijke boring in het derde jaar bevat. De gebiedsgrootte is relatief klein en biedt daarom weinig speelruimte voor het plaatsen van een doublet. Daarom adviseert TNO dan ook de strook van Honselersdijk 2 die ook aangevraagd wordt voor het gebied Naaldwijk 2 te verlenen aan de aanvrager van Honselersdijk 2 (Zuidgeest 1). De geologische onderbouwing van de aanvragen wordt voldoende geacht voor de aanvraag van een opsporingsvergunning;
– De Mijnraad adviseert de opsporingsvergunning voor het gebied Honselersdijk 2 te verlenen aan Zuidgeest 1 voor de duur van 4 jaar;
– Gelet op de Mijnbouwwet, het ingediende werkprogramma en de uitgebrachte adviezen kan verlening van de vergunning aan aanvrager plaatsvinden.
Gelet op de artikelen 2, derde lid, 6, 7, 9, 11, eerste tot en met derde lid, alsmede eerste volzin vierde lid, 12, 15, 16, 17, en 105, derde lid, van de Mijnbouwwet, alsmede artikel 1.3.1. van de Mijnbouwregeling;
Besluit:
Aan A.P.M. Zuidgeest, M.T.M. Zuidgeest, W.M.J. Zuidgeest, P.E.M. Zuidgeest-van den Berg, Y.C.M. Zuidgeest-van Kester en L.M.M. Zuidgeest-Vijverberg (hierna te noemen de vergunninghouder), wordt een opsporingsvergunning voor aardwarmte verleend.
De vergunning geldt voor een gebied in de gemeenten Westland en Den Haag, genaamd Honselersdijk 2, dat wordt begrensd door de volgende punten en de rechte lijnen daartussen. De coördinaten van deze punten zijn:
Punt | X | Y |
|---|---|---|
1 | 74891.00 | 449455.00 |
2 | 78764.00 | 449455.00 |
3 | 78764.00 | 449275.00 |
4 | 77153.00 | 447446.00 |
Bovenstaande coördinaten zijn weergegeven volgens het coördinatenstelsel van de Rijksdriehoekmeting zoals vermeld in Artikel 1.2.2, onder a, van de Mijnbouwregeling (Stcrt. 19-12-2002, nr. 245).
Op basis van deze grensbeschrijving is de oppervlakte 4,04 km2.
De vergunninghouder geeft uitvoering aan het werkprogramma dat onderdeel uitmaakt van de op 21 april 2009 ontvangen aanvraag.
De vergunninghouder wijst tijdig voor de aanvang van de opsporingsactiviteiten een persoon aan met boortechnische en operationele ervaring, die leiding geeft aan boor- en aanverwante activiteiten en doet hiervan schriftelijk mededeling aan Staatstoezicht op de mijnen. Bovendien moet die persoon de bevoegdheid hebben om uitvoering te geven aan instructies van inspecteurs van Staatstoezicht op de mijnen. De vergunninghouder houdt Staatstoezicht op de mijnen van eventuele wijzigingen schriftelijk vooraf tijdig op de hoogte.
De vergunninghouder neemt bij de uitvoering van het werkprogramma de volgende voorwaarden in acht:
– binnen 2 jaar na het onherroepelijk worden van de vergunning deelt de vergunninghouder schriftelijk mee aan de Minister van Economische Zaken, onder vermelding van tijdstip, geologische structuur en diepte, de plaats waar de boringen zullen worden verricht;
– Uiterlijk in het derde jaar na het onherroepelijk worden van de vergunning worden twee boringen (1 doublet) geplaatst.
De vergunning geldt, vanaf het tijdstip van inwerkingtreding nadat zij onherroepelijk is geworden, gedurende een tijdvak van 4 jaar.
Deze beschikking wordt bekendgemaakt door toezending aan de aanvrager. Van deze beschikking wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.
De Minister van Economische Zaken,
namens deze:
MT-lid directie Energiemarkt,
Y. Peters.
Tegen dit besluit kan degene wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken binnen 6 weken na verzending van dit besluit een gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij de Minister van Economische Zaken, Directie Wetgeving en Juridische Zaken (ALP: L/L204), Postbus 20101, 2500 EC ’s-Gravenhage. Dit besluit is verzonden op de in de aanhef vermelde datum.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2009-15957.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.