Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 9 september 2009, MEVA/ABA-2952728 houdende wijziging van de Subsidieregeling stageplaatsen zorg in verband met aanpassing van de werkingssfeer en de normbedragen

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;

Gelet op artikel 3 van de Kaderwet VWS-subsidies;

Besluit:

ARTIKEL I

De Subsidieregeling stageplaatsen zorg1 wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 1 wordt als volgt gewijzigd:

1. Onderdeel b komt te luiden:

  • b. onderwijsinstelling:

    • 1°. instelling als bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel b, onder 1° en 2°, van de Wet educatie en beroepsonderwijs die ingevolge artikel 2.1.3 van de Wet educatie en beroepsonderwijs voor bekostiging in aanmerking is gebracht;

    • 2°. instelling met een diploma-erkenning als bedoeld in artikel 1.4.1, eerste lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs;

    • 3°. hogeschool als bedoeld in artikel 1.2, onderdeel a, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek;

    • 4°. hogeschool als bedoeld in artikel 1.2, onderdeel b, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek;.

2. Onderdeel c wordt als volgt gewijzigd:

  • a. onder 1° en 2° vervalt ‘die ingevolge artikel 2.1.1, eerste lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs voor bekostiging in aanmerking komt en ’;

  • b. onder 3° vervalt ‘ten behoeve van de verzorging waarvan ingevolge artikel 1.9 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek aanspraak op bekostiging uit ’s Rijks kas bestaat en’;

  • c. er wordt een onderdeel toegevoegd, luidende:

    • 4°. duale opleiding als bedoeld in artikel 7.7, eerste lid, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek die met een in bijlage 4 van deze regeling genoemde code wordt vermeld in het Centraal register opleidingen hoger onderwijs, bedoeld in artikel 6.13 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek;.

3. Onderdeel d wordt als volgt gewijzigd:

  • a. de zinsnede ‘onderdeel 1° of 2°’ onder 1° wordt vervangen door: onder 1° of 2°;

  • b. de zinsnede ‘onder b, onderdeel 3°’ onder 2° wordt vervangen door: onderdeel c, onder 3° of 4°;

  • c. de zinsnede ‘, voor zover de deelnemer niet tegelijkertijd krachtens arbeidsovereenkomst of publiekrechtelijke aanstelling gehouden is arbeid te verrichten voor de stageaanbieder’ onder 2° vervalt;

  • d. de zinsnede ‘de instelling die de zorgopleiding verzorgt’ onder 2° wordt vervangen door: de onderwijsinstelling.

4. In onderdeel e wordt de zinsnede ‘onderdeel c, onder 3°’ vervangen door: onderdeel c, onder 3° of 4°.

5. Onderdeel f komt te luiden:

  • f. deelnemer: natuurlijke persoon die in het studiejaar bij een onderwijsinstelling ingeschreven staat of heeft gestaan voor een volledige zorgopleiding waarbij, indien het een zorgopleiding betreft als bedoeld in onderdeel c, onder 1° of 2°, blijkens de overeenkomst, bedoeld in artikel 8.1.3 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, de studielast op jaarbasis ten minste 300 uren omvat;.

6. Onderdeel h wordt als volgt gewijzigd:

  • a. de zinsnede ‘het aantal voor het betreffende studiejaar door de stageaanbieder en de deelnemer overeengekomen uren’ wordt vervangen door: het daadwerkelijk aantal in het betreffende studiejaar door de deelnemer gerealiseerde uren;

  • b. de zinsnede ‘onder 2°’ wordt telkens vervangen door: onder 2° of 4°;

  • c. de zinsnede ‘als bedoeld als’ wordt telkens vervangen door: als bedoeld.

B

Artikel 2 wordt als volgt gewijzigd:

1. Aan het eerste lid wordt de volgende zin toegevoegd: De subsidie voor een zorgopleiding als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, onder 1° en 3°, bestaat uit een tegemoetkoming in de begeleidingskosten en voor een zorgopleiding als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, onder 2° en 4°, uit een tegemoetkoming in de loonkosten.

2. Het vierde en vijfde lid komen te luiden:

  • 4. De subsidie voor een stageaanbieder ten behoeve van het realiseren van stageplaatsen in enig studiejaar bestaat uit het bedrag dat wordt berekend met de formule ( P1 * Q1 ) + ( P2 * Q2 ) + ( P3 * Q3 ) + ( P4 * Q4 ), waarbij wordt verstaan onder:

    • P1 een normbedrag van € 1.860,–;

    • Q1 het aantal bij de desbetreffende stageaanbieder gerealiseerde stageplaatsen in het kader van een zorgopleiding die in de bijlagen 1 tot en met 4 onder categorie A is geplaatst;

    • P2 een normbedrag van € 1.392,–;

    • Q2 het aantal bij de desbetreffende stageaanbieder gerealiseerde stageplaatsen in het kader van een zorgopleiding die in de bijlagen 1 tot en met 4 onder categorie B is geplaatst;

    • P3 een normbedrag van € 3.323,–;

    • Q3 het aantal bij de desbetreffende stageaanbieder gerealiseerde stageplaatsen in het kader van een zorgopleiding die in de bijlagen 1 tot en met 4 onder categorie C is geplaatst;

    • P4 een normbedrag van € 2.968,–;

    • Q4 het aantal bij de desbetreffende stageaanbieder gerealiseerde stageplaatsen in het kader van een zorgopleiding die in de bijlagen 1 tot en met 4 onder categorie D is geplaatst.

  • 5. Tenzij de stageaanbieder bij de aanvraag een ander aantal gerealiseerde stageplaatsen opgeeft, ontleent de Minister, door tussenkomst van Stichting Calibris, het aantal gerealiseerde stageplaatsen, bedoeld in het vorige lid:

    • a. voor een zorgopleiding bij een onderwijsinstelling als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, onder 1°, aan het basisregister onderwijs, bedoeld in artikel 9a van de Wet verzelfstandiging Informatiseringsbank;

    • b. voor een zorgopleiding bij een onderwijsinstelling als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, onder 2°, 3° of 4°, aan gegevens die de Minister zijn verstrekt door de onderwijsinstelling.

3. Het zesde lid wordt als volgt gewijzigd:

  • a. in onderdeel a vervalt ‘van een verklaring’;

  • b. in onderdeel a wordt ‘vastgestelde modelassurancerapport’ vervangen door: vastgesteld controleprotocol en modelassurancerapport, met betrekking tot alle gerealiseerde stageplaatsen waarvoor de subsidie wordt aangevraagd;

  • c. in onderdeel b wordt ‘departementale auditdienst’ vervangen door: Rijksauditdienst.

C

Artikel 3 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het tweede lid vervallen ‘uiterlijk 31 augustus’ en ‘onderdelen a, b en c,’.

2. Het derde lid komt te luiden:

  • 3. De aanvraag wordt uiterlijk 15 oktober na afloop van het desbetreffende studiejaar ontvangen. Voor het studiejaar 2008–2009 is de uiterlijke datum 26 oktober 2009.

3. Het vijfde lid wordt vervangen door de volgende twee leden:

  • 5. Een aanvraag die na de datum, bedoeld in het derde lid, wordt ontvangen, blijft buiten behandeling.

  • 6. Een verzoek tot verhoging van het in de aanvraag vermelde aantal gerealiseerde stageplaatsen dat na de datum, bedoeld in het derde lid, wordt ontvangen, blijft buiten behandeling.

D

De bijlagen 1 tot en met 3 worden vervangen door de bij deze regeling opgenomen bijlagen 1 tot en met 4.

ARTIKEL II

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

A. Klink.

BIJLAGE 1. CODES BEROEPSOPLEIDENDE LEERWEG CENTRAAL REGISTER BEROEPSOPLEIDINGEN (BOL)

Code

Naam

Categorie

10426

Verpleegkundige niveau 4

A

92600

Verpleegkundige niveau 4

A

92601

Verpleegkundige niveau 4

A

92602

Verpleegkundige niveau 4

A

92603

Verpleegkundige niveau 4

A

92604

Verpleegkundige niveau 4

A

93510

Verpleegkundige niveau 4

A

10427

Verzorgende niveau 3

A

92610

Verzorgende niveau 3

A

92611

Verzorgende niveau 3

A

92612

Verzorgende niveau 3

A

92613

Verzorgende niveau 3

A

92614

Verzorgende niveau 3

A

93260

Verzorgende niveau 3

A

94830

Verzorgende niveau 3

A

94831

Verzorgende niveau 3

A

94832

Verzorgende niveau 3

A

94833

Verzorgende niveau 3

A

94834

Verzorgende niveau 3

A

10428

Helpende Zorg niveau 2

A

91340

Helpende Zorg niveau 2

A

91350

Helpende Zorg niveau 2

A

91351

Helpende Zorg niveau 2

A

10795

Zorghulp niveau 1

A

91420

Zorghulp niveau 1

A

92660

Maatschappelijke zorg niveau 4

A

92661

Maatschappelijke zorg niveau 4

A

92650

Maatschappelijke zorg niveau 3

A

92640

Helpende Zorg en Welzijn niveau 2

A

10743

Pedagogisch medewerker niveau 4

A

92630

Pedagogisch medewerker niveau 4

A

92631

Pedagogisch medewerker niveau 4

A

10742

Pedagogisch medewerker niveau 3

A

10745

Helpende welzijn niveau 2

A

91352

Helpende welzijn niveau 2

A

BIJLAGE 2. CODES BEROEPSOPLEIDENDE LEERWEG CENTRAAL REGISTER BEROEPSOPLEIDINGEN (BBL)

Code

Naam

Categorie

10426

Verpleegkundige niveau 4

D

92600

Verpleegkundige niveau 4

D

92601

Verpleegkundige niveau 4

D

92602

Verpleegkundige niveau 4

D

92603

Verpleegkundige niveau 4

D

92604

Verpleegkundige niveau 4

D

93510

Verpleegkundige niveau 4

D

10427

Verzorgende niveau 3

C

92610

Verzorgende niveau 3

C

92611

Verzorgende niveau 3

C

92612

Verzorgende niveau 3

C

92613

Verzorgende niveau 3

C

92614

Verzorgende niveau 3

C

93260

Verzorgende niveau 3

C

94830

Verzorgende niveau 3

C

94831

Verzorgende niveau 3

C

94832

Verzorgende niveau 3

C

94833

Verzorgende niveau 3

C

94834

Verzorgende niveau 3

C

10428

Helpende Zorg niveau 2

B

91340

Helpende Zorg niveau 2

B

91350

Helpende Zorg niveau 2

B

91351

Helpende Zorg niveau 2

B

10795

Zorghulp niveau 1

B

91420

Zorghulp niveau 1

B

92660

Maatschappelijke zorg niveau 4

B

92661

Maatschappelijke zorg niveau 4

B

92650

Maatschappelijke zorg niveau 3

C

92640

Helpende Zorg en Welzijn niveau 2

B

10743

Pedagogisch medewerker niveau 4

B

92630

Pedagogisch medewerker niveau 4

B

92631

Pedagogisch medewerker niveau 4

B

10742

Pedagogisch medewerker niveau 3

C

10745

Helpende welzijn niveau 2

B

91352

Helpende welzijn niveau 2

B

BIJLAGE 3 CODES OPLEIDINGEN CENTRAAL REGISTER OPLEIDINGEN HOGER ONDERWIJS (VOLTIJD EN DEELTIJD)

Code

Naam

Categorie

34560

Verpleegkundige niveau 5

A

34617

Sociaal Pedagogisch Hulpverlening niveau 5

A

34616

Maatschappelijk Werk en Dienstverlening niveau 5

A

34116

B Social Work niveau 5

A

35158

Pedagogiek niveau 5

A

BIJLAGE 4 CODES OPLEIDINGEN CENTRAAL REGISTER OPLEIDINGEN HOGER ONDERWIJS (DUAAL)

Code

Naam

Categorie

34560

Verpleegkundige niveau 5

D

34617

Sociaal Pedagogisch Hulpverlening niveau 5

B

34616

Maatschappelijk Werk en Dienstverlening niveau 5

B

34116

B Social Work niveau 5

B

35158

Pedagogiek niveau 5

B

TOELICHTING

Algemeen

In 2008 is in het kader van het actieplan ‘Werken aan de zorg’ de Subsidieregeling stageplaatsen zorg tot stand gekomen. Daarmee worden zorginstellingen gestimuleerd om beroepspraktijkvormingsplaatsen voor het initiële zorg- en welzijnsonderwijs te realiseren. Met ingang van de subsidiëring voor het studiejaar 2008–2009 wordt de regeling op een aantal punten aangepast. Het gaat om een uitbreiding van de reikwijdte voor wat betreft de opleidingen, de toevoeging van het particulier bekostigd onderwijs, de aanpassing van de normbedragen en een aanscherping van de aanvraagprocedure.

Uitbreiding opleidingen

Voor het studiejaar 2007–2008 stond de regeling open voor de meeste verpleegkundige, verzorgende en sociaalagogische opleidingen waarbij gebruik werd gemaakt van de beroepsopleidende leerweg (bol) en – bij opleidingen op niveau 3 – van de beroepsbegeleidende leerweg (bbl).

Aan deze lijst van opleidingen wordt met ingang van het studiejaar 2008–2009 de hbo-opleiding pedagogiek toegevoegd (zie bijlagen 3 en 4). Dit is de enige sociaalagogische opleiding die nog niet in de regeling was opgenomen en waar in verschillende delen van de zorg gebruik van wordt gemaakt.

Een tweede verandering van de lijst met opleidingen is ingegeven door een wijziging van de beleidsregels van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZA) waarmee de overgang naar integrale tarieven in de zorg wordt bewerkstelligd. Om te voorkomen dat dit ten koste zou gaan van de stimulering van zorgopleidingen, is in overleg met de NZA en de brancheverenigingen besloten om middelen over te hevelen naar het budget voor de Subsidieregeling stageplaatsen zorg. Daarbij heb ik extra middelen beschikbaar gesteld voor de branches zoals de thuiszorg en de verpleeg- en verzorgingshuizen, die op basis van de beleidsregels van de NZA in geringe mate of zelfs in het geheel niet werden gefinancierd voor zorgopleidingen. Consequentie hiervan is dat de regeling van toepassing is op meer bbl-opleidingen in het middelbaar beroepsonderwijs en dat nu ook de duale opleidingen in het hoger beroepsonderwijs onder de regeling vallen (zie bijlagen 2 en 4).

Naast wijziging van de bijlagen, is ook de regeling aangepast in verband met de uitbreiding van het aantal opleidingen. Zo is aan de definitie van een zorgopleiding de duale variant in het hoger onderwijs toegevoegd (zie artikel 1, onderdeel c, sub 4°), is diezelfde duale variant niet meer uitgesloten in de definitie van de stageplaats (zie artikel 1, onderdeel d, sub 2°), en zijn in de definities van de stageplaats, het studiejaar en de gerealiseerde stageplaats de verwijzingen aangepast (zie artikel 1, onderdelen d, e en h).

Aangezien de beleidsregels van de NZA betrekking hadden op de loonkosten van bbl’ers en duale studenten is in de regeling expliciet opgenomen dat voor bbl’ers en duale studenten de subsidie een tegemoetkoming in de loonkosten is. Omdat de loonkosten voor bol’ers en voltijd studenten veel geringer zijn, is de subsidie voor dergelijke stagiaires een tegemoetkoming in de begeleidings- en studiekosten. Dit is nu opgenomen in artikel 2, eerste lid.

Toevoeging particulier bekostigd onderwijs

Met ingang van het studiejaar 2008–2009 vallen niet alleen stageplaatsen van door het Rijk bekostigde studenten onder de regeling, maar ook stageplaatsen van particulier bekostigde studenten. Het maakt daarbij niet uit of de particulier bekostigde studenten onderwijs volgen bij een door het Rijk bekostigde instelling of bij een particuliere onderwijsinstelling. Daartoe is de definitie van onderwijsinstelling gewijzigd (zie artikel 1, onderdeel b) en is ook de definitie van de zorgopleiding iets aangepast (zie artikel 1, onderdeel c).

Niet van alle particulier bekostigde studenten komen de stageplaatsen in aanmerking voor subsidie. Er dient aan dezelfde voorwaarden voldaan te worden als de studenten die al voor bekostiging in aanmerking kwamen. Concreet betekent dit dat de opleiding gevolgd moet worden bij een daartoe erkende opleiding (zie artikel 1, onderdeel b), dat de student voor een volledige opleiding ingeschreven staat en dat voor de mbo-studenten de studielast op jaarbasis ten minste 300 uur bedraagt (zie artikel 1, onderdeel f). Een inschrijving voor een volledige opleiding houdt in dat de inschrijving betrekking heeft op een opleiding waarvan de afronding een diploma oplevert. Dat betekent overigens niet dat altijd de volledige opleiding gevolgd moet worden. Het is mogelijk dat de student, bijvoorbeeld op basis van een EVC-traject, vrijstelling krijgt voor verschillende onderdelen van de opleiding. Indien de student ingeschreven is voor een gedeelte van de opleiding, zonder dat die gedeeltelijke opleiding leidt tot een diploma, vallen de stageplaatsen van die student niet onder deze regeling.

Aanpassing normbedragen

De subsidie wordt berekend op basis van een P*Q-benadering: een normbedrag vermenigvuldigd met het aantal daadwerkelijk gerealiseerde stageplaatsen. Daarbij worden voor het studiejaar 2008–2009 vier categorieën opleidingen onderscheiden, met elk een eigen normbedrag (zie artikel 2, lid 4).

Het totale budget voor de uitvoering van de regeling voor het studiejaar 2008–2009 bedraagt € 98,5 miljoen. De budget wordt als volgt verdeeld over de vier categorieën zorgopleidingen, die in de bijlagen worden aangeduid met de letters A, B, C en D.

Voor de bol-opleidingen op mbo-niveau en de voltijd- en deeltijdopleidingen op hbo-niveau, aangeduid met een ‘A’ in bijlage 1 en 3, is € 33,3 miljoen beschikbaar. Gegeven het aantal van 17.921 gerealiseerde stageplaatsen betekent dat een normbedrag van € 1.860,– per voltijds stageplaats.

Nog eens € 32,8 miljoen wordt verdeeld over alle andere opleidingen, aangeduid met een ‘B’, ‘C’ of ‘D’ in bijlage 2 en 4. Gegeven het aantal van 23.750 gerealiseerde stageplaatsen is dat € 1.392,– per voltijds stageplaats. Voor de ‘B’-opleidingen is dat het definitieve normbedrag; voor de ‘C’- en ‘D’-opleidingen is er nog een aanvullend budget.

Evenals in het studiejaar 2007–2008 is voor de bbl-opleidingen op niveau 3 (de met een ‘C’ aangeduide opleidingen in de bijlagen) extra budget beschikbaar om de doorstroom naar niveau 3 te stimuleren, aangezien op dat niveau de arbeidsmarktknelpunten het meest pregnant worden. Voor het studiejaar 2008-2009 is daarvoor € 22,4 miljoen extra beschikbaar. Bij een aantal van 11.599 gerealiseerde stageplaatsen is dat € 1.931,– per voltijds stageplaats. Voor de ‘C’-opleidingen komt daarmee het normbedrag uit op € 3.323,– per voltijds stageplaats.

Voor de in de bijlagen met een ‘D’ aangeduide opleidingen zijn extra middelen beschikbaar vanwege het niet doorgaan van de zorgbeurs. Besloten is het hiervoor in de begroting gereserveerde bedrag van € 10 miljoen in te zetten om de doorstroom naar een verpleegkundige opleiding op niveau 4 en 5 te stimuleren. aan het budget voor de regeling zijn toegevoegd. Hierdoor is er € 10 miljoen extra beschikbaar. Dit geldt alleen voor het studiejaar 2008–2009. Bij een aantal van 6.343 gerealiseerde stageplaatsen is dat € 1.576,– per voltijds stageplaats. Daarmee komt het normbedrag voor de ‘D’-opleidingen uit op € 2.968,– per voltijds stageplaats.

Procedure subsidieaanvraag

De procedure voor het aanvragen van subsidie is op een aantal punten aangescherpt. De mogelijkheid tot het verlenen van uitstel voor het indienen van een aanvraag is uit de regeling gehaald (zie de wijziging van artikel 3, lid 5). Daarnaast krijgen de instellingen ongeveer zes weken de tijd om de aanvraag in te dienen, vanaf het moment dat het aanvraagformulier door VWS naar de instellingen is gestuurd. De precieze datum wordt jaarlijks bepaald. Voor 2009 betekent het dat de aanvraag uiterlijk 26 oktober daadwerkelijk ontvangen moet zijn (zie artikel 3, lid 2). Dit is een fatale termijn die ook geldt voor een eventueel verzoek tot verhoging van het aantal gerealiseerde stageplaatsen waarvoor eerder subsidie is aangevraagd (zie artikel 3, vijfde en zesde lid). Deze wijzigingen zijn doorgevoerd in verband met een ordentelijke uitvoering van de regeling. Er dient immers een groot aantal aanvragen verwerkt te worden, terwijl de subsidies nog in hetzelfde kalenderjaar verstrekt moeten worden om ten laste te komen van het budget dat voor de regeling beschikbaar is.

De tweede aanscherping van de procedure voor het aanvragen van de subsidie heeft betrekking op het assurancerapport van de accountant. Zorginstellingen hebben de mogelijkheid om een subsidieaanvraag in te dienen voor een hoger aantal stageplaatsen dan volgens de mij beschikbare gegevens is gerealiseerd. In dat geval dient de aanvraag vergezeld te gaan van een assurancerapport van een accountant. Expliciet is nu in de regeling opgenomen dat de accountant bij zijn controlewerkzaamheden een door mij vastgesteld protocol dient te volgen en dat het assurancerapport betrekking dient te hebben op de gehele aanvraag, niet slechts op de verhoging van de aanvraag (zie artikel 3, lid 6).

Overige wijzigingen

In artikel 2, lid 5, van de regeling is opgenomen dat de gegevens over het aantal gerealiseerde stageplaatsen worden verkregen via Stichting Calibris. Hiermee wordt aan deze stichting een uitsluitend recht als bedoeld in artikel 1, onderdeel bbb, van het Besluit aanbestedingsregels overheidsopdrachten (Bao) verleend. Dit besluit is ingegeven door het feit dat Stichting Calibris de instantie is voor het erkennen van leerbedrijven in de zorgsector. Mede als gevolg daarvan beschikt alleen Stichting Calibris over het bronnenmateriaal en het landelijk dekkend netwerk dat benodigd is voor de uitvoering van de regeling.

Daarnaast is van de gelegenheid gebruik gemaakt nog een aantal tekstuele wijzigingen door te voeren, die met name de leesbaarheid van de regeling vergroten.

Tot slot

De regeling maakt onderdeel uit van een breder beleid. Ook op andere manieren wordt verbetering van de arbeidsmarkt in de zorg nagestreefd. Aan de verdere ontwikkeling van het scholings- en arbeidsmarktbeleid op lokaal, regionaal en landelijk niveau kan de beschikbaarheid van informatie over zorgopleidingen, stages en de aanbieders van stages een grote bijdrage leveren. Daarom zal openbaar gemaakt worden welke subsidies zijn verstrekt. Per toegekende aanvraag zal worden aangegeven hoeveel stageplaatsen er zijn gerealiseerd, uitgesplitst naar opleiding en leerbedrijf.

Ook op het terrein van de justitiële jeugdzorg voert het kabinet een actief arbeidsmarktbeleid. In het kader van het plan van aanpak Arbeidsmarkt Jeugdzorg van de Minister voor Jeugd en Gezin zullen de Raad voor de Kinderbescherming, de bureaus Halt en de justitiële jeugdinrichtingen een bijdrage ontvangen voor het realiseren van stageplaatsen. Hiervoor wordt, naast de bovengenoemde budgetten van € 98,5 miljoen voor de regeling, € 0,5 miljoen beschikbaar gesteld. Het totale budget voor het stagefonds bedraagt daarmee € 99 miljoen.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

A. Klink.


XNoot
1

Stcrt. 2008, 172; gewijzigd bij ministeriële regeling van 15 oktober 2008 (Stcrt. 223).

Naar boven