De Minister van Verkeer en Waterstaat,
Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Defensie;
Gezien het verzoek om ontheffing dd. 23-02-2007, ontvangen op 05-03-2007
van Rijkswaterstaat Noord-Nederland, Waterdistrict Waddenzee. Postadres: Postbus
23, 9285 ZV Buitenpost. Bezoekadres: Keurloane 2, 9285 VS Buitenpost.
Overwegende dat de vereiste maatschappelijke relevantie blijkt uit, onder
andere, de opdrachten van Rijkswaterstaat Noord-Nederland, Waterdistrict Waddenzee,
voor het uitvoeren van: fotovluchten van het IJsselmeergebied en het Waddengebied.
Het gaat om de volgende gebieden:
1. De gehele Waddenzee inclusief eilanden en Eems-Dollard
2. De Noordzee kustzone
3. Het Lauwersmeer en het Lauwersmeergebied
4. Het IJsselmeer
De reden dat Rijkswaterstaat in deze gebieden foto’s wil kunnen
nemen, liggen op het gebied van inspectie. Het gaat om inspectie van kwelders,
scheepvaartroutes, stranden, dijken, havens en andere waterstaatkundige objecten.
Een aantal specifieke inspectiedoelen zijn:
• Controle en handhaving op naleving van de Wbr vergunningen
• Controle en handhaving op de WVO vergunningen
• Opsporen van ongebruikelijke zaken, zoals wrakken en obstakels
• Opsporen van overtredingen, zoals lozingen en snelvaren (BPR)
• Inspectie van het waddengebied in het kader van de Samenwerkende
Inspectie Waddenzee (SIW)
• Snel en doelmatig kunnen optreden bij calamiteiten. Met name bij
olieverontreinigingen is de inzet van een helikopter essentieel.
Gelet op artikel 45, vijfde lid, van het Luchtverkeersreglement, alsmede
artikel 4, tweede lid, onder d van het Besluit Beperkingen burgerluchtverkeer
Waddenzee;
Besluit:
Artikel 1
Dit besluit is van toepassing op de helikopter van het type Eurocopter
EC120, dan wel gelijkwaardig vervangende helikopter, in gebruik bij Rijkswaterstaat
Noord-Nederland, Waterdistrict Waddenzee, waarmee VFR-vluchten worden uitgevoerd
ten behoeve van fotovluchten, van het IJsselmeergebied en het Waddengebied.
Het gaat om de volgende gebieden:
1. De gehele Waddenzee inclusief eilanden en Eems-Dollard
2. De Noordzee kustzone
3. Het Lauwersmeer en het Lauwersmeergebied
4. Het IJsselmeer
Artikel 2
Aan de gezagvoerder van de onder artikel 1 genoemde helikopter, wordt
voor een heel jaar, vanaf 1 mei 2007 tot 1 mei 2008, ontheffing verleend om
VFR-vluchten uit te voeren beneden de minimum VFR-vlieghoogte, elders dan
boven gebieden met aaneengesloten bebouwing, industrie- en havengebieden daaronder
begrepen, dan wel boven mensenverzamelingen, zoals vermeld in artikel 45,
eerste lid, onder b van het Luchtverkeersreglement en van het verbod gesteld
in artikel 2 van het Besluit beperkingen burgerluchtverkeer Waddenzee, met
inachtneming van de volgende voorschriften en beperkingen:
a. de gezagvoerder is in het bezit van een geldig CPL of ATPL;
b. de minimum toegestane vlieghoogte bedraagt 500 ft boven de grond of
het water, doch tenminste 30 m boven de hoogste hindernis gelegen binnen een
afstand van 600 m van het luchtvaartuig;
c. de vliegroute, vlieghoogte en vliegsnelheid worden zodanig gekozen
dat:
1. overlast aan derden zoveel mogelijk wordt vermeden;
2. ingeval van een noodlanding het risico voor inzittenden en derden zoveel
mogelijk wordt beperkt;
3. de volgende adviessnelheden in acht worden genomen:
Vliegzicht (m) | Adviessnelheid (kts) |
1500 - 2000 | < 100 |
2000 - 5000 | < 120 |
d. het kruisen van actieve restricted area’s is niet toegestaan,
hiervoor dient een ontheffing te worden aangevraagd bij de Koninklijke Luchtmacht,
Staf Tactische Luchtmacht, CLSK/DO/AMO/SAOC;
e. vóór aanvang van de vlucht wordt telefonisch contact
opgenomen met de Supervisor van MilATCC Nieuw Milligen; aan de voorwaarden
door hem gesteld wordt strikt de hand gehouden;
f. er wordt niet gevlogen in gebieden waar reddingsacties met behulp van
luchtvaartuigen worden uitgevoerd;
g. vogelreservaten, zoals gepubliceerd in de luchtvaartgids, worden vermeden;
h. de helikopter is voorzien van een zelfopblaasbaar reddingsvlot en voor
iedere inzittende een overlevingspak met een emergency locator beacon en een
set vuurpijlen;
i. vóór de aanvang van de vlucht wordt de meldkamer van
de Luchtvaartpolitie ingelicht, en worden de volgende gegevens verstrekt:
- naam gezagvoerder, registratie en type vliegtuig;
- plaats en tijdstip van het laagvliegen;
j. er wordt niet bij voortduring laaggevlogen, doch slechts gedurende
de periode dat dit voor het daadwerkelijk uitvoeren van de inspecties noodzakelijk
is;
k. voor het uitvoeren van VFR-vluchten beneden de minimum VFR-vlieghoogte
boven het milieubeschermingsgebied Waddenzee is o.a. tevens een vergunning
op grond van de Natuurbeschermingswet vereist. Deze kunt u schriftelijk aanvragen
bij het Ministerie van Landbouw Natuurbeheer en Visserij, Directie Noord,
Cascadeplein 6, 9726 AD Groningen.
Artikel 4
De aanvrager draagt er zorg voor dat de gezagvoerder bekend is met de
inhoud van deze beschikking.
Artikel 5
Deze beschikking treedt in werking met ingang van 1 mei 2007 en vervalt
met ingang van 1 mei 2008, tenzij deze voortijdig wordt ingetrokken.