Wet van 8 juli 2026, houdende goedkeuring van het op 16 december 2025 te ‘s-Gravenhage tot stand gekomen Verdrag tot oprichting van een internationale schadevergoedingscommissie voor Oekraïne (Trb. 2025, 101 en Trb. 2026, 24)

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het op 16 december 2025 te ’s-Gravenhage tot stand gekomen Verdrag tot oprichting van een internationale schadevergoedingscommissie voor Oekraïne, ingevolge artikel 91, eerste lid, van de Grondwet de goedkeuring van de Staten-Generaal behoeft, alvorens het Koninkrijk daaraan kan worden gebonden;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel 1

Het op 16 december 2025 te ’s-Gravenhage tot stand gekomen Verdrag tot oprichting van een internationale schadevergoedingscommissie voor Oekraïne, waarvan de Engelse en de Franse tekst zijn geplaatst in Tractatenblad 2025, 101 en waarvan de Nederlandse vertaling is geplaatst in Tractatenblad  2026, 24, wordt goedgekeurd voor het Europese deel van Nederland.

Artikel 2

Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.histnoot

Gegeven te ’s-Gravenhage, 8 juli 2026

Willem-Alexander

De Minister van Buitenlandse Zaken, T.B.W. Berendsen

Uitgegeven de twintigste juli 2026

De Minister van Justitie en Veiligheid, D.M. van Weel


XHistnoot
histnoot

Kamerstuk 36 921


XHistnoot
histnoot

Kamerstuk 36 921

Naar boven