Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriekDatum ondertekening
Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en SportStaatsblad 2020, 150Wet

Wet van 8 april 2020 tot goedkeuring en uitvoering van het op 12 november 2012 te Seoul tot stand gekomen Protocol tot uitbanning van illegale handel in tabaksproducten (Trb. 2014, 155)

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het op 12 november 2012 te Seoul tot stand gekomen Protocol tot uitbanning van illegale handel in tabaksproducten ingevolge artikel 91, eerste lid, van de Grondwet de goedkeuring van de Staten-Generaal behoeft, alvorens het Koninkrijk daaraan kan worden gebonden;

dat het voorts noodzakelijk is regels te stellen ter uitvoering van het genoemde Protocol, in hoofdzaak door middel van wijziging van de Tabaks- en rookwarenwet, de Wet op de economische delicten, de Wet op de accijns en de Uitleveringswet;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

ARTIKEL I

Het op 12 november 2012 te Seoul tot stand gekomen Protocol tot uitbanning van illegale handel in tabaksproducten, waarvan de Engelse tekst en de vertaling in het Nederlands zijn geplaatst in Tractatenblad 2014, 155, wordt goedgekeurd voor het Europese deel van Nederland.

ARTIKEL II

De Tabaks- en rookwarenwet wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel 1, eerste lid, wordt in de alfabetische rangschikking het volgende onderdeel ingevoegd

«Protocol:

Protocol betreffende de uitbanning van illegale handel in tabaksproducten (Trb. 2014, 155);».

B

Onder vernummering van paragraaf 6 en 7 tot paragraaf 7 en 8, wordt na artikel 10 een nieuwe paragraaf ingevoegd, luidende:

§ 6. Voorschriften ter uitbanning van illegale handel

Artikel 11
  • 1. Producenten, importeurs en exporteurs van tabak, tabaksproducten en tabaksproductieapparaten als bedoeld in artikel 90a, tweede lid, van de Wet op de accijns, nemen voorafgaand aan en bij het onderhouden van zakelijke relaties voldoende zorgvuldigheid in acht door hun klanten te identificeren als bedoeld in artikel 7, tweede lid, van het Protocol.

  • 2. Producenten, importeurs en exporteurs van tabak, tabaksproducten en tabaksproductieapparaten als bedoeld in artikel 90a, tweede lid, van de Wet op de accijns, administreren de verkoop aan hun klanten om te verzekeren dat de hoeveelheden verenigbaar zijn met de vraag naar dergelijke producten op de beoogde markt voor verkoop en gebruik.

  • 3. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de wijze waarop klanten geïdentificeerd worden als bedoeld in het eerste lid en de wijze waarop verkoop aan klanten geadministreerd wordt als bedoeld in het tweede lid.

  • 4. De ingevolge artikel 13 aangewezen ambtenaren zijn bevoegd elk bewijs te vorderen van een producent, importeur of exporteur van tabak, tabaksproducten en tabaksproductieapparaten als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel c, van het Protocol.

C

Artikel 11b wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid wordt na «10» ingevoegd «, 11».

2. In het tweede lid, onderdeel a, wordt «5 of 5a» vervangen door «5, 5a of 11».

D

De Bijlage bij de Tabaks- en rookwarenwet wordt als volgt gewijzigd:

In categorie B wordt onder vervanging van de punt aan het slot van de zinsnede «– 5a, zesde lid» door een puntkomma ingevoegd «– Artikel 11.»

ARTIKEL III

In artikel 1, onder 4°, van de Wet op de economische delicten, wordt in de zinsnede met betrekking tot de Tabaks- en rookwarenwet na «10, » ingevoegd «11,».

ARTIKEL IV

De Wet op de accijns wordt als volgt gewijzigd:

A

Na artikel 90 wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 90a

  • 1. Het is niet toegestaan een tabaksproductieapparaat zonder een daartoe strekkende vergunning van de inspecteur:

    • a. in het vrije verkeer te brengen;

    • b. te vervaardigen;

    • c. voorhanden te hebben;

    • d. te brengen naar een andere lidstaat; of

    • e. uit te voeren naar een derde land.

  • 2. Onder tabaksproductieapparaat wordt verstaan elke machine of toestel van GN-code 8478, als bedoeld in Verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad van 23 juli 1987 met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief (PbEG 1987, L 256), zoals deze luidt op 1 januari 2019.

  • 3. Artikel 90, derde tot en met zesde, achtste en negende lid, zijn van overeenkomstige toepassing.

  • 4. Bij ministeriële regeling worden:

    • a. regels gesteld met betrekking tot de in de vergunning op te nemen voorwaarden;

    • b. gevallen aangewezen waarin in afwijking van het bepaalde in het eerste lid een vrijstelling van de vergunningplicht geldt.

B

Artikel 99 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid wordt «artikel 90, eerste lid,» vervangen door «artikel 90, eerste lid, of artikel 90a, eerste lid,».

2. In het tweede lid wordt «artikel 90, eerste lid,» vervangen door «artikel 90, eerste lid, of artikel 90a, eerste lid,» en wordt «het distilleertoestel» vervangen door «het distilleertoestel, onderscheidenlijk het tabaksproductieapparaat».

ARTIKEL V

De Uitleveringswet wordt als volgt gewijzigd:

Onder vervanging van de punt aan het slot van artikel 51a, tweede lid, door een puntkomma, wordt een onderdeel toegevoegd, luidende:

  • de misdrijven, strafbaar gesteld in artikel 69, eerste en tweede lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, de artikelen 97, 99, tweede lid, en 101, tweede lid, van de Wet op de accijns, artikel 10:5 van de Algemene douanewet, de artikelen 225, 337 en 420bis tot en met 420quater van het Wetboek van Strafrecht, voorzover het feit valt onder de omschrijving van artikel 14 van het op 12 november 2012 te Seoul tot stand gekomen Protocol tot uitbanning van illegale handel in tabaksproducten (Trb. 2014, 155).

ARTIKEL VI

  • 1. Artikel I van deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.

  • 2. De artikelen II tot en met V treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.histnoot

Gegeven te ’s-Gravenhage, 8 april 2020

Willem-Alexander

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, P. Blokhuis

De Minister van Buitenlandse Zaken, S.A. Blok

De Staatssecretaris van Financiën, A.C. van Huffelen

De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus

Uitgegeven de vijfentwintigste mei 2020

De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus


XHistnoot
histnoot

Kamerstuk 35 356