Besluit van 11 mei 2020 tot vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van de Implementatiewet wijziging vierde anti-witwasrichtlijn

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Financiën van 6 mei 2020, 2020-0000084269, directie Financiële Markten;

Gelet op artikel VI van de Implementatiewet wijziging vierde anti-witwasrichtlijn;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Enig artikel

De Implementatiewet wijziging vierde anti-witwasrichtlijn treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst, met uitzondering van artikel I, onderdeel H, onderdeel 2, voor zover het betreft de wijziging van het vierde lid, dat in werking treedt met ingang van 10 juli 2020.

Onze Minister van Financiën is belast met de uitvoering van dit besluit dat in het Staatsblad zal worden geplaatst.

’s-Gravenhage, 11 mei 2020

Willem-Alexander

De Minister van Financiën, W.B. Hoekstra

Uitgegeven de twintigste mei 2020

De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus

NOTA VAN TOELICHTING

Dit besluit regelt de inwerkingtreding van de Implementatiewet wijziging vierde anti-witwasrichtlijn. De wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het onderhavige besluit wordt geplaatst. Aangezien de implementatietermijn verstreek op 10 januari 2020, is het wenselijk dat de Implementatiewet zo spoedig mogelijk in werking treedt.

In de inwerkingtredingsbepaling wordt één uitzondering gemaakt. Dat betreft de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel H, onderdeel 2, voor zover het de wijziging van het vierde lid betreft, dat in werking treedt met ingang van 10 juli 2020. Deze latere inwerkingtredingsdatum volgt uit wijzigingsopdracht 42 van de richtlijn1, die bepaalt dat artikel 12, derde lid, van de richtlijn moet worden toegepast vanaf 10 juli 2020. Artikel 12, derde lid, van de richtlijn is geïmplementeerd in artikel I, onderdeel H, onderdeel 2, vierde lid, van de Implementatiewet.

De Minister van Financiën, W.B. Hoekstra


X Noot
1

Richtlijn (EU) 2018/843 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2018 tot wijziging van Richtlijn (EU) 2015/849 inzake de voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld of terrrorismefinanciering, en tot wijziging van de Richtlijnen 2009/138/EG en 2013/36/EU (PbEU 2018, L 156)

Naar boven