Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau,
enz. enz. enz.
Op de voordracht van de Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat van 9 juli
2019, nr. WJZ / 19143448;
Gelet op artikel 2, tweede lid, van de Waarborgwet 2019;
De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 24 juli 2019, nr. W18.19.0208/IV);
Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat
van 7 november 2019, nr. WJZ / 19187702;
Hebben goedgevonden en verstaan:
’s-Gravenhage, 11 november 2019
Willem-Alexander
De Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat, M.C.G. Keijzer
Uitgegeven de zesentwintigste november 2019
De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus
NOTA VAN TOELICHTING
I. Algemeen
1. Doel en aanleiding
Dit besluit stelt de massagrenzen vast beneden welke geen verplichting bestaat tot
het waarborgen van platina, gouden of zilveren voorwerpen. Deze massagrenzen zijn
thans opgenomen in artikel 5, tweede lid, onderdelen a en b, van de Waarborgwet 1986
en voor goud en zilver op grond van artikel 5, derde lid, van de Waarborgwet 1986
verhoogd bij het Besluit van 8 oktober 2005, houdende verhoging van grenzen voor waarborgen
van gouden en zilveren voorwerpen (Stb. 2005, 499). De Waarborgwet 1986 wordt naar verwachting op 1 januari 2020 vervangen door de
Waarborgwet 2019 (Stb. 2019, 209). In de Waarborgwet 2019 zijn de ondergrenzen niet meer gedeeltelijk bij wet en gedeeltelijk
bij algemene maatregel van bestuur (amvb) geregeld, maar worden de ondergrenzen uitsluitend
vastgesteld bij amvb (artikel 2, tweede lid, van de Waarborgwet 2019).
Onderhavig besluit stelt daarom deze ondergrenzen vast, op dezelfde hoogte als artikel
5, tweede lid, onderdelen a en b, van de Waarborgwet 1986, en zoals verhoogd bij besluit
van 8 oktober 2005. Er is dus geen inhoudelijke wijziging beoogd ten opzichte van
de regeling onder de Waarborgwet 1986.
2. Regeldruk
Dit besluit bevat geen inhoudelijke wijzigingen ten opzichte van de regeling onder
de Waarborgwet 1986 en heeft derhalve geen gevolgen voor de regeldruk. Dit besluit
is voorgelegd aan het Adviescollege toetsing regeldruk (ATR), maar is niet geselecteerd
voor formele advisering door ATR.
3. Europese kaders (notificatie)
Artikel 1 van dit besluit, dat de massagrenzen vaststelt, bevat vermoedelijk technische
voorschriften in de zin van Richtlijn (EU) 2015/1535 van het Europees Parlement en
de Raad van 9 september 2015 betreffende een informatieprocedure op het gebied van
technische voorschriften en regels betreffende de diensten van de informatiemaatschappij
(PbEU 2015, L 241). De Waarborgwet 1986 is, inclusief de massagrenzen, in 1997 reeds
genotificeerd (notificatienummer 1997/417/NL). De verhogingen van de massagrenzen
voor goud en zilver bij het besluit van 8 oktober 2005 zijn eveneens genotificeerd
in 2005 (notificatienummer 2005/0276/NL). Omdat de massagrenzen niet gewijzigd zijn
ten opzichte van de notificaties, hoeft het voorschrift niet opnieuw te worden gemeld
aan de Europese Commissie.
II. Artikelen
Artikel 1
In dit artikel zijn de grenzen vastgesteld beneden welke massa aan platina, goud of
zilver een voorwerp niet behoeft te worden gewaarborgd. Dit betreft platina voorwerpen
waarvan de totale massa aan platina minder dan 0,5 gram bedraagt, gouden voorwerpen
waarvan de totale massa aan goud minder dan 1 gram bedraagt en zilveren voorwerpen
waarvan de totale massa aan zilver minder dan 8 gram bedraagt.
Artikel 2
Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, tegelijkertijd
met de Waarborgwet 2019. Inwerkingtreding is thans voorzien op 1 januari 2020.
De Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat, M.C.G. Keijzer