Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriekDatum ondertekening
Ministerie van Binnenlandse Zaken en KoninkrijksrelatiesStaatsblad 2018, 456AMvB

Besluit van 20 november 2018 tot wijziging van het Kadasterbesluit (afscherming persoonsgegevens)

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 20 september 2018, nr. 2018-0000770636, Directie Constitutionele Zaken en Wetgeving;

Gelet op artikel 107b van de Kadasterwet;

De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 10 oktober 2018, nr. W04.18.0292/I);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 12 november 2018, nr. 2018-0000846646, Directie Constitutionele Zaken en Wetgeving;

Hebben goedgevonden en verstaan:

ARTIKEL I

In het Kadasterbesluit wordt na artikel 37 een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 37a

  • 1. De Dienst verstrekt op verzoek van personen als bedoeld in artikel 42, eerste lid, onderdeel c, van de Politiewet 2012, niet zijnde leden van het koninklijk huis, en van andere personen over wier veiligheid de politie op grond van die wet waakt gedurende een termijn van vijf jaar van die personen geen persoonsgegevens.

  • 2. De termijn, bedoeld in het eerste lid, wordt ten aanzien van personen als bedoeld in dat lid telkens verlengd met vijf jaar.

  • 3. In afwijking van het eerste lid verstrekt de Dienst aan bestuursorganen, deurwaarders en notarissen, van personen als bedoeld in het eerste lid de persoonsgegevens die zij nodig hebben voor het uitoefenen van hun wettelijke taken.

ARTIKEL II

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 juli 2019.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Wassenaar, 20 november 2018

Willem-Alexander

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, K.H. Ollongren

Uitgegeven de elfde december 2018

De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus

NOTA VAN TOELICHTING

Algemeen

Artikel 107b van de Kadasterwet biedt de mogelijkheid om bij of krachtens algemene maatregel van bestuur beperkingen te stellen aan het verstrekken van persoonsgegevens uit de door het Kadaster gehouden registers en registraties.

Artikel 37a van het Kadasterbesluit voorziet in een dergelijke beperking.

Artikel 107b van de Kadasterwet heeft betrekking op de openbare registers, de basisregistratie kadaster, de registratie voor schepen en de registratie voor luchtvaartuigen en ziet op zowel de gegevens in dat register en die registraties als op de in de daarin geregistreerde en geboekte stukken en getuigschriften.

De beperkingen op grond van artikel 107b van de Kadasterwet betreffen persoonsgegevens als bedoeld in de Algemene verordening gegevensbescherming. Op grond van artikel 107b van de Kadasterwet is in artikel 37a van het Kadasterbesluit bepaald welke soorten persoonsgegevens niet verstrekt worden; dat betreft in dit geval alle persoonsgegevens betreffende de personen, bedoeld in artikel 37a, eerste lid, van het Kadasterbesluit.

Artikel 37a van het Kadasterbesluit maakt het mogelijk om de persoonsgegevens van personen die van overheidswege beveiligd worden af te schermen. De situatie van die personen is van dien aard dat op voorhand geoordeeld wordt dat afscherming van de persoonsgegevens die bij het Kadaster beschikbaar zijn, gerechtvaardigd is.

De afscherming van de persoonsgegevens omvat onder meer de gegevens van de rechthebbende met betrekking tot een bepaald object en in veel gevallen ook het objectadres (in ieder geval in de gevallen waarin dat samenvalt met het woonadres). Bestuursorganen, deurwaarders en notarissen kunnen voor de uitoefening van hun wettelijke taken belang hebben bij kenbaarheid van verschillende soorten persoonsgegevens – bijvoorbeeld het objectadres in relatie tot de natuurlijke persoon die daar rechten op kan doen gelden – als opgenomen in de door het Kadaster gehouden registers en registraties. In die gevallen is in artikel 37a, derde lid, van het Kadasterbesluit voorzien in een bevoegdheid voor het Kadaster om ondanks de afscherming toch persoonsgegevens te verstrekken. De verstrekking gaat in die gevallen niet verder dan noodzakelijk is voor de taakuitoefening van de aanvrager.

Artikel 37a van het Kadasterbesluit heeft slechts betrekking op de bij het Kadaster berustende gegevens. Dergelijke gegevens worden veelvuldig verwerkt in bestanden of systemen die niet onder de verantwoordelijkheid van het Kadaster vallen. Persoonsgegevens die voor de datum van inwerkingtreding van dit besluit aan derden zijn verstrekt, kunnen door die derden ook na die datum nog steeds worden gebruikt.

Administratieve lasten

Dit besluit leidt tot een geringe stijging van de administratieve lasten voor notarissen en deurwaarders. Wanneer zij in het kader van hun wettelijke taakuitoefening gegevens nodig hebben van afgeschermde personen, dienen ze zich daarvoor tot het Kadaster te wenden. Hiervoor is door het Kadaster een laagdrempelig proces ingericht zodat de notarissen en deurwaarders slechts een minimale extra inspanning hoeven te doen.

Naar schatting is een notaris of deurwaarder met het opvragen van gegevens van niet afgeschermde personen ongeveer vijf minuten bezig. De verwachting is dat de notaris of deurwaarder met het opvragen van gegevens van afgeschermde personen ongeveer vijftien minuten bezig zal zijn. Voor de berekening van de administratieve lasten wordt uitgegaan van ten hoogste 250 afgeschermde personen – in de praktijk zullen het er eerder minder zijn.

Dat leidt tot een verwachte toename van de administratieve lasten van € 54 x 0,25 x 250 = € 3.375,– per jaar.

Internetconsultatie

Het ontwerpbesluit is van 4 juli 2018 tot en met 12 augustus 2018 in internetconsultatie geweest. Op het ontwerpbesluit zijn twee reacties van particulieren en een van het Adviescollege toetsing regeldruk ontvangen. De reacties van de particulieren hebben niet geleid tot wijziging van het ontwerpbesluit. De reactie van het Adviescollege toetsing regeldruk heeft geleid tot enkele aanpassingen van deze nota van toelichting (zie hieronder).

Advies Adviescollege toetsing regeldruk

Het Adviescollege toetsing regeldruk (hierna: ATR) heeft geadviseerd om de administratieve lasten te kwantificeren. Dat is gebeurd (zie hiervoor).

Het ATR heeft geadviseerd om een laagdrempelig proces in te richten voor notarissen en deurwaarders om gegevens van afgeschermde personen te verkrijgen. Hierin was al voorzien, naar aanleiding van het advies is dit nadrukkelijk in deze nota van toelichting vermeld.

Het ATR heeft tenslotte geadviseerd om de termijn van afscherming van de gegevens bij het Kadaster gelijk te laten zijn aan de termijn van beveiliging van overheidswege. Voor beveiliging van overheidswege gelden geen standaardtermijnen waarbij aangesloten kan worden. Omdat de informatie wie van overheidswege beveiligd wordt voorts uit de aard der zaak zeer vertrouwelijk is, heeft het Kadaster geen toegang tot die informatie, en is het dus voor het Kadaster niet mogelijk om ambtshalve bij duur van de beveiliging aan te sluiten. Omwille van enerzijds de uitvoerbaarheid van deze maatregel en anderzijds een niet te lange termijn van afscherming is gekozen voor de termijn van vijf jaar die zo nodig verlengd kan worden.

Advies Autoriteit Persoonsgegevens

In juni 2017 heeft de Autoriteit Persoonsgegevens advies uitgebracht over het gemak waarmee persoonsgegevens te raadplegen zijn bij het Kadaster. Op 29 juni 2018 heeft de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties het kabinetsstandpunt op dat advies aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal gezonden (Kamerstukken II 2017/18, 32 761, nr. 123).

Het ontwerpbesluit is eveneens voor advies voorgelegd aan de Autoriteit Persoonsgegevens. De Autoriteit Persoonsgegevens heeft bij advies van 3 september 2018 laten weten geen opmerkingen te hebben bij het ontwerpbesluit.

Artikelen

Artikel 37a van het Kadasterbesluit

eerste lid

De personen, bedoeld in dit lid, zijn personen voor wie de politie persoonsbeveiliging verzorgt overeenkomstig de circulaire bewaken en beveiligen (Stcrt. 2015, 18913).

De in artikel 42, eerste lid, onderdeel c, van de Politiewet 2012 bedoelde personen zijn de personen die in het zogenoemde rijksdomein van het stelsel van bewaken en beveiligen vallen en op gezag van de Minister van Justitie en Veiligheid worden beveiligd. De leden van het koninklijk huis zijn uitgezonderd van de werking van artikel 37a van het Kadasterbesluit omdat afscherming van hun gegevens gelet op hun publieke functie niet opportuun wordt geacht.

De andere personen, bedoeld in dit lid, zijn de personen die door de politie worden beveiligd in opdracht van de Hoofdofficier van Justitie, het zogenoemde decentrale domein van het stelsel van bewaken en beveiligen.

Het Kadaster stelt na een verzoek van een van deze personen vast of de betrokkene in het rijksdomein of het decentrale domein valt. Indien dat het geval is, worden de persoonsgegevens afgeschermd gedurende vijf jaar.

tweede lid

Het Kadaster controleert tegen het einde van de termijn van vijf jaar ambtshalve of de betrokkene nog onder het stelsel van bewaken en beveiligen valt. Indien dat het geval is, worden de persoonsgegevens voor een nieuwe termijn van vijf jaar afgeschermd.

derde lid

Bestuursorganen, deurwaarders en notarissen kunnen bij het Kadaster verzoeken om persoonsgegevens van personen op wie het eerste lid van toepassing is. Bij die aanvraag moet worden vermeld voor uitoefening van welke wettelijke taak de persoonsgegevens benodigd zijn en tevens welke persoonsgegevens daarvoor benodigd zijn.

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, K.H. Ollongren