Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriekDatum ondertekening
Ministerie van Economische Zaken en KlimaatStaatsblad 2018, 109Wet

Wet van 9 april 2018 tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 en van de Gaswet (voortgang energietransitie)

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de Elektriciteitswet 1998 en de Gaswet te wijzigen om de energietransitie verder te ondersteunen en enkele knelpunten voor de huidige praktijk weg te nemen;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

ARTIKEL I

De Elektriciteitswet 1998 wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 1 wordt als volgt gewijzigd:

1. Het eerste lid, onderdeel aq, komt te luiden:

aq. gesloten distributiesysteem:

een net waarvoor op grond van artikel 15 ontheffing is verleend;.

1a. Het eerste lid, onderdeel y, komt te luiden:

y. rekening:

staat waarop een tegoed van garanties van oorsprong of certificaten van oorsprong kan worden geboekt in het elektronische systeem voor het uitgeven en innemen van garanties van oorsprong of certificaten van oorsprong en waarmee wordt bijgehouden voor welke hoeveelheid elektriciteit garanties van oorsprong of certificaten van oorsprong zijn verstrekt en aan wie de garanties van oorsprong of certificaten van oorsprong op enig moment toekomen;.

1b. Aan het eerste lid wordt onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel ba door een puntkomma een onderdeel toegevoegd, luidende:

bb. certificaat van oorsprong:

gegevens op een rekening waarmee wordt aangetoond uit welke energiebron, niet zijnde een hernieuwbare energiebron, een hoeveelheid elektriciteit is opgewekt.

2. Onder vernummering van het vierde en vijfde lid naar het vijfde en zesde lid, wordt een lid ingevoegd, luidende:

  • 4. Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde worden meerdere onroerende zaken als bedoeld in artikel 16, onderdeel c, van de Wet waardering onroerende zaken die zich bevinden in een bouwwerk met:

    • a. een woonfunctie bestemd voor bewoners die zijn ingeschreven aan een instelling als bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel b, van de Wet educatie en beroepsonderwijs of aan een universiteit of hogeschool als bedoeld in artikel 1.2, onderdelen a en b, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek of die zich voorbereiden op een promotie als bedoeld in artikel 7.18 van laatstgenoemde wet,

    • b. een woonoppervlak van maximaal 50 vierkante meter per wooneenheid en

    • c. gemeenschappelijke ruimtes die een meeromvattende functie hebben dan de reguliere functie van gemeenschappelijke ruimten in een appartementencomplex, beschouwd als één onroerende zaak als bedoeld in artikel 16 van de Wet waardering onroerende zaken indien de eigenaar hierom verzoekt bij de netbeheerder. Een verzoek kan slechts worden ingetrokken ingeval van ingrijpende renovatie van het bouwwerk.

B

In artikel 5b, onderdeel a, vervalt «tweede lid,».

C

Artikel 7a wordt als volgt gewijzigd:

1. Het eerste en tweede lid komen te luiden:

  • 1. Onze Minister kan met inachtneming van bindende besluiten van de Raad van de Europese Unie, van het Europees Parlement en de Raad gezamenlijk of van de Europese Commissie bij wege van experiment een ontheffing verlenen van het bepaalde bij of krachtens deze wet, voor zover:

    • a. het een experiment betreft op het gebied van hernieuwbare energie, energiebesparing, reductie van CO2 uitstoot of efficiënt gebruik van een net of

    • b. een experiment ten doel heeft het opdoen van praktijkkennis over marktmodellen of tariefreguleringssystematieken.

  • 2. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over:

    • a. welke afwijkingen van het bepaalde bij of krachtens de wet zijn toegestaan,

    • b. de groep afnemers waarvoor de afwijkingen gelden,

    • c. de ten hoogste toegestane tijdsduur van die afwijkingen en het moment en de wijze waarop wordt besloten of de voortzetting van een afwijking, anders dan als experiment, wenselijk is,

    • d. welke situaties of het aantal situaties waarin een afwijking is toegestaan,

    • e. de aanvraagprocedure en de termijn waarbinnen op een aanvraag wordt beslist,

    • f. het verbinden van voorschriften en beperkingen aan de ontheffing en wijziging of intrekking van de ontheffing en

    • g. de verslaglegging van een experiment door de houder van de ontheffing.

2. Het derde lid vervalt.

3. Het vierde en vijfde lid worden vernummerd tot derde en vierde lid.

4. In het vierde lid (nieuw) wordt «eerste lid» vervangen door: tweede lid.

D

Artikel 10 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid wordt na «en die als zodanig worden bedreven» ingevoegd:, met uitzondering van het net op zee,.

2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 11. Degene aan wie een net toebehoort, handelt als beheerder van dat net, indien daarvoor geen beheerder is aangewezen krachtens deze wet. De bij of krachtens deze wet aan een netbeheerder opgelegde verplichtingen zijn van overeenkomstige toepassing.

E

Artikel 11a wordt als volgt gewijzigd:

1. Het tweede lid vervalt, onder vernummering van het derde, vijfde en zesde lid tot tweede, derde en vierde lid.

2. In het vierde lid (nieuw) wordt «vijfde lid» vervangen door: derde lid.

3. In het vierde lid (nieuw), onderdeel a, wordt «eerste tot en met vierde lid» vervangen door: eerste tot en met derde lid.

F

Artikel 12, tweede lid, komt te luiden:

  • 2. De aanwijzing behoeft de instemming van Onze Minister. Onze Minister onthoudt zijn instemming of kan voorschriften verbinden aan de instemming, indien niet is voldaan aan de artikelen 10a, 10b, 11 of 11b of indien de aangewezen netbeheerder in onvoldoende mate in staat zal zijn aan een verplichting als bedoeld in de artikelen 17b, 18a of 78 te voldoen, een taak als bedoeld in artikel 16, eerste lid of 17a uit te voeren , een verbod als bedoeld in artikel 17 of 17b na te leven dan wel, indien de netbeheerder deel uitmaakt van een groep als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, de met hem verbonden groepsmaatschappij niet voldoet aan het bepaalde bij of krachtens artikel 17c.

G

Artikel 13, tweede lid, komt te luiden:

  • 2. Indien Onze Minister vaststelt dat niet meer voldaan wordt aan de artikelen 10a, 10b, 11, 11a of 11b of dat een netbeheerder in onvoldoende mate in staat is of zal zijn om aan een verplichting als bedoeld in de artikelen 17b, 18a of 78 te voldoen, om een taak als bedoeld in artikel 16, eerste of tweede lid, of 17a uit te voeren , indien artikel 17 of 17b niet wordt nageleefd of indien de netbeheerder deel uitmaakt van een groep als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, de met hem verbonden groepsmaatschappij niet voldoet aan het bepaalde bij of krachtens artikel 17c, kan Onze Minister de desbetreffende netbeheerder opdragen door hem noodzakelijk geachte voorzieningen te treffen.

H

Artikel 15 wordt als volgt gewijzigd:

1. Het eerste lid komt te luiden:

  • 1. De Autoriteit Consument en Markt kan op diens aanvraag ontheffing verlenen aan een eigenaar van een net, niet zijnde het landelijk hoogspanningsnet, van het gebod van artikel 10, negende lid, indien:

    • a. het bedrijfs- of productieproces van de gebruikers van het net om specifieke technische of veiligheidsredenen geïntegreerd is of het net primair elektriciteit distribueert voor de eigenaar van dat net of de daarmee verwante ondernemingen,

    • b. de aanvrager geen netbeheerder is en niet in een groepsmaatschappij als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek met een netbeheerder verbonden is,

    • c. het net binnen een geografisch afgebakende industriële locatie, commerciële locatie of locatie met gedeelde diensten ligt en dat net technisch, organisatorisch of functioneel verbonden is,

    • d. op het net minder dan 500 afnemers zijn aangesloten,

    • e. het net geen huishoudelijke eindafnemers van elektriciteit voorziet, tenzij er sprake is van incidenteel gebruik door een klein aantal huishoudelijke eindafnemers dat werkzaam is bij of vergelijkbare betrekkingen heeft met de eigenaar van het net en

    • f. de veiligheid en betrouwbaarheid van het net voldoende is gewaarborgd.

2. In het zesde lid, onderdeel c wordt «de artikelen 7 en 78» vervangen door: artikel 78.

3. Onder vernummering van het zevende tot en met negende lid tot achtste tot en met tiende lid wordt na het zesde lid een lid ingevoegd, luidende:

  • 7. De Autoriteit Consument en Markt kan op aanvraag van degene die voornemens is een gesloten distributiesysteem aan te leggen en die beschikt over de daarvoor benodigde vergunningen, ontheffingen en toestemmingen, ontheffing verlenen van het gebod van artikel 10, negende lid. Het eerste tot en met zesde lid zijn van overeenkomstige toepassing.

4. In het negende lid (nieuw) wordt «zevende» vervangen door «achtste» en wordt «raad van bestuur» telkens vervangen door «Autoriteit Consument en Markt».

5. In het tiende lid (nieuw) wordt «zevende» vervangen door «achtste», wordt «achtste» vervangen door «negende» en wordt «raad van bestuur» vervangen door: Autoriteit Consument en Markt.

I

In artikel 15a, tweede lid, wordt «de artikelen 17, 17a, 19b en 19c» vervangen door: de artikelen 19b, 19c, 21, 93a en 94.

J

Artikel 16 wordt als volgt gewijzigd:

01. In het eerste lid komt onderdeel h te luiden:

  • h. op verzoek van een producent vast te stellen of diens productie-installatie geschikt is voor de opwekking van elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen of uit andere energiebronnen dan wel of sprake is van een installatie voor hoogrenderende warmtekrachtkoppeling, alsmede of de inrichting om te meten geschikt is voor de meting van de elektriciteit die met de productie-installatie wordt opgewekt en op een net of een installatie ingevoed;.

1. In het eerste lid vervalt onderdeel p.

2. Het derde lid vervalt onder vernummering van het vierde lid tot derde lid.

3. Er worden twee leden ingevoegd, luidende:

  • 4. Een net met een spanningsniveau van 110 kV of hoger, met uitzondering van het net op zee, is zodanig ontworpen en in werking dat het transport van elektriciteit ook verzekerd is indien zich een uitvalsituatie voordoet, tenzij:

    • a. voor een bepaalde uitvalsituatie vrijstelling is verleend bij algemene maatregel van bestuur;

    • b. voor een bepaald onderdeel van het net op aanvraag van de desbetreffende netbeheerder ontheffing is verleend door de Autoriteit Consument en Markt. Aan de ontheffing kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden.

  • 5. Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de verlening, wijziging en intrekking van een ontheffing als bedoeld in het vierde lid, onderdeel b.

K

Artikel 16Aa vervalt.

L

Artikel 16a wordt als volgt gewijzigd:

1. Het eerste lid vervalt onder vernummering van het tweede en derde lid tot eerste en tweede lid.

2. In het tweede lid (nieuw) wordt «bedoeld in het tweede lid» vervangen door: bedoeld in het eerste lid.

M

In artikel 16e, derde lid, wordt «het document, bedoeld in artikel 21, tweede lid,» vervangen door: het investeringsplan, bedoeld in artikel 21.

N

Artikel 17 komt te luiden:

Artikel 17

  • 1. Een netbeheerder verricht geen andere werkzaamheden dan die nodig zijn voor een goede uitvoering van de bij of krachtens de wet aan hem toegekende taken.

  • 2. In afwijking van het eerste lid mag een netbeheerder in opdracht van een andere netbeheerder de aan die netbeheerder toegekende taken uitvoeren.

  • 3. Een netbeheerder besteedt geen werkzaamheden bij een afnemer uit aan een onderneming waar een leverancier onderdeel van uitmaakt.

  • 4. Ingeval van uitbesteding van werkzaamheden behoudt de netbeheerder de verantwoordelijkheid voor de uitvoering van deze werkzaamheden.

O

Artikel 17a komt te luiden:

Artikel 17a

  • 1. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen één of meer andere taken dan de op grond van deze wet toegekende taken voor de duur van ten hoogste vijf jaren per taak worden toegekend aan een netbeheerder voor zover:

    • a. deze taken verband houden met de op grond van deze wet toegekende taken,

    • b. deze taken van belang zijn voor het toekomstig beheer van het net en

    • c. marktpartijen niet of in beperkte mate in de uitvoering van de taken voorzien.

  • 2. Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de voortzetting of beëindiging van een overeenkomstig het eerste lid toegekende taak.

  • 3. De voordracht voor een krachtens het eerste en tweede lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.

P

Na artikel 17a worden twee artikelen ingevoegd, luidende:

Artikel 17b

  • 1. Een netbeheerder bevoordeelt niet een met hem verbonden groepsmaatschappij als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek boven een andere onderneming waarmee die groepsmaatschappij in concurrentie treedt en kent aan die groepsmaatschappij geen voordelen toe die verder gaan dan in het normale handelsverkeer gebruikelijk is.

  • 2. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over handelingen die voordelen genereren die verder gaan dan in het normale handelsverkeer gebruikelijk is.

Artikel 17c

  • 1. Een groep als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek waar een netbeheerder deel van uitmaakt, voert in hoofdzaak de taken uit die bij of krachtens deze wet zijn toegekend aan een netbeheerder of, indien van toepassing, de taken die bij of krachtens de Gaswet zijn toegekend aan een netbeheerder als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel e, van de Gaswet.

  • 2. Een met een netbeheerder verbonden groepsmaatschappij als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek beperkt zich in Nederland tot:

    • a. handelingen of activiteiten die gerelateerd zijn aan het beheer van netten of gastransportnetten als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel d, van de Gaswet, en betrekking hebben op:

      • 1°. aanleg en beheer van een landsgrensoverschrijdende net,

      • 2°. aanleg en beheer van een landsgrensoverschrijdend gastransportnet als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel z, van de Gaswet,

      • 3°. aanleg en beheer van kabels en leidingen en daarmee verbonden hulpmiddelen,

      • 4°. aanleg en beheer van infrastructuur voor het op- of ontladen van elektrische voertuigen,

      • 5°. aanleg, onderhoud en het ter beschikking stellen van installaties,

      • 6°. meetdiensten en meetinrichtingen,

      • 7°. certificering van hernieuwbare energie,

      • 8°. energiebeurzen en

      • 9°. schakelen van installaties, niet zijnde productie-installaties;

    • b. aanleg en beheer van antenne-opstelpunten ten behoeve van ethercommunicatie;

    • c. handelingen of activiteiten die bij of krachtens de Drinkwaterwet zijn toegestaan aan de eigenaar van een drinkwaterbedrijf;

    • d. handelingen of activiteiten met betrekking tot infrastructuur voor koolstofdioxide;

    • e. aanleg en beheer van andere infrastructuur dan bedoeld in onderdelen a tot en met d met inbegrip van transport via die infrastructuur, voor zover de met de groepsmaatschappij verbonden netbeheerder blijft voldoen aan artikel 10b. Onder andere infrastructuur wordt in ieder geval verstaan: leidingen of installaties voor waterstof, biogas, warmte en koude.

  • 3. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen andere dan de in het tweede lid, onderdeel a, genoemde handelingen of activiteiten worden aangewezen die de groepsmaatschappij, bedoeld in het tweede lid, voor een in deze algemene maatregel van bestuur vastgestelde duur kan verrichten.

  • 4. Indien handelingen of activiteiten worden aangewezen op grond van het derde lid, worden bij algemene maatregel van bestuur regels gesteld over de voortzetting of beëindiging van die handelingen of activiteiten.

  • 5. De voordracht voor een krachtens het derde en vierde lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.

Q

Artikel 18 komt te luiden:

Artikel 18

Het is een ander dan een netbeheerder verboden de op grond van deze wet aan een netbeheerder toegekende taken, anders dan tijdelijke taken als bedoeld in artikel 17a, uit te voeren, met uitzondering van:

  • a. de werkzaamheden die een netbeheerder aan een ander uitbesteedt;

  • b. de aanleg, de wijziging, het onderhoud of de verwijdering van een aansluiting met een aansluitwaarde groter dan 10 MVA op een net, niet zijnde een net op zee;

  • c. de aanleg, de wijziging, het onderhoud of de verwijdering van een aansluiting van een organisatorische eenheid als bedoeld in artikel 1, tweede lid;

  • d. de aanleg van kabels en leidingen en daarmee verbonden hulpmiddelen.

R

Na artikel 18a wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 19

  • 1. Een netbeheerder:

    • a. hanteert een doeltreffend kwaliteitsborgingssysteem voor de uitvoering van de op grond van deze wet aan hem toegekende taken en

    • b. beschikt over een document waarin is aangegeven op welke wijze hij uitvoering geeft aan onderdeel a.

  • 2. Onder een doeltreffend kwaliteitsborgingssysteem wordt verstaan het geheel van samenhangende plannen, processen en procedures dat een netbeheerder in staat stelt de kwaliteit van zijn net en de uitvoering van de op grond van deze wet aan hem toegekende taken te registreren, te monitoren en waar nodig bij te sturen.

  • 3. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld, die kunnen verschillen voor verschillende netten, verschillende delen van netten met een verschillend spanningsniveau en verschillende netbeheerders, over:

    • a. het kwaliteitsborgingsysteem;

    • b. de onderwerpen die in het document, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, ten minste moeten zijn opgenomen;

    • c. het verstrekken van gegevens en inlichtingen over het kwaliteitsborgingssysteem of het verstrekken van het document bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, aan de Autoriteit Consument en Markt of aan Onze Minister;

    • d. het bewaren en openbaar maken van gegevens over het kwaliteitsborgingssysteem of van het document bedoeld in het eerste lid;

    • e. evaluatie van het kwaliteitsborgingssysteem.

S

Artikel 19a vervalt.

Sa

Aan artikel 19b wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. De netbeheerder van het landelijk hoogspanningsnet verstrekt binnen zes maanden na afloop van ieder kalenderjaar aan de Autoriteit Consument en Markt een overzicht van de financiële middelen waarover hij beschikt ten behoeve van de uitvoering van zijn wettelijke taken, waaruit blijkt welke financiële middelen voor de afzonderlijke taken beschikbaar zijn.

Sb

Artikel 19e komt te luiden:

Artikel 19e

  • 1. Een netbeheerder draagt er, al dan niet samen met een of meer andere netbeheerders, zorg voor dat onderbrekingen in het transport van elektriciteit en afwijkingen van de eisen aan de kwaliteit van het transport van elektriciteit door afnemers op een eenvoudige wijze gemeld kunnen worden en maakt aan afnemers bekend op welke wijze deze meldingen kunnen geschieden.

  • 2. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de registratie van de meldingen en de openbaarmaking van de registratie.

T

Artikel 20e vervalt.

U

Artikel 21 komt te luiden:

Artikel 21

  • 1. Een netbeheerder stelt periodiek een investeringsplan op waarin alle noodzakelijke uitbreidingsinvesteringen en vervangingsinvesteringen worden beschreven en onderbouwd.

  • 2. In een investeringsplan worden ten minste de investeringen opgenomen die noodzakelijk zijn voor de ontsluiting van windparken, die zijn opgenomen in een structuurvisie als bedoeld in artikel 2.3 van de Wet ruimtelijke ordening.

  • 3. Een netbeheerder legt een ontwerpinvesteringsplan achtereenvolgens voor:

    • a. aan een ieder ter consultatie en verwerkt de gegeven reacties op de ingediende zienswijzen in het plan,

    • b. aan de Autoriteit Consument en Markt en, voor zover het een ontwerpinvesteringsplan voor het landelijk hoogspanningsnet betreft, aan Onze Minister.

  • 4. De Autoriteit Consument en Markt toetst of een netbeheerder in redelijkheid tot het ontwerpinvesteringsplan heeft kunnen komen.

  • 5. Onze Minister toetst of de netbeheerder van het landelijk hoogspanningsnet zich in voldoende mate rekenschap heeft gegeven van ontwikkelingen in de energiemarkt.

  • 6. Een netbeheerder stelt het investeringsplan vast en verantwoordt daarbij hoe de resultaten van consultatie en toetsing zijn verwerkt.

  • 7. Een netbeheerder voert de in het investeringsplan opgenomen investeringen uit.

  • 8. Het derde tot en met zevende lid zijn van overeenkomstige toepassing bij een significante wijziging.

  • 9. De in het investeringsplan opgenomen investeringen worden noodzakelijk geacht voor de uitvoering van de op grond van deze wet aan een netbeheerder toegekende taken.

  • 10. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over:

    • a. de termijn waarvoor het investeringsplan geldt,

    • b. de nadere inhoud en het aggregatieniveau van een investeringsplan,

    • c. de procedure waarlangs een investeringsplan tot stand komt,

    • d. de wijze waarop de noodzaak van investeringen wordt aangetoond,

    • e. het tijdstip en de frequentie waarmee een investeringsplan dan wel onderdelen daarvan, wordt opgesteld of aangepast,

    • f. de wijze waarop en bij wie een ontwerpinvesteringsplan wordt geconsulteerd,

    • g. de wijze waarop bekendheid wordt gegeven aan een investeringsplan.

  • 11. De regels, bedoeld in het tiende lid, kunnen verschillen voor verschillende soorten netten, verschillende delen van netten met een verschillend spanningsniveau en verschillende netbeheerders.

  • 12. Onze Minister kan een bindende gedragslijn opleggen in het kader van de verplichting om rekenschap te geven van ontwikkelingen in de energiemarkt, bedoeld in het vijfde lid.

V

In artikel 22 wordt «uit de overzichten, bedoeld in artikel 19b of uit het document, bedoeld in artikel 21» vervangen door: uit het document, bedoeld in artikel 19, de overzichten, bedoeld in artikel 19b, of uit het investeringsplan, bedoeld in artikel 21.

W

In hoofdstuk 3 wordt na paragraaf 3 een paragraaf ingevoegd, luidende:

§ 3a. Verplaatsen of ondergronds aanleggen van een hoogspanningsverbinding

Artikel 22a
  • 1. Een netbeheerder verplaatst op verzoek van een college van burgemeester en wethouders of van gedeputeerde staten bovengrondse delen van netten die bestemd zijn voor transport van elektriciteit op een spanningsniveau van 50 kV of hoger of vervangt deze door ondergrondse delen voor zover:

    • a. dat deel

      • 1°. ten minste 1.000 meter lang is, tenzij het een net betreft met een spanningsniveau van 50 kV of

      • 2°. ten minste 500 meter lang is, voor zover het een deel betreft dat direct is verbonden met een transformator-, schakel-, verdeel- of onderstation, voor zover het een te vervangen deel betreft en

    • b. deze delen door Onze Minister zijn aangewezen.

  • 2. Krachtens het eerste lid, onderdeel b, worden slechts delen aangewezen waarvoor vervanging of verplaatsing kostenefficiënt is. Bij de aanwijzing kan worden bepaald dat een deel wordt aangewezen voor verplaatsing of voor vervanging.

  • 3. De aanwijzing, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, wordt bekend gemaakt in de Staatscourant.

  • 4. Een netbeheerder onderzoekt op verzoek van een college van burgemeester en wethouders of van gedeputeerde staten de technische haalbaarheid, de ruimtelijke aspecten en de investeringskosten van het verplaatsen of vervangen van een deel van het net dat op grond van het eerste lid is aangewezen.

  • 5. Onze Minister kan op aanvraag van een netbeheerder ontheffing verlenen van de verplichting op grond van het eerste lid, aanhef, voor een in die ontheffing aangewezen deel van het net indien het vervangen of verplaatsen van dat deel technisch of ruimtelijk niet haalbaar is of strijdig is met het belang van leveringszekerheid.

  • 6. Onze Minister kan op verzoek van een college van burgemeester en wethouders of gedeputeerde staten bovengrondse delen van netten die bestemd zijn voor transport van elektriciteit op een spanningsniveau van 50kV of hoger aanwijzen voor verplaatsing of vervanging voor zover die niet overeenkomstig het eerste lid zijn aangewezen. Een netbeheerder onderzoekt op verzoek van een college van burgemeester of gedeputeerde staten, na instemming van Onze Minister, de technische haalbaarheid, de ruimtelijke aspecten, het belang van leveringszekerheid en de investeringskosten van het verplaatsen of vervangen van het betreffende deel van het net. Bij het verzoek, bedoeld in de eerste volzin, wordt het onderzoek overgelegd. Het eerste lid, aanhef, tweede en de derde lid zijn van overeenkomstige toepassing op een aanwijzing.

  • 7. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over:

    • a. het deel van de kosten die een netbeheerder maakt voor de uitvoering van een verzoek als bedoeld in het eerste, vierde en zesde lid dat wordt betaald door de verzoeker en de bestanddelen waaruit die kosten bestaan;

    • b. de volgorde waarin het verplaatsen of vervangen plaatsvindt;

    • c. de procedure voor de het aanvragen van een ontheffing als bedoeld in het vijfde lid;

    • d. de termijn waarbinnen een college van burgemeester en wethouders of gedeputeerde staten een verzoek bij Onze Minister kan indienen.

  • 8. De voordracht voor een krachtens het zevende lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.

Wa

Na artikel 30a worden twee artikelen ingevoegd, luidende:

Artikel 30b

  • 1. Bij het verlenen van een ontheffing als bedoeld in artikel 7a kan worden bepaald dat een tarief, waarvoor een experiment zal worden uitgevoerd, in rekening wordt gebracht bij de afnemers die deelnemen aan het experiment waarvoor de ontheffing is verleend.

  • 2. Het tarief, bedoeld in het eerste lid, kan verschillen voor de verschillende afnemers die deelnemen aan het experiment waarvoor de ontheffing is verleend.

Artikel 30c

  • 1. Bij het toekennen van een tijdelijke taak als bedoeld in artikel 17a kan worden bepaald dat een tarief, waarvoor die tijdelijke taak zal worden uitgevoerd, in rekening wordt gebracht bij de afnemers ten behoeve waarvan een netbeheerder de tijdelijke taak uitvoert.

  • 2. Het tarief, bedoeld in het eerste lid, kan verschillen voor de verschillende afnemers ten behoeve waarvan een netbeheerder de tijdelijke taak uitvoert.

X

Artikel 31 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het negende lid, onderdeel b, wordt «artikel 16a, tweede lid» vervangen door: artikel 16a, eerste lid.

2. In het negende lid, onderdeel c, wordt artikel 16a, derde lid» vervangen door: artikel 16a, tweede lid.

3. Het twaalfde lid komt te luiden:

  • 12. In de voorwaarden, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a, f en g, kan worden vastgelegd op welke wijze netbeheerders uitvoering geven aan de regels over de storingsreserve, bedoeld in artikel 16, vierde en vijfde lid.

4. Het dertiende lid vervalt.

5. Het veertiende en vijftiende lid worden vernummerd tot dertiende en veertiende lid.

Y

Artikel 39 komt te luiden:

Artikel 39

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld voor de uitvoering van onderdelen van verordeningen en besluiten als bedoeld in artikel 288 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, vastgesteld krachtens de richtlijn en de verordeningen, bedoeld in artikel 5, eerste lid.

Z

In artikel 40 wordt «artikel 16, eerste en tweede lid, met uitzondering van onderdeel p» vervangen door: artikelen 16 en 22a.

Za

Na artikel 40a wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 40b

De tarieven voor experimenten, bedoeld in artikel 30b, en voor tijdelijke taken, bedoeld in artikel 30c, worden vastgesteld overeenkomstig artikel 41e.

AA

Artikel 41 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid, onderdeel a, wordt «artikel 16, eerste lid» vervangen door: artikel 16.

2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 6. Bij de vaststelling van het efficiëntieniveau ten behoeve van de vaststelling van de korting ter bevordering van de doelmatige bedrijfsvoering van de netbeheerder van het landelijk hoogspanningsnet laat de Autoriteit Consument en Markt de kosten die betrekking hebben op landspecifieke kenmerken, waaronder de kwaliteit van het net, buiten beschouwing.

AB

Artikel 41b wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid in de aanhef wordt «de taken genoemd in artikel 16, eerste lid, met uitzondering van onderdeel p» vervangen door: de taken genoemd in artikel 16, eerste lid, en de taken, bedoeld in artikelen 7a, 17a en 22a.

2. In het eerste lid, onderdeel e, vervalt «of 20e, tweede of derde lid».

3. Onder vervanging van de punt aan het slot van het eerste lid, onderdeel i, door een puntkomma, worden drie onderdelen toegevoegd, luidende:

  • j. de geschatte kosten voor de uitvoering van artikel 7a, voor zover deze kosten doelmatig zijn en niet op grond van artikel 30b in rekening zijn gebracht via een tarief;

  • k. de geschatte kosten voor de uitvoering van artikel 17a, voor zover deze kosten doelmatig zijn;

  • l. de gemaakte kosten voor de uitvoering van artikel 22a, voor zover deze kosten doelmatig zijn en deze kosten niet op grond van het bepaalde bij of krachtens artikel 22a, zevende lid, worden betaald door de verzoeker, bedoeld in artikel 22a, eerste lid.

4. Na het vierde lid wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 5. De Autoriteit Consument en Markt kan een beleidsregel vaststellen betreffende de beoordeling van doelmatigheid, bedoeld in het eerste lid, onderdelen j en k.

AC

Na artikel 41d wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 41e

  • 1. Indien een netbeheerder een experiment uitvoert en op grond van artikel 30b een tarief in rekening brengt bij de deelnemers van het experiment, doet de netbeheerder voor 1 oktober aan de Autoriteit Consument en Markt op basis van de geschatte kosten, voor zover de kosten doelmatig zijn en niet toegerekend kunnen worden aan de uitvoering van de taken genoemd in artikel 16, een voorstel voor de tarieven voor dit experiment.

  • 2. Indien een netbeheerder een tijdelijke taak uitvoert en op grond van artikel 30c een tarief in rekening brengt bij de afnemers ten behoeve waarvan de netbeheerder de tijdelijke taak uitvoert, doet de netbeheerder voor 1 oktober aan de Autoriteit Consument en Markt op basis van de geschatte kosten, voor zover de kosten doelmatig zijn en niet toegerekend kunnen worden aan de uitvoering van de taken genoemd in artikel 16, een voorstel voor de tarieven voor deze tijdelijke taak.

  • 3. De Autoriteit Consument en Markt stelt de tarieven, bedoeld in het eerste en tweede lid, jaarlijks vast. De tarieven voor:

    • a. experimenten kunnen per experiment en voor de verschillende afnemers die deelnemen aan het experiment verschillen;

    • b. tijdelijke taken kunnen per tijdelijke taak verschillen voor de verschillende afnemers ten behoeve waarvan een netbeheerder de tijdelijke taak uitvoert.

  • 4. Indien een voorstel niet tijdig aan de Autoriteit Consument en Markt is gezonden, stelt deze de tarieven voor de desbetreffende netbeheerder uit eigen beweging vast.

  • 5. De Autoriteit Consument en Markt toetst bij het vaststellen van de tarieven, bedoeld in het eerste en tweede lid, of de tarieven objectief, transparant en niet-discriminatoir zijn en of deze gebaseerd zijn op werkelijke kosten.

  • 6. Artikel 41c, tweede lid, onderdelen a tot en met d, is van overeenkomstige toepassing.

AD

[vervallen]

AE

[vervallen]

AF

[vervallen]

AG

Artikel 43 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid wordt «voor het beheer van de netten op grond van zijn taken, bedoeld in artikel 16» vervangen door «voor de uitvoering van de bij of krachtens deze wet aan hem toegekende taken, met uitzondering van de taken, bedoeld in artikel 17a» en wordt «artikel 17 of 17a» vervangen door «artikel 7a of 17a».

1a. In het tweede lid, onderdeel b, wordt «activiteiten als bedoeld in het eerste lid» vervangen door «de taken, bedoeld in de eerste volzin van het eerste lid» en wordt »iedere transporttrap de kosten, opbrengsten en hoeveelheden van tenminste de functies, bedoeld in de artikelen 27 tot en met 30a, worden aangegeven,» vervangen door «ieder spanningsniveau of een bandbreedte daarvan de bijbehorende kosten, opbrengsten en hoeveelheden,».

2. Het negende lid komt te luiden:

  • 9. Een netbeheerder publiceert jaarlijks:

    • a. voor 1 oktober op geschikte wijze een verslag van de afzonderlijke boekhouding, bedoeld in het tweede lid over het daaraan voorafgaande kalenderjaar;

    • b. een verklaring waaruit blijkt dat de financiële verhouding tussen de netbeheerder en een met hem verbonden groepsmaatschappij voldoet aan het bepaalde bij of krachtens artikel 17b, eerste lid;

    • c. de gegevens waaruit blijkt dat de netbeheerder voldoet aan de regels omtrent een goed financieel beheer, bedoeld in artikel 18a, eerste lid.

AG0a

Artikel 73 wordt als volgt gewijzigd:

1. Onder vervanging van de punt aan het slot van het eerste lid, onderdeel b, door een puntkomma, wordt een onderdeel toegevoegd, luidende:

  • c. certificaten van oorsprong.

2. Het derde lid komt te luiden:

  • 3. Onze Minister boekt op aanvraag garanties van oorsprong als bedoeld in het eerste lid of certificaten van oorsprong op een daarbij aangegeven rekening, indien een in Nederland gevestigde producent bij deze aanvraag de gegevens omtrent de door de netbeheerder of door een andere tot meten bevoegde instantie gemeten opgewekte hoeveelheid elektriciteit overlegt.

AG00a

Aan artikel 75 wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. Een certificaat van oorsprong toont bij uitsluiting aan dat de daarop aangegeven hoeveelheid elektriciteit is opgewekt uit een andere energiebron dan hernieuwbare energiebronnen.

AG000a

In artikel 77, wordt «garanties van oorsprong, bedoeld in artikel 73, eerste lid» telkens vervangen door: garanties van oorsprong, bedoeld in artikel 73, eerste lid, of certificaten van oorsprong.

AG0000a

Na artikel 77 wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 77a

  • 1. Een leverancier boekt als bewijs van levering van elektriciteit aan een in Nederland gevestigde eindafnemer, binnen één maand na de levering de hoeveelheid garanties van oorsprong of certificaten van oorsprong die correspondeert met de hoeveelheid elektriciteit die is geleverd aan een in Nederland gevestigde eindafnemer van zijn Nederlandse rekening af.

  • 2. Voor de toepassing van het eerste lid draagt de leverancier er zorg voor dat hij op de eerste dag van de kalendermaand van levering beschikt over de benodigde hoeveelheid garanties van oorsprong of certificaten van oorsprong op zijn Nederlandse rekening die overeenkomen met de aard van de leveringen.

AGa

In artikel 77, tweede lid, onder f, wordt «16a, tweede lid» vervangen door: 16a, eerste lid.

AH

Artikel 77i wordt als volgt gewijzigd:

1. In onderdeel a vervalt «11a, tweede lid,».

2. In onderdeel a wordt «15, achtste lid» vervangen door «15, negende lid» en wordt «16Aa, derde en vierde lid, 16a, 17, vierde lid, 17a, derde en vierde lid, 18, derde lid» vervangen door «16a, 17, vierde lid, 18» en wordt «21, negende lid, tweede volzin» vervangen door: 21, achtste lid.

3. In onderdeel b:

a. wordt «11a, derde lid» vervangen door: 11a, tweede lid,;

b. wordt «16, eerste lid, onderdelen a tot en met f, h tot en met j, n, o en p, tweede lid, onderdelen a tot en met f, vierde en zesde lid,» vervangen door: artikel 16, eerste lid, onderdelen a tot en met f, h, i, j, n en o, derde, vierde, zesde en vijftiende lid,;

c. wordt «16Aa, eerste en tweede lid, 17, eerste en tweede lid, 17a, eerste en tweede lid, 18, eerste lid, 18a, 19a» vervangen door: 17, eerste tot en met derde lid, 17a, 17b, 17c, eerste tot met vierde lid, 18a, 19,;

d. wordt «37,» vervangen door: 37, 39,;

e. wordt «79» vervangend door: 79, eerste en tweede lid,;

f. wordt «en de artikelen 3, 4 en 5 van verordening 1277/2011,» vervangen door :, de artikelen 3, 4 en 5 van verordening 1277/2011 en besluiten die het Agentschap op grond van de artikelen 7, eerste lid, 8, eerste lid en 9, eerste lid, van verordening 713/2009 heeft genomen,.

AI

Artikel 79 wordt als volgt gewijzigd:

1. Het eerste lid komt te luiden:

  • 1. Een netbeheerder die bij de uitvoering van zijn taak de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden, draagt er zorg voor dat die gegevens niet ter beschikking komen of kunnen komen van derden, tenzij enig wettelijk voorschrift anders bepaalt.

2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. Een netbeheerder maakt alle informatie openbaar die bijdraagt aan een doeltreffende mededinging en een efficiënte werking van de markt, voor zover deze redelijkerwijs te genereren is uit de informatie waarover hij beschikt op basis van de uitvoering van de op grond van deze wet aan hem toegekende taken.

AJ

Na artikel 93a wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 94

  • 1. In afwijking van artikel 93a kunnen aandelen in de netbeheerder van het landelijk hoogspanningsnet direct of indirect berusten bij een buitenlandse instelling die op grond van nationale wettelijke regels is belast met het beheer van een transmissiesysteem als bedoeld in artikel 2, onderdeel 4, van de richtlijn, of bij de middellijk of onmiddellijk aandeelhouder van die buitenlandse instelling, voor zover:

    • a. ten minste 75 procent van de aandelen in de netbeheerder en de overwegende zeggenschap over de netbeheerder direct of indirect bij de staat blijft,

    • b. de samenwerking tussen de netbeheerder en een buitenlandse instelling wordt bevorderd,

    • c. er sprake is van een aandelenruil die de betrouwbaarheid, betaalbaarheid of duurzaamheid van het net ten goede komt en

    • d. de aandelen in de netbeheerder of de groep als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek waar die netbeheerder deel van uitmaakt, komen te berusten bij een instelling die de beheerder is van een net dat een directe verbinding heeft met het landelijke hoogspanningsnet in Nederland of dat door middel van een landsgrensoverschrijdend net met het landelijke hoogspanningsnet is verbonden.

  • 2. Het voornemen de aandelen in de netbeheerder direct of indirect te laten berusten bij een buitenlandse instelling of bij de middellijk of onmiddellijk aandeelhouder van die buitenlandse instelling behoeft instemming van beide kamers der Staten-Generaal.

  • 3. Onze Minister van Financiën treedt niet eerder in onderhandeling dan dertig dagen nadat hij schriftelijk mededeling heeft gedaan aan de Staten-Generaal van het voornemen, bedoeld in het tweede lid.

AJa

Artikel 95k, derde lid, komt te luiden:

  • 3. De betrouwbaarheid van de opwekkingsgegevens van de elektriciteit waarvoor garanties van oorsprong, bedoeld in artikel 73, eerste lid, of certificaten van oorsprong worden verstrekt, wordt door middel van die garanties van oorsprong of certificaten van oorsprong gewaarborgd.

AK

In artikel 95n wordt «95m, tweede, derde en achtste tot en met twaalfde lid» vervangen door: 95m, eerste, tweede en vijfde tot en met negende lid.

AL

Na artikel 95o wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 96

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de laadinfrastructuur voor elektrisch vervoer ter uitvoering van bindende onderdelen van EU-rechtshandelingen op het gebied van elektrisch vervoer.

ARTIKEL II

De Gaswet wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 1 wordt als volgt gewijzigd:

1. Het eerste lid, onderdeel aa, vervalt.

2. Het eerste lid, onderdeel am, komt te luiden:

am. gesloten distributiesysteem:

een net waarvoor op grond van artikel 2a ontheffing is verleend;.

3. Na het derde lid wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 4. Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde worden meerdere onroerende zaken als bedoeld in artikel 16, onderdeel c, van de Wet waardering onroerende zaken die zich bevinden in een bouwwerk met:

    • a. een woonfunctie bestemd voor bewoners die zijn ingeschreven aan een instelling als bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel b, van de Wet educatie en beroepsonderwijs of aan een universiteit of hogeschool als bedoeld in artikel 1.2, onderdelen a en b, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek of die zich voorbereiden op een promotie als bedoeld in artikel 7.18 van laatstgenoemde wet,

    • b. een woonoppervlak van maximaal 50 vierkante meter per wooneenheid en

    • c. gemeenschappelijke ruimtes die een meeromvattende functie hebben dan de reguliere functie van gemeenschappelijke ruimten in een appartementencomplex, beschouwd als één onroerende zaak als bedoeld in artikel 16 van de Wet waardering onroerende zaken indien de eigenaar hierom verzoekt bij de netbeheerder. Een verzoek kan slechts worden ingetrokken ingeval van ingrijpende renovatie van het bouwwerk.

B

In artikel 1a, eerste lid, wordt «met uitzondering van artikel 8, tenzij het gaat om investeringen, genoemd in artikel 8, tweede lid, onderdeel f tot en met i, en met uitzondering van de artikelen 8a, 35a en 54 tot en met 57» vervangen door: met uitzondering van de artikelen en onderwerpen, bedoeld in artikel 1c, eerste en tweede lid.

C

In artikel 1b wordt na «het bepaalde bij of krachtens de wet,» ingevoegd: met uitzondering van de artikelen en onderwerpen, bedoeld in artikel 1c, eerste en tweede lid, en in verband met.

D

Artikel 1c komt te luiden:

Artikel 1c

  • 1. Onze Minister is belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens artikelen 5a, 8a, 11, 35a, 51 en 54 tot en met 56, alsmede met onderwerpen die samenhangen met de kwaliteit van het transport van gas met als doel het voorkomen van ongevallen, voorvallen en schade.

  • 2. Bij ministeriële regeling worden de artikelen of delen hiervan betreffende de kwaliteit van het transport van gas bedoeld in het eerste lid aangewezen.

  • 3. Onze Minister wijst bij besluit de ambtenaren aan die toezicht houden op de naleving van de artikelen bedoeld in het eerste en tweede lid.

  • 4. Onze Minister kan in verband met de naleving van de voorschriften bedoeld in het eerste en tweede lid een bindende aanwijzing geven of een bindende gedragslijn opleggen.

  • 5. Onze Minister kan ter handhaving van de voorschriften bedoeld in het eerste en tweede lid een last onder bestuursdwang opleggen.

E

In artikel 1d, onderdeel a wordt «artikel 8, tweede lid» vervangen door: artikel 8.

F

Het opschrift van paragraaf 1.1.b komt te luiden: Experimenten.

G

Artikel 1i wordt als volgt gewijzigd:

1. Het eerste en tweede lid komen te luiden:

  • 1. Onze Minister kan met inachtneming van bindende besluiten van de Raad van de Europese Unie, van het Europees Parlement en de Raad gezamenlijk of van de Europese Commissie bij wege van experiment een ontheffing verlenen van het bepaalde bij of krachtens deze wet, voor zover:

    • a. het een experiment betreft op het gebied van hernieuwbare energie, energiebesparing, reductie van CO2 uitstoot of efficiënt gebruik van een gastransportnet of

    • b. een experiment ten doel heeft het opdoen van praktijkkennis over marktmodellen of tariefreguleringssystematieken.

  • 2. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over:

    • a. welke afwijkingen van het bepaalde bij of krachtens deze wet zijn toegestaan,

    • b. de groep afnemers waarvoor de afwijkingen gelden,

    • c. de ten hoogste toegestane tijdsduur van die afwijkingen en het moment en de wijze waarop wordt besloten of de voortzetting van een afwijking, anders dan als experiment, wenselijk is,

    • d. welke situaties of het aantal situaties waarin een afwijking is toegestaan,

    • e. de aanvraagprocedure en de termijn waarbinnen op een aanvraag wordt beslist,

    • f. het verbinden van voorschriften en beperkingen aan de ontheffing en wijziging of intrekking van de ontheffing en

    • g. de verslaglegging van een experiment door de houder van de ontheffing.

2. Het derde lid vervalt.

3. Het vierde en vijfde lid worden vernummerd tot derde en vierde lid.

4. In het vierde lid (nieuw) wordt «eerste lid» vervangen door: tweede lid.

H

Aan artikel 2 wordt na het negende lid een lid toegevoegd, luidende:

  • 10. Degene aan wie een gastransportnet toebehoort handelt als beheerder van dat net, indien daarvoor geen beheerder is aangewezen krachtens deze wet. De bij of krachtens deze wet aan een netbeheerder opgelegde verplichtingen zijn van overeenkomstige toepassing.

I

Artikel 2a wordt als volgt gewijzigd:

1. Het eerste lid komt te luiden:

  • 1. De Autoriteit Consument en Markt kan op diens aanvraag ontheffing verlenen aan een eigenaar van een gastransportnet, niet zijnde het landelijk gastransportnet, van het gebod van artikel 2, achtste lid, indien:

    • a. het bedrijfs- of productieproces van de gebruikers van een gastransportnet om specifieke technische of veiligheidsredenen geïntegreerd is of het gastransportnet primair gas distribueert voor de eigenaar van dat net of de daarmee verwante ondernemingen,

    • b. de aanvrager geen netbeheerder is en niet in een groepsmaatschappij als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek met een netbeheerder verbonden is,

    • c. het gastransportnet binnen een geografisch afgebakende industriële locatie, commerciële locatie of locatie met gedeelde diensten ligt en dat net technisch, organisatorisch of functioneel verbonden is,

    • d. op het gastransportnet minder dan 500 afnemers zijn aangesloten,

    • e. het gastransportnet geen huishoudelijke eindafnemers van gas voorziet, tenzij er sprake is van incidenteel gebruik door een klein aantal huishoudelijke eindafnemers dat werkzaam is bij of vergelijkbare betrekkingen heeft met de eigenaar van het gastransportnet en

    • f. de veiligheid en betrouwbaarheid van het gastransportnet voldoende is gewaarborgd.

2. In het zesde lid, onderdeel c, wordt «de artikelen 1g en 1h» vervangen door: artikel 1h.

3. Na het zesde lid wordt een lid ingevoegd, luidende:

  • 7. De Autoriteit Consument en Markt kan op aanvraag van degene die voornemens is een gastransportnet aan te leggen en die beschikt over de daarvoor benodigde vergunningen, ontheffingen en toestemmingen, ontheffing verlenen van het gebod van artikel 2, achtste lid. Het eerste tot en met zesde lid zijn van overeenkomstige toepassing.

4. Het zevende tot en met negende lid wordt vernummerd tot achtste tot en met tiende lid.

5. In het negende lid (nieuw) wordt «zevende» vervangen door «achtste» en wordt «raad van bestuur» telkens vervangen door: Autoriteit Consument en Markt.

6. In het tiende lid (nieuw) wordt «zevende» vervangen door «achtste», wordt «achtste» vervangen door «negende» en wordt «raad van bestuur» vervangen door: Autoriteit Consument en Markt.

Ia

In artikel 2b, derde lid, wordt «10, eerste, tweede, vierde en zevende lid» vervangen door: 10, eerste, tweede en vierde lid.

Ib

Artikel 4, tweede lid, komt te luiden:

  • 2. De aanwijzing behoeft de instemming van Onze Minister. Onze Minister onthoudt zijn instemming of kan voorschriften verbinden aan de instemming indien niet is voldaan aan de artikelen 2c, 3, 3b of 3c, of indien de aangewezen netbeheerder in onvoldoende mate in staat is of zal zijn om aan een verplichting als bedoeld in de artikelen 1h en 10e te voldoen, om een taak als bedoeld in de artikelen 10, 10b, 42 of 54a uit te voeren, indien een netbeheerder niet voldoet aan een verbod als bedoeld in de artikelen 10Aa of 10c dan wel, indien een netbeheerder deel uitmaakt van een groep als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, de met hem verbonden groepsmaatschappij niet voldoet aan het bepaalde bij of krachtens artikel 10d.

Ic

Artikel 5, tweede lid, komt te luiden:

  • 2. Indien Onze Minister vaststelt dat niet meer voldaan wordt aan de artikelen 2c, 3, 3b of 3c of dat een netbeheerder in onvoldoende mate in staat is of zal zijn om aan een verplichting als bedoeld in de artikelen 1h en 10e te voldoen, om een taak als bedoeld in de artikelen 10 of 42 uit te voeren, of indien een netbeheerder niet voldoet aan een verbod als bedoeld in de artikelen 10Aa of 10b dan wel, indien een netbeheerder deel uitmaakt van een groep als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, de met hem verbonden groepsmaatschappij niet voldoet aan het bepaalde bij of krachtens artikel 10d, kan Onze Minister de desbetreffende netbeheerder opdragen door hem noodzakelijk geachte voorzieningen te treffen.

J

Artikel 7a komt te luiden:

Artikel 7a

  • 1. Een netbeheerder stelt periodiek een investeringsplan op waarin alle noodzakelijke uitbreidingsinvesteringen en vervangingsinvesteringen worden beschreven en onderbouwd.

  • 2. Een netbeheerder legt een ontwerpinvesteringsplan achtereenvolgens voor:

    • a. aan een ieder ter consultatie en verwerkt de gegeven reacties op de ingediende zienswijzen in het plan,

    • b. aan de Autoriteit Consument en Markt en, voor zover het een ontwerpinvesteringsplan voor het landelijk gastransportnet betreft, aan Onze Minister.

  • 3. De Autoriteit Consument en Markt toetst of een netbeheerder in redelijkheid tot het ontwerpinvesteringsplan heeft kunnen komen.

  • 4. Onze Minister toetst of de netbeheerder van het landelijk gastransportnet zich in voldoende mate rekenschap heeft gegeven van ontwikkelingen in de energiemarkt.

  • 5. Een netbeheerder stelt het investeringsplan vast en verantwoordt daarbij hoe de resultaten van consultatie en toetsing zijn verwerkt.

  • 6. Een netbeheerder voert de in het investeringsplan opgenomen investeringen uit.

  • 7. Het tweede tot en met zesde lid zijn van overeenkomstige toepassing bij een significante wijziging.

  • 8. In het investeringsplan opgenomen investeringen worden noodzakelijk geacht voor de uitvoering van de op grond van deze wet aan de netbeheerder toegekende taken.

  • 9. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over:

    • a. de termijn waarvoor het investeringsplan geldt,

    • b. de nadere inhoud en het aggregatieniveau van een investeringsplan,

    • c. de procedure waarlangs een investeringsplan tot stand komt,

    • d. de wijze waarop de noodzaak van investeringen wordt aangetoond,

    • e. het tijdstip en de frequentie waarmee een investeringsplan dan wel onderdelen daarvan, wordt opgesteld dan wel aangepast,

    • f. de wijze waarop en bij wie een ontwerpinvesteringsplan wordt geconsulteerd,

    • g. de wijze waarop bekendheid wordt gegeven aan een investeringsplan.

  • 10. De regels, bedoeld in het negende lid, kunnen verschillen voor verschillende soorten gastransportnetten, verschillende delen van gastransportnetten met een verschillend drukniveau en verschillende netbeheerders.

  • 11. Onze Minister kan een bindende gedragslijn opleggen in het kader van de verplichting om rekenschap te geven van ontwikkelingen in de energiemarkt, bedoeld in het vierde lid.

K

Artikel 8 komt te luiden:

Artikel 8

  • 1. Een netbeheerder:

    • a. hanteert een doeltreffend kwaliteitsborgingssysteem voor de uitvoering van de op grond van deze wet aan hem toegekende taken en

    • b. beschikt over een document waarin is aangegeven op welke wijze hij uitvoering geeft aan onderdeel a.

  • 2. Onder een doeltreffend kwaliteitsborgingssysteem wordt verstaan het geheel van samenhangende plannen, processen en procedures dat een netbeheerder in staat stelt de kwaliteit, waaronder tevens wordt begrepen de veiligheid en betrouwbaarheid, van zijn gastransportnet en de uitvoering van de op grond van deze wet aan hem toegekende taken te registreren, te monitoren en waar nodig bij te sturen.

  • 3. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld, die kunnen verschillen voor verschillende gastransportnetten, verschillende delen van gastransportnetten met een verschillend drukniveau en verschillende netbeheerders, over:

    • a. het kwaliteitsborgingsysteem;

    • b. de onderwerpen die in het document, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, ten minste moeten zijn opgenomen;

    • c. het verstrekken van gegevens en inlichtingen over het kwaliteitsborgingssysteem of het verstrekken van het document bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, aan de Autoriteit Consument en Markt of aan Onze Minister;

    • d. het bewaren en openbaar maken van gegevens over het kwaliteitsborgingssysteem of van het document bedoeld in het eerste lid;

    • e. evaluatie van het kwaliteitsborgingssysteem.

Artikel 8a, tweede lid, komt te luiden:

  • 2. Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld ten aanzien van de door de netbeheerder te nemen maatregelen ten aanzien van voorvallen.

La

In artikel 8b wordt «artikel 10, negende lid» vervangen door: artikel 10, achtste lid».

M

In artikel 9, eerste lid, wordt «uit het document, bedoeld in artikel 8, of uit de overzichten, bedoeld in artikel 35b» vervangen door: uit het investeringsplan, bedoeld in artikel 7a, het document, bedoeld in artikel 8, of uit de overzichten, bedoeld in artikel 35b.

N

Artikel 10 wordt als volgt gewijzigd:

1. Aan het derde lid wordt onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel d door een puntkomma een onderdeel toegevoegd, luidende:

  • e. netverliezen in te kopen.

2. Het zesde lid komt te luiden:

  • 6. Een netbeheerder heeft, in aanvulling op de in het eerste, derde en vijfde lid genoemde taken, in het voor hem krachtens artikel 12b, eerste lid, onderdeel f vastgestelde gebied tevens tot taak om:

    • a. een ieder die verzoekt om een aansluiting die een doorlaatwaarde heeft van ten hoogste 40 m3(n) per uur of van groter dan 40 m3(n) per uur te voorzien van deze aansluiting op het dichtstbijzijnde punt van het gastransportnet met een voor die aansluiting geschikte druk en voldoende capaciteit;

    • b. aansluitingen te beheren en onderhouden;

    • c. aansluitingen te wijzigen of verwijderen, indien de aangeslotene hierom verzoekt.

3. Het zevende lid vervalt.

4. Onder vernummering van het achtste tot en met elfde lid tot het tiende tot en met dertiende lid, worden na het zesde lid drie leden ingevoegd, luidende:

  • 7. Het zesde lid, onderdeel a, is niet van toepassing:

    • a. voor het aansluiten van een te bouwen bouwwerk, tenzij een college van burgemeester en wethouders het gebied waarin dit bouwwerk wordt gebouwd, hebben aangewezen als gebied waar aansluiting op het gastransportnet strikt noodzakelijk is om zwaarwegende redenen van algemeen belang, waaronder begrepen de maatschappelijke kosten en baten. Bij ministeriële regeling worden hiertoe nadere regels gesteld;

    • b. in gebieden waar een gastransportnet aanwezig is, indien een college van burgemeester en wethouders het gebied hebben aangewezen als gebied waar zich een warmtenet als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Warmtewet, of een andere energie-infrastructuur bevindt of gaat bevinden die kan voorzien in de verwachte warmtebehoefte.

  • 8. Een college van burgemeester en wethouders meldt een besluit als bedoeld in het zevende lid, onderdeel a of b, aan de Autoriteit Consument en Markt.

  • 9. De Autoriteit Consument en Markt houdt een register bij van de gebieden waarover een besluit is genomen als bedoeld in het zevende lid, onderdeel a of b, en die krachtens artikel 12b, eerste lid, onderdeel f, zijn uitgezonderd. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de in het register te vermelden gegevens.

5. In het dertiende lid (nieuw) wordt «tiende lid» vervangen door: twaalfde lid.

O

Na artikel 10 wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 10Aa

  • 1. Een netbeheerder verricht geen andere werkzaamheden dan die nodig zijn voor een goede uitvoering van de bij of krachtens de wet aan hem toegekende taken.

  • 2. In afwijking van het eerste lid mag een netbeheerder in opdracht van een andere netbeheerder de aan die netbeheerder toegekende taken uitvoeren.

  • 3. Een netbeheerder besteedt geen werkzaamheden bij een afnemer uit aan een onderneming waar een leverancier onderdeel van uitmaakt.

  • 4. Ingeval van uitbesteding van werkzaamheden behoudt de netbeheerder de verantwoordelijkheid voor de onafhankelijke uitvoering van deze werkzaamheden.

P

In artikel 10a, eerste lid, vervalt onderdeel d.

Q

Artikel 10b komt te luiden:

Artikel 10b

  • 1. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen één of meer andere taken dan de op grond van deze wet toegekende taken voor de duur van ten hoogste vijf jaren per taak worden toegekend aan een netbeheerder voor zover:

    • a. deze taken verband houden met de op grond van deze wet aan hem toegekende taken,

    • b. deze taken van belang zijn voor het toekomstig beheer van het gastransportnet en

    • c. marktpartijen niet of in beperkte mate in de uitvoering van de taken voorzien.

  • 2. Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de voortzetting of beëindiging van een overeenkomstig het eerste lid toegekende taak.

  • 3. De voordracht voor een krachtens het eerste lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.

R

Artikel 10c komt te luiden:

Artikel 10c

  • 1. Een netbeheerder bevoordeelt niet een met hem verbonden groepsmaatschappij als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek boven een andere onderneming waarmee die groepsmaatschappij in concurrentie treedt en kent aan die groepsmaatschappij geen voordelen toe die verder gaan dan in het normale handelsverkeer gebruikelijk is.

  • 2. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over handelingen die voordelen genereren die verder gaan dan in het normale handelsverkeer gebruikelijk is.

S

Artikel 10d komt te luiden:

Artikel 10d

  • 1. Een groep als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek waar een netbeheerder deel van uitmaakt, voert in hoofdzaak de taken uit die bij of krachtens deze wet zijn toegekend aan een netbeheerder of, indien van toepassing, de taken die bij of krachtens de Elektriciteitswet 1998 zijn toegekend aan een netbeheerder als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel k, van de Elektriciteitswet 1998.

  • 2. Een met een netbeheerder verbonden groepsmaatschappij als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek beperkt zich in Nederland tot:

    • a. handelingen of activiteiten die gerelateerd zijn aan het beheer van gastransportnetten of netten als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel i, van de Elektriciteitswet 1998, en betrekking hebben op:

      • 1°. aanleg en beheer van een landsgrensoverschrijdend gastransportnet,

      • 2°. aanleg en beheer van een landsgrensoverschrijdend net als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel as, van de Elektriciteitswet 1998,

      • 3°. aanleg en beheer van leidingen en daarmee verbonden hulpmiddelen,

      • 4°. aanleg en beheer van infrastructuur voor het op- of ontladen van elektrische voertuigen,

      • 5°. aanleg, onderhoud en het ter beschikking stellen van installaties,

      • 6°. meetdiensten en meetinrichtingen,

      • 7°. certificering van hernieuwbare energie,

      • 8°. energiebeurzen en

      • 9°. schakelen van installaties, niet zijnde productie-installaties;

    • b. handelingen of activiteiten met betrekking tot aanleg en beheer van LNG- en gasopslaginstallaties indien het een met de netbeheerder van het landelijk gastransportnet verbonden groepsmaatschappij als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek betreft;

    • c. handelingen of activiteiten die bij of krachtens de Drinkwaterwet zijn toegestaan aan de eigenaar van een drinkwaterbedrijf;

    • d. handelingen of activiteiten met betrekking tot infrastructuur voor koolstofdioxide;

    • e. aanleg en beheer van andere infrastructuur dan bedoeld in onderdelen a tot en met e met inbegrip van transport via die infrastructuur, voor zover de met de groepsmaatschappij verbonden netbeheerder blijft voldoen aan artikel 2c. Onder andere infrastructuur wordt in ieder geval verstaan: leidingen of installaties voor waterstof, biogas, warmte en koude.

  • 3. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen andere dan de in het tweede lid, onderdeel a, genoemde handelingen of activiteiten worden aangewezen die de groepsmaatschappij, bedoeld in het tweede lid, voor een in deze algemene maatregel van bestuur vastgestelde duur kan verrichten.

  • 4. Indien handelingen of activiteiten worden aangewezen op grond van het derde lid, worden bij algemene maatregel van bestuur regels gesteld over de voortzetting of beëindiging van die handelingen of activiteiten.

  • 5. De voordracht voor een krachtens het derde en vierde lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.

T

Na artikel 10d wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 10Ee

Het is een ander dan een netbeheerder verboden de op grond van deze wet aan een netbeheerder toegekende taken, anders dan tijdelijke taken als bedoeld in artikel 10b, uit te voeren, met uitzondering van:

  • a. de werkzaamheden die een netbeheerder aan een ander uitbesteedt;

  • b. de aanleg van leidingen en daarmee verbonden hulpmiddelen.

U

In artikel 12a, onderdeel c, wordt «een aansluiting als bedoeld in artikel 10, zesde lid, onder a, een aansluitpunt als bedoeld in artikel 10, zesde lid, onderdeel b» vervangen door: een aansluiting als bedoeld in artikel 10, zesde lid.

Ua

In artikel 12b, eerste lid, komt onderdeel f te luiden:

  • f. de gebiedsindeling van de netbeheerders ten behoeve van de uitvoering van de taak, genoemd in artikel 10, zesde lid, waarbij bepaalde gebieden kunnen worden uitgezonderd indien het een gebied betreft waar een netbeheerder niet op economische voorwaarden een gastransportnet in werking kan hebben, onderhouden of ontwikkelen.

Ub

Artikel 32 wordt als volgt gewijzigd:

1. Het eerste lid komt te luiden:

  • 1. Een netbeheerder is verplicht een afzonderlijke boekhouding te voeren voor de uitvoering van de bij of krachtens deze wet aan hem toegekende taken, met uitzondering van de taken, bedoeld in artikel 10b. Indien de netbeheerder werkzaamheden verricht als bedoeld in artikel 10Aa of 10b, voert hij daarvoor eveneens, al dan niet op geconsolideerde basis, een afzonderlijke boekhouding.

2. Het tweede lid vervalt.

3. Het elfde lid komt te luiden:

  • 11. Een netbeheerder publiceert jaarlijks:

    • a. voor 1 oktober op geschikte wijze een verslag van de afzonderlijke boekhouding, bedoeld in het tweede lid over het daaraan voorafgaande kalenderjaar;

    • b. een verklaring waaruit blijkt dat de financiële verhouding tussen de netbeheerder en een met hem verbonden groepsmaatschappij voldoet aan het bepaalde bij of krachtens artikel 10c, eerste lid;

    • c. de gegevens waaruit blijkt dat de netbeheerder voldoet aan de regels omtrent een goed financieel beheer, bedoeld in artikel 10e, eerste lid.

V

Artikel 35a komt te luiden:

Artikel 35a

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld voor de uitvoering van onderdelen van verordeningen en besluiten als bedoeld in artikel 288 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, vastgesteld krachtens de richtlijn en de verordeningen, bedoeld in artikel 1a, eerste lid.

Va

Aan artikel 35b wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. De netbeheerder van het landelijk gastransportnet verstrekt binnen zes maanden na afloop van ieder kalenderjaar aan de Autoriteit Consument en Markt een overzicht van de financiële middelen waarover hij beschikt ten behoeve van de uitvoering van zijn wettelijke taken, waaruit blijkt welke financiële middelen voor de afzonderlijke taken beschikbaar zijn.

Vb

Artikel 35e komt te luiden:

Artikel 35e

  • 1. Een netbeheerder draagt er, al dan niet samen met een of meer andere netbeheerders, zorg voor dat onderbrekingen in het transport van gas, afwijkingen van de eisen aan de kwaliteit van het transport van gas en waarnemingen van gaslucht door afnemers op een eenvoudige wijze gemeld kunnen worden en maakt aan afnemers bekend op welke wijze deze meldingen kunnen geschieden.

  • 2. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de registratie van de meldingen en de openbaarmaking van de registratie.

W

Artikel 37 wordt als volgt gewijzigd:

1. Het eerste lid komt te luiden:

  • 1. Een netbeheerder, een gasopslagbedrijf of een LNG-bedrijf dat bij de uitvoering van zijn taak de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden, draagt er zorg voor dat die gegevens niet ter beschikking komen of kunnen komen van derden, tenzij enig wettelijk voorschrift anders bepaalt.

2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 4. Een netbeheerder, een gasopslagbedrijf of een LNG-bedrijf maakt alle informatie openbaar die bijdraagt aan een doeltreffende mededinging en een efficiënte werking van de markt, voor zover deze redelijkerwijs te genereren is uit de informatie waarover hij beschikt op basis van de uitvoering van de op grond van deze wet aan hem toegekende taken.

X

Artikel 39f vervalt.

Y

In artikel 52c wordt «52b, tweede, derde en achtste tot en met twaalfde lid» vervangen door: 52b, eerste, tweede en vijfde tot en met negende lid.

Z

Artikel 55 vervalt.

AA

Artikel 56 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid vervalt «, en artikel 55».

2. In het tweede lid vervalt «, en artikel 55, derde lid».

AB

Artikel 57 vervalt.

AC

Artikel 60ac komt te luiden:

Artikel 60ac

De Autoriteit Consument en Markt kan een last onder bestuursdwang opleggen in geval van overtreding van het bepaalde bij of krachtens deze wet met uitzondering van de artikelen bedoeld in artikel 1c, eerste en tweede lid, dan wel van overtreding van het bepaalde bij of krachtens verordening 715/2009, verordening 994/2010 en verordening 1227/2011.

AD

Artikel 60ad wordt als volgt gewijzigd:

1. In onderdeel a wordt «2a, achtste lid» vervangen door «2a, negende lid» en «7a, derde en vierde lid, 10, tweede lid en derde lid, onderdeel b, 10b, vierde lid, 10c, derde en vierde lid, 10d, derde lid,» door: 7a, 10, tweede lid en derde lid, onderdeel b, 10Aa, vierde lid, 10Ee,.

2. In onderdeel b vervalt «7a, eerste en tweede lid,».

3. In onderdeel b:

a. wordt «10a, eerste, tweede en derde lid, 10b, eerste en tweede lid, 10c, eerste en tweede lid, 10d, eerste lid, 10e» vervangen door: 10Aa, eerste tot en met derde lid, 10a, eerste, tweede, derde en achtste lid, 10b, 10c, 10d, eerste tot en met vierde lid, 10e,;

b. wordt «37» vervangen door: 37, eerste tot en met derde lid;

c. wordt «en de artikelen 3, 4 en 5 van verordening 1277/2011,» vervangen door: de artikelen 3, 4 en 5 van verordening 1277/2011 en besluiten die het Agentschap op grond van de artikelen 7, eerste lid, 8, eerste lid, en 9, eerste lid, van verordening 713/2009 heeft genomen,.

AE

In artikel 66f, tweede lid, vervalt «of een aansluitpunt».

AF

In artikel 66i, tweede lid, wordt «handelaar of afnemer» vervangen door: handelaar, afnemer of de Nederlandse emissieautoriteit, bedoeld in artikel 2.1 van de Wet milieubeheer,.

AG

Artikel 80 komt te luiden:

Artikel 80

De tarieven voor het transport van gas en voor de dat transport ondersteunende diensten en de tarieven voor het verzorgen van een aansluiting worden vastgesteld overeenkomstig de artikelen 81 tot en met 81c.

AGa

Na artikel 80a wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 80b

De tarieven voor experimenten, bedoeld in artikel 82a, en de tarieven voor tijdelijke taken, bedoeld in artikel 82b, worden vastgesteld overeenkomstig artikel 82c.

AH

Artikel 81b wordt als volgt gewijzigd:

1. In de aanhef van het eerste lid wordt «transport ondersteunende diensten,» vervangen door: transport ondersteunende diensten, en voor de taken bedoeld in de artikelen 1i en 10b.

2. In het eerste lid, onderdeel e, vervalt «of 39f, tweede lid».

3. Onder vervanging van de punt aan het slot van het eerste lid, onderdeel f, door een puntkomma, worden twee onderdelen toegevoegd, luidende:

  • g. de geschatte kosten voor de uitvoering van artikel 1i, voor zover deze kosten doelmatig zijn en niet op grond van artikel 82a in rekening zijn gebracht via een tarief;

  • h. de geschatte kosten voor de uitvoering van artikel 10b, voor zover deze kosten doelmatig zijn en niet op grond van artikel 82b in rekening zijn gebracht via een tarief.

4. Na het tweede lid wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. De Autoriteit Consument en Markt kan een beleidsregel vaststellen betreffende de beoordeling van doelmatigheid, bedoeld in het eerste lid, onderdelen g en h.

AI

In artikel 81c, eerste lid, vervalt «en aansluitpunt».

AJ

Artikel 82 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid wordt «genoemd in de artikelen 10 en 10a, eerste lid, onderdeel b, c, d en e» vervangen door: genoemd in de artikelen 1i, 10, 10a, eerste lid, onderdeel b, c en e, en 10b.

2. In het tweede lid wordt «de taken van de netbeheerder van het gastransportnet, bedoeld in het eerste lid» vervangen door: de taken van de netbeheerder van het gastransportnet, bedoeld in het eerste lid, met uitzondering van de taken genoemd in de artikelen 1i en 10b.

3. Het derde lid komt te luiden:

  • 3. De netbeheerder van het landelijk gastransportnet zendt jaarlijks voor 1 september aan de Autoriteit Consument en Markt een voorstel voor de tarieven voor uitvoering van de taken genoemd in de artikelen 1i,10, 10a en 10b, met inachtneming van:

    • a. de tariefstructuren vastgesteld op grond van artikel 12f of 12g;

    • b. de gemaakte kosten voor investeringen, bedoeld in artikel 39e, of 54a, derde lid, voor zover deze kosten doelmatig zijn;

    • c. de geschatte kosten voor de uitvoering van artikel 1i, voor zover deze kosten doelmatig zijn en niet op grond van artikel 82a in rekening zijn gebracht via een tarief;

    • d. de geschatte kosten voor de uitvoering van artikel 10b, voor zover deze kosten doelmatig zijn en niet op grond van artikel 82b in rekening zijn gebracht via een tarief.

AJa

Na artikel 82 worden drie artikelen ingevoegd, luidende:

Artikel 82a

  • 1. Bij het verlenen van een ontheffing als bedoeld in artikel 1i kan worden bepaald dat een tarief, waarvoor een experiment zal worden uitgevoerd, in rekening wordt gebracht bij de afnemers of programmaverantwoordelijken die deelnemen aan het experiment waarvoor de ontheffing is verleend.

  • 2. Het tarief, bedoeld in het eerste lid, kan verschillen voor de verschillende afnemers die deelnemen aan het experiment waarvoor de ontheffing is verleend.

Artikel 82b

  • 1. Bij het toekennen van een tijdelijke taak als bedoeld in artikel 10b kan worden bepaald dat een tarief, waarvoor die tijdelijke taak zal worden uitgevoerd, in rekening wordt gebracht bij de afnemers ten behoeve waarvan een netbeheerder de tijdelijke taak uitvoert.

  • 2. Het tarief, bedoeld in het eerste lid, kan verschillen voor de verschillende afnemers ten behoeve waarvan een netbeheerder de tijdelijke taak uitvoert.

Artikel 82c

  • 1. Indien een netbeheerder een experiment uitvoert en op grond van artikel 82a een tarief in rekening brengt bij de deelnemers van het experiment, doet de netbeheerder voor 1 oktober aan de Autoriteit Consument en Markt op basis van geschatte kosten, voor zover de kosten doelmatig zijn en niet toegerekend kunnen worden aan de uitvoering van de taken genoemd in artikelen 10, 10a en 42, een voorstel voor de tarieven voor dit experiment.

  • 2. Indien een netbeheerder een tijdelijke taak uitvoert en op grond van artikel 82b een tarief in rekening brengt bij de afnemers ten behoeve waarvan de netbeheerder de tijdelijke taak uitvoert, doet de netbeheerder voor 1 oktober aan de Autoriteit Consument en Markt op basis van de geschatte kosten, voor zover de kosten doelmatig zijn en niet toegerekend kunnen worden aan de uitvoering van de taken genoemd in artikel 16, een voorstel voor de tarieven voor deze tijdelijke taak.

  • 3. De Autoriteit Consument en Markt stelt de tarieven, bedoeld in het eerste lid, jaarlijks vast. De tarieven voor:

    • a. experimenten kunnen per experiment en voor de verschillende afnemers die deelnemen aan het experiment verschillen;

    • b. tijdelijke taken kunnen per tijdelijke taak verschillen voor de verschillende afnemers ten behoeve waarvan een netbeheerder de tijdelijke taak uitvoert.

  • 4. Indien een voorstel niet tijdig aan de Autoriteit Consument en Markt is gezonden, stelt deze de tarieven voor de desbetreffende netbeheerder uit eigen beweging vast.

  • 5. De Autoriteit Consument en Markt toetst bij het vaststellen van de tarieven, bedoeld in het eerste en tweede lid, of de tarieven objectief, transparant en niet-discriminatoir zijn en of deze gebaseerd zijn op werkelijke kosten.

  • 6. Artikel 81c, tweede lid, onderdelen a tot en met d, is van overeenkomstige toepassing.

AK

Artikel 85a komt te luiden:

De aandelen van de netbeheerder van het landelijk gastransportnet berusten direct of indirect bij de staat.

AL

Na artikel 85a wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 85b

  • 1. In afwijking van artikel 85a kunnen aandelen van de netbeheerder van het landelijk hoogspanningsnet direct of indirect berusten bij een buitenlandse instelling die op grond van nationale wettelijke regels is belast met het beheer van een transmissiesysteem als bedoeld in artikel 2, onderdeel 4, van de richtlijn, of bij de middellijk of onmiddellijk aandeelhouder van die buitenlandse instelling, voor zover:

    • a. ten minste 75 procent van de aandelen van de netbeheerder en de overwegende zeggenschap over de netbeheerder direct of indirect bij de staat blijft,

    • b. de samenwerking tussen de netbeheerder en een buitenlandse instelling wordt bevorderd,

    • c. er sprake is van een aandelenruil die de betrouwbaarheid, betaalbaarheid of duurzaamheid van het gastransportnet ten goede komt en

    • d. de aandelen van de netbeheerder of de groep, bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek waar die netbeheerder deel van uitmaakt, komen te berusten bij een instelling die de beheerder is van een net dat een directe verbinding heeft met het landelijke gastransportnet in Nederland of dat door middel van een landsgrensoverschrijdend net met het landelijke gastransportnet is verbonden.

  • 2. Het voornemen de aandelen van de netbeheerder direct of indirect te laten berusten bij een buitenlandse instelling of bij de middellijk of onmiddellijk aandeelhouder van die buitenlandse instelling behoeft instemming van beide kamers der Staten-Generaal.

  • 3. Onze Minister van Financiën treedt niet eerder in onderhandeling dan dertig dagen nadat hij schriftelijk mededeling heeft gedaan aan de Staten-Generaal van het voornemen, bedoeld in het tweede lid.

ARTIKEL III

Na artikel 31, tweede lid, van de Wet implementatie EU-richtlijnen energie-efficiëntie wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. In afwijking van het tweede lid kan bij algemene maatregel van bestuur het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens artikel 10 worden opgedragen aan de Autoriteit Consument en Markt, genoemd in artikel 2, eerste lid, van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt.

ARTIKEL IV

Een ontheffing voor een experiment op basis van artikel 7a van de Elektriciteitswet 1998 zoals dit luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel C, wordt voor de duur van die ontheffing gelijkgesteld met een ontheffing op basis van artikel 7a van de Elektriciteitswet 1998 zoals dat wordt gewijzigd door artikel I, onderdeel C.

ARTIKEL V

  • 1. Een ontheffing aan een eigenaar van een gesloten distributiesysteem op basis van artikel 15 van de Elektriciteitswet 1998 zoals dit luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel H, wordt gelijkgesteld met een ontheffing op basis van artikel 15 van de Elektriciteitswet 1998, zoals dat wordt gewijzigd door artikel I, onderdeel H.

  • 2. De artikelen V en VI van de Wet van 12 juli 2012 tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 en van de Gaswet (implementatie van richtlijnen en verordeningen op het gebied van elektriciteit en gas) (Stb. 2012, 334) blijven van toepassing.

ARTIKEL VI

  • 1. Indien voor inwerkingtreding van artikel I, onderdeel J, op verzoek een meetinrichting ter beschikking is gesteld aan een afnemer, niet zijnde een afnemer als bedoeld in artikel 95a, eerste lid, blijft de netbeheerder deze meetinrichting op verzoek ter beschikking stellen en wordt deze meetinrichting op verzoek van die afnemer beheerd door de netbeheerder.

  • 2. Indien voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel N, een transformator ter beschikking is gesteld aan een afnemer, houdt de netbeheerder op verzoek van de afnemer deze transformator ter beschikking gesteld en wordt deze transformator beheerd door de netbeheerder. De eerste volzin is van overeenkomstige toepassing op een installatie.

ARTIKEL VII

In afwijking van artikel 17, eerste lid, van de Elektriciteitswet 1998, zoals dat met artikel I, onderdeel N, komt te luiden, kan een netbeheerder tot een jaar na inwerkingtreding van dat onderdeel werkzaamheden verrichten die de bedrijfsvoering ondersteunen van een met een netbeheerder verbonden groepsmaatschappij als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, voor zover die werkzaamheden door de netbeheerder werden verricht voor de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel N.

ARTIKEL VIII

In aanvulling op het met artikel I, onderdeel P, ingevoegde artikel 17c, tweede lid, van de Elektriciteitswet 1998, kan een met een netbeheerder verbonden groepsmaatschappij als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek aandelen houden in een drinkwaterbedrijf als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Drinkwaterwet, indien deze aandelen op het tijdstip van inwerkingtreding van dat onderdeel werden gehouden.

ARTIKEL VIIIa

In afwijking van artikel 17c, tweede lid, van de Elektriciteitswet 1998 zoals dat met artikel I, onderdeel P, komt te luiden, kan een met een netbeheerder verbonden groepsmaatschappij als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek:

  • a. tot een jaar na inwerkingtreding van artikel I, onderdeel P, handelingen en activiteiten verrichten die door hem werden verricht voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel P, voor zover deze handelingen en activiteiten zijn toegestaan op grond van artikel 17 van de Elektriciteitswet 1998 zoals dat luidde voorafgaand aan de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel N;

  • b. handelingen en activiteiten met betrekking tot warmte die vallen buiten de in artikel 17c genoemde werkzaamheden, die door hem werden verricht voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel P, blijven verrichten.

ARTIKEL IX

De Autoriteit Consument en Markt betrekt de kosten van een bijzondere uitbreidingsinvestering voor zover die doelmatig zijn en waarvan voorafgaand aan de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel T, de noodzaak is vastgesteld op grond van artikel 20e, tweede of derde lid, van de Elektriciteitswet 1998, zoals dat luidde voor inwerkingtreding van artikel I, onderdeel T, bij het vaststellen van de tarieven.

ARTIKEL X

Artikel 41b, eerste lid, onderdeel l, van de Elektriciteitswet 1998, zoals dat met artikel I, onderdeel AB, komt te luiden, is van overeenkomstige toepassing op de kosten die een netbeheerder in de periode tussen 1 januari 2011 en het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel W, heeft gemaakt ter uitvoering van de taak, bedoeld in artikel I, onderdeel W.

ARTIKEL XI

  • 1. Onder een aansluiting wordt in de Gaswet mede verstaan een aansluitpunt, dat bestaat uit een deel van de aansluiting van het gastransportnet tot en met de eerste afsluiter die is aangelegd voor inwerkingtreding van artikel II, onderdeel N.

  • 2. Indien sprake is van een aansluitpunt als bedoeld in de Gaswet zoals die luidde voor inwerkingtreding van deze wet, beperkt de taak, bedoeld in artikel 10, zesde lid, onderdeel b, van de Gaswet, zoals gewijzigd door artikel II, onderdeel N van deze wet, zich tot het beheer en onderhoud van dat aansluitpunt.

  • 3. De Autoriteit Consument en Markt betrekt in aanvulling op artikel 82 van de Gaswet de kosten die verband houden met de uitvoering van de taak, bedoeld in het tweede lid, bij het vaststellen van de tarieven.

ARTIKEL XII

[vervallen]

ARTIKEL XIII

  • 1. Een ontheffing aan een eigenaar van een gesloten distributiesysteem op basis van artikel 2a van de Gaswet zoals dit luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel II, onderdeel H, wordt gelijkgesteld met een ontheffing op basis van artikel 2a van de Gaswet, zoals dat wordt gewijzigd door artikel II, onderdeel I.

  • 2. De artikelen V en VI van de Wet van 12 juli 2012 tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 en van de Gaswet (implementatie van richtlijnen en verordeningen op het gebied van elektriciteit en gas) (Stb. 2012, 334) blijven van toepassing.

ARTIKEL XIV

In afwijking van artikel 10Aa, eerste lid, van de Gaswet zoals dat met artikel II, onderdeel O, komt te luiden, kan een netbeheerder tot een jaar na inwerkingtreding van dat onderdeel werkzaamheden verrichten die de bedrijfsvoering ondersteunen van een met een netbeheerder verbonden groepsmaatschappij als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, voor zover die werkzaamheden door de netbeheerder werden verricht voor de inwerkingtreding van artikel II, onderdeel O.

ARTIKEL XIVa

In afwijking van artikel 10d, tweede lid, van de Gaswet zoals dat met artikel II, onderdeel S, komt te luiden, kan een met een netbeheerder verbonden groepsmaatschappij als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek:

  • a. tot een jaar na inwerkingtreding van artikel II, onderdeel S, handelingen of activiteiten verrichten die door hem werden verricht voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel II, onderdeel S, voor zover deze handelingen en activiteiten zijn toegestaan op grond van artikel 10b van de Gaswet, zoals dat luidde voorafgaand aan de inwerkingtreding van artikel II, onderdeel Q;

  • b. handelingen en activiteiten met betrekking tot warmte die vallen buiten de in artikel 10d genoemde werkzaamheden, die door hem werden verricht voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel II, onderdeel S, blijven verrichten.

ARTIKEL XV

In aanvulling op het met artikel II, onderdeel Q, ingevoegde artikel 10d, tweede lid, van de Gaswet, kan een met een netbeheerder verbonden groepsmaatschappij als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek aandelen houden in een drinkwaterbedrijf als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Drinkwaterwet, indien deze aandelen op het tijdstip van inwerkingtreding van dat onderdeel werden gehouden.

ARTIKEL XVa

  • 1. Artikel 10, zevende lid, van de Gaswet is niet van toepassing op verzoeken om een aansluiting voor een bouwwerk waarvoor de aanvraag voor een vergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onderdeel a, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht is ingediend voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel II, onderdeel N, van deze wet.

  • 2. Gebieden die op grond van artikel 12b, eerste lid, onderdeel f, van de Gaswet zoals dat luidde voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel II, onderdeel Ua, zijn uitgezonderd als gebied waar zich een warmtenet als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, van de Warmtewet bevindt of gaat bevinden, worden gelijkgesteld met gebieden die op grond van artikel 10, zevende lid, onderdeel b, van de Gaswet, zoals dat met artikel II, onderdeel N, komt te luiden, worden aangewezen.

  • 3. In aanvulling op artikel 10, negende lid, van de Gaswet, zoals dat met artikel II, onderdeel N, komt te luiden, neemt de Autoriteit Consument en Markt in het register de gebieden op die op grond van artikel 12b, eerste lid, onderdeel f, van de Gaswet voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel II, onderdeel Ua, zijn uitgezonderd als gebied waar zich een warmtenet als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, van de Warmtewet bevindt of gaat bevinden.

ARTIKEL XVI

De Autoriteit Consument en Markt betrekt de kosten van een bijzondere uitbreidingsinvestering voor zover die doelmatig zijn en waarvan voorafgaand aan de inwerkingtreding van artikel II, onderdeel X, de noodzaak is vastgesteld op grond van artikel 39f, tweede of derde lid, van de Gaswet, zoals dat luidde voor inwerkingtreding van artikel II, onderdeel X, bij het vaststellen van de tarieven.

ARTIKEL XVII

  • 1. Het recht zoals dit gold voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet blijft van toepassing op bezwaar, beroep, of een voorlopige voorziening tegen een voor dat tijdstip bekendgemaakt besluit op grond van de Elektriciteitswet 1998 en de Gaswet.

  • 2. Het recht zoals dit gold voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet blijft van toepassing op overtredingen van het bepaalde bij of krachtens de Elektriciteitswet 1998 en de Gaswet zoals die luidden voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet.

ARTIKEL XVIII

De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.histnoot

Gegeven te Wassenaar, 9 april 2018

Willem-Alexander

De Minister van Economische Zaken en Klimaat, E.D. Wiebes

Uitgegeven de zesentwintigste april 2018

De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus


XHistnoot
histnoot

Kamerstuk 34 627