Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van de Staatssecretaris van Economische Zaken van 16 november 2009, nr. WJZ / 9203183;
Gelet op artikel 24, eerste lid, van de Waarborgwet 1986;
De Raad van State gehoord (advies van 25 november 2009, nr. W10.09.0480/III);
Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Economische Zaken van 12 februari 2010, nr. WJZ / 10019985;
Hebben goedgevonden en verstaan:
ARTIKEL I
Artikel 1 van het besluit van 30 juni 1999, houdende bepaling van de gehalten waarop wordt gewaarborgd overeenkomstig het
Verdrag inzake onderzoek en stempeling van edelmetalen werken (Stb. 289) wordt gewijzigd als volgt:
a. In de aanhef wordt de zinsnede «De gehalten der platina, gouden en zilveren werken» vervangen door: De gehalten der platina,
gouden, palladium en zilveren werken.
b. Onder verlettering van onderdeel c tot onderdeel d wordt een onderdeel ingevoegd, luidende:
ARTIKEL II
Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.
NOTA VAN TOELICHTING
1. Doel en aanleiding
De op 9 januari 2001 te Genève tot stand gekomen wijzigingen van het Verdrag inzake het onderzoek en de stempeling van edelmetalen
werken (Trb. 2004, 192 en Trb. 2005, 156; hierna: Verdrag van Wenen) voorzien onder meer in het onder de werkingssfeer van dit verdrag brengen van het edelmetaal
palladium. Bij wet van 20 november 2008 (Stb. 524) is dit verdrag goedgekeurd voor Nederland en in de Waarborgwet 1986 geïmplementeerd.
Met dit besluit wordt de mogelijkheid geïntroduceerd om werken van het edelmetaal palladium ter keuring aan de waarborginstellingen
aan te bieden. Op de werken die voldoen aan de eisen van hoofdstuk IIIA van de Waarborgwet 1986 wordt het teken voor palladium
werken aangebracht zoals dat onder het Verdrag van Wenen is vastgesteld. De op deze wijze gewaarborgde werken kunnen zonder
verdere keuring in de lidstaten van het Verdrag van Wenen worden verhandeld.
2. Gehalten
In bijlage I van het (gewijzigde) verdrag zijn de gehalten genoemd waarop werken van het edelmetaal palladium gewaarborgd
kunnen worden. Op basis van artikel 24, eerste lid, van de Waarborgwet 1986 worden de gehalten waarop overeenkomstig het Verdrag
van Wenen wordt gewaarborgd, bij algemene maatregel van bestuur aangewezen. Het besluit van 30 juni 1999, houdende bepaling
van de gehalten waarop wordt gewaarborgd overeenkomstig het Verdrag inzake onderzoek en stempeling van edelmetalen werken
(Stb. 289) heeft dergelijke gehalten voor platina, gouden en zilveren werken vastgesteld. Met deze wijziging van dat besluit worden
de gehalten vastgesteld waarop werken van het edelmetaal palladium gewaarborgd kunnen worden.
3. Inwerkingtreding
De inwerkingtreding van dit besluit zal samenvallen met de inwerkingtreding van de wetgeving die uitvoering geeft aan het
verdrag (zie artikel II van voornoemde wet van 20 november 2008). Het moment van de inwerkingtreding van de verdragswijziging
hangt af van het moment van de ratificatie van het wijzigingsverdrag door alle verdragspartijen. Omdat het dwingende implementatie
van een internationaal verdrag betreft, kan de inwerkingtreding waarschijnlijk niet op een vast verandermoment plaatsvinden.
4. Bedrijfseffecten
De toevoeging van palladium aan het verdrag heeft voor de waarborginstellingen in Nederland tot gevolg dat zij (eenmalig) het CCM-teken voor palladium moeten aanschaffen. Andere aanpassingskosten
zijn die van het opzetten en testen van de toetsingsmethode voor palladium. De (eenmalige) kosten voor deze aanpassingen liggen
volgens waarborginstellingen tussen de € 9000 en € 12000.
Voor de Nederlandse edelmetaalbranche heeft de toevoeging van palladium aan het verdrag positieve gevolgen. In de gevallen
dat in Nederland palladium werken zullen worden geproduceerd, vergemakkelijkt het laten aanbrengen van het CCM-teken de export
naar verdragsstaten. Daarnaast is ervoor gekozen om het keuren en stempelen van palladium op vrijwillige basis te laten geschieden.
Hierdoor brengt dit besluit geen lasten met zich mee voor het bedrijfsleven.
Dit besluit leidt niet tot een wijziging van de administratieve lasten voor ondernemers of burgers, en is daarom niet ter
toetsing voorgelegd aan Actal.
5. Europese aspecten
Het ontwerp-besluit is op 17 november 2009 gemeld aan de Commissie van de Europese Gemeenschappen (notificatienummer 2009/623/NL)
ter voldoening aan artikel 8, eerste lid, van richtlijn nr. 98/34/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese
Unie van 22 juni 1998 betreffende een informatieprocedure op het gebied van normen en technische voorschriften en regels betreffende
de diensten van de informatiemaatschappij (PbEG L 204), zoals gewijzigd bij richtlijn nr. 98/48/EG van 20 juli 1998 (PbEG L 217). De notificatietermijn loopt op 18 februari 2010 af.
Voor zover dit besluit kwantitatieve invoerbeperkingen of maatregelen van gelijke werking in de zin van artikel 30 EG-Verdrag
bevat, worden deze maatregelen gerechtvaardigd ter bescherming van het belang van de eerlijkheid van de handelstransacties
en de bescherming van consumenten.
De Staatssecretaris van Economische Zaken,
F. Heemskerk