Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriekDatum ondertekening
Ministerie van Verkeer en WaterstaatStaatsblad 2006, 217Wet

Wet van 7 april 2006 tot wijziging van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen en de Wet milieugevaarlijke stoffen in verband met de nieuwe voorschriften inzake taken en verantwoordelijkheden bij het vervoer van gevaarlijke stoffen zoals deze in de internationale verdragen zijn gewijzigd

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de Wet vervoer gevaarlijke stoffen aan te passen in verband met gewijzigde taken en verantwoordelijkheden zoals vastgesteld bij bindende besluiten van volkenrechtelijke organisaties;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

ARTIKEL I

De Wet vervoer gevaarlijke stoffen wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 2 komt te luiden:

Artikel 2

  • 1. Deze wet is van toepassing op:

    a. het vervoeren van gevaarlijke stoffen met een vervoermiddel over land, per spoor en over de binnenwateren;

    b. het ten behoeve van vervoer met een vervoermiddel over land, per spoor en over de binnenwateren aanbieden en aannemen van gevaarlijke stoffen;

    c. het laten staan en het laten liggen van een vervoermiddel, waarin of waarop zich gevaarlijke stoffen of resten daarvan bevinden;

    d. het ten behoeve van het vervoer beladen van een container of vervoermiddel met gevaarlijke stoffen en het lossen van die stoffen daaruit;

    e. het nederleggen van gevaarlijke stoffen tijdens het vervoer;

    f. het verpakken van gevaarlijke stoffen ten behoeve van het vervoer daarvan;

    g. het ten behoeve van het vervoer vullen van een daarvoor bestemde container, tank, verpakking of vervoermiddel met gevaarlijke stoffen en het lossen van die stoffen daaruit;

    h. het exploiteren van een container, tank, verpakking of vervoermiddel ten behoeve van het vervoer van gevaarlijke stoffen;

    i. het ontvangen van gevaarlijke stoffen tijdens of aansluitend op het vervoer;

    j. de overige met het vervoer van gevaarlijke stoffen rechtstreeks samenhangende handelingen, waaronder de beveiliging van de vervoersketen, voor zover daaromtrent bij of krachtens algemene maatregel van bestuur als bedoeld in artikel 3, regels zijn gesteld.

  • 2. Deze wet is niet van toepassing op handelingen als bedoeld in het eerste lid voor zover deze betrekking hebben op het internationale vervoer van gevaarlijke stoffen met vervoermiddelen die in eigendom toebehoren aan of zich bevinden onder de verantwoordelijkheid van de krijgsmacht of van de krijgsmacht van een bondgenootschappelijke mogendheid.

  • 3. Deze wet is niet van toepassing op handelingen als bedoeld in het eerste lid voor zover deze worden verricht met splijtstoffen, ertsen of radioactieve stoffen als bedoeld in artikel 1 van de Kernenergiewet.

  • 4. Deze wet is niet van toepassing op handelingen als bedoeld in het eerste lid voor zover deze betrekking hebben op het vervoer dat uitsluitend plaatsvindt binnen een inrichting als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet milieubeheer, tenzij dit vervoer plaatsvindt over de openbare weg.

B

Artikel 3 komt te luiden:

Artikel 3

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden gevaarlijke stoffen of categorieën van gevaarlijke stoffen aangewezen, ten aanzien waarvan het verrichten van de handelingen, bedoeld in artikel 2, eerste lid, en het verrichten van deze handelingen met bij of krachtens die maatregel aangewezen vervoermiddelen:

a. niet is toegestaan; of

b. is toegestaan mits de bij of krachtens die maatregel terzake gestelde regels in acht zijn genomen.

C

Na artikel 10 wordt een nieuw artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 10a

  • 1. Onze Minister kan instanties erkennen die belast zijn met de door hem aan te geven, in het kader van de krachtens artikel 3, onderdeel b, vastgestelde regels te verrichten taken. De taken kunnen mede betrekking hebben op het afgeven van certificaten of het erkennen van andere documenten dan wel voorschriften alsmede op het verlenen van de op grond van de regels bij of krachtens artikel 3 benodigde goedkeuring.

  • 2. Onze Minister stelt regels met betrekking tot de voorwaarden om voor erkenning in aanmerking te komen, de werkwijze van de erkende instanties, de periodieke verslaglegging over de verrichte werkzaamheden, alsmede de uitoefening van het toezicht op de erkende instanties.

  • 3. Onze Minister kan aan de erkenning voorschriften verbinden betreffende de uit te voeren taken, welke voorschriften mede betrekking kunnen hebben op de door de erkende instantie in rekening te brengen tarieven.

  • 4. Onze Minister kan de erkenning schorsen dan wel intrekken indien de betrokken instantie niet meer voldoet aan de bij of krachtens deze wet gestelde regels. De betrokken instantie verstrekt desgevraagd de inlichtingen en verleent inzage in de zakelijke gegevens en bescheiden aan onze Minister die deze ten behoeve van zijn taakuitoefening nodig oordeelt.

D

Artikel 14, eerste lid, komt te luiden:

  • 1. Onze Minister wijst ten behoeve van het vervoer van krachtens artikel 12, eerste lid, aangewezen gevaarlijke stoffen een landelijk net van wegen aan dat bestaat uit bij het Rijk in beheer zijnde wegen of weggedeelten.

E

Artikel 15 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid wordt «het besluit, bedoeld in artikel 14,» vervangen door: een besluit als bedoeld in artikel 14.

2. In het tweede lid wordt «het besluit, bedoeld in het eerste lid,» vervangen door: een besluit als bedoeld in het eerste lid.

F

Artikel 16, eerste lid, komt te luiden:

1. Provinciale staten wijzen ten behoeve van het vervoer van krachtens artikel 12 aangewezen gevaarlijke stoffen een provinciaal net van wegen aan, dat bestaat uit bij de provincie of bij de waterschappen in beheer zijnde wegen of weggedeelten. Voorzover de aanwijzing van het landelijk net van wegen, bedoeld in artikel 14, eerste lid, gevolgen heeft voor het provinciale net van wegen, gebeurt de aanwijzing van het provinciale net van wegen binnen een jaar na een aanwijzing van het landelijk net van wegen.

G

Artikel 17 komt te luiden:

Artikel 17

  • 1. Indien provinciale staten bij toepassing van artikel 16, eerste lid, niet voldoen aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 16, eerste lid, laatste volzin en artikel 16, tweede lid, voorziet Onze Minister na overleg met gedeputeerde staten daarin. Provinciale staten wordt daarbij een redelijke termijn gegund om alsnog de nodige maatregelen te nemen.

  • 2. Een besluit van Onze Minister als bedoeld in het eerste lid wordt aangemerkt als onderdeel van een besluit van provinciale staten als bedoeld in artikel 16, eerste lid.

H

Artikel 18, vijfde lid, komt te luiden:

  • 5. Binnen een jaar nadat het provinciale wegennet, bedoeld in artikel 16, eerste lid, is aangewezen wordt een reeds van kracht zijnde gemeentelijke aanwijzing als bedoeld in het eerste lid, zo nodig in overeenstemming gebracht met het derde lid, aanhef en onderdelen a en b.

I

In artikel 19, tweede lid, wordt «het besluit van de gemeenteraad, bedoeld» vervangen door: een besluit van de gemeenteraad als bedoeld.

ARTIKEL II

Artikel 71, derde lid, van de Wet milieugevaarlijke stoffen wordt als volgt gewijzigd:

In de eerste zin wordt «voor zover daaromtrent regelen zijn gesteld bij of krachtens de Wet vervoer gevaarlijke stoffen of de Wet luchtvaart.» vervangen door: voor zover daaromtrent regelen zijn gesteld bij of krachtens de Wet luchtvaart, dan wel op de handelingen genoemd in artikel 2, eerste lid, van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen ten aanzien van stoffen, preparaten of micro-organismen, voor zover daaromtrent regelen zijn gesteld bij of krachtens die wet.

ARTIKEL III

Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

histnoot

Gegeven te

’s-Gravenhage, 7 april 2006

Beatrix

De Minister van Verkeer en Waterstaat,

K. M. H. Peijs

Uitgegeven de negende mei 2006

De Minister van Justitie,

J. P. H. Donner


XHistnoot

Kamerstuk 30 328