Vragen van het lid Van Veldhoven (D66) aan de staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie over de effectiviteit van ecoducten (ingezonden 20 juni 2012).

Vraag 1

Hebt u kennis kunnen nemen van het artikel «Ecoduct of Ecodroom»?1 en het Alterra-rapport over het recreatief gebruik van ecoducten?2

Vraag 2

Onderschrijft u de aanbevelingen uit het Alterra rapport als het gaat om de minimaal voorgeschreven breedte van ecoducten van 40 tot 60 meter, waarbij de ruimte voor recreanten niet is inbegrepen?

Vraag 3

Kunt u aangeven welke ecoducten in Nederland niet voldoen aan de minimaal voorgeschreven breedte van 40 tot 60 meter, exclusief ruimte voor recreanten, zoals genoemd in het Alterra rapport?

Vraag 4

In welke mate zijn de verdere aanbevelingen van het Alterra rapport (zoals het bundelen van paden voor recreatief gebruik en de visuele afscherming van het recreatieve pad en de natuurzone) leidend bij het ontwerp en de aanleg van nieuwe ecoducten?

Vraag 5

Bent u van mening dat het ecoduct De Borkeld bij de Sallandse Heuvelrug, dat volgens het bericht in het blad «De Nederlandse Jager» ook open wordt gesteld aan ruiters, met een breedte van hooguit 15 meter nauwelijks meer gebruikt zal worden door overstekend wild?

Vraag 6

Is de conclusie van «De Nederlandse Jager» over de bruikbaarheid van ecoduct De Borkeld bij de Sallandse Heuvelrug niet in strijd met het beleid zoals genoemd in de brief van 28 december 20103, waarin u aangeeft dat recreatief gebruik van faunapassages wordt toegestaan tenzij de primaire functie van de faunapassage wordt aangetast? Wordt bij de bouw van ecoducten in Nederland vooraf rekening gehouden met eventuele recreanten die ook gebruik maken van de ecoducten?


X Noot
1

De Nederlandse Jager, nr 11, 24 mei 2012.

X Noot
2

Van der Grift, E.A., Dirksen, J., Ottburg, F.G.W.A. en R. Pouwels (2010) Recreatief Medegebruik van Ecoducten (Wageningen: Alterra).

X Noot
3

Kamerstuk 32 500 XIII, nr. 166.

Naar boven