Vragen van het lid
Ouwehand
(Partij voor de Dieren) aan de staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie over ernstige welzijnsproblemen
bij dolfijnen in gevangenschap en het overtreden van EU-richtlijnen door onder andere het Dolfinarium in Harderwijk (ingezonden
28 juni 2011).
Vraag 1
Bent u bekend met een nieuwe studie waaruit blijkt dat dolfinaria in veertien EU-lidstaten de vereisten uit de Europese richtlijn
1999/22/EG overtreden, waaronder het Dolfinarium in Harderwijk?1
Vraag 2
Op welke wijze controleert u de naleving van het dolfinarium en andere dierentuinen aan de vereisten uit de richtlijn 1999/22/EG
over het houden van wilde dieren? Hoe vaak heeft u de afgelopen vijf jaar overtredingen geconstateerd?
Vraag 3
Wat vindt u van de bevinding dat geen enkele dolfijn, gehouden in een Europees dolfinarium, de mogelijkheid blijkt te hebben
om natuurlijk gedrag te vertonen? Wat vindt u van de waarneming dat stress en stereotiep gedrag algemene verschijnselen zijn
bij in gevangenschap gehouden dolfijnen?
Vraag 4
Onderschrijft u de conclusie dat dolfijnen de mogelijkheid om normaal gedrag te vertonen ook nooit kunnen krijgen in gevangenschap,
gezien zij complexe en hoog intelligente sociale dieren zijn die in het wild lange afstanden afleggen en leven in sociale
groepen? Zo ja, welke beleidsconsequenties verbindt u hieraan? Zo nee, waarom niet en welke wetenschappelijke onderbouwing
kunt u geven voor uw opvatting?
Vraag 5
Onderschrijft u de bevinding dat dolfinaria de natuurlijke leefomgeving van dolfijnen niet kunnen nabootsen in gevangenschap?
Zo nee, op welke wetenschappelijk inzichten baseert u dit?
Vraag 6
Onderschrijft u de bevindingen van het rapport dat dolfijnenshows geen educatieve bijdrage blijken te leveren? Zo nee, waarom
niet?
Vraag 7
Onderschrijft u de conclusie van recent wetenschappelijk onderzoek2 dat tot op heden er geen overtuigend of zelfs maar suggestief bewijs is voor de bewering dat dierentuinen en aquaria bijdragen
aan de gedragsverandering, educatie of belangstelling voor bescherming van dieren bij de bezoekers? Zo nee, kunt u toelichten
wat concreet de educatieve waarden zijn van deze parken en hoe dit is gekwantificeerd?
Vraag 8
Hoe beoordeelt u de gevonden gezondheids- en veiligheidsgevaren tussen directe interactie van bezoekers met dolfijnen? Welke
conclusies verbindt u aan deze gevaren?
Vraag 9
Bent u, gelet op de opnieuw aangetoonde negatieve gevolgen voor het dierenwelzijn en het ontbreken van educatieve waarden
van het tentoonstellen van dieren, bereid om te komen tot een verbod op dolfijnenshows en het houden van dolfijnen voor commerciële
doeleinden? Zo ja, op welke wijze en op welke termijn? Zo nee, waarom wilt u zich niet aansluiten bij landen als Cyprus en
Slovenië die hier al wel toe zijn overgegaan?
Vraag 10
Bent u bereid ook bij andere lidstaten aan te dringen op navolging van de voorlopers Cyprus en Slovenië en te pleiten voor
een Europees verbod op dolfijnenshows en een uitfasering van het houden van dolfijnen in gevangenschap? Zo nee, waarom niet?
Vraag 11
Kunt u uiteenzetten welke acties uw ambtsvoorganger en uzelf hebben ondernomen op de aangenomen motie van de leden Ouwehand
en Thieme3 voor een Europees import- en handelsverbod van in het wild gevangen dolfijnen? Wat is tot nu toe het resultaat geweest van
deze inspanningen en welk vervolg gaat u geven aan de uitvoering van deze motie?
Vraag 12
Bent u met ons geschrokken van de verwachting van de onderzoekers dat wanneer het aantal dolfinaria in Europa gelijk blijft
of uitbreidt, er mogelijk nieuwe vangsten van dolfijnen uit het wild zullen plaatsvinden? Deelt u de mening dat het zaak is
snel werk te maken van een import- en handelsverbod van in het wild gevangen dolfijnen en het instellen van een moratorium
op nieuwvestiging of uitbreiding van dolfinaria?
Vraag 13
Bent u bereid de Europese Commissie te vragen inbreukprocedures te starten tegen lidstaten die Richtlijn 1999/22/EG overtreden?
Zo ja, wanneer? Zo nee, waarom niet?
Vraag 14
Deelt u de mening dat er in elk geval op korte termijn een openbare database zou moeten komen met informatie over het aantal
walvisachtige soorten dat in de Europese Unie in gevangenschap wordt gehouden en op welke plaatsen? Zo ja, bent u bereid hiervoor
te pleiten in Brussel? Zo nee, waarom niet en hoe verhoudt uw opvatting zich tot de uitspraak van uw adviesorgaan de Raad
voor Dierenaangelegenheden dat er ten behoeve van het dierenwelzijn in elk geval zicht moet zijn op de dieren die in een samenleving
gehouden worden?
X Noot
1http://www.wdcs.org/submissions_bin/Eu_Dolphinaria_Report.pdf
X Noot
2Marino, L., Lilienfeld, S. O., Malamud, R., Nobis, N. and Broglio, R. 2010. Do zoos and aquariums promote attitude change
in visitors? A critical evaluation of the American Zoo and Aquarium study in Society and Animals, 18: 126–138.