Vragen van de leden Van Langen-Visbeek (BBB) en Kluit (GroenLinks-PvdA) medegedeeld aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties inzake het artikel «Flevoland verre van klaar voor de Omgevingswet» (ingezonden 25 september 2023).

Vraag 1

Bent u bekend met het artikel «Flevoland verre van klaar voor de Omgevingswet» in Binnenlands BestuurFlevoland verre van klaar voor de Omgevingswet (binnenlandsbestuur.nl) en met het in het artikel genoemde onderzoek?

Vraag 2

In hoeverre komt de hier geschetste praktijk van een Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) dat «verre van vlekkeloos werkt» overeen met de meermaals eerder geuite zorgen van het Adviescollege ICT-toetsing over de werking en stabiliteit van het DSO?

Vraag 3

Het artikel spreekt over problemen met het aansluiten van lokale systemen van gemeenten op het DSO. Welke systemen betreft dat en welke problemen ontstaan bij deze gemeenten wanneer deze systemen niet op 1 januari 2024 aangesloten zijn?

Vraag 4

Welke risico’s worden in betreffende gemeenten gelopen?

Vraag 5

Hoeveel extra tijd kost het een gemeente om met niet aangesloten systemen te werken?

Vraag 6

Wie dekt de extra kosten van deze inzet?

Vraag 7

Bent u van mening dat het parlement in de aanloop naar de vaststelling van het koninklijk besluit tot inwerkingtreding van de Omgevingswet voldoende zorgvuldig geïnformeerd is over de werking en stabiliteit van het DSO?

Vraag 8

In het artikel wordt tevens aangegeven dat er nog onvoldoende sprake is van de één-overheid-gedachte omdat de overheden individueel alles op alles moeten zetten om de geplande invoeringsdatum te halen. In plaats van het beoogde «loslaten» en «dereguleren» ligt de nadruk op «monitoren» en «controleren» waarbij nu al wordt gevreesd voor langere in plaats van kortere procedures. Herkent u het in het artikel geschetste beeld?

Vraag 9

Komen er soortgelijke signalen uit andere regio’s?

Vraag 10

Wat gaat u doen om ervoor te zorgen dat het oorspronkelijk beoogde doel van de Omgevingswet weer in zicht komt?

Vraag 11

Hoe worden betrokken gemeenten en andere overheden gecompenseerd voor het extra werk dat hieruit voortvloeit?

Vraag 12

Het artikel constateert verder dat er maar één gemeente in Flevoland beschikt over een actueel op de Omgevingswet toegesneden participatiebeleid. Hoe verhoudt dit gegeven zich tot het vereiste participatiebeleid bij gemeenten, zoals bedoeld onder de motiveringsplicht onder de Omgevingswet?

Vraag 13

Hoe verhoudt dit gegeven zich tot de breed aangenomen motie-Nooren c.s.1 en tot toezegging T02860 aan de Eerste Kamer?

Vraag 14

Kunt u bij benadering aangeven hoeveel gemeenten hun participatiebeleid op orde hebben voor de invoering van de Omgevingswet in 2024?

Vraag 15

In tenminste één provincie blijken de gemeenten verre van klaar voor de invoering van de Omgevingswet. Wat kunt u nu nog doen om stagnatie en langere procedures te voorkomen? Het gaat immers om een zware en ingrijpende stelselherziening, waarbij klaarblijkelijk nog de nodige vraagstukken in de uitvoering liggen.

Vraag 16

Kunt u de antwoorden op bovenstaande vragen gelijktijdig aan de Eerste en Tweede Kamer doen toekomen, gezien de relevantie van de geuite kritiek en de invoeringsdatum van de Omgevingswet per 1 januari 2024?

Vraag 17

Kunt u, gezien de start van het verkiezingsreces van de Tweede Kamer en het belang van de aangekaarte problematiek, deze vragen uiterlijk 2 oktober 2023 beantwoorden?


X Noot
1

Kamerstukken I 2019/20, 34 986, AA.

Naar boven