36 342 Wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Fiscale verzamelwet 2024)

Nr. 7 NOTA VAN WIJZIGING

Ontvangen 28 juni 2023

Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:

In artikel I, onderdeel B, vervalt «tot maximaal 2.000 kilometer per kalenderjaar».

Toelichting

In artikel I, onderdeel B, van het wetsvoorstel is een vrijstelling in de Wet inkomstenbelasting 2001 (Wet IB 2001) opgenomen voor het tot maximaal 2.000 kilometer per kalenderjaar vergoeden of verstrekken (waaronder het ter beschikking stellen) van zogenoemd leefvervoer door het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV). Deze maatregel betreft grosso modo een codificatie van een in een beleidsbesluit opgenomen goedkeuring1, vooruitlopend op een mogelijke wetswijziging. Op basis van het betreffende beleidsbesluit geldt een vrijstelling van door het UWV toegekend leefvervoer zonder dat daar een maximaal aantal kilometers op jaarbasis aan gekoppeld is. Ook het UWV hanteert niet in alle gevallen een dergelijk maximum. Weliswaar stelt het UWV over het algemeen een norm van maximaal 2.000 kilometers per kalenderjaar, maar het komt ook voor dat het UWV op basis van individuele omstandigheden van de uitkeringsgerechtigde meer leefkilometers vergoedt of verstrekt. Het wetsvoorstel wordt daarom met deze nota van wijziging zodanig aangepast dat bij de voorgestelde vrijstelling voor het vergoeden of verstrekken van leefkilometers het maximum van 2.000 kilometer komt te vervallen. Met deze aanpassing van de voorgestelde vrijstelling wordt tevens beoogd verschillen in fiscale behandeling van leefvervoervoorzieningen die worden toegekend door gemeenten enerzijds en leefvervoervoorzieningen die worden toegekend door het UWV anderzijds waar mogelijk weg te nemen. Leefvervoervoorzieningen die worden toegekend door gemeenten op basis van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) zijn vrijgesteld op basis van artikel 3.104 onderdeel l, Wet IB 2001 zonder dat daarbij een maximaal aantal kilometers van toepassing is.

De voorstellen in deze nota van wijziging zijn beoordeeld met de uitvoeringstoets. Voor de wijzingen geldt dat de dienaangaande opgestelde eerder uitgebrachte uitvoeringstoets onverkort van kracht is (Bijlage bij Kamerstukken II 2022/23, 36 342, nr. 3).

De Staatssecretaris van Financiën, M.L.A. van Rij


X Noot
1

Deze goedkeuring is opgenomen in onderdeel 10 van het Besluit van de Staatssecretaris van Financiën van 13 december 2021 over lijfrenteverzekeringen, lijfrenterekeningen, lijfrentebeleggingsrechten en andere periodieke uitkeringen (Stcrt. 2021, 48029).

Naar boven