35 621 Samenvoeging van de gemeenten Heerhugowaard en Langedijk

35 619 Samenvoeging van de gemeenten Landerd en Uden

J1 VERSLAG VAN EEN NADER SCHRIFTELIJK OVERLEG

Vastgesteld 22 februari 2024

De vaste commissie voor Binnenlandse Zaken2 heeft tijdens haar commissievergadering van 7 november 2023 haar leden gelegenheid gegeven tot het stellen van nadere vragen over de brief van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 11 oktober 2023 over de aanpak van de evaluaties inzake de vorming van de gemeente Dijk en Waard en de gemeente Maashorst.3 De leden van de fracties van de BBB en de PVV hadden van de geboden mogelijkheid gebruikgemaakt.

Naar aanleiding hiervan is op 15 november 2023 een brief gestuurd aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

De Minister heeft op 29 december 2023 een uitstelbericht gestuurd en op 20 februari 2024 inhoudelijk gereageerd.

De commissie brengt bijgaand verslag uit van het gevoerde nader schriftelijk overleg.

De griffier van de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken, Bergman

BRIEF VAN DE VOORZITTER VAN DE VASTE COMMISSIE VOOR BINNENLANDSE ZAKEN BINNENLANDSE ZAKEN

Aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Den Haag, 15 november 2023

De vaste commissie voor Binnenlandse Zaken heeft tijdens haar commissievergadering van 7 november 2023 haar leden gelegenheid gegeven tot het stellen van nadere vragen over uw brief van 11 oktober 2023 over de aanpak van de evaluaties inzake de vorming van de gemeente Dijk en Waard en de gemeente Maashorst.4 De leden van de fracties van de BBB en de PVV hebben van de geboden mogelijkheid gebruikgemaakt.

Vragen en opmerkingen van de leden van de fractie van de BBB

De raad van de fusiegemeente besluit onafhankelijk van de resultaten van de evaluatie over de indeling van de gemeente. Wordt dit voorafgaand aan de evaluatie gecommuniceerd met de inwoners? Hoe zorgt u ervoor dat er bij de inwoners als gevolg van de evaluatie geen valse verwachtingen worden gewekt?

Heeft u kennisgenomen van de uitkomst van een eerdere enquête van de dorpsraad Sint Pancras? Wat is er gebeurd met de resultaten van deze enquête? De nieuwe gemeente heeft destijds een pilot aangekondigd «gemeentegrensoverschrijdend dorps- en wijkgericht werken». Heeft deze ook plaatsgevonden in Sint Pancras en Langedijk? Zo nee waarom niet?

Fusies moeten van onderop komen zegt het huidige beleid, toch is er sprake van een «opschalingskorting» op het budget van gemeenten onder de 100.000 inwoners. Waarom is er nog steeds sprake van een zogenaamde «opschalingskorting»?

Na 2024 is er sprake van een aantal zogenoemde «ravijnjaren» voor de gemeenten. Deze jaren worden zo genoemd omdat bijna alle gemeenten in de financiële problemen komen. Zou u in het kader van het verlichten van genoemde problematiek en het voorkomen van mogelijke fusies zonder voldoende draagvlak willen onderzoeken of de opschalingskorting kan worden afgeschaft? Zo nee, waarom niet?

Vragen en opmerkingen van de leden van de fractie van de PVV

In uw brief van 11 oktober 2023 benadrukt u bij verschillende vragen dat afwegingen worden gemaakt door het bureau dat het onafhankelijke evaluatieonderzoek uitvoert, zijnde bureau Berenschot. Bureau Berenschot heeft vooruitlopend op de herindeling op 1 januari 2022 in juni 2021 het eindrapport «Economische analyse gemeente Maashorst» gepresenteerd. Dit rapport was bedoeld om vanuit de fusiepartners Landerd en Uden richting te geven aan de koers van de nieuwe gemeente Maashorst, door een toekomstvisie op te stellen. Het onderzoek diende als uitgangspunt om te komen tot een basis voor het voeren van discussies over de ambities van de gemeente Maashorst en daarmee de bouwstenen voor het toekomstige beleid van de nieuwe gemeente Maashorst.

Kunt u aangeven hoe bureau Berenschot de evaluatie onafhankelijk uit kan voeren, als ditzelfde bureau voor de herindeling een analyse heeft uitgevoerd die de bouwstenen heeft aangedragen voor de toekomstvisie en het toekomstig beleid van de gemeente Maashorst? Is hier geen sprake van een spreekwoordelijke slager die zijn eigen vlees keurt?

Kunt u tevens aangeven hoe deze evaluatieopdracht bij bureau Berenschot terecht is gekomen? Heeft hiervoor een aanbestedingsprocedure plaatsgevonden of is er sprake van een selectieprotocol? Kunt u aangeven in hoeverre er ook andere onderzoeksbureaus overwogen zijn? Kunt u tevens aangeven waarom in het eindrapport «Nulmeting gemeente Maashorst» alleen aandacht is voor de algemene aspecten van een herindeling, maar een zorgvuldige behandeling van de bijzondere aspecten van deze herindeling ontbreken? Kunt u aangeven waarom in de nulmeting vooral sprake is van beschrijvende teksten, stellingen en conclusies zónder onderliggend feitenmateriaal? Acht u de nulmeting kwalitatief afdoende om een monitoring uit te kunnen voeren nu onderliggend feitenmateriaal ontbreekt? Bent u bereid om bureau Berenschot alsnog te vragen onderliggend feitenmateriaal beschikbaar te stellen?

In een brief van het burgercomité Schaijk & Reek aan het gemeentebestuur van Maashorst van 24 oktober 2023 wordt fundamentele kritiek geuit op de wijze van burgerparticipatie.5 Heeft u kennisgenomen van deze brief en kunt u reageren op deze kritiek in relatie tot het evaluatieproces? Kunt u met concrete voorbeelden onderbouwen dat bureau Berenschot voorstellen van het burgercomité daadwerkelijk heeft meegenomen? Kunt u in het bijzonder ook ingaan op de kritiek in deze brief dat het eindrapport Nulmeting is gereduceerd tot algemeenheden en er wordt gestuurd op een wenselijke uitkomst die moet leiden tot het onverdeeld voortbestaan van Maashorst?

Kunt u tot slot bevestigen dat uw ambtsvoorganger in een commissievergadering van de Tweede Kamer in januari 2023 toezeggingen heeft gedaan om in ieder geval de inwoners Schaijk en Reek individueel te bevragen?

De commissie voor Binnenlandse Zaken ziet met belangstelling uit naar uw reactie en ontvangt deze graag binnen vier weken na dagtekening van deze brief.

De voorzitter van de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken, I.M. Lagas MDR

BIJLAGE BRIEF BURGERCOMITÉ SCHAIJK & REEK AAN GEMEENTEBESTUUR MAASHORST

Reactie op eindrapport nulmeting van bureau Berenschot inzake de evaluatie van het functioneren van gemeente Maashorst.

Schaijk, 24 oktober 2023

Geachte leden van het college van B&W en van de gemeenteraad van gemeente Maashorst,

Met deze brief willen wij u als college en gemeenteraad laten weten dat wij met meer dan grote verbazing hebben geconstateerd dat u het eindrapport «Nulmeting gemeente Maashorst» van Bureau Berenschot zonder enige tegenspraak als kwalitatief acceptabel heeft geaccepteerd.

De opdrachtverlening voor de complete herindelingsrapportage is weliswaar via het Ministerie van BZK verleend aan Bureau Berenschot maar wij willen en mogen aannemen dat u in ieder geval met het aanleveren en verifiëren van gegevens betrokken bent geweest bij de totstandkoming van dit eindrapport. Gelet op de bestaande overlegstructuren tussen ministerie, Berenschot en gemeente Maashorst is die betrokkenheid ongetwijfeld nóg intensiever van aard geweest.

Daarnaast is het feitelijk duidelijk dat dit eindrapport middels de lijst van ingekomen stukken is aangeboden aan de leden van de raad. Aangezien er nergens op- of aanmerkingen terug te vinden zijn over een inhoudelijke behandeling, kan niet anders dan geconcludeerd worden dat de verstrekte informatie met instemming is ontvangen en vervolgens voor kennisgeving is aangenomen

Het verwondert ons als Burgercomité Schaijk & Reek ten zeerste dat u blijkbaar geen enkele behoefte heeft gevoeld om enig commentaar op dit eindrapport te leveren, terwijl daar gelet op de inhoud de nodige redenen voor waren.

Het Burgercomité heeft het eindrapport «Nulmeting gemeente Maashorst» wél kritisch bestudeerd en wil u onze belangrijkste bevindingen en conclusies niet onthouden.

Wij kiezen voor deze benadering omdat er in de gevolgde procedure geen enkele wezenlijk inbreng en inspraak mogelijk is geweest. Niet via Berenschot en niet via een gemeentelijk vaststellingsbesluit.

Deze – niet uitputtende – conclusies, zowel procesmatig, praktisch en op (feitelijke) inhoud, brengen wij u onderstaand onder de aandacht.

  • * Bureau Berenschot gaat – terecht – uitgebreid in op allerlei algemene en voor de hand liggende zaken die in het kader van de Wet Arhi bij een «normale» herindeling – ook – aan de orde moeten komen zoals de weg van bestaand beleid naar een nieuwe werkelijkheid (Bestuursakkoord, toekomstvisie, dienstverlening, verbinding, inbedding en beleidsharmonisatie). Een zorgvuldige behandeling van de bijzondere aspecten die rond deze herindeling spelen, wordt echter achterwege gelaten.

  • * Wat zeer nadrukkelijk in dit eindrapport «Nulmeting gemeente Maashorst» niet aan de orde komt, is de praktische invulling van de nulmeting – het «meten is weten principe». Overal voeren beschrijvende teksten de boventoon en er worden stellingen geponeerd en conclusies getrokken zonder dat daar enig feitenmateriaal aan ten grondslag ligt. Zonder deugdelijke feitelijke basisgegevens is het onmogelijk om een gewenste uitvoering te monitoren en het verkregen eindresultaat te vergelijken met de beginsituatie.

  • * In de rapportage worden accenten gelegd op kernenbeleid, eerlijke en duidelijke communicatie als basishouding en participatie vooraf als pijler.

    • - De praktijk in Maashorst wijst echter, precies zoals in het voormalige Landerd, nog steeds heel anders uit. Het is inmiddels genoegzaam bekend dat inspraak in Maashorst alleen met de mond beleden wordt. Inspraak wordt of genegeerd, voor de bühne beleden of komt tot stand met enkel door de gemeente zelf geselecteerde informatie en deskundigheid. Wij wijzen hierbij op diverse – ook nog lopende – procedures waarbij de gemeente door betrokken burgers, de gemeenteraad zelf en door verschillende gerechtelijke instanties is teruggefloten om het gedane huiswerk over te doen en aangevoerde relevante inbreng van belanghebbenden alsnog bij de besluitvorming te betrekken. De manier waarop het aspect burgerparticipatie in dit evaluatieproces rondom de herindeling een plaats heeft gekregen, beschouwen wij als een triest dieptepunt in een lange reeks.

  • * In samenspraak met de gemeente Maashorst heeft Bureau Berenschot zich in de fase van de presentatie van het evaluatie-ontwerp een meester getoond in het manipuleren met verstrekte informatie door de geconsulteerde burgerparticipanten. Op pagina 58 en pagina 64 wordt aangehaald dat onder andere vertegenwoordigers van bewonersplatforms door Bureau Berenschot zijn geraadpleegd om in beeld te krijgen hoe er naar de nieuwe gemeente Maashorst wordt gekeken. Conclusie na die raadpleging was, aldus Berenschot, dat deze aanwezige partijen de nieuwe organisatie overwegend zouden steunen en er beperkte weerstand binnen de samenleving zou bestaan. De weerstand zou in het bijzonder uit de hoek van het Burgercomité Schaijk & Reek – voorheen actiegroep – komen. Bureau Berenschot voegt daar zelfs aan toe dat de weerstand vanuit dit Burgercomité ook (mede) ten grondslag ligt aan voorliggend onderzoek!

    Wij willen deze conclusies keihard tegenspreken en daar de volgende feitelijke informatie tegenover zetten:

    • 1. De aanwezige leden van de bewonersplatforms waren naast de leden van het Burgercomité de enige burgers die als bewoners in dit onderzoek gehoord zijn! Niemand bleek op voorhand geïnformeerd te zijn over de bedoeling van de bijeenkomst en er was geen schriftelijke informatie beschikbaar waardoor diverse aanwezigen zich ter plekke hardop afvroegen waarom ze eigenlijk uitgenodigd waren. De genodigden hebben zelfs te kennen gegeven dat ze niet als vertegenwoordigers van de kernen konden en wilden spreken. Ondanks die duidelijkheid vooraf zijn deze personen dus door Bureau Berenschot naar buiten toe wel benoemd en gepresenteerd als vertegenwoordigende burgers. En daarmee was de bewonersparticipatie voldoende gewaarborgd en de kous af. Een zeer laakbare handelwijze!

    • 2. Nadat de leden van het Burgercomité en de leden van de burgerplatforms in 2022 twee maal acte de présance hadden gegeven, bleek de gemeente Maashorst begin 2023 de gebiedsplatforms in Uden eigenmachtig te hebben opgeheven wegens onvoldoende functioneren. Zonder overleg met betrokkenen die spraken van onfatsoen en gebrekkige burgerparticipatie. Terugblikkend doemt hier een scenario op van misleiding. Wanneer men de tijdspanne bekijkt, is die negatieve beeldvorming over de burgerplatforms bestuurlijk ongetwijfeld al veel langer in beeld geweest. Toch is er voor gekozen om deze groepen in beeld te brengen om aldus de uitgevoerde burgerinspraak te legitimeren.

    • 3. Bureau Berenschot haalt met zijn opmerkingen over de inbreng en invloed van het Burgercomité Schaijk & Reek oorzaak en gevolg van de toegevoegde evaluatieopdracht in artikel 9 door elkaar. Men geeft daarmee een volstrekt eigen draai aan de geschiedenis over de weerstand tegen de herindeling. De weerstand tegen de herindeling – verwoord en actiegericht gecoördineerd door het toenmalige Actiecomité – stoelde namelijk wel degelijk op feitelijke meningen en gevoelens die kwalitatief en kwantitatief van invloed waren. De plaatselijke bereidheid in Schaijk en Reek om de herindeling met handtekeningen tegen te gaan en actie te voeren, getuigden daarvan. Dat de gemeente Landerd die inbreng wenste te negeren en geen plaats in het herindelingsproces wilde geven, is een ander verhaal. Ook uit de bereidheid van de landelijke politiek, die zich wel wilde inzetten en wel wilde luisteren naar de burgers in Landerd, mag afgeleid worden dat hier een serieuze zaak speelde. Bij de behandeling/geplande eerste stemming van de herindelingswet zou een meerderheid van de Tweede Kamer Schaijk bij Oss hebben gevoegd!

    • 4. De huidige beperkte weerstand tegen de herindeling zou wederom vanuit het Burgercomité Schaijk & Reek komen, aldus Bureau Berenschot. Een hele foute opmerking van een arrogant onderzoeksbureau dat meent zich te kunnen permitteren dergelijke uitspraken te doen. Doe uw werk als een betrouwbaar en onafhankelijk bureau, toon u een professional Bureau Berenschot door te zorgen dat u een dergelijke stellingname onderzoekt en onderbouwd. Pas dan laat u zien dat u gericht bent op het onderzoeken van datgene wat werkelijk leeft onder de burgers. Sneren uitdelen en stemming kweken richting het Burgercomité is in dit geval geheel ongepast. Het gaat niet aan het Burgercomité Schaijk & Reek neer te zetten als een club van notoire onruststokers. Bent u er zich eigenlijk wel van bewust hoeveel weldenkende en betrokken burgers u in het kielzog van het Burgercomité met uw benadering neerzet als onbeduidend en niet relevant?

      Als u uw huiswerk goed zou hebben gedaan, zou u kunnen weten dat Burgercomité momenteel niet meer gericht is op weerstand of acceptatie. Wij willen alleen dat er een goede, transparante en objectiveerbare evaluatie uitgevoerd wordt waarin de bij wet gestelde onderzoeksvragen over de herindeling beantwoord worden!

    • 5. Uit de aangehaalde fragmenten en de specifieke conclusies over de rol die Berenschot – zonder eigen onderzoek – het voormalige Actiecomité / het huidige Burgercomité in het herindelingsproces toedicht, kunnen wij niet anders dan concluderen dan dat deze via «inside information», lees de gemeente, verkregen zijn.

  • * Bureau Berenschot heeft zich – net als in het evaluatie-ontwerp – in dit eindrapport Nulmeting een meester in het manipulatief duiden van de toegevoegde onderzoeksopdrachten in artikel 9 getoond. Vanaf het begin werd consequent de wettelijke onderzoeksopdracht onvolledig geciteerd en vervolgens werd gekozen voor uitgekiende formuleringen en uitgebreide beschrijvingen. Hierdoor is men steeds nauwlettend uit de buurt gebleven van de essentie van de gerichte onderzoeksvragen. En die essentie ging én over het raadplegen van juist de inwoners van Schaijk en Reek over de gerealiseerde herindeling én over het objectief en onderbouwd in beeld brengen van de wenselijkheid om deze kernen alsnog aan Oss toe te voegen.

  • * De bereidheid om deze vragen aan alle inwoners van Schaijk en Reek te stellen, juist vanwege hun bijzondere positie, is vanaf het begin van dit onderzoek niet aanwezig gebleken. Bureau Berenschot maakte al tijdens de eerste samenkomst aan ons Burgercomité duidelijk dat men een gerichte en specifieke burgerraadpleging in Schaijk en Reek absoluut niet in overweging wenste te nemen. De beantwoording van de onderzoeksvragen zou daarentegen net zo goed of beter in beeld kunnen worden gebracht door een kleinschalige enquête en door de objectieve en subjectieve wenselijkheid van een eventuele toevoeging aan Oss te bestuderen.

Onderstaand een voorbeeld hoe deze objectieve wenselijkheid wordt uitgewerkt.

Op pagina 17 van het eindrapport «Nulmeting gemeente Maashorst» wordt als belangrijk gegeven vermeld dat er vanuit Landerd/Maashorst «meer kinderen naar Uden naar school gaan dan naar Oss». Grave wordt hierbij niet genoemd, terwijl het grootste deel van de uitstromende leerlingen daar juist naar toe gaat! In de afgelopen 5 jaren zijn er van de 85 leerlingen 55 (65%) uitgestroomd naar het Merletcollege in Grave. In 2023 zijn er 0 leerlingen uitgestroomd naar Uden en in 2022 en 2021 slechts 3 per jaar. Het blijkt hier steeds slechts om een klein aantal uitstromers te gaan, die zich ook nog eens verspreiden over 4 gemeenten. Waar hebben we het over! Heeft Bureau Berenschot deze subjectieve gepresenteerde gegevens verkregen via de gemeente Maashorst, heeft men deze geverifieerd en/of is hier ook sprake van manipulatie door Bureau Berenschot?

Samenvattend zijn wij van mening dat het eindrapport Nulmeting gereduceerd is tot algemeenheden en in het bijzonder door een bijzonder grote inzet om het algemene draagvlak onder de bevolking voor – het voortbestaan van – de gemeente Maashorst te vergroten. Hierbij is overduidelijk gestuurd op een wenselijke uitkomst die moet leiden tot het onverdeeld voortbestaan van Maashorst.

Daarbij is niet geschuwd om:

  • zonder eigen onderzoek en transparante verifieerbare informatie allerlei conclusies te trekken die aantoonbaar onjuist zijn;

  • gegevens te gebruiken die niet anders dan door een belanghebbende partij (lees de gemeente) verstrekt kunnen zijn en om

  • burgerparticipanten zoals verenigd in het Burgercomité Schaijk & Reek in een kwaad daglicht te zetten om het eigen gelijk te bekrachtigen.

De manier waarop tot nu toe in dit herindelingsonderzoek is gehandeld door het Ministerie van BZK als opdrachtgever, Bureau Berenschot als onderzoeksbureau en gemeente Maashorst als onderzoeksobject roept nadrukkelijk de vraag op hoe onafhankelijk dit onderzoek eigenlijk is uitgevoerd. Onafhankelijkheid is immers de kernwaarde van gedegen beleidsonderzoek en de crux van onafhankelijk onderzoek is dat belanghebbenden geen grip hebben op de aanpak en uitkomst ervan.

In divers en gedegen onderzoek naar de handelwijze van commerciële onderzoeks- en adviesbureaus wordt geconcludeerd dat het overgrote deel van de opdrachten die bij overheden uitgevoerd worden voor de buitenwereld moeilijk te controleren zijn. Wat wel duidelijk is dat in de regel niet zowel de overheid als de burger gediend wordt en er weinig tot geen tegenspraak wordt gegeven richting overheid/opdrachtgever. Onderzoeksbureaus gedragen zich als luisterend oor, onderzoeker, aanklager en rechter tegelijk maar behagen ondertussen vooral hun opdrachtgevers. Het bewust niet stellen van vragen om de antwoorden niet onder ogen te hoeven komen, is zo’n sturende methode om te behagen en mogelijke pijnlijke conclusies te vermijden. Die meewerkende houding hangt overigens nauw samen met de eigen commerciële doelstelling van een onderzoeksbureau, aldus de onderzoekers.

In het aan Berenschot gegunde herindelingsonderzoek is de verwevenheid tussen de drie genoemde partijen van extra belang omdat er vanaf het begin geen enkel zicht is gegeven op de bestaande wisselwerking tussen deze driehoek. Duidelijk is in ieder geval wel dat gemeente Maashorst niet alleen maar objectieve informatie heeft verstrekt en duidelijk is ook dat het ministerie er als opdrachtgever mét de gemeente Maashorst van achter de schermen op gebrand was om de rapportage naar de gewenste werkelijkheid toe te schrijven.

Meer dan duidelijk is ook dat alle betrokkenen op alle mogelijke manieren hebben geprobeerd om burgerinbreng en -inspraak uit dit dossier te weren. Het Ministerie van BZK verwees naar Bureau Berenschot als onafhankelijk onderzoeksbureau, Bureau Berenschot beriep zich op de eigen deskundigheid en onafhankelijkheid en de gemeente Maashorst gaf niet thuis omdat ze geen opdrachtgever van het onderzoek waren. Het resultaat van deze exercities is in ieder geval dat de gehele procedure rond het herindelingsonderzoek zich op voorspraak van een onderzoeksbureau volkomen heeft kunnen onttrekken aan burgerinbreng.

Geacht college en geachte raadsleden, voor ons als Burgercomité is nog altijd niet helder welke formele en/of informele rol u precies in dit dossier heeft vervuld. Wat voor ons echter wel vaststaat is dat dit eindrapport «Nulmeting gemeente Maashorst» na opmaak door Bureau Berenschot zowel het college als de gemeenteraad gepasseerd is. Daarmee bent u in ieder geval medeverantwoordelijk geworden voor de inhoud van het eindrapport. Tot onze spijt moeten wij constateren dat u geen enkele kritische kanttekening heeft gezet bij feitelijk onjuiste informatie en insinuaties onder de gordel. Daarmee heeft u verzuimd om uw verantwoordelijkheid te nemen.

Burgercomité Schaijk & Reek (K.v.K.78486505)

BRIEF VAN DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES

Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 29 december 2023

De leden van de fracties van de BBB en PVV van de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken en de Hoge Colleges van Staat / Algemene Zaken en Huis van de Koning hebben nadere vragen gesteld naar aanleiding van mijn brief van 11 oktober 2023 over de aanpak van de evaluaties inzake de vorming van de gemeente Dijk en Waard en de gemeente Maashorst. Deze vragen kunnen niet binnen de gebruikelijke termijn worden beantwoord vanwege de tijd die nodig is voor afstemming met het bureau dat de evaluatie uitvoert en de gemeente Maashorst.

De antwoorden op de vragen van uw Kamer zal ik u uiterlijk in januari 2024 doen toekomen.

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, H.M. de Jonge

BRIEF VAN DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES

Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 20 februari 2024

De leden van de fracties van de BBB en PVV van de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken en de Hoge Colleges van Staat / Algemene Zaken en Huis van de Koning hebben vragen gesteld naar aanleiding van mijn brief van 11 oktober 2023 over de aanpak van de evaluaties inzake de vorming van de gemeente Dijk en Waard en de gemeente Maashorst. Ik dank deze leden voor hun inbreng. In deze brief herhaal ik uw vragen en leest u (schuingedrukt) mijn reactie op deze vragen.

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, H.M. de Jonge

Vragen en opmerkingen van de fractie van de BBB

De raad van de fusiegemeente besluit onafhankelijk van de resultaten van de evaluatie over de indeling van de gemeente. Wordt dit voorafgaand aan de evaluatie gecommuniceerd met de inwoners? Hoe zorgt u ervoor dat er bij de inwoners als gevolg van de evaluatie geen valse verwachtingen worden gewekt?

Het doel van beide evaluaties is niet om de indeling van de twee fusiegemeenten te heroverwegen, maar om het functioneren van beide fusiegemeenten (gedeeltelijk) te evalueren. Het is aan de gemeenteraden van beide fusiegemeenten om de uitkomsten of aanbevelingen op te pakken die uit de evaluaties naar voren komen. Beide evaluaties zouden mogelijk wel aanleiding kunnen geven voor een verkenning van de gewenste bestuurlijke indeling. Hiervoor gelden de kaders van de Wet algemene regels gemeentelijke herindeling (Wet Arhi) en het bijbehorende beleidskader. Conform deze wet en het beleidskader kunnen gemeenten, provincies en de Minister van BZK het initiatief nemen voor een gemeentelijke herindeling. Provincies en de Minister van BZK zijn (conform het huidige beleid) zeer terughoudend in het nemen van initiatief, tenzij er sprake is van bestuurskrachtproblematiek waarvoor gemeenten zelf geen oplossingen kunnen vinden. Inwoners zijn geïnformeerd over het doel en het proces van beide evaluaties. Aangezien het doel van de evaluaties niet is om de gemeentelijke indeling te heroverwegen, heeft de focus in de communicatie niet gelegen op een eventueel toekomstig besluit over een nieuwe gemeentelijke herindeling.

Heeft u kennisgenomen van de uitkomst van een eerdere enquête van de dorpsraad Sint Pancras? Wat is er gebeurd met de resultaten van deze enquête? De nieuwe gemeente heeft destijds een pilot aangekondigd «gemeentegrensoverschrijdend dorps- en wijkgericht werken». Heeft deze ook plaatsgevonden in Sint Pancras en Langedijk? Zo nee waarom niet?

Ik heb kennisgenomen van de uitkomsten van de enquête van de dorpsraad Sint Pancras en heb deze betrokken bij het wetgevingstraject dat heeft geleid tot de samenvoeging van de gemeenten Heerhugowaard en Langedijk tot de nieuwe gemeente Dijk en Waard. In de Tweede Kamer is bij de behandeling van de betreffende wet een motie aangenomen (Snoeren c.s., 2020/2021 35 621, nr. 7) waarin mij is verzocht om de provincie Noord-Holland te verzoeken om een evaluatie/verkenning uit te voeren. In het onderzoek – waarvoor de provincie Noord-Holland thans de voorbereidingen treft – is tevens aandacht voor de resultaten van het dorps- en kernenbeleid en de pilots die zijn verricht.

Fusies moeten van onderop komen zegt het huidige beleid, toch is er sprake van een «opschalingskorting» op het budget van gemeenten onder de 100.000 inwoners. Waarom is er nog steeds sprake van een zogenaamde «opschalingskorting»?

De opschalingskorting is geïntroduceerd tijdens het kabinet Rutte II en geldt voor alle gemeenten in Nederland, niet specifiek voor gemeenten met een inwoneraantal van onder de 100.000. Het achterliggende beleid was inderdaad het stimuleren van gemeenten tot opschaling door samenwerking of herindeling. Inmiddels wordt hier geen actief beleid meer op gevoerd. Het huidige (demissionaire) kabinet heeft ervoor gekozen de oploop van de opschalingskorting tot en met 2025 te schrappen voor zowel gemeenten als provincies.

Na 2024 is er sprake van een aantal zogenoemde «ravijnjaren» voor de gemeenten. Deze jaren worden zo genoemd omdat bijna alle gemeenten in de financiële problemen komen. Zou u in het kader van het verlichten van genoemde problematiek en het voorkomen van mogelijke fusies zonder voldoende draagvlak willen onderzoeken of de opschalingskorting kan worden afgeschaft? Zo nee, waarom niet?

De opschalingskorting geldt voor alle gemeenten in Nederland, niet alleen voor gemeenten met een inwoneraantal onder de 100.000. Het risico dat er fusies zonder draagvlak ontstaan als gevolg van de opschalingskorting doet zich mijns inziens niet voor. Het huidige (demissionaire) kabinet heeft ervoor gekozen de oploop van de opschalingskorting tot en met 2025 te schrappen voor zowel gemeenten als provincies.

Vragen en opmerkingen van de fractie van de PVV

In uw brief van 11 oktober 2023 benadrukt u bij verschillende vragen dat afwegingen worden gemaakt door het bureau dat het onafhankelijke evaluatieonderzoek uitvoert, zijnde bureau Berenschot. Bureau Berenschot heeft vooruitlopend op de herindeling op 1 januari 2022 in juni 2021 het eindrapport «Economische analyse gemeente Maashorst» gepresenteerd. Dit rapport was bedoeld om vanuit de fusiepartners Landerd en Uden richting te geven aan de koers van de nieuwe gemeente Maashorst, door een toekomstvisie op te stellen. Het onderzoek diende als uitgangspunt om te komen tot een basis voor het voeren van discussies over de ambities van de gemeente Maashorst en daarmee de bouwstenen voor het toekomstige beleid van de nieuwe gemeente Maashorst.

Kunt u aangeven hoe bureau Berenschot de evaluatie onafhankelijk uit kan voeren, als ditzelfde bureau voor de herindeling een analyse heeft uitgevoerd die de bouwstenen heeft aangedragen voor de toekomstvisie en het toekomstig beleid van de gemeente Maashorst? Is hier geen sprake van een spreekwoordelijke slager die zijn eigen vlees keurt?

Het bureau is niet bezig met een evaluatie van het herindelingsproces, maar met een evaluatie van het functioneren van de gemeente Maashorst. De rol die Berenschot had in het voortraject van de gemeentelijke herindeling staat mijns inziens de onafhankelijkheid van het bureau niet in de weg, maar draagt mogelijk juist bij aan de kwaliteit van de evaluatie.

Kunt u tevens aangeven hoe deze evaluatieopdracht bij bureau Berenschot terecht is gekomen? Heeft hiervoor een aanbestedingsprocedure plaatsgevonden of is er sprake van een selectieprotocol? Kunt u aangeven in hoeverre er ook andere onderzoeksbureaus overwogen zijn?

Er is een aanbestedingsprocedure doorlopen waar meerdere onderzoeksbureaus op hebben ingeschreven.

Kunt u tevens aangeven waarom in het eindrapport «Nulmeting gemeente Maashorst» alleen aandacht is voor de algemene aspecten van een herindeling, maar een zorgvuldige behandeling van de bijzondere aspecten van deze herindeling ontbreekt? Kunt u aangeven waarom in de nulmeting vooral sprake is van beschrijvende teksten, stellingen en conclusies zónder onderliggend feitenmateriaal? Acht u de nulmeting kwalitatief afdoende om een monitoring uit te kunnen voeren nu onderliggend feitenmateriaal ontbreekt? Bent u bereid om bureau Berenschot alsnog te vragen onderliggend feitenmateriaal beschikbaar te stellen?

De toezegging die ik heb gedaan is om het parlement te informeren over de aanpak inzake de evaluaties in Dijk en Waard en Maashorst, in aanvulling op de in de herindelingswet vastgelegde afspraak om u over de uitkomsten van beide evaluaties te informeren. In april 2022 heb ik u over de aanpak van beide evaluaties geïnformeerd. In mijn ogen is het niet bevorderlijk voor het proces om ook tijdens het evaluatieonderzoek de tussentijdse processtappen en producten, zoals de nulmeting, onderdeel van het debat te laten zijn. Dit gezegd hebbende ben ik van mening dat de nulmeting een goed beeld geeft van de uitgangspositie van de gemeente Maashorst en hiermee een goede basis vormt voor de evaluatie die dit jaar wordt uitgevoerd.

In een brief van het burgercomité Schaijk & Reek aan het gemeentebestuur van Maashorst van 24 oktober 2023 wordt fundamentele kritiek geuit op de wijze van burgerparticipatie. Heeft u kennisgenomen van deze brief en kunt u reageren op deze kritiek in relatie tot het evaluatieproces? Kunt u met concrete voorbeelden onderbouwen dat bureau Berenschot voorstellen van het burgercomité daadwerkelijk heeft meegenomen? Kunt u in het bijzonder ook ingaan op de kritiek in deze brief dat het eindrapport Nulmeting is gereduceerd tot algemeenheden en er wordt gestuurd op een wenselijke uitkomst die moet leiden tot het onverdeeld voortbestaan van Maashorst?

Deze brief is gericht aan het college en de gemeenteraad van Maashorst en gaat in op de democratische besluitvorming in deze gemeente. Ik vind het daarom niet passend om op deze brief te reageren. Zoals ik eerder heb aangegeven heeft het onderzoeksbureau een aantal zaken die zijn voorgesteld door het burgercomité en andere inwonersorganisaties overgenomen en een aantal niet. Het uitsplitsen van de enquête op kernenniveau is bijvoorbeeld een voorstel van het burgercomité dat is overgenomen. Daarnaast is er op voorstel van het comité meer aandacht besteed aan de historie van Schaijk en Reek en is er op meerdere plekken in de nulmeting ingezoomd op de specifieke situatie van deze twee kernen. Een voorstel van het burgercomité dat niet is overgenomen is het houden van een referendum op basis van de vraag of Schaijk en Reek bij de gemeente Maashorst of de gemeente Oss horen. Dat werd door het onderzoeksbureau als een te smalle benadering beschouwd. Ik schaar mij achter de afweging die het bureau hierin heeft gemaakt.

De nulmeting vormt mijns inziens een goede basis voor de evaluatie die dit jaar wordt uitgevoerd.

Kunt u tot slot bevestigen dat uw ambtsvoorganger in een commissievergadering van de Tweede Kamer in januari 2023 toezeggingen heeft gedaan om in ieder geval de inwoners Schaijk en Reek individueel te bevragen?

In het plan van aanpak voor de evaluatie in Maashorst is opgenomen dat er een enquête komt onder alle inwoners van de gemeente en dat de uitkomsten per kern van de gemeente worden uitgesplitst.


X Noot
1

De letter J heeft alleen betrekking op 35 621.

X Noot
2

Samenstelling:

Lagas (BBB) (voorzitter), Kroon (BBB),Van Langen (BBB), Fiers (GroenLinks-PvdA), Recourt (GroenLinks-PvdA), Janssen-Van Helvoort (GroenLinks-PvdA), Van Gurp (GroenLinks-PvdA), Roovers (GroenLinks-PvdA), Van den Berg (VVD), Meijer (VVD) (ondervoorzitter), Doornhof (CDA), Van Toorenburg (CDA), Dittrich (D66), Van Meenen (D66), Van Hattem (PVV), Nicolaï (PvdD), Nanninga (JA21), Janssen (SP), Talsma (CU), Dessing (FVD), Schalk (SGP), Perin-Gopie (Volt), Van Rooijen (50PLUS), Van der Goot (OPNL), Kemperman (BBB).

X Noot
3

Kamerstukken I 2023/24, 35 621/35 619, I.

X Noot
4

Kamerstukken I 2023/24, 35 621/35 619, I.

X Noot
5

De brief van het burgercomité Schaijk & Reek aan het gemeentebestuur van Maashorst van 24 oktober 2023 is ter inzage gelegd bij de griffie van de Eerste Kamer onder nummer 171731.06.

Naar boven