Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-202035300-VIII nr. 49

35 300 VIII Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) voor het jaar 2020

Nr. 49 MOTIE VAN DE LEDEN WESTERVELD EN VAN DEN BERGE

Voorgesteld 7 november 2019

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de studierenteverhoging is gestrand in de Eerste Kamer vanwege gebrek aan politieke steun;

constaterende dat ruim 100.000 mensen een petitie hebben ondertekend tegen de studierenteverhoging;

constaterende dat de 226 miljoen euro die deze maatregel vanaf 2026 moest opleveren in de begroting is opgenomen als een toekomstige onderwijsbezuiniging;

overwegende dat de opbrengsten van de studierenteverhoging niet voor het onderwijs waren bestemd, maar voor de algemene middelen;

spreekt uit dat het noodzakelijk is in de volgende regeerperiode deze toekomstige bezuiniging niet ten koste te laten gaan van de onderwijsbegroting,

en gaat over tot de orde van de dag.

Westerveld

Van den Berge