Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2017-201834939 nr. 7

34 939 Aanpassing van wetten ter uitvoering van Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming) (PbEU 2016, L 119) en de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming (Aanpassingswet Algemene verordening gegevensbescherming)

Nr. 7 NOTA VAN WIJZIGING

Ontvangen 4 juni 2018

Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel 2.6 wordt in het tweede lid «In het tweede wordt» vervangen door «In het tweede lid wordt».

B

Artikel 2.8 wordt als volgt gewijzigd:

1. In onderdeel D wordt «,de regels betreffende de rechten van de ingeschrevene» vervangen door «, de regels betreffende de rechten van de ingeschrevene».

2. Na onderdeel J worden drie onderdelen ingevoegd, luidende:

Ja

In artikel 3.3 vervalt het vierde lid, onder vernummering van het vijfde lid tot vierde lid.

Jb

In artikel 3.6, derde lid, wordt «Artikel 3.3, tweede en vierde lid,» vervangen door «Artikel 3.3, tweede lid».

Jc

In artikel 3.9, vijfde lid, wordt «Artikel 3.3, tweede en vierde lid,» vervangen door «Artikel 3.3, tweede lid».

C

In artikel 6.3, onderdeel A, wordt de dubbele punt aan het eind van dat onderdeel vervangen door een puntkomma.

D

In artikel 6.6, onderdeel J, wordt in artikel 126, tweede lid, onderdeel d, «Uitvoeringswet algemene verordening gegevens bescherming» vervangen door «Uitvoeringswet algemene verordening gegevensbescherming».

E

In artikel 9.2, onderdeel G, wordt tussen «21» en «Algemene verordening gegevensbescherming» ingevoegd: van de.

F

In artikel 9.6, onderdeel A, eerste lid, wordt «Uitvoeringswet Algemene verordening» telkens vervangen door: Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming.

G

In artikel 9.11 wordt «artikel 4, onderdeel 15 van de Algemene verordening gegevensbescherming.» vervangen door: artikel 4, onderdeel 15 van de Algemene verordening gegevensbescherming..

H

In hoofdstuk 10 wordt na artikel 10.8 een artikel ingevoegd, luidende

Artikel 10.8a

Indien het bij koninklijke boodschap van 13 december 2016 ingediende voorstel van wet houdende Wijziging van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg in verband met de verbeteringen die worden doorgevoerd in het tuchtrecht alsmede verbeteringen ten aanzien van het functioneren van de wet (Kamerstukken 34 629) tot wet is of wordt verheven, wordt in artikel I, onderdeel JA, van die wet in het voorgestelde artikel 13b de zinsnede «onverminderd de artikelen 76 tot en met 79 van de Wet bescherming persoonsgegevens» vervangen door: onverminderd de hoofdstuk V van de Algemene verordening gegevensbescherming.

Toelichting

Onderdeel A en B, onder 1, C, D, E, F en G

De voorgestelde wijzigingen zijn van redactionele aard.

Onderdeel B, onder 2 (Ja, Jb en Jc)

In het concept-wetsvoorstel zoals voorgelegd aan de Autoriteit persoonsgegevens (AP) was voorzien in een aanpassing van artikel 3.3, vierde lid, van de Wet basisregistratie personen (Wet BRP), waarbij werd bepaald dat een verstrekking als bedoeld in het eerste lid (gegevensverstrekking ten behoeve van door derden verrichte werkzaamheden met een gewichtig maatschappelijk belang) niet kan plaatsvinden op grond van artikel 49 van de AVG (dat gaat over doorgifte of een reeks van doorgiften van persoonsgegevens aan een derde land of een internationale organisatie bij ontstentenis van een adequaatheidsbesluit overeenkomstig artikel 45, derde lid, of van passende waarborgen overeenkomstig artikel 46 AVG) (artikel 2.4, onderdeel K, van het concept-wetsvoorstel zoals aan de AP voorgelegd). De AP gaf in zijn advies aan dat het onduidelijk was, waarop deze uitzondering op de AVG was gebaseerd; ook de memorie van toelichting gaf daarover geen duidelijkheid. Naar aanleiding van dit advies is besloten af te zien van de voorgestelde wijziging en artikel 3.3, vierde lid, Wet BRP te schrappen. Artikel 49 AVG biedt immers reeds voldoende mogelijkheden om ongewenste verstrekkingen aan derde landen tegen te gaan. Abusievelijk is de aanvankelijk voorgestelde wijziging van artikel 3.3 Wet BRP geschrapt in plaats van deze te vervangen door een bepaling waarbij artikel 3.3, vierde lid, Wet BRP komt te vervallen. Met onderdeel Ja wordt dit alsnog gecorrigeerd. De onderdelen Jb en Jc passen de artikelen 3.6 onderscheidenlijk 3.9 aan, waarin een verwijzing naar het te schrappen artikellid is opgenomen.

Onderdeel H

Artikel 10.8a

Abusievelijk was één bepaling in een reeds aanhangig wetsvoorstel tot wijziging van de Wet BIG niet aangepast aan de AVG. In dit wetsvoorstel wordt nog verwezen naar de Wbp. Met deze nota van wijziging wordt dit hersteld.

Deze toelichting wordt ondertekend mede namens de Minister en de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

De Minister voor Rechtsbescherming, S. Dekker