34 775 A Vaststelling van de begrotingsstaat van het Infrastructuurfonds voor het jaar 2018

Nr. 64 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 23 april 2018

In het regeerakkoord (bijlage bij Kamerstuk 34 700, nr. 34) is aangegeven dat het Rijk samen met de provincies investeert in veilige weginrichting, met name bij N-wegen. In de brief over de uitkomsten van de Bestuurlijke Overleggen MIRT van december 20171 heb ik gemeld dat ik hiervoor € 50 miljoen beschikbaar stel, die zal worden toegevoegd aan het reeds lopende programma Meer Veilig. In deze brief geef ik aan langs welke lijnen dit programma voor de N-wegen zal worden ingevuld.

De aanvullende middelen zullen voor de helft (€ 25 mln) worden ingezet op de rijks-N-wegen, waar het Rijk zelf als wegbeheerder verantwoordelijk is. De overige € 25 mln zal aan provincies taakstellend beschikbaar worden gesteld in de vorm van cofinanciering middels een subsidieregeling. Dit in aanvulling op de bredere middelen die provincies reeds beschikbaar hebben en waarbinnen zij zelf hun prioriteiten stellen. Het cofinancieren van maatregelen buiten het rijkswegennet doe ik met het oog op de hoge ongevalsrisico’s op N-wegen, en het perspectief om deze aan te kunnen pakken met relatief eenvoudige infrastructurele maatregelen.

De inhoudelijke focus van het programma voor N-wegen ligt op maatregelen voor de veilige inrichting van bermen, vanwege het aanhoudende hoge aandeel van (dodelijke) bermongevallen. Hiervoor kunnen op korte termijn doeltreffende infrastructurele maatregelen genomen worden, zoals het verwijderen van obstakels of het afschermen met geleiderail.

De provincies kunnen voorstellen doen voor maatregelen op hun wegennet die binnen dit kader passen, waarbij het Rijk tot 25% van de kosten bijdraagt. In eerste instantie zullen de subsidiemiddelen worden verdeeld op basis van de lengte van het N-wegennet per provincie. Indien deze budgetten voor bepaalde provincies in eerste instantie onbenut blijven, dan komen deze daarna beschikbaar voor de overige provincies. Ik zal de hiervoor benodigde subsidieregeling op zo kort mogelijke termijn opstellen en nodig de provincies uit om alvast hun plannen voor te bereiden.

Als wegbeheerder van het rijkswegennet bereidt Rijkswaterstaat ondertussen de maatregelen voor veilige inrichting van bermen op rijks-N-wegen voor. Hiernaast werkt Rijkswaterstaat momenteel ook aan de uitvoering van het vervolgprogramma Meer Veilig waarmee bermmaatregelen op autosnelwegen worden getroffen. Dit naast de overige maatregelen in het programma Meer Veilig en aanpassingen van wegen waarmee de veiligheid wordt verbeterd in MIRT-projecten.

De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, C. van Nieuwenhuizen Wijbenga


X Noot
1

Kamerstuk 34 775 A, nr. 56

Naar boven