Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Eerste Kamer der Staten-Generaal2016-201734555 nr. C

34 555 Wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten tot uitfasering van het pensioen in eigen beheer en het treffen van enkele fiscale maatregelen inzake oudedagsvoorzieningen (Wet uitfasering pensioen in eigen beheer en overige fiscale pensioenmaatregelen)

C BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN

Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 10 februari 2017

Tijdens de plenaire behandeling van het wetsvoorstel Wet uitfasering pensioen in eigen beheer en overige fiscale pensioenmaatregelen heb ik toegezegd een brief naar uw Kamer te sturen waarin ik duidelijk aangeef wat bij een pensioen in eigen beheer (PEB) het verschil is tussen een bepaald elders verzekerd deel en een onbepaald elders verzekerd deel, dit mede met het oog op de brief van de Belastingdienst van 16 april 2004 aan het Verbond van Verzekeraars1 (de brief van 16 april 2004). Met de onderhavige brief voldoe ik aan deze toezegging. Allereerst ga ik in het algemeen in op de situatie dat een deel van het PEB elders verzekerd is. Vervolgens beschrijf ik wat het verschil is tussen een onbepaald elders verzekerd deel en een bepaald elders verzekerd deel. Ten slotte ga ik in op de gevolgen van het wetsvoorstel Wet uitfasering pensioen in eigen beheer en overige fiscale pensioenmaatregelen voor beide varianten.

Elders verzekerd deel van een PEB in het algemeen

Bij een PEB doet de besloten vennootschap waarbij de directeur-grootaandeelhouder (dga) in dienst is (werkgever-bv) een pensioentoezegging die in eigen beheer wordt uitgevoerd. De werkgever-bv kan hierbij zelf het eigenbeheerlichaam zijn. Hierna wordt uitgegaan van deze situatie en wordt dat eigenbeheerlichaam in situaties waarin de werkgever-bv in haar hoedanigheid als werkgever wordt bedoeld kortweg de bv genoemd en in situaties waarin wordt gedoeld op de hoedanigheid van uitvoerder van het PEB als eigenbeheerlichaam aangeduid. De bv kan ervoor kiezen een deel van deze pensioenaanspraak bij een professionele verzekeringsmaatschappij onder te brengen.2 In dat geval wordt een deel van de pensioenaanspraak uitgevoerd door een eigenbeheerlichaam en een deel bij een professionele verzekeringsmaatschappij. Het deel waarvoor de professionele verzekeringsmaatschappij als uitvoerder optreedt kan bepaald dan wel onbepaald zijn.

Onbepaald of bepaald elders verzekerd deel

De in de praktijk veruit het meest voorkomende situatie is dat de bv aan de dga een eind- of middelloonpensioen heeft toegezegd dat gedeeltelijk wordt uitgevoerd door een professionele verzekeringsmaatschappij door middel van een op te bouwen pensioenkapitaal. Daarbij is in de pensioenbrief bepaald dat het van de verzekeringsmaatschappij te ontvangen pensioen via het in eigen beheer gehouden deel wordt aangevuld tot het bedrag van het door de bv toegezegde pensioen. De brief van 16 april 2004 ging ook over deze situatie. In dit geval is sprake van een onbepaald elders verzekerd deel, omdat het van de professionele verzekeringsmaatschappij te ontvangen pensioen verplicht door het eigenbeheerlicham wordt aangevuld tot het door de bv toegezegde pensioen. Pas op het moment van omzetting van het bij de professionele verzekeringsmaatschappij opgebouwde pensioenkapitaal in een recht op een pensioenuitkering komt de omvang van het bij de professionele verzekeringsmaatschappij ondergebrachte deel van het uit te keren pensioen vast te staan. Op dat moment weet het eigenbeheerlichaam dan ook pas in hoeverre een aanvulling nodig is om het toegezegde pensioen te realiseren.

Het is ook mogelijk, maar in de praktijk veel minder vaak voorkomend, dat een deel van een toegezegd pensioen wordt uitgevoerd door een professionele verzekeringsmaatschappij en een deel door het eigenbeheerlichaam, maar dat er geen verplichting is het van de professionele verzekeringsmaatschappij te ontvangen pensioen door het eigenbeheerlichaam aan te vullen tot het door de bv toegezegde pensioen ingeval het van de professionele verzekeringsmaatschappij te ontvangen pensioen lager is dan beoogd. In dat geval is sprake van een bepaald elders verzekerd deel.

Gevolgen wetsvoorstel voor elders verzekerd deel PEB

In de memorie van antwoord3 heb ik toegelicht wat de gevolgen van het wetsvoorstel Wet uitfasering pensioen in eigen beheer en overige fiscale pensioenmaatregelen zijn als sprake is van een onbepaald elders verzekerd deel van het PEB. Hierbij heb ik toegelicht dat geen aanpassing van de overeenkomst met de professionele verzekeringsmaatschappij nodig is. Wel moet de pensioentoezegging van de bv aan de dga zodanig worden aangepast dat de dga alleen nog verder pensioen opbouwt bij de professionele verzekeraar en niet meer bij het eigenbeheerlichaam. Dat geldt eveneens in situaties waarin niet sprake is van een onbepaald elders verzekerd deel, maar van een bepaald elders verzekerd deel.

Ook moet de inhoud van de pensioenregeling zodanig worden aangepast dat geen overgang van de elders verzekerde pensioenaanspraak naar een eigenbeheerlichaam meer kan plaatsvinden na het verlopen van de coulancetermijn.4 Verder moet de pensioenregeling bij een onbepaald elders verzekerd deel zo aangepast worden dat het elders verzekerde deel van het pensioen niet meer wordt aangevuld met een in eigen beheer gehouden pensioen.

In samenhang met de hiervoor geschetste noodzakelijke wijzigingen moet de pensioenaanspraak die bij een eigenbeheerlichaam is ondergebracht uiterlijk op het moment dat de coulancetermijn eindigt premievrij zijn gemaakt, aangezien het eigenbeheerlichaam vanaf dat moment geen toegelaten verzekeraar meer is. Uiteraard is op basis van het overgangsrecht het eigenbeheerlichaam nog een toegelaten verzekeraar voor de reeds opgebouwde pensioenaanspraken ingeval het PEB niet wordt afgekocht of omgezet in een oudedagsverplichting.

Ik ga ervan uit met deze brief de gewenste duidelijkheid te hebben gegeven over het verschil tussen een bepaald elders verzekerd deel en een onbepaald elders verzekerd deel en de gevolgen die het wetsvoorstel Wet uitfasering pensioen in eigen beheer en overige fiscale pensioenmaatregelen voor beide varianten heeft.

De Staatssecretaris van Financiën, E.D. Wiebes


X Noot
2

In deze brief wordt de dekkingspolis voor de overzichtelijkheid buiten beschouwing gelaten, nu deze situatie zich in de praktijk zelden voordoet. Bij een dekkingspolis is sprake van een verzekeringsovereenkomst tussen de bv en de professionele verzekeringsmaatschappij. In dat geval ontvangt de bv het bij de verzekeringsmaatschappij opgebouwde kapitaal op de pensioeningangsdatum en voldoet hieruit (een deel van) het toegezegde pensioen. Er is dan sprake van herverzekering door de bv van een (deel van de) door de bv aan de dga gedane toezegging (dekkingspolis). In dat geval is geen sprake van een verplichting van de verzekeringsmaatschappij tegenover de dga, maar uitsluitend van de verzekeringsmaatschappij tegenover de bv en van de bv tegenover de dga.

X Noot
3

Kamerstukken I 2016/17, 34 552, E, blz. 72–73.

X Noot
4

De coulancetermijn is een termijn van drie maanden die aansluitend aan de datum van inwerkingtreding van de maatregelen uit de Wet uitfasering pensioen in eigen beheer en overige fiscale pensioenmaatregelen bij beleidsbesluit zal worden gegeven, zoals ook in de memorie van toelichting op de novelle op de genoemde wet is toegelicht (Kamerstukken II 2016/17, 34 662, nr. 3, blz. 8). Als het verzoek met betrekking tot de overgang naar het eigenbeheerlichaam vóór het einde van de termijn is ontvangen, maar de administratieve afhandeling daarvan pas daarna plaatsvindt, dan wordt dit in beginsel nog aangemerkt als een toegestane overgang.