Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 13 november 2015
Het kabinet wil de lasten met € 5 miljard verlichten. Hiermee worden structureel 35.000
banen gecreëerd en de economische groei bevorderd. Zonder deze lastenverlichting profiteert
het gemiddelde huishouden nauwelijks van de opbloeiende economie, terwijl in het bijzonder
ouderen en alleenverdieners met kinderen erop achteruit zouden gaan.
De afgelopen periode heeft het kabinet zich verdiept in de aanvullende wensen van
de verschillende politieke partijen. Daaruit is geen combinatie van maatregelen naar
voren gekomen die a priori zou leiden tot breed draagvlak en tegelijkertijd tot significante
groei van de werkgelegenheid. Wat de één meer wil, wil de ander juist minder. Daarom
komt het kabinet zelf met een nota van wijziging (Kamerstuk 34 302, nr. 79), waarmee tegemoet gekomen wordt aan een breed spectrum van politieke wensen. Daarbij
is behoedzaam gepoogd steeds de één tegemoet te komen, zonder de ander van tafel te
jagen.
Inhoud nota van wijziging
Stijging van de koopkracht voor gezinnen en ouderen
In deze nota van wijziging intensiveert het kabinet de kinderopvangtoeslag structureel
met € 100 miljoen extra. Dit komt bovenop de intensivering in het vijfmiljardpakket
van € 290 miljoen. De intensivering in de kinderopvangtoeslag wordt per 2017 ingevoerd
omdat wijzigingen in de kinderopvangtoeslag voor 2016 niet meer in de systemen van
de Belastingdienst kunnen worden verwerkt.
Vanaf 2016 wil het kabinet tevens € 100 miljoen extra uittrekken voor de kinderbijslag.
Het budget voor de extra tegemoetkoming voor alleenstaande of alleenverdienende ouders
van thuiswonende gehandicapte kinderen – de TOG-plus – wordt per 2016 structureel
verhoogd met € 3,7 miljoen per jaar.
Vanaf 2017 is er structureel € 100 miljoen extra beschikbaar voor de ouderenkorting.
Hiermee wordt een deel van de eenmalige koopkrachtreparatie die in 2016 gedaan wordt,
structureel gemaakt.
Vergroening
Het kabinet stelt een schuif voor in de energiebelasting van de eerste schijf voor
elektriciteit naar de eerste schijf voor aardgas. Dat betekent dat het tarief op aardgas
stijgt en het tarief op elektriciteit daalt. Door een betere balans tussen de tarieven
op gas en elektriciteit, wordt bijvoorbeeld de toepassing van warmtepompen in de gebouwde
omgeving aantrekkelijker. Dit leidt tot minder uitstoot van broeikasgassen. De lasteneffecten
voor bedrijven en gezinnen worden via andere onderdelen in deze nota van wijziging
gecompenseerd.
Tijdens het plenaire debat (Handelingen II 2015/16, nr. 23, Pakket Belastingplan 2016)
heb ik aangegeven ook welwillend te staan ten aanzien van de wens van uw Kamer om
de regeling in de energiebelasting voor lokaal opgewekte duurzame energie te verruimen.
Bovendien heb ik toegezegd te streven naar een gunstiger belastingtarief voor elektriciteit
uit openbare laadpalen voor elektrische auto’s.
Innovatie en ondernemen
De lasten op arbeid voor het bedrijfsleven dalen structureel met € 25 miljoen door
een verlaging van de Aof-premie (premie Arbeidsongeschiktheidsfonds). In 2016 wordt
de Aof-premie eenmalig met € 40 miljoen extra verlaagd.
De energie-investeringsaftrek (EIA) wordt met € 60 miljoen geïntensiveerd. Door deze
verhoging wordt het aantrekkelijker om te investeren in energiebesparende bedrijfsmiddelen.
In de energiebelasting wordt per 1 januari 2017 tevens een vrijstelling opgenomen
voor het gebruik van aardgas voor mineralogische en metallurgische procedés. Deze
vrijstelling heeft een budgettair beslag van € 40 miljoen.
Schenkingsvrijstelling
Vanaf 1 januari 2017 mag iedereen tussen 18 en 40 jaar eenmalig per schenker – een
familielid of een derde – een schenking van maximaal € 100.000 vrij van schenkbelasting
ontvangen, mits deze wordt aangewend voor de eigen woning. In de nota van wijziging
wordt geregeld dat deze vrijstelling ook verspreid over drie achtereenvolgende kalenderjaren
kan worden benut. Deze maatregel kost structureel € 7 miljoen vanaf 2017.
Middelen
Een deel van de benodigde middelen voor de voorgestelde nota van wijziging wordt opgehaald
door het tarief in de tweede en de derde schijf van de inkomstenbelasting minder te
verlagen ten opzichte van het oorspronkelijke wetsvoorstel.
Daarnaast wordt de accijns op rooktabak per 1 april 2016 verhoogd. Structureel levert
dit een bedrag van € 100 miljoen op vanaf 2017.
Tot slot
Met deze nota van wijziging hoopt het kabinet zoveel mogelijk aan de wensen die leven
in uw Kamer met betrekking tot het Belastingplan 2016 tegemoet te komen, zonder in
te moeten leveren op de banengroei van dit pakket.
De Staatssecretaris van Financiën,
E.D. Wiebes