Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:
A
In artikel V, onderdeel E, wordt in artikel 9.33a, derde lid, «De aanhef van het eerste
en tweede lid» vervangen door «De aanhef van het eerste lid» en wordt in onderdeel
b «artikel 9.3, tweede lid» vervangen door: artikel 9.3, derde lid.
B
In artikel V, onderdeel G, wordt in artikel 9.40, eerste lid, onder b, voor «9.34»
ingevoegd: 9.33a, eerste en tweede lid,.
C
In artikel V, onderdeel K, wordt voor «leden 2 tot en met 6» ingevoegd: de.
D
In artikel V, onderdeel P, onder 1, wordt «artikel 11.3, tweede, eerste lid» vervangen
door: artikel 11.3, tweede lid.
E
In artikel VI, onderdeel A, onder 2, vervalt de puntkomma voor de slotpunt.
F
In artikel VI, onderdeel B, wordt na «artikel 13» ingevoegd:, eerste lid,.
G
In artikel VI wordt na onderdeel C een nieuw onderdeel ingevoegd, luidende:
C1
Artikel 14a, tweede en derde lid, vervalt, alsmede de aanduiding «1.» voor het eerste
lid.
H
In artikel VI, onderdeel J, wordt in artikel 35a, vierde lid, «artikel 36, eerste
lid» vervangen door: artikel 36, tweede lid.
Toelichting
Deze nota van wijziging, die wij indienen mede namens de Staatsecretaris van Onderwijs,
Cultuur en Wetenschap en de bewindslieden van Economische Zaken, bevat een aantal
redactionele correcties.
Toelichting per wijziging:
Onderdeel A
In artikel 9.33a, derde lid, zoals voorgesteld, waren zowel de aanhef van het eerste
als van het tweede lid van overeenkomstige toepassing verklaard. Maar de aanhef van
het eerste lid betreft de universiteitsraad als geheel en de aanhef van het tweede
lid alleen de studentengeleding. Aangezien het adviesrecht van het derde lid voor
de hele universiteitsraad moet gelden, zal alleen de aanhef van het eerste lid van
overeenkomstige toepassing moeten worden verklaard. Daarin voorziet deze wijziging.
Ook is de verwijzing naar een verkeerd lid van artikel 9.3 gecorrigeerd.
Onderdeel B
De voorgestelde wijziging van artikel 9.40, eerste lid onder b van de WHW betreft
de bevoegdheid van de Geschillencommissie medezeggenschap hoger onderwijs. De oorspronkelijk
voorgestelde wijziging houdt in om het nu in lid 1 sub b vermelde «9.32 tot en met
9.36», te vervangen door «9.32, 9.33, 9.33a, derde lid, onder b, 9.34, 9.35, 9.36».
Het derde lid van artikel 9.33a is nieuw op grond van ditzelfde wetsvoorstel. In de
toelichting op de wet staat dat met bovenstaande wijziging van artikel 9.40 beoogd
is, conform de WOR, de adviesgeschillen over benoeming c.q. ontslag van leden van
het instellingsbestuur uit te sluiten. Maar artikel 9.33a, eerste en tweede lid, worden
niet meer vermeld in artikel 9.40, eerste lid onder b. Omdat de geschillencommissie
ook kennis moet kunnen nemen van de geschillen die voortvloeien uit de artikelen 9.33a,
eerste en tweede lid, zijn deze artikelleden alsnog aan de opsomming van artikelen
toegevoegd.
Onderdelen C tot en met F en H
Deze onderdelen corrigeren enkele redactionele onjuistheden.
Onderdeel G
Met ingang van 1 augustus 2015 heeft de Wet van 1 april 2015, Stb. 150 (Variawet passend onderwijs en kwaliteit (v)so) een artikel 14a in de WMS ingevoegd.
Dat artikel verwijst nog naar «de regeling, bedoeld in artikel 28». Die verwijzing
moet nu vervallen omdat de verplichte regeling wordt geschrapt door het voorliggende
wetsvoorstel.
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
M. Bussemaker
De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
S. Dekker