Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:
A
In artikel I, onderdeel A, wordt onder vernummering van onderdeel 5 tot onderdeel 6,
na onderdeel 4 een onderdeel ingevoegd, luidende:
5. In het zesde lid, onderdeel b, wordt «maatschappijleer II» vervangen door: maatschappijkunde.
B
In artikel I, onderdeel B, wordt «De artikelen 10, elfde lid» vervangen door: De artikelen 6g1,
vijfde lid, 10, elfde lid.
C
In artikel I, onderdeel C, wordt in artikel 10b, zesde lid, onderdeel b, «maatschappijleer II»
vervangen door: maatschappijkunde.
D
In artikel I, onderdeel E, wordt in artikel 10d, zesde lid, onderdeel b, «maatschappijleer II»
vervangen door: maatschappijkunde.
E
In artikel I, onderdeel Z, in het tweede lid van artikel 121, wordt «artikel 10, tiende
lid» vervangen door: artikel 6g1, derde lid, 10 tiende lid.
F
In artikel V, onderdeel A, wordt onder vernummering van onderdeel 5 tot onderdeel 6,
na onderdeel 4 een onderdeel ingevoegd, luidende:
5. In het zesde lid, onderdeel b, wordt «maatschappijleer II» vervangen door: maatschappijkunde.
G
In artikel V, onderdeel C, wordt in artikel 18, zesde lid, onderdeel b, «maatschappijleer
II» vervangen door: maatschappijkunde.
H
In artikel V, onderdeel E, wordt in artikel 29, zesde lid, onderdeel b, «maatschappijleer
II» vervangen door: maatschappijkunde.
I
Artikel X komt te luiden:
ARTIKEL X. SAMENLOOP MET INITIATIEFWETSVOORSTEL BISSCHOP, VAN MEENEN EN ROG IN VERBAND
MET EEN DOELTREFFENDER REGELING VAN HET ONDERWIJSTOEZICHT (KAMERSTUKKEN 33 862)
Indien het bij koninklijke boodschap van 6 februari 2014 ingediende voorstel van wet
van de leden Bisschop, Van Meenen en Rog tot wijziging van de Wet op het primair onderwijs,
de Wet primair onderwijs BES, de Wet op de expertisecentra, de Wet op het voortgezet
onderwijs, de Wet voortgezet onderwijs BES en de Wet op het onderwijstoezicht in verband
met een doeltreffender regeling van het onderwijstoezicht (Kamerstukken II 2013/14,
33 862), tot wet is of wordt verheven en artikel IV, onderdeel B, van die wet later in werking
treedt dan deze wet, vervalt in artikel IV, onderdeel B, van die wet artikel 23a1,
vijfde lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs.
Toelichting
Onderdelen A, C, D, F, G en H
Met deze onderdelen wordt het vak maatschappijleer II in overeenstemming met de suggestie
van de Nederlandse Vereniging van Leraren Maatschappijleer, hernoemd tot maatschappijkunde.
Hiermee wordt het onderscheid tussen maatschappijleer (I) en maatschappijleer II duidelijker
gemaakt. De toevoeging «kunde» benadrukt dat het bij dit vak minder dan bij maatschappijleer
om burgerschapsvorming gaat. Bij maatschappijkunde (maatschappijleer II) ligt de nadruk
op de kennis en vaardigheden die leerlingen in hun toekomstige beroepspraktijk kunnen
gebruiken.
Maatschappijleer is voor leerlingen in alle leerwegen van het vmbo een verplicht vak
in het gemeenschappelijk deel. Maatschappijkunde is een vak dat leerlingen in alle
leerwegen met het profiel Zorg en welzijn kunnen kiezen in het profieldeel en dat
leerlingen in de theoretische of gemengde leerweg met een ander profiel dan Zorg en
welzijn kunnen kiezen in het vrije deel.
Met deze wijzigingen wordt invulling gegeven aan de toezegging die in de nota naar
aanleiding van het verslag op dit punt is gedaan, naar aanleiding van vragen van de
leden van de CDA-fractie, de ChristenUnie-fractie en de SGP-fractie.
Onderdelen B en E
De Wet van 11 maart 2015 tot wijziging van de Wet op het voortgezet onderwijs, de
Wet op de expertisecentra, de Wet medezeggenschap op scholen en de Wet voortgezet
onderwijs BES ter modernisering en vereenvoudiging van de normen voor onderwijstijd
in het voortgezet onderwijs (Stb. 2015, 148) voegt een nieuw artikel 6g1 toe aan de Wet op het voortgezet onderwijs. Dit artikel
bevat in het vijfde lid een (nieuwe) nahangbepaling. Deze is over het hoofd gezien
bij het formuleren van het onderhavige wetsvoorstel.
Met de onderdelen B en E wordt deze nahangbepaling alsnog opgenomen in het tweede
lid van artikel 121, van de WVO, zoals dat met het onderhavige wetsvoorstel wordt
ingevoegd.
Met onderdeel B vervalt het vijfde lid van artikel 6g1. Onderdeel E voegt de betreffende
bepaling toe aan artikel 121, waarin met dit wetsvoorstel ook alle overige voor- en
nahangbepalingen uit de WVO worden opgenomen.
Onderdeel I
Dit onderdeel betreft een technische aanpassing aan het initiatiefwetsvoorstel van
de leden Bisschop, Van Meenen en Rog, zoals dat gewijzigd is met de tweede nota van
wijziging bij dat wetsvoorstel (Kamerstukken II 2014/15, 33 862, nr. 13).
De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, S. Dekker