34 157 Implementatie van richtlijn nr. 2013/48/EU van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2013 betreffende het recht op toegang tot een advocaat in strafprocedures en in procedures ter uitvoering van een Europees aanhoudingsbevel en het recht om een derde op de hoogte te laten brengen vanaf de vrijheidsbeneming en om met derden en consulaire autoriteiten te communiceren tijdens de vrijheidsbeneming (PbEU L294)

Nr. 9 AMENDEMENT VAN DE LEDEN VAN OOSTEN EN RECOURT

Ontvangen 24 mei 2016

De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor:

In artikel I, onderdeel D, wordt aan artikel 28c, eerste lid, een volzin toegevoegd, luidende: Het onderhoud kan ook door middel van telecommunicatie plaatsvinden.

Toelichting

De Europese richtlijn, waarvan dit wetsvoorstel de implementatie is, staat consultatiebijstand per videoverbinding of telefoon onder voorwaarden toe. De voorwaarde is dat het gebruik van videoconferenties en andere communicatietechnologie de daadwerkelijke uitoefening en essentie van het recht op die communicatie onverlet laat. Daarnaast heeft de verdachte op grond van de richtlijn recht om zijn raadsman onder vier ogen te ontmoeten. De consultatie op afstand kan dus niet verplicht worden gesteld.

Het voorgestelde artikel 28c Sv sluit de consultatie per telecommunicatie niet uit, maar benoemt deze mogelijkheid ook niet. Om te expliciteren dat het wetsvoorstel ruimte laat voor toekomstige ontwikkelingen, wordt de mogelijkheid van consultatie op afstand per telecommunicatie met dit amendement in de wet vastgelegd.

De term «telecommunicatie» is overgenomen uit het voorstel tot wijziging van artikel 13 van de Grondwet (Kamerstukken II, 33 989). Met telecommunicatie wordt gedoeld op alle huidige en toekomstige communicatiemiddelen.

Van Oosten Recourt

Naar boven