Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2014-201534139 nr. 4

34 139 Nederlands EU-voorzitterschap 2016

Nr. 4 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 26 juni 2015

In de brief d.d. 28 januari 2015 van het kabinet over de inhoudelijke voorbereidingen van het Nederlandse EU-voorzitterschap1 is uw Kamer geïnformeerd over de uitgangspunten en voorgenomen initiatieven tijdens het Nederlandse voorzitterschap. Nederland zet in op een Unie die zich richt op hoofdzaken, die groei en banen schept door innovatie en die de verbinding aangaat met maatschappelijke actoren2.

Tijdens het voorzitterschap schenkt Nederland ook aandacht aan de stad. Steden zijn motoren van economische groei, broedplaatsen voor innovatie, en belangrijke actoren bij het behalen van de EU 2020-doelstellingen. Nederland is van mening – met de Commissie3 – dat het economische en maatschappelijke potentieel van Europese steden beter kan en moet worden benut. Daarom zal Nederland zich inzetten om te komen tot een meer «urban proof» EU door mee te werken aan de ontwikkeling van een Europese Agenda Stad.

De doelstelling van de Europese Agenda Stad is een verbeterde werkwijze op EU-niveau en meer samenhang tussen de Europese instituties en betere coördinatie binnen de Europese Commissie. De inzet is het terugdringen en verbeteren van Europese regelgeving die stedelijke ontwikkeling onnodig beperkt (Better Regulation), betere toegankelijkheid en benutting van Europese fondsen en het delen van kennis en best practices over innovatieve oplossingen voor Europese stedelijke uitdagingen. Tijdens het voorzitterschap zal ook een internationaal podium geboden worden aan Nederlandse stedelijke innovaties, via de Innovatie-estafette 2016 «Cities of the future».

Aan uw Kamer is ook de kabinetsreactie4 op de consultatie5 van de Europese Commissie over de stedelijke dimensie in EU-beleid gestuurd. Hierin is op hoofdlijnen de Nederlandse inzet voor de Europese Agenda Stad geschetst. De Europese Agenda Stad zal nader verkennen waar de stedelijke dimensie in EU-beleid nu nog onvoldoende aanwezig is, op welke wijze de stedelijke dimensie in het EU-beleid beter kan worden verankerd, en hoe de samenwerking tussen steden, lidstaten en de Europese Commissie en andere instellingen een impuls kan krijgen.

Tijdens de technische briefing over het BNC-fiche betreffende de Europese Agenda Stad6 op 5 februari jl. is door uw Kamer gevraagd om nadere informatie over de uitwerking van de Europese Agenda Stad. Middels deze brief informeer ik u hierover.

Ik zal daarbij ingaan op het belang van steden voor groei en banen, de beoogde bijdrage van de Europese Agenda Stad aan beter EU-beleid, en de voortgang in de voorbereiding van de Europese Agenda Stad.

Uw Kamer wordt gelijktijdig geïnformeerd over de voortgang van de Nederlandse Agenda Stad. Het kabinet heeft in de Miljoenennota 2015 en de brief over Werken aan Groei aangekondigd een Agenda Stad aan de Tweede Kamer te sturen met maatregelen om de groei, leefbaarheid en innovatie in Nederlandse steden te versterken7. In beide brieven wordt aangegeven hoe de twee agenda’s elkaar aanvullen.

1. Belang van steden voor groei en banen

Steden zijn motoren voor de economie

Steden zijn motoren van economische groei, broedplaatsen voor innovatie en bedrijvigheid, en bronnen van nieuwe werkgelegenheid en banengroei. Internationaal en nationaal onderzoek8 9 wijst uit dat steden steeds belangrijker voor de economische groei worden. Nu al wordt circa 67% van het BBP van Europa gegenereerd in stedelijke gebieden10. Een aantal Nederlandse steden en stedelijke regio’s staat hoog op internationale ranglijsten voor concurrentiekracht, innovatie en leefbaarheid. Door de toenemende mondiale dynamiek en economische onzekerheden is de relatief goede positie van de meeste Nederlandse steden naar de toekomst toe ook niet vanzelfsprekend. Dat geldt ook voor veel andere Europese steden.

In steden komen maatschappelijke uitdagingen samen

Steeds meer mensen wonen in steden, in Europa nu circa 72% van de bevolking. De stedelijke bevolking neemt nog toe en zal in 2050 in Europa naar verwachting boven de 80% uitkomen11. De leefkwaliteit van mensen zal daarmee in toenemende mate bepaald worden door de ontwikkeling van de stedelijke omgeving in de komende decennia. Hierbij ziet de stad zich voor grote maatschappelijke uitdagingen gesteld op het gebied van bijvoorbeeld transport, wonen, werk, energie, klimaat en sociale cohesie. Steden zijn dan ook belangrijke spelers bij de realisatie van de Europa 2020-doelstellingen.

Belemmeringen wegnemen voor groei, innovatie en leefbaarheid

De kracht van steden wordt voor een groot deel bepaald door hun inwoners, bedrijfsleven, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties. De overheid kan voor het bevorderen van groei, innovatie en leefbaarheid de juiste randvoorwaarden scheppen, o.a. door het wegnemen van belemmeringen en het scheppen van kansen. Hiertoe is het kabinet in nationale context de samenwerking aangegaan met steden en andere stakeholders in Agenda Stad.

We geven invulling aan de Europese stedelijke dialoog

Met de Europese Agenda Stad wordt aangesloten op de dialoog die de Europese Commissie met lidstaten en steden is gestart over de stedelijke toekomst van Europa. In het rapport Cities of Tomorrow zijn de uitdagingen voor de Europese steden beschreven, een visie op de ontwikkeling van slimme, duurzame en sociaal inclusieve steden en goede voorbeelden van stedelijke ontwikkeling en maatregelen voor het versterken van de positie van het Europese stedennetwerk12.

2. Bijdrage van de Europese Agenda Stad aan beter EU-beleid

Versterken concurrentievermogen steden

Op Europees niveau wil Nederland, samen met de Europese Commissie en de andere Europese instellingen, de lidstaten en steden, bijdragen aan het versterken van het internationaal concurrentievermogen en de leefkwaliteit van Europese steden door een Europese Agenda Stad die zorgt voor een betere samenwerking en een betere verankering van de stedelijke dimensie in het Europees beleid.

Wisselwerking nationale Agenda Stad en Europese Agenda Stad

De nationale Agenda Stad en de Europese Agenda Stad liggen in elkaars verlengde. In toenemende mate zijn stedelijke vraagstukken grensoverschrijdend en onderling vergelijkbaar. De nationale Agenda Stad kan als voorbeeld dienen van innovatieve samenwerking voor andere lidstaten. Nederlandse steden kunnen ook leren van andere Europese steden over hoe zij omgaan met de grote maatschappelijke opgaven. Tegelijk kunnen in het kader van Agenda Stad gesignaleerde Europese regels die Nederlandse steden en stedelijke agglomeraties beperken in hun concurrentievermogen en innovatievermogen onderdeel worden van de Europese Agenda Stad en daarmee onderdeel worden van de dialoog gericht op verbetering van het EU-beleid.

Een Europese Agenda Stad: EU-beleid dat rekening houdt met steden

De Europese Agenda Stad is een samenwerkingsagenda van steden, lidstaten en Europese instellingen. De Europese Agenda Stad wil het EU-beleid meer «Urban Proof» maken, zorgen dat het EU-beleid meer rekening houdt met steden. Door het EU-beleid meer «Urban proof» te maken kunnen steden het volle groeipotentieel voor groei en banen gaan realiseren, en maximaal gaan bijdragen aan een duurzaam, concurrerend en leefbaar Europa13 14.

Steden geven aan dat dit nodig is15. De samenwerking en coördinatie tussen de verschillende overheidslagen en beleidssectoren is nog onvoldoende geborgd en in de ontwikkeling van EU-beleid wordt nog onvoldoende rekening gehouden met de uitvoeringsaspecten (incl. -lasten) voor steden en de integraliteit van de stedelijke opgaven. Er is meer samenhang nodig tussen Europese instituties en een betere coördinatie binnen de Europese Commissie. De Europese Agenda Stad is geen agenda voor nieuw beleid of nieuwe bevoegdheden, maar een werkwijze om concrete verbeteringen in het EU-instrumentarium te realiseren, in lijn met de uitgangspunten van subsidiariteit en proportionaliteit. De Europese Agenda Stad richt zich daarbij op betere Europese regelgeving voor steden («Better Regulation»), betere toegankelijkheid en benutting van Europese fondsen voor steden, en betere kennisdeling en samenwerking tussen steden.

1. Betere regelgeving («Better Regulation»)

Steden en andere decentrale overheden zijn belangrijke uitvoerders van Europese wet- en regelgeving. In veel gevallen is Europese regelgeving ook van belang om doelstellingen van decentrale overheden binnen de eigen verantwoordelijkheden op lokaal en regionaal niveau te kunnen realiseren, bijvoorbeeld op het gebied van een gezonde leefomgeving. De inrichting van het openbaar bestuur in de lidstaten is evenwel geen competentie van de Europese Unie. Dit maakt het lastig te doorgronden op welke wijze EU-wetgeving in de praktijk uitwerkt. Dit leidt bij de implementatie en uitvoering vaak tot onverwachte (administratieve en financiële) uitvoeringslasten. Steden en andere decentrale overheden ervaren dat het EU-beleid niet altijd goed aansluit bij een gebiedsgerichte benadering op lokaal en regionaal niveau16 17. Dit is vooral in de steden, waar de veelheid aan maatschappelijke uitdagingen en Europese regelgeving samenkomen, voelbaar.

In het huidige Europese besluitvormingsproces zijn verbeteringen mogelijk. De Nederlandse inzet op het gebied van Better Regulation vraagt in dat kader ook specifiek aandacht voor de effecten van Europese wet- en regelgeving voor steden en andere decentrale overheden. Deze vraag moet passen binnen de mogelijkheden en bevoegdheden van de afzonderlijke Europese instellingen. Door meer aandacht voor de effecten van Europese wetgeving worden de voorwaarden geschapen om de potentie van steden beter te benutten. Er wordt daarom onder meer nagedacht over het betrekken van de stedelijke dimensie in de impact assessments. Het belang van Better Regulation wordt ook breder in Europa gedragen, onder andere geïllustreerd door verbreding van het REFIT-programma en de koppeling van de Better Regulation-portefeuille aan de eerste vicevoorzitter van de Europese Commissie.

2. Betere toegankelijkheid en benutting van de EU-fondsen en EU-programma’s

Steden geven aan dat het van belang is dat er meer aandacht komt voor de uitvoering en administratieve lasten van de EU-fondsen en andere financiële EU-programma’s. Zo geven steden onder meer aan dat het in de praktijk moeilijk is om Europese fondsen voor gebiedsgerichte, integrale oplossingen te combineren18. In het kader van de Europese Agenda Stad zal nader worden verkend of, en zo ja welke belemmeringen verschillende Europese steden in de praktijk ervaren bij het gebruik maken van Europese fondsen die het meest relevant zijn voor steden, zoals ESF, EFRO, Horizon 2020 en LIFE.

3. Betere kennisdeling en samenwerking

Op dit moment geven de bestaande Europese data een onvolledige weergave van de stedelijke praktijk en worden beschikbare data nog onvoldoende benut. In de informatiebenadering die Europa nu hanteert wordt gewerkt met een regionale indeling voor Europese statistieken (zogenaamde NUTS-niveaus), waardoor steden en stedelijke agglomeraties onvoldoende in de data zijn vertegenwoordigd. Hoe de relevante kennishiaten ten aanzien van de stedelijke agglomeraties en stedelijke praktijken op Europees niveau kunnen worden weggenomen zal onderdeel zijn van de Europese Agenda Stad. Tevens zal worden bezien hoe kennisdeling en samenwerking bij het realiseren van best practices ten aanzien van de grote gemeenschappelijke maatschappelijke uitdagingen verder kan worden versterkt, gebruikmakend van bestaande netwerken en platforms, zoals EUKN, Urbact en Urban Community Initiatives.

De Europese Commissie en de VN Organisatie voor Volkshuisvesting (UN HABITAT) zullen tijdens het Nederlandse EU-voorzitterschap een gezamenlijk onderzoek publiceren over de Staat van de Europese Steden. Dit onderzoek zal ook inbreng leveren voor de verdere ontwikkeling van de Europese Agenda Stad.

Samenwerking tussen steden, lidstaten en Europese Commissie

De Europese Agenda Stad beoogt een grotere betrokkenheid van steden bij het EU-beleid en nauwere samenwerking tussen steden, lidstaten en Europese Commissie bij het verbeteren van het huidige EU-beleid. Deze samenwerking is erop gericht om een goed inzicht te krijgen in de belemmeringen die steden in Europa, van verschillende omvang en bevolkingssamenstelling en met verschillende ligging en opgaven, ervaren.

De Europese Agenda Stad moet dialoog op gang brengen over concrete casuïstiek waar steden tegenaan lopen, en waar integraler beleid of het wegnemen van nationale en Europese belemmeringen hun slagkracht om de betreffende maatschappelijke uitdagingen op te lossen zou kunnen verstevigen. Steden werpen casussen op rond bijvoorbeeld arbeidsmigratie, stedelijke armoede, sociale tweedeling,klimaatadaptatie, duurzame energieopwekking, een energieneutrale gebouwde omgeving en meer verduurzaming van stedelijke mobiliteit. Ook worden de belemmeringen bij grensoverschrijdende samenwerking, bijvoorbeeld op het terrein van onderwijs en arbeidsmarkt, vaak genoemd.

De Europese Agenda Stad is een rollende agenda. De casuïstiek, die in het kader van de samenwerking in de Europese Agenda Stad zal worden verkend op belemmeringen en kansen voor steden, zal in de loop van het jaar worden geïnventariseerd met de steden en lidstaten en met betrokkenheid van de Europese Commissie en andere Europese instellingen. Belangrijk criterium daarbij is of er aanwijzingen zijn voor belemmeringen in het EU-beleid en/of de EU-fondsen voor steden, en er kansen liggen voor verbeterde kennisdeling en samenwerking. Een ander criterium is of de thema’s aansluiten bij de EU2020-doelstellingen en de Commissie-prioriteiten van groei en banen. Tijdens het Nederlandse voorzitterschap zal in het kader van de Europese Agenda Stad op een of meerdere casussen een samenwerking tussen steden, lidstaten en Europese Commissie voor verbetering van EU-beleid gepresenteerd worden.

Draagvlak voor Europese Agenda Stad

Er is een breed draagvlak voor een Europese Agenda Stad onder Europese steden, de EU-lidstaten en Europese instellingen. Zoals eerder in de kabinetsreactie op de consultatie van de Europese Commissie over de stedelijke dimensie in het EU-beleid is aangegeven, is er vanuit de G4, G32, VNG en het IPO brede steun voor de Europese Agenda Stad19. Op 21 april jl. heeft ook Amsterdam de Verklaring van Wenen ondertekend, waarin de Europese hoofdsteden steun uitspreken voor de Europese Agenda Stad20 en oproepen tot een structurele betrokkenheid van steden in het EU-besluitvormingsproces.

In Europa is er op verschillende momenten steun uitgesproken voor een Europese Agenda Stad. Er is een breed draagvlak voor een Europese Agenda Stad onder Europese steden. Vertegenwoordigers van steden en regio’s (Comité van de Regio’s21, Eurocities22 en CEMR23), hebben aangegeven behoefte te hebben aan een stedelijke agenda op Europees niveau.

Het Europees parlement heeft zich al eerder uitgesproken voor een Europese Agenda Stad en eind 2014 een rapporteur aangewezen die rond de zomer van 2015 een advies hierover zal uitbrengen. De Europese Commissie is recentelijk met een rapport gebaseerd op de eerder genoemde consultatie over de stedelijke dimensie in EU-beleid gekomen. De Europese Commissie heeft hierin uiteengezet hoe zij haar rol en interne werkwijze ziet binnen de Europese Agenda Stad24. Lidstaten, steden en Europese Commissie zullen in aanloop naar het Nederlands voorzitterschap invulling geven aan de onderlinge samenwerking.

3. Voortgang in voorbereiding van de Europese Agenda Stad

Verklaring van Riga (10 juni 2015)

De EU-lidstaten zijn belangrijke partners bij de ontwikkeling van de Europese Agenda Stad. Tijdens het Italiaans voorzitterschap in 2014 zijn raadsconclusies aangenomen die lidstaten en de Europese Commissie aansporen tot ontwikkeling van een Europese Agenda Stad25. Ook de huidige voorzitter van de EU, Letland, draagt actief bij aan de ontwikkeling van een Europese Agenda Stad. Tijdens de informele ministeriële bijeenkomst over stedelijke ontwikkeling in Riga op 10 juni 2015 hebben de ministers, op uitnodiging van de huidige voorzitter, afspraken gemaakt om tot een gezamenlijke Europese Agenda Stad te komen tijdens het Nederlandse EU-voorzitterschap in 2016.

Ministeriële conferentie in Amsterdam (30 mei 2016)

Tijdens het Nederlands EU-voorzitterschap zal door de lidstaten een Europese Agenda Stad worden afgesproken, met steun van steden en de Europese Commissie. Het kabinet wil tijdens het voorzitterschap belangrijke partners bij de Europese Agenda Stad, zoals Eurocities en het Comité van de Regio’s, nadrukkelijk betrekken. Ook organiseert Amsterdam in 2016 een top van Europese hoofdstedelijke burgemeesters gericht op de ondersteuning van de Europese Agenda Stad.

Podium voor Nederlandse stedelijke innovatie (14 april 2016)

Innovatieve Nederlandse oplossingen voor stedelijke uitdagingen krijgen in de periode van het EU-Voorzitterschap een internationaal podium door de Innovatie-estafette. De Innovatie-estafette 2016 «Cities of the future» bestaat uit een netwerk van ruim 4.000 ondernemers, beleidsmakers, wetenschappers en initiatiefrijke burgers. Samen werken zij aan de technologische doorbraken en innovaties die in de toekomst voor steden het verschil kunnen maken. Tijdens de innovatie-estafette komt dit netwerk samen. In de aanloop naar het evenement worden innovaties uitgelokt en verder gestimuleerd.

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, R.H.A. Plasterk


X Noot
1

Brief kabinet met Kamerstuk 34 139, nr. 1

X Noot
2

Brief kabinet met Kamerstuk 34 139, nr. 1

X Noot
3

Brief kabinet met Kamerstuk 34 139, nr. 1

X Noot
4

Brief kabinet met Kamerstuk 22 112, nr. 1918

X Noot
5

COM(2014) 490

X Noot
6

Brief kabinet met Kamerstuk 22 112, nr. 1934

X Noot
7

Brief kabinet met Kamerstuk 34 000, nr. 1 en brief kabinet met Kamerstuk 34 000, nr. 4

X Noot
8

OECD Territorial review of the Netherlands, 2014

X Noot
9

PBL/CPB 2015

X Noot
10

COM(2014) 490

X Noot
11

COM(2014) 490

X Noot
12

Europese Commissie, Cities of Tomorrow (oktober 2011)

X Noot
13

Towards an Integrated Urban Agenda for the EU, CoR (2014)

X Noot
14

The urban dimension of EU Policies – key features of an EU Urban Agenda (September 2014)

X Noot
16

Comité van de Regio», rapporteur Verkerk, «Naar een integrale benadering van de steden in de Europese Unie»

X Noot
18

Towards an Integrated Urban Agenda for the EU, CoR (2014)

X Noot
20

Vienna Declaration by the Mayors of the EU Capital Cities – «A strong voice in Europe» 21 April 2015

X Noot
21

Towards an Integrated Urban Agenda for the EU, CoR (2014)

X Noot
22

The urban dimension of EU Policies – key features of an EU Urban Agenda (September 2014)

X Noot
23

CEMR (Council of European Municipalities and Regions) First Contribution to an Urban Agenda, CEMR (2014)

X Noot
24

SWD(2015) 109 final/2

X Noot
25

Conclusies Raad Algemene Zaken, november 2014