34 041 Wijziging van de Mijnbouwwet, de Wet milieubeheer en de Wet op de economische delicten in verband met implementatie van richtlijn nr. 2013/30/EU van het Europees parlement en de Raad van 12 juni 2013 betreffende de veiligheid van offshore olie- en gasactiviteiten en tot wijziging van richtlijn 2004/35/EG (PbEU 2013, L 178)

Nr. 21 AMENDEMENT VAN HET LID OUWEHAND

Ontvangen 16 april 2015

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

I

In de beweegreden wordt na «te wijzigen» ingevoegd: , alsmede dat het wenselijk is om de Mijnbouwwet te wijzigen met het doel het Waddengebied en gebieden met een Natura 2000- en Werelderfgoedstatus uit te sluiten van gasboringen en andere mijnbouwactiviteiten.

II

Na artikel I, onderdeel B, worden twee onderdelen ingevoegd, luidende:

Ba

Na artikel 7 wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 7a

Een vergunning wordt niet verleend, voorzover deze bij het in werking treden zou gelden voor een gebied, of een gedeelte daarvan:

  • a. dat is aangewezen als Natura 2000-gebied op grond van artikel 10a van de Natuurbeschermingswet 1998;

  • b. binnen het Waddengebied, zoals aangewezen bij algemene maatregel van bestuur, voorzover dit gebied niet is aangewezen als Natura 2000-gebied als bedoeld in artikel 10a van de Natuurbeschermingswet 1998; of

  • c. dat is aangewezen als Werelderfgoed op grond van het Werelderfgoedverdrag.

Bb

In de artikelen 9, eerste lid, aanhef, en 10, eerste lid, wordt na «artikelen 7» ingevoegd: , 7a.

III

Na artikel I, onderdeel D, worden twee onderdelen ingevoegd, luidende:

Da

In artikel 15, vierde lid, onderdeel c, wordt «artikel 7» vervangen door: de artikelen 7 of 7a.

Db

In artikel 20, eerste lid, wordt na «Artikel 7, tweede lid,» ingevoegd: artikel 7a.

IV

Na artikel IV wordt een artikel toegevoegd, luidende:

ARTIKEL IVa

Indien het bij koninklijke boodschap van 20 augustus 2012 ingediende voorstel van wet houdende regels ter bescherming van de natuur (33 348) tot wet is of wordt verheven en die wet eerder in werking is getreden of treedt dan artikel 7a van deze wet, komt artikel 7a, eerste lid, onderdeel a te luiden:

  • a. dat is aangewezen als Natura 2000-gebied als bedoeld in de Wet natuurbescherming;.

Toelichting

Dit amendement strekt ertoe dat geen nieuwe vergunningen voor mijnbouwactiviteiten worden verleend voor gebieden met een Natura 2000-status, voor gebieden binnen het Waddengebied die zijn aangewezen in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening, of voor gebieden die door UNESCO zijn aangewezen als Werelderfgoed. Natura 2000-gebieden bieden planten, vogels en dieren bescherming die nodig is om soorten en leefgebieden in stand te houden en daarmee de verdere achteruitgang van biodiversiteit tegen te gaan. Werelderfgoed-gebieden hebben culturele en natuurlijke waarden die uniek en onvervangbaar zijn. Deze gebieden worden beschouwd als eigendom van de hele wereld en het wordt van groot belang geacht om deze gebieden te behouden.

Mijnbouwactiviteiten horen geen plaats te hebben in kwetsbare, unieke en onmisbare natuurgebieden. Zo behoort het Waddengebied tot de belangrijkste natuur in Nederland en naast de status van Natura 2000 en Werelderfgoed.

Indiener wijst erop dat economische activiteiten de natuur niet onder verdergaande druk moeten zetten. Voor windenergie op zee zal de Minister beleid ontwikkelen waarmee plaatsing van windturbines in of nabij Natura 2000-gebieden wordt uitgesloten. Redelijkerwijs zouden Natura 2000-gebieden dan ook gevrijwaard moeten blijven van mijnbouwactiviteiten, waaronder gasboringen en zoutwinning.

Met dit amendement wordt bovendien gehoor gegeven aan het brede lokale protest tegen plannen voor mijnbouwactiviteiten in kwetsbare natuurgebieden. Zo heeft de gemeenteraad van Terschelling zich unaniem uitgesproken tegen plannen voor gasboringen op en rond het eiland, net als provinciale staten van Friesland. Dit amendement regelt dat er in en nabij de Waddenzee en de Waddeneilanden alsmede in andere aangewezen gebieden op grond van de Habitatrichtlijn en de Vogelbeschermingsrichtlijn (Natura 2000-gebieden), of door UNESCO aangewezen als Werelderfgoed, geen mijnbouwactiviteiten zoals gasboringen en zoutwinning kunnen plaatsvinden.

Indien dit amendement wordt aangenomen, wordt het opschrift van het wetsvoorstel vervangen door: Wijziging van de Mijnbouwwet, de Wet milieubeheer en de Wet op de economische delicten in verband met implementatie van richtlijn nr. 2013/30/EU van het Europees parlement en de Raad van 12 juni 2013 betreffende de veiligheid van offshore olie- en gasactiviteiten en tot wijziging van richtlijn 2004/35/EG (PbEU 2013, L 178) alsmede wijziging van de Mijnbouwwet in verband met het uitsluiten van gasboringen en andere mijnbouwactiviteiten in het Waddengebied en gebieden met een Natura 2000- en Werelderfgoedstatus.

Ouwehand

Naar boven