Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2014-201533966 nr. 30

33 966 Wijziging van de Herzieningswet toegelaten instellingen volkshuisvesting

Nr. 30 AMENDEMENT VAN DE LEDEN SCHOUTEN EN BISSCHOP

Ontvangen 9 december 2014

De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor:

In artikel I, onderdeel AZ, onderdeel 1, wordt aan artikel 61d, eerste lid, een volzin toegevoegd, luidende: Een aanwijzing heeft geen betrekking op het plaatsen van opdrachten door de toegelaten instelling of haar dochtermaatschappij.

Toelichting

Dit amendement regelt dat een aanwijzing van de Minister aan een toegelaten instelling of een dochtermaatschappij geen betrekking heeft op het plaatsen van opdrachten door toegelaten instellingen of hun dochtermaatschappijen. Een aanwijzing kan dus wel betrekking hebben op de uitvoering van opdrachten van toegelaten instellingen of hun dochtermaatschappijen, daar zij verantwoordelijk zijn voor die uitvoering.

Een Europese aanbestedingsplicht brengt meer verplichtingen met zich mee dan een reguliere aanbesteding. Het kost ook veel tijd en geld voor een woningcorporatie. Met name voor de (kleine) toeleveranciers uit de bouw en andere sectoren kan dat veel aanvullende administratieve lasten met zich meebrengen, alsmede voor de corporatie zelf. Door dit amendement wordt dit voorkomen.

Dit amendement sluit ook goed aan bij het standpunt van de regering als geuit in de memorie van toelichting bij de Herzieningswet die al in de Eerste Kamer ligt (zie Kamerstukken II 2010/11, 32 769, nr. 3, p. 20–21). Daar wordt gesteld dat een dergelijke invloed van de wet die resulteert in een aanbestedingsplicht, ongewenst is. Het voordeel van dit amendement is dat de gewenste verschuiving naar meer publieke taakuitoefening in combinatie met proactief toezicht overeind blijft.

Het risico is reëel dat een (nationale of Europese) rechter woningcorporaties in het voorliggende wetsvoorstel als publiekrechtelijke instellingen zal zien omdat de reikwijdte van de overheidsinvloed op opdrachten in de wet in het midden wordt gelaten. Daarom wordt voorgesteld in de wet te verduidelijken dat de overheid niet van plan is te interveniëren in de voorbereiding en gunning van opdrachten.

Europees aanbesteden zorgt voor een verregaande »juridisering» van het inkoopproces, zowel in de voorbereiding van een aanbesteding als in de afronding. Alle regels om het aanbesteden heen remmen kostenbesparende innovaties in inkopen, zoals ketensamenwerking en innovaties verbonden aan programma’s als Energiesprong.

Schouten Bisschop