De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:
Na artikel 16.4 wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Artikel 16.4a
-
1. Het integraal en voor geheel Nederland beschikbaar maken van betrouwbare gegevens
over de fysieke leefomgeving in Nederland voor overheden, bedrijven, maatschappelijke
organisaties en burgers is een dienst van algemeen economisch belang.
-
2. De dienst wordt uitgevoerd door de Stichting Gegevensautoriteit fysieke leefomgeving
die daartoe onder meer de zogenoemde nationale databank fysieke leefomgeving ontwikkelt,
beheert en exploiteert.
-
3. De borging van de kwaliteit en betrouwbaarheid van de gegevens over de fysieke leefomgeving
geschiedt door de daartoe door Onze Minister benoemde Gegevensautoriteit Fysieke leefomgeving.
Toelichting
In lijn met de oprichting van een Gegevensautoriteit Natuur, stelt dit amendement
voor om te komen tot het instellen van een Gegevensautoriteit fysieke leefomgeving.
Die autoriteit kan de gegevens over de fysieke leefomgeving beter beschikbaar en bruikbaar
maken bij het nemen van besluiten over de leefomgeving. Het rapport «Gegevens Verkenning
Omgevingswet« van het RIVM heeft geconcludeerd dat er al veel gegevens over de fysieke
leefomgeving aanwezig zijn maar dat deze voor gebruikers vaak niet overzichtelijk,
eenvoudig bereikbaar en bruikbaar zijn. Via diverse online registers, afstemmings-platformen
en andere initiatieven is al getracht hier verbetering in aan te brengen. In termen
van beschikbaarheid, bruikbaarheid en bestendigheid van gegevens zijn er desondanks
nog grote verschillen per domein (zoals lucht, erfgoed, natuur, water, bodem, externe
veiligheid, afval/gevaarlijke stoffen en geluid). Voor diverse domeinen leidt dit
momenteel nog steeds tot hiaten in kennis en vertragingen in besluit- en beleidsvorming.
Voor de lange termijn is geadviseerd om toe te werken naar één ingang voor het bereiken
van de gegevens die voor de Omgevingswet worden gebruikt. Zowel visies, verordeningen
en programma's als vergunningen, projectbesluiten, toezicht en handhaving. Een dergelijke
ingang zou toegang moeten geven naar gegevens uit bestaande dataregisters en databanken
zoals de Nationale Databank Flora en Fauna.
Verbeterde beschikbaarheid, bruikbaarheid en betrouwbaarheid van gegevens moet bijdragen
aan snellere besluitvorming en meer samenhangende en eenvoudigere regelgeving; twee
belangrijke doelen van de nieuwe Omgevingswet. Vanuit die gedachte heeft het RIVM
geadviseerd om in navolging van en naar het model van de Gegevensautoriteit Natuur
de mogelijkheden van een college of platform van Gegevensautoriteiten Leefomgeving
nader te verkennen. Via een dergelijk college zouden bestaande (of nog door de Minister(s)
en andere bevoegde autoriteiten aan te wijzen) onafhankelijke gegevensbeheerders gezamenlijk
afspraken kunnen maken over de kwaliteitsborging en aanbevelingen kunnen doen over
beschikbaarheid en bruikbaarheid van gegevens over de fysieke leefomgeving. De samenwerking
binnen een dergelijk platform kan de bruikbaarheid en juridische bestendigheid van
gegevens versterken. Gelijktijdig kunnen inhoudelijke strijdigheden en overlappingen
worden beperkt. Door voort te bouwen op bestaande initiatieven wordt bestaande ervaring
en kennis met het borgen van de kwaliteit en het bruikbaar maken van de gegevens effectief
benut en continuïteit verkregen.
Een college van gegevensautoriteiten kan stapsgewijs ontstaan door samenwerking tussen
verschillende instanties die voor de verschillende domeinen van de leefomgeving thans
een rol spelen bij de kwaliteitsborging van gegevens. Op korte termijn kan een verkenning
gestart worden door een initiatiefgroep van partijen die hebben aangegeven geïnteresseerd
te zijn in het nader uitwerken van i) de positionering, ii) de doelstelling, iii)
de bevoegdheden, iv) de verantwoordelijkheden en v) de benodigde procedures voor het
borgen van de kwaliteit en transparantie van – en inspraak op – omgevingsgegevens,
van een mogelijk op termijn op te richten college van gegevensautoriteiten leefomgeving.
Andere partijen kunnen in een latere fase op verzoek van de Minister aansluiten bij
dit groeimodel. In het kader van de Omgevingswet zal hierbij de onafhankelijkheid
van de verschillende betrokken gegevensautoriteiten per domein van de leefomgeving
geborgd moeten worden.
Financiering van de autoriteit is te vinden binnen de begrotingsartikelen waarin «werk
wordt gemaakt» van de nieuwe Omgevingswet. Via de operatie «Eenvoudig Beter» en het
opgaan van 24 verschillende wetten in een raamwet, alsmede door de verbetering van
digitale informatievoorziening. Wanneer centraal goede gegevens beschikbaar zijn kan
dat onderzoekskosten en tijd van individuele plannen en projecten besparen.
Smaling