33 957 Wijziging van de Wet bekostiging financieel toezicht in verband met de afschaffing van de overheidsbijdrage, de invoering van Europees bankentoezicht en de bestemming van door de Autoriteit Financiële Markten en de Nederlandsche Bank opgelegde dwangsommen en boetes

Nr. 16 BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 16 december 2014

Tijdens de plenaire behandeling van de wijziging van de Wet bekostiging financieel toezicht (Wbft) heb ik op 1 oktober 2014 met uw Kamer gesproken over het kostenkader dat voor een rem op de kosten van het financieel toezicht moet zorgen (Handelingen II 2014/15, nr. 8, item 7). Het kostenkader is voor een periode van vier jaar, van 2013 tot en met 2016, afgesproken met de Nederlandsche Bank (DNB) en de Autoriteit Financiële Markten (AFM) en wordt jaarlijks enkel automatisch aangepast vanwege loon- en prijsbijstelling. Voor alle andere kostenstijgingen is expliciet mijn toestemming nodig. Ik heb toegezegd voortaan aan uw Kamer te melden wanneer dit soort beleidmatige keuzes, bijvoorbeeld voor nieuw of intensiever toezicht, zich voordoen.

In het kader van de gesprekken die het Ministerie van Financiën jaarlijks voert met de toezichthouders over hun begrotingen voor het komende jaar heeft DNB een brief gestuurd waarin zij voor 2015 vragen om een aanvullend budget vanwege het Europees bankentoezicht (Single Supervisory Mechanism; SSM). De brief van DNB treft u bijgaand aan1.

Zoals in de brief wordt toegelicht zal DNB moeten voldoen aan de eisen die vanuit de Europese Centrale Bank (ECB) aan haar gesteld worden, bijvoorbeeld voor on-site toezicht en voor de gemeenschappelijke toezichtteams (joint supervisory teams). Uit een inventarisatie blijkt dat de nieuwe werkzaamheden in 2015 zullen leiden tot een totaal aan extra kosten van € 8 miljoen in 2015. Door te herprioriteren tussen taken en doelgroepen heeft DNB € 3 miljoen binnen de bestaande organisatie weten op te vangen. Hierdoor komt het benodigde aanvullende budget voor 2015 uit op € 5 miljoen.

Op basis van de uitgebreide onderbouwing die DNB geeft voor het budget en de inspanningen die verricht zijn om de kosten zo beperkt mogelijk te houden acht ik een eenmalige ophoging van het kostenkader in dit geval onvermijdelijk. Het budget zal door DNB worden aangewend om een goede transitie naar het Europese bankentoezicht mogelijk te maken. Dit betekent dat een structurele ophoging van het kostenkader op dit moment niet aan de orde is. Afgesproken is dat DNB in de eerste helft van 2015 met een analyse komt waaruit zal moeten blijken welke taken en de daarmee gepaarde kosten er vanuit de ECB verplicht worden gesteld en waar nationaal invulling aan gegeven kan worden.

Kostenkaders 2015 en reactie sector

In de nota naar aanleiding van het verslag bij de wijzigingswet van de Wbft (Kamerstuk 33 957, nr. 6) heb ik toegezegd om aan het begin van ieder jaar het opgestelde kostenkader aan de Kamer toe te sturen, voorzien van een toelichting waarin tevens de reacties van de sector (gegeven in de adviserende panels) zijn opgenomen. U treft in de bijlagen het ingevulde kostenkader voor 2015 van DNB en de AFM aan2.

Voor DNB is het eenmalige aanvullende budget voor het SSM opgenomen in het kostenkader voor 2015. Daarnaast is het kostenkader aangepast vanwege de gebruikelijke loon- en prijsbijstelling en een afgesproken besparing die volgt uit het onderbrengen van de nationale resolutie autoriteit bij DNB.

In de bijeenkomst van het adviserend panel (waarin de verschillende brancheorganisaties van onder toezichtgestelden zitting hebben) heeft DNB de begrote toezichtkosten en het transitiebudget van € 5 miljoen voor het SSM ook toegelicht. De Nederlandse Vereniging van Banken gaf aan begrip te hebben voor de extra werkzaamheden vanwege het SSM maar constateerde tevens dat de toezichtkosten voor banken enorm toenemen door de komst van het SSM. Zodoende werd aan DNB geadviseerd om in de loop van 2015 in SSM-verband te kijken naar waar efficiency valt te behalen. Ik onderschrijf dit advies wat tevens aan bod is gekomen in het overleg dat het Ministerie van Financiën met de directie van DNB heeft gevoerd over de concept ZBO-begroting 2015 van DNB. DNB gaf aan gehoor te zullen geven aan het advies en stelde voor het te betrekken bij de analyse die in 2015 gemaakt zal worden over de kosten van het SSM. Voorts heeft het panel DNB geadviseerd om in de ZBO-begroting een prestatie-indicator (key performance indicator; kpi) op te nemen die gericht is op kostenbeheersing en efficiency. In de ZBO-begroting 2015 heeft DNB een eerste slag gemaakt door een kpi te koppelen aan het kostenkader en zal dit in de toekomst verder ontwikkelen.

Voor de AFM is het kostenkader voor 2015 aangepast vanwege de gebruikelijke loon en prijsbijstelling en een in 2012 afgesproken mutatie in het takenpakket van de AFM (vanwege de EMIR-verordening). Ondanks voorgenomen accentverschuivingen, intensiveringen en een professionaliseringslag valt de begroting van de AFM voor 2015 binnen het kostenkader.

Tijdens de bijeenkomst van het adviserend panel over de conceptbegroting van de AFM is geen formeel advies uitgebracht. Wel heeft de AFM, op het verzoek van het panel, toegezegd om – naast aan het Ministerie van Financiën – ook aan het panel periodiek te rapporteren over de voortgang van de professionalisering van de interne organisatie. Daarnaast heeft het panel in een eerdere bijeenkomst de AFM geadviseerd om transparanter te rapporteren over de activiteiten, resultaten en kosten. Ook dit advies onderschrijf ik. De AFM heeft in het overleg met het ministerie over de conceptbegroting aangegeven hieraan aandacht te zullen besteden.

De Minister van Financiën, J.R.V.A. Dijsselbloem


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl

X Noot
2

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl

Naar boven